zondag 14 juni 2026

Intermezzo – Moelbaere

‘Mit Sint Piëter en Paul zien de moelbaere riép.’
Vraag me niet waar en waarom, maar ergens in de jaren zeventig hoorde ik Chris Claassens (‘Claasse Crit’), langjarig wethouder van de voormalige gemeente Horst, dit een keer zeggen. Hoewel heiligendagen niet héél vast zijn verankerd in mijn geheugen, is de datum van het feest van de heiligen Petrus en Paulus me sindsdien altijd bijgebleven: 29 juni. En inderdaad waren rond die dag de moelbaere rijp. In de eerste week van de grote vakantie in ’t Schuitwater moelbaere plukken behoorde jarenlang tot onze gezinstradities. Waarom in ‘t Schuitwater? Waarom niet in het bos dat zijn naam ontleent aan de bosbes, de Moelbaerenbos? Simpelweg omdat het aanbod in ’t Schuitwater veel groter was. 


Precies een week geleden liep ik door de Moelbaerenbos. Ik kon m’n ogen niet geloven toen ik daar rijpe moelbaere zag staan. Op 7 juni! Een kleine maand vóór Piëter en Paul! Klimaatverandering? Of gewoon toevallig een keer een vroeg bosbessenseizoen? Geen idee. Wat er meer toe deed: de moelbaere waren heerlijk.


Dat er in de Moelbaerenbos nu meer moelbaere te vinden zijn dan in mijn jeugd, is mede te danken aan Gerrit Vullings en – ere wie ere toekomt – Leon Litjens. De destijds 87-jarige Vullings riep in september 2009 in een ingezonden brief in De Echo de gemeente Horst aan de Maas op over te gaan tot herplanting van bosbessen in de Moelbaerenbos. De moelbaere waren op dat moment nagenoeg verdwenen uit het bos. Toenmalig (en huidig) wethouder Leon Litjens zag wel brood in herplanting. Enkele weken later plaatste hij samen met Gerrit Vullings de eerste struiken. Waarvan ik vorige week de vruchten plukte. 


Gisteren ging ik terug, ditmaal gewapend met een bakje.


Na enkele minuten passeert een wandelaar.
- Ze zijn wel klein zeg!
- Dit zijn moelbaere, blauwe bessen zijn inderdaad een stuk groter.
- Ja, dat weet ik wel, maar ze zijn gewoon klein.
- Nou ja, maakt me niet zoveel uit.
- Ze zijn echt héél klein.
- Volgens mij zijn ze nooit veel groter.
- Jawel hoor!


Opbrengst na ruim een half uur plukken: tweehonderd gram. In diezelfde tijd pluk je tien keer meer blauwe bessen. De voldoening daarvan is tien keer minder. 

dinsdag 9 juni 2026

Intermezzo – Donkerstraat

je begint bij de kerk
je loopt rechtdoor op het Lammebertusplein
je loopt rechtdoor in de Jan Steenstraat
je loopt even rechtdoor op het Wilhelmusplein
je gaat links naar de Veenmarkt
je kruist de Hertstraat
je belandt op de Scholstraat
je gaat links naar de Waterweg
je kruist de Wetstraat
je gaat rechts naar de Americaanselaan
je gaat rechts naar de Melanteweg
je gaat links naar de Rotventweg
je gaat rechts en bereikt ten slotte de Donkerstraat


maandag 8 juni 2026

Intermezzo – Trots!

‘Laten we blij zijn met elkaar! Laten we optimistisch zijn! Laten we zeggen: “Nederland kan het weer!” Die VOC-mentaliteit! Over grenzen heen kijken! Dynamiek! Toch?’
Aldus Jan Peter Balkenende in 2006. Dagen, weken, maanden, jaren zelfs, gingen voorbij zonder dat ik ook maar een moment aan onze voormalige minister-president (2002-2010) moest denken. Afgelopen week was het eindelijk weer eens zo ver. CDA, Essentie, Leef en VVD presenteerden hun bestuursakkoord voor Horst aan de Maas voor de komende vier jaar (klik hier). Trots! heet het – inclusief uitroepteken. En trots waren ze, de beoogde wethouders, Leon Litjens (CDA), Kay Thijssen (Essentie), Roy Bouten (Leef) en Pieter Goedhart (VVD). De trots klotste tegen de plinten, golven van trots overspoelden de raadszaal, de lucht was zwanger van trots. Ook de schriftelijke weerslag van het akkoord barst van de trots. Lees mee:
‘We zijn trots op ons verhaal en vertellen dat ook waar nodig om bij te dragen aan onze ambities. Horst aan de Maas is een trotse gemeente. We zijn trots op de tientallen evenementen die van onderop georganiseerd worden. We investeren in kunst, cultuur en erfgoed als onderdeel van kwaliteit van leven, identiteit en trots op onze dorpen. Ondernemerschap zit in ons DNA en wij zijn trots op onze ondernemers. Horst aan de Maas is van nature ondernemend en daar zijn we trots op.’
Is er iets op tegen om trots te zijn? Nee. Maar als je telkens uitspreekt hoe trots je wel niet bent, raakt het aan jezelf moed inpraten, aan jezelf overschreeuwen. Krijgt het iets potsierlijks. Iets balkenendiaans.


Honderdtwintig ronkende bladzijden telt het bestuursakkoord. Het getuigt van torenhoge ambities en bevat honderden voornemens, plannen en beloftes. Veel teveel om hier gedetailleerd te bespreken. Mijn globale indruk is dat natuur en landschap er nogal bekaaid vanaf komen in het geweld van economie en (agrarisch) ondernemerschap. Typerende zin: ‘Onze economie steunt op een toekomstbestendige land- en tuinbouwsector. Dit is de basis voor ons ecosysteem en bepaalt ons DNA.’

Het lijkt erop alsof natuur en landschap vooral dienstbaar moeten zijn. Aan de economie, aan ondernemers, aan agrariërs, aan kwaliteit van leven, aan landbouw, aan recreatie, aan toerisme, aan gezondheid, aan leefbaarheid. Typerende zin: ‘Wij geloven in gebiedsgerichte aanpak waarin belangrijke natuur wordt beschermd, versterkt en verbonden, maar wel in samenhang met wonen en economie.’ Natuur en landschap onderworpen aan de wens van de mens – alsof natuur en landschap geen intrinsieke waarde hebben.


Enkele zaken die me wél aanspreken in het akkoord: openbaar vervoer vanuit elke kern naar station Horst-Sevenum, een pilot voor een burgerberaad, meer aandacht voor minderheden in de gemeenteraad, de ambitie om naoorlogse architectuur te behouden en te versterken, ruimte voor bijzondere architectuur, een onderzoek naar structurele bekostiging van kunst in de openbare ruimte.


Over vier jaar weten we hoe trots we kunnen zijn op dit college. Toch?