zaterdag 4 augustus 2018

Klein mysterie 756 – Koeien en Polen en schaamte

Ik had het heet gisteren om 15.30 uur, bij een temperatuur van ruim 34 graden.

Ik ging een stuk fietsen.

Ik kwam in Kronenberg en ik vroeg me af hoe fijn het eigenlijk is om op vrijdag 3 augustus 2018 om 16.01 uur koe in Kronenberg te zijn. De hitte, de vliegen, het gebrek aan schaduw, de oormerken (klik op de pijl om het filmpje te starten).



Ik kwam in Sevenum en ik vroeg me af hoe fijn het eigenlijk is om op vrijdag 3 augustus 2018 om 17.00 uur Pool in Sevenum te zijn. De hitte, de vliegen, het gebrek aan schaduw, het zware werk (klik op de pijl om het filmpje te starten).



Ik vroeg me af met wie ik het meeste medelijden had. De koeien hebben geen keus. De Polen wel?

Ik moest denken aan het stukje van de hand van gemeenteraadslid Roy Bouten (PvdA) deze week in Hallo Horst aan de Maas (klik hier). Volkomen terecht verdedigt hij daarin het besluit om vorige week donderdag bij een temperatuur van 38 graden het ophalen van huisvuil te staken: ‘Ik ben blij dat voor het welzijn van de medewerkers is gekozen.’ Even terecht stelt hij dat ook andere beroepsgroepen met deze temperaturen onder soms hele zware en warme omstandigheden recht hebben op een veilige werkomgeving, ‘van de post tot groenonderhoud, van wegenwacht tot hulpdiensten’.


Ik moest daarna weer denken aan die Polen in Sevenum en aan al die andere Polen en andere Oost-Europese arbeidsmigranten en expats in Horst aan de Maas. Is er ook iemand die zich bekommert om hun welzijn, om hun arbeidsomstandigheden, om hun veilige werkomgeving, nu zij met deze temperaturen onder soms hele zware en warme omstandigheden beulswerk moeten verrichten?

Ik vroeg me af waarbij die Polen eerder op één hoop kunnen worden geschaard: bij de post, het groenonderhoud, de wegenwacht en de hulpdiensten? Of toch bij de koeien?


Ik bedacht me dat ik het antwoord eigenlijk wel weet.

Ik schaamde me weer even inwoner van Horst aan de Maas te zijn.

(Voordat ik opnieuw hordes PvdA’ers over me heen krijg: ik verwijt Roy Bouten (of de PvdA) niet dat hij in zijn stukje niet aan de Polen refereerde. Zijn stukje ging namelijk over mensen die werkzaam zijn in de openbare dienstverlening. Wat ik alle politieke partijen in Horst aan de Maas en het merendeel der werkgevers wel verwijt is dat ze onvoldoende oog hebben voor de leef- en arbeidsomstandigheden van in deze gemeente werkzame Polen en andere Oost-Europeanen.)

maandag 30 juli 2018

Intermezzo – Man in Black

Op maandagmorgen staat midden op het Sint-Lambertusplein in het centrum van Horst ineens een volledig in zwart gehulde man wiens gezicht grotendeels verscholen gaat onder een roodzwarte sjaal (een restant van de koopzondag?).


Ik besluit drie kwartier in z’n nabijheid op een bankje te gaan zitten en noteer wat er gebeurt:

10.06 uur – man in scootmobiel met achterop een lege boodschappentas ziet de Man in Black staan, staart ‘m aan en rijdt een rondje om ‘m heen.

10.08 uur – tegelijkertijd treden de fontein op het Sint-Lambertusplein en de er schijnbaar bijhorende muziek in werking. Weg idee om mee te luisteren naar wat voorbijgangers te zeggen hebben over de Man in Black. Klote fontein, klote muziek.

10.10 uur – twee mannen die een mij onbekende taal spreken lopen op de Man in Black toe, converseren even met elkaar en lopen weer verder.

10.12 uur – muziek van de fontein stopt godzijdank. De fontein zelf niet.

10.14 uur – vrouw met boodschappentas loopt vlak langs de Man in Black. Ze ziet ‘m niet, doet net of ze ‘m niet ziet of vindt het gewoon doodnormaal dat hij hier staat.

10.15 uur – man fietst voorbij en zegt tegen een oma die met kleinkind bij de fontein staat: '’t Is goddomme net ennen bankroëver din doa stiët.'


10.16 uur – man met fiets in de hand gaat onder de bomen bij het atrium van de Sint-Lamberuskerk staan. Lijkt volledig gebiologeerd door de Man in Black.  

10.20 uur – duif landt, keurt de Man in Black geen blik waardig, richt al z'n aandacht op mij.

10.18 uur – man met fiets in de hand die onder de bomen bij het atrium staat fietst weg.

10.22 uur – passerend jongetje op een loopfiets stopt. 'Wie staat daar nou?', vraagt z'n moeder. Kan z'n reactie niet horen. Klote fontein.


10.24 uur – muziek van de fontein begint weer, grrrr.

10.25 uur – de man met scootmobiel en nu gevulde boodschappentas achterop maakt opnieuw een rondje om de Man in Black. Raakt vervolgens in gesprek met vrouw met fiets in de hand. Kan die fontein niet een paar kilometer opzouten?

10.26 uur – vrouw met achterop meisje parkeert haar fiets tegen kerk. Ze lopen hand in hand richting Steenstraat. De vrouw bekijkt de Man in Black uitvoerig. Het meisje toont geen enkele belangstelling. De vrouw zegt iets over de man tegen het meisje. Het meisje reageert niet.


10.28 uur – de man in scootmobiel en de vrouw met fiets in de hand beëindigen hun gesprek.

10.31 uur – jonge vrouw loopt vlak langs de Man in Black. Ze lijkt ‘m niet op te merken: te zeer in beslag genomen door haar telefoon.

10.33 uur – jongetje van een jaar of drie ziet de Man in Black staan en zegt iets tegen ‘m. Klote fontein. Als z'n moeder het jongetje maant mee te komen, zwaait het jongetje ten afscheid naar de Man in Black.

10.36 uur – man en vrouw met kinderwagen passeren de Man in Black. De man zegt (de fontein staat even uit): 'Oh, kijk, daar hebben ze een pop neergezet.'


10.41 uur – jongetje in zwembroek dat bij fontein aan het spelen is, ziet ineens de Man in Black staan, rent naar ‘m toe, raakt ‘m even aan, komt tot de ontdekking dat ie niet echt is en rent terug naar de fontein.

10.49 uur – man in scootmobiel ziet Man in Black staan, rijdt naar ‘m toe en maakt van heel dichtbij tergend langzaam een rondje om ‘m heen.

zondag 29 juli 2018

Intermezzo – The Village Festival 2018 (2)

‘Koeka babyspullen.’ Dat is waarschijnlijk mijn antwoord als iemand me over een jaar zou vragen wat ik me nog herinner van The Village 2018, het festival met elektronische muziek gisteren op, in en om de ruïne van kasteel Huis ter Horst, waar 30-plussers op de vingers van twee handen zijn te tellen.


Ik was op veel voorbereid, maar dat twee jongemannen, terwijl het festival al op z’n eind loopt, minstens een kwartier lang een diepgaand gesprek voeren over allerlei aspecten van het jonge ouderschap (de prijzen van maxi cosi’s, luiers verschonen, de baby wassen, de leuke spullen van Koeka, de kraamverzorgster) overtreft alles. En ze wekten niet eens de indruk dat ze lam waren.


Het gesprek is illustratief. Hier wordt bijgepraat, hier worden herinneringen opgehaald. Festival of toch eerder reünie? De muziek lijkt ondergeschikt aan het socializen. Gedanst wordt er weinig. Gepraat des te meer. Wat eigenlijk weer onmogelijk is vanwege de muziek. Wat eigenlijk een beetje jammer is. Want eigenlijk is de muziek heel mooi.


Het decor is fantastisch. Een groot podium op de open binnenplaats, een Tanzbar in een kleiner vertrek binnen, een kleine onoverdekte arena in wat ooit een van de hoektorens van het kasteel was met in het midden een vuurschaal,


in een andere voormalige hoektoren een eettentje, in weer een andere ruimte gelegenheid om te chillen. En overal ridderattributen. De discoverlichting (heet dat zo?) maakt het tot een magisch geheel. Kan hier niet elke week een lichtshow plaatsvinden?


Van drugs geen spoor. Mede omdat de enkeling die wel stimulantia bij zich heeft, die bij de ingang keurig deponeert in de drugs dropbox. Gezeglijk volkje hiero.  


Uit de hand gelopen? Geen sprake van!


C. maakt me attent op de heuptasjestrend, zowel bij vrouwen als mannen. R. wijst me erop dat out of the blue witte sportsokken weer schijnen te mogen. En verdomd als het niet waar is (klik op de pijl om het filmpje te starten):



Zonder witte sportsokken kun je het hier wel schudden. Ik dus ook.


Zou Franz Clemens von Fürstenberg (1755-1827) , de laatste bewoner van kasteel Huis ter Horst en zo gek als een deur, zich hier net zo goed hebben vermaakt als ik? Ik weet het bijna zeker.

(graag wil ik S., M., R., K., R., C., K., M. en J. bedanken voor het feit dat ze zich voor kortere of langere tijd wilden ontfermen over deze party pooper bij uitstek, waardoor het niet de gevreesde martelgang werd. Wat zeg ik? Ik heb genoten!)  

Intermezzo – Unidentified flying object

Zaterdag 28 juli 2018, 21.08 uur, ruïne van kasteel Huis ter Horst, Horst (klik op pijl om filmpje te starten):

vrijdag 27 juli 2018

Intermezzo – The Village Festival 2018 (1)

‘Vorig jaar vonden we het heel leuk dat je bij The Village betrokken was en je een berichtje over ons geschreven hebt op Horst Sweet Horst. Lijkt het je leuk om dit weer te doen dit jaar? 28 juli dan is The Village namelijk in de kasteelruïne. Dus in die kleine gangetjes, op de binnenplaats en in de ridderzaal. Hopelijk zelfs dat de toren toegankelijk is voor publiek.’
Typisch gevalletje moek de gek dá vruttie good, dit berichtje dat ik op 29 mei ontving. Maar uiteraard voelde ik me vereerd. Mijn reactie:
‘Kom een dag eerder terug van een weekje Polen, maar klinkt goed! Ga nu wel echt proberen om iemand te vinden die dan mee wil naar The Village, zodat jullie me dit keer niet op sleeptouw hoeven te nemen. Vorige keer heb ik half Horst gevraagd en niemand wilde. Vraag me nog steeds af of dat nu aan mij lag of aan The Village.’

Inmiddels is het 27 juli, één dag voor The Village Festival 2018, dat plaatsvindt op, in en om de ruïne van kasteel Huis ter Horst. Ben net terug uit Polen. Was fantastisch. Alleen de droom daar iemand bereid te vinden morgen samen met mij The Village te ondergaan, is geen werkelijkheid geworden. Ook navraag in mijn vrienden- en kennissenkring heeft vooralsnog niet het gewenste resultaat opgeleverd. Waardoor het gevaar levensgroot op de loer ligt dat ik er morgen opnieuw alleen voor sta. Terwijl ik me daar niet echt op mijn plaats voel, om het maar eens zacht uit te drukken. Weliswaar hebben die lieve organisatoren me verzekerd dat hun ouders ook aanwezig zijn, maar dat maakt me natuurlijk helemaal tot een zielig geval. Vandaar de vraag: is er onder de Horst-sweet-Horst-lezers misschien een oudere jongere of jongere oudere die me wil vergezellen? Ja toch zeker?


Wees wel gewaarschuwd: in het echt ben ik onnoemelijk veel saaier dan op Horst-sweet-Horst en ik kan niet garanderen dat ik van het begin tot het einde blijf. Wees er ook snel bij: de kaartjes zijn bijna uitverkocht, al valt niet geheel uit te sluiten dat de organisatoren bereid zijn me te matsen.


Wat er op The Village Festival 2018 eigenlijk te beleven valt? Lees het allemaal op de Facebookpagina van The Village (klik hier). De teksten zijn echt ge-wel-dig. En eerlijk is eerlijk: de vorige keer heb ik me eigenlijk heel goed vermaakt. Lees hier maar!

donderdag 19 juli 2018

Top 5 – Kasteelboerderijmuurflora

Ik kan niet ontkennen dat ik de afgelopen jaren vrij kritisch ben geweest over de ontwikkelingen rondom de Kasteelboerderij. 


Maar nu er mooie dingen aan het gebeuren zijn met diezelfde boerderij ben ik absoluut niet te beroerd daar óók melding van te maken. De verwaarlozing van de afgelopen jaren begint namelijk zo langzamerhand haar vruchten af te werpen. Of kent u soms een ander pand in Horst aan de Maas waar de muurvegetatie zo welig tiert?


Wat hier groeit en bloeit op, aan en in muren, dakpannen en dakgoten grenst aan het ongelooflijke. Ik verzeker u: menige tuin heeft minder te bieden. Botanisten likken hun vingers er bij af. Mocht het moment dat de Kasteelboerderij wordt gerestaureerd ooit nog komen, dan geef ik u op een briefje dat de dames en heren botanisten op hun achterste poten zullen staan. Hoogste tijd kortom voor de Horst-sweet-Horst top 5 van Kasteelboerderijmuurflora! Komt ie:

5.

De bloemetjes buitenzetten onder de beschutting van een dakgoot. Wie wil dat nou niet?

4.

Verraadt strategisch inzicht: positie kiezen op het breukvlak van het gewone metselwerk en dat van de rondboog.

3.

Wie denkt dat de regenpijp de ontwikkeling van deze uit het metselwerk ontspringende berk belemmert, vergist zich. In de praktijk functioneert de regenpijp juist als steunpilaar. 

2. Bloemetjes verwelken, schepen vergaan, maar Kasteelboerderijmuurflora blijft altijd bestaan. Onkruid vergaat niet.


1.

Onbetwist pronkstuk van de Kasteelboerderijmuurflora is deze machtige berk. Meest in het oog springend: zijn volstrekt unieke zigzag verlopende wortelontwikkeling, op deze foto het beste te volgen van linksboven naar rechtsonder:

dinsdag 17 juli 2018

Intermezzo – Een egel op het spoor


Hoe het had kunnen gaan

Wachtend op station Horst-Sevenum op de vertraagde intercity van 6.46 uur van Eindhoven richting Venlo zie ik ineens een egel aan de binnenkant van de spoorrails lopen. Ik aarzel geen moment, spring het spoor op, grijp de egel bij z’n stekels en weet met een snoekduik op het nippertje te voorkomen dat egel en ik worden verpletterd door de vertraagde intercity. Drie weken later krijg ik een koninklijke onderscheiding.

of zo:

Wachtend op station Horst-Sevenum op de vertraagde intercity van 6.46 uur van Eindhoven richting Venlo zie ik ineens een egel aan de binnenkant van de spoorrails lopen. Besluiteloosheid neemt weer eens bezit van me: moet ik mijn leven in de waagschaal stellen voor een egel? Doen? Niet doen? M’n aarzeling wordt de egel fataal, een kleverige donkerrode massa is al wat van ‘m rest nadat de vertraagde intercity tot stilstand is gekomen.

of zo:

Wachtend op station Horst-Sevenum op de vertraagde intercity van 6.46 uur van Eindhoven richting Venlo zie ik ineens een egel aan de binnenkant van de spoorrails lopen. Geen denken aan dat ik m’n leven in de waagschaal stel voor een egel. In de hoop dat het soelaas biedt, begin ik wel keihard te schreeuwen en op de grond te stampen. En ziedaar: binnen de kortste keren wipt de egel over de spoorrails heen om in het struikgewas te verdwijnen. Medewachtenden die geen egel hebben gezien kijken me glazig aan.

of zo:

Wachtend op station Horst-Sevenum op de vertraagde intercity van 6.46 uur van Eindhoven richting Venlo zie ik ineens een egel aan de binnenkant van de spoorrails lopen. Gelaten wacht ik af op wat komen gaat. Als de vertraagde intercity de egel tot op tien meter is genaderd, rolt hij zich op (de egel – niet de trein). Benieuwd naar het resultaat van deze actie, besluit ik de vertraagde intercity aan me voorbij te laten gaan. Zal de egel zich weer ontrollen nadat de trein opnieuw koers heeft gezet richting Venlo? Nee dus. Schuldgevoelens bekruipen me.

of zo:

Wachtend op station Horst-Sevenum op de vertraagde intercity van 6.46 uur van Eindhoven richting Venlo zie ik ineens een egel aan de binnenkant van de spoorrails lopen. De sadist in me fleurt op. Dit buitenkansje om live de executie van een egel te beleven, laat ik me niet ontglippen! Spanning en sensatie op station Horst-Sevenum! De machinist van de vertraagde intercity denkt er helaas anders over en weet de trein op tien centimeter van de egel tot stilstand te brengen.


Hoe het ging

Wachtend op station Horst-Sevenum op de vertraagde intercity van 6.46 uur van Eindhoven richting Venlo zie ik ineens een egel aan de binnenkant van de spoorrails lopen. Ik pak m’n camera om de bewegingen van de egel vast te leggen. Ben ik dan bevreesd om zijn lot? Niet in het minst! Egel heeft namelijk spoor 3 uitgezocht voor z’n ochtendwandeling. Spoor 3, dat al jarenlang niet meer in gebruik is. Een van de filmpjes die ik van het tafereel maak, plaats ik ’s avonds op Facebook (klik hier). Dat roept bij sommige verontruste lezers vragen op over de egel en mijn heldhaftigheid.

zaterdag 14 juli 2018

Prei poten Pouwels

Zaterdag 14 juli 2018, 13.22 uur, Kulbergweg, grens Kronenberg-America (klik op pijl om filmpje te starten):

donderdag 14 juni 2018

Intermezzo – De Horster politiek

Alweer ruim twee maanden geleden dat ik nog eens heb geschreven over de Horster politiek. Ongewoon lang. Sommige mensen vragen zich zelfs af of er wat aan de hand is.


Ja, er is wat aan de hand: ik ben een beetje uitgekeken geraakt op de Horster politiek. Dat heeft onder meer te maken met:
- de verstikkende deken van zelfgenoegzaamheid waaronder de coalitiepartijen zich al jarenlang verstoppen;
- het onleesbare coalitieakkoord, dat bol staat van vaag- en managementtaal, vaak ook nog in het Engels (‘dashboard’, ‘triple helix’, ‘level playing field’, ‘LEAN-principes’, ‘upgraden’, ‘flagship-projecten’);
- het gezwabber van D66+GroenLinks tijdens de coalitieonderhandelingen;


- de plicht tot positiviteit, die de coalitiefracties de oppositiefracties opleggen. Als fracties al de noodzaak voelen elkaar plichten op te leggen, dan zou dat de plicht moeten zijn om te allen tijde kritisch te zijn;
- het verhulgelul dat moet verklaren waarom Horst aan de Maas nu met vijf wethouders zit opgescheept. Die vijf wethouders hebben natuurlijk niets te maken met de ambities van de nieuwe coalitie – zoals PvdA-fractievoorzitter Roy Bouten vorige week tijdens de raadsvergadering beweerde – maar alles met het feit dat de vier coalitiepartijen allemaal tevreden moesten worden gesteld. Zeg dat dan gewoon!


- de opmerking van D66+GroenLinks-fractievoorzitter Jim Weijs (nota bene het grootste talent in de Horster politiek) in de raadsvergadering van 8 mei dat ook hij nog veel vragen heeft over de gang van zaken rondom de verkoop van de Kasteelboerderij, maar dat wat zijn partij betreft dit dossier gesloten is. Het lijkt me juist de dure plicht van een gemeenteraadslid om elke vraag die hij of zij heeft te stellen. Waartoe zijn zij anders op aarde?
- de ogenschijnlijk kritiekloze omarming in het coalitieakkoord van initiatieven als Afslag 10 en Gezondste Regio 2025;


- de volstrekt ongehoorde schoffering van de kiezers door PvdA-lijsttrekker Birgit Op de Laak, die ondanks een enorm aantal voorkeursstemmen weigerde zitting te nemen in de nieuwe gemeenteraad en daarvoor tot op heden bij mijn weten geen verklaring heeft gegeven;


- de magere kwaliteit van het debat in de gemeenteraad. Illustratief in dit verband: de bespreking van het coalitieakkoord, vorige week tijdens de raadsvergadering. In een indrukwekkend betoog veegde SP-fractievoorzitter Bart Cox op een groot aantal punten beredeneerd en beargumenteerd de vloer aan met het akkoord. Ook Peter Elbers (VVD) betoonde zich kritisch over een aantal zaken. De fractievoorzitters van de coalitiepartijen hielden het vervolgens bij een korte reactie, waarbij de plicht tot positiviteit weer eens de boventoon voerde: ‘Laten we de komende vier jaren met de hele raad goed beleid maken’ (Bob Vostermans; CDA), ‘De SP en VVD hebben de verantwoordelijkheid om mee te denken en niet alleen in een afwachtende houding te blijven’ (Bram Hendrix; Essentie), ‘We gaan uit van de kracht van het collectief’ (Roy Bouten; PvdA).

Van die dingen.

Mocht hopelijk toch wel weer een keer hè, een positief-kritisch stukje?

zaterdag 9 juni 2018

Intermezzo – Grafkelder (2)

Eerst maar eens even iets rechtzetten: op 17 maart publiceerde dagblad De Limburger een interview met de Horster deken Alexander de Graaf Woutering over de Sint-Lambertuskerk.


Daarin kwam ook de grafkelder van de familie Van Wittenhorst ter sprake. Die grafkelder van de voormalige bewoners van kasteel Huis ter Horst ligt ergens onder de vloer van de huidige kerk. De deken werd in het artikel als volgt geciteerd: ‘De kelder is in 1924 al eens geopend. Daar zijn mondelinge getuigenissen van. Maar in archieven is niks aangetroffen.’ Een uitspraak die me bevreemdde, omdat ik dacht dat de deken wist dat de opgraving uit 1924 wel degelijk goed gedocumenteerd is. Op 2 april publiceerde ik er een stukje over (klik hier). Vanochtend sprak de deken me daarop aan. Hij zei nog net niet dat de documentatie over de opgraving uit 1924 al sinds jaar en dag op z’n nachtkastje ligt. Maar dat hij alle ins en outs van die documentatie kent, was me al snel duidelijk. In het interview had hij er diverse malen aan gerefereerd, alleen was dat blijkbaar niet doorgedrongen tot de betreffende journalist, die de deken vervolgens verkeerd citeerde. Waarvan akte. 


De deken was vanochtend overigens in opperbeste stemming. Hij ziet namelijk een al decennialang gekoesterde droom werkelijkheid worden: opgraving van de bewuste grafkelder van de familie Van Wittenhorst. Vandaag is de eerste concrete stap in die richting gezet.


Om te achterhalen waar de grafkelder zich bevindt, is het eerst noodzakelijk om de exacte locatie van de toren van de in 1944 verwoeste Sint-Lambertuskerk te bepalen. Daarvoor is archeologisch onderzoek nodig en dat is vanochtend onder leiding van archeoloog Xavier van Dijk van start gegaan. En wel in het huidige atrium, waar zich de fundamenten van de toren en van het allereerste oersteen kerkje bevinden. Die waren aan het einde van de ochtend nog niet aangetroffen. De oogst bestond op dat moment uit onder meer een kroonkurk, enkele eeuwenoude scherven


én het skelet van een kind, nauwelijks een halve meter onder de bestrating van het atrium. Een hoogst sensationele vondst? Nee: eeuwenlang bevond het kerkhof zich rondom de kerk en naarmate het kerkhof voller werd, kwamen de graven steeds dichter aan de oppervlakte te liggen.


Bij terugkomst aan het eind van de middag stonden de zaken er heel anders voor: op luttele meters van het skelet had Xavier inmiddels een deel van de fundering van de toren en het meer dan duizend jaar oude kerkje blootgelegd. En daar sta je dan, oog in oog met iets dat Horstenaren meer dan duizend jaar geleden hebben gebouwd – nauwelijks te bevatten.


Met wapperende soutane sloeg de deken het nog steeds allemaal gade. Zijn stemming was inmiddels tot euforische hoogten gestegen: volgende week worden de fundamenten verder blootgelegd en daarna ligt opgraving van de grafkelder in het verschiet.

zaterdag 2 juni 2018

Ingezonden – De Greune Droad doorgeknipt?

De Greune Droad is een initiatief om de aanblik van het centrum van Horst te verfraaien. Of moeten we zeggen ‘De Greune Droad was een initiatief om de aanblik van het centrum van Horst te verfraaien’? Het lijkt er namelijk op dat de Greune Droad onlangs is doorgeknipt. Tot ergernis van onder meer Jan Duijf (Kloosterstraat Horst), van wie ik onderstaande ingezonden bijdrage ontving.

De Greune Droad doorgeknipt?


De Greune Droad is een plan om het aanzien van de kom van Horst met kunst en groen tot een mooiere eenheid te smeden. Het initiatief hiervoor werd genomen door het centrummanagement. Bij de presentatie was er veel bijval van onder meer de politieke partijen, dorpsraad en buurtvereniging Herstraat. De reacties bij de presentatie duidden al op een breed draagvlak onder de bevolking om de opdracht voor het ontwerp aan mensen van het kunstenaarscollectief Zeen te geven. Horst toont lef en zelfvertrouwen. Stimuleert ontwerpers van eigen bodem.

Dat draagvlak werd nog versterkt door het betrekken van Horster burgers van allerlei pluimage bij het realisatieproces. Tijdens dat proces werd er kritisch en zorgvuldig gekeken naar de voorstellen. Ten slotte lag er een goed doordacht plan om het Horster centrum nog mooier te maken. Wie schetst dan ook mijn verbazing als de plannen ten gemeentehuize op de mesthoop worden gesmeten: een landelijk bureau zou met een beter voorstel kunnen komen.

Ik vat dat op als een schoffering van de ontwerpers die als een stelletje provincialen worden weggezet. Een belediging bovendien van de niet achterlijke burgers die bij het realisatieproces waren betrokken. Bovenal getuigt het van een misplaatste arrogantie: het slaafse navolgen van de modieuze waan dat landelijke ontwerpbureaus het beste in staat zouden zijn de eigenheid en het karakter van een dorp als Horst vorm te geven. Juist niet zou ik zeggen. Kunnen we zelf.

Tsjonge, wat zijn we op het gemeentehuis positief, origineel en creatief bezig!

Jan Duijf Kloosterstraat

zondag 27 mei 2018

Intermezzo – De gele taxi / De gaelen taxi

The taxi that hurried is een uit 1946 daterend kleuterboekje van Lucy Sprague Mitchell, Irma Simonton Black en Jessie Stanton, met tekeningen van Tibor Gergely. In 1956 vertaalde Annie M.G. Schmidt The taxi that hurried in het Nederlands. Onder de titel De gele taxi verscheen het als deel 16 in de reeks Gouden Boekjes. 


De gele taxi was een van mijn favoriete kinderboeken. Tientallen keren moet het me zijn voorgelezen. Vijftig jaar later staan zowel het verhaal als de fantastische tekeningen me nog steeds helder voor de geest. Zó ging het er dus aan toe in een wereldstad. Zó zag een wereldstad er dus uit. Zou het onderhand niet eens tijd worden voor een vertaling in het Horster dialect van een boek dat zo’n diepe indruk op me maakte? Dacht het wel! Kijk en luister (klik op de pijl om het filmpje te starten):



(Met dank aan M&M voor de vertaaladviezen)

zondag 20 mei 2018

Intermezzo – Tachtig jaar repetitielokaal harmonie, een verhaal met Volledige Vergunning

Van Sraar van den Beuken ontving ik onderstaande ‘mijmeringen’ over de repetitielokalen van de Koninklijke Harmonie Horst. Sraar vertrouwde ze afgelopen jaar toe aan het papier, ik plaats ze hier met veel genoegen.

Tachtig jaar repetitielokaal harmonie, een verhaal met Volledige Vergunning

Soms kan iets zo vertrouwd worden dat het verweven raakt met je eigen ik. Dan kruipt het naar binnen en zet het zich vast in die gedeeltes van het gemoed waar de nostalgie en de melancholie huizen. Dit sentiment bekruipt me de laatste tijd wel eens. Neem me niet kwalijk dat ik begin met een ietwat ondeugende inleiding. Als oud muzikant van de harmonie maar nog altijd belangstellend ga ik, in zoverre mogelijk, elke week luisteren naar de repetitie bij De Lange. Heb ik mij via de Jan Nabbenweg – links en rechts volgestouwd met aaneengeregen stalen boxen, kassahuisjes, banken, kratten, kisten en noem maar op – geworsteld, dan kom ik pardoes voor een gesloten zaaldeur. 



Na deze stormbaan in de tegenovergestelde richting zonder kleerscheuren te hebben genomen, mijn MLV (Militaire Lichamelijke Vaardigheid) insigne behaald in mijn diensttijd komt mij hierbij nog goed van pas, moet je vervolgens doorheen de lawaaierige café om in de zaal te komen. Ben je daar binnen dan wil je een stoel. Ik kan je verzekeren dat in het bezit komen van een stoel behoort tot een van de grotere uitdagingen van een rustend lid van de harmonie. Want heb je met enige haspelarij tussen een janboel van jassen, dassen en tassen, of mogelijk een onbezet exemplaar tussen de spelende muzikanten weten te bemachtigen, dan denk je hé, hé … hier zit ik dan. Zo … neem deze ontboezeming – overigens enigszins wel getoetst aan de werkelijkheid – dus niet al te serieus en weet dat de correcte bediening van Pim en zijn kornuiten en kornuitessen verder OK is.

Dat vertrouwde
Ja, dat vertrouwde, dat eigen, die melancholie heb ik de laatste jaren in groeiende mate met de vroegere Zaal van Heijster, overigens met mij ook meerdere oudere leden. Die zaal, in 1937 gebouwd door Van Heijsters Theike, met vervolgens drie generaties Van Heijster achter de tap (begin jaren zestig heel even onderbroken door Sef en Lies Cox). Die zaal is dit jaar dus 80 jaar – een mensenleven lang – de repetitielocatie van onze harmonie. Ja … in dit jubileumjaar misschien ook wel interessant dit even te memoreren. Wat die verhuizing betreft, daarover dit verhaal met een leuke anekdote die ik jullie niet wil onthouden.
Mannenkoorzaal?

Voor de duidelijkheid eerst dit bericht uit de Nieuwe Venlosche Courant van 3 februari 1937:

Nieuwe Venlosche Courant van 29 september 1937:


Van huren door de Koninklijke Harmonie van de Mannenkoorzaal is verder niets bekend, mocht het zo zijn dan kan dat hooguit één of twee repetities zijn geweest. Dus enige twijfel bij deze. De Mannenkoorzaal was vroeger de zaal waar Mooren Piet jarenlang een bioscoop heeft gerund. Nu bevindt zich daar een goktent.


Beeld van Sint David
Ik herinner mij uit mijn jeugd dat de harmonie destijds (1937) repeteerde in het oud gemeentehuis in de toen zo genoemde Harmoniezaal op de hoek van Steenstraat en Sint-Lambertusplein, denk daarbij aan de ruimte waar nu het Huis van de Streek zit.


Mijn ouderlijk huis stond waar nu slagerij Christ Coppens is gevestigd. Het was aan de zij-achterkant ingesloten door de Harmoniezaal/gemeentehuis. Achterom konden wij vanuit ons huis via een klein binnenplaatsje achter in de harmoniezaal komen waar zich het podium bevond.


Mijn vader plaatste samen met ‘oême Sjang’ – de legendarische ‘meister Van den Beuken’ en de vader van Hans – voor  aanvang van de repetitie de lessenaars en de stoelen en ze maakten de kachel aan. De ‘booremós mèt wôrs’ voor het St Davidsfeest werd destijds bij ons in de keuken bereid.  Vanaf het podium gezien links in een hoek van de zaal (straatkant) was op de muur een beeld van Sint David geschilderd, naar ik meen door ‘oême Toên’, Antoon Van Well, toenmalig bestuurslid.

Volledige Vergunning
De ‘Sociëteit Harmonie’ – de harmonie genoot in die tijd groot aanzien in de Horster gemeenschap! – beschikte voor die harmoniezaal over een eigen ‘Volledige Vergunning’ die op naam stond van Antoon Seuren. Hij was van beroep postbode, in die tijd een achtenswaardig ambt, en vaandeldrager van de harmonie. ‘Söre Toëntje’ was de vader van voorheen veearts Piet Seuren, oud bestuurslid van onze harmonie en later lid van de Vrienden van de Harmonie. Aan die Volledige Vergunning was tevens een verlaat sluitingsuur verbonden. Dit fenomeen, dit privilege, dit sluitingsuur, heeft nog lang in de gelederen van onze harmonie voortgeleefd. De oudere leden weten dat, maar voor de jongeren nadere uitleg. 

Vergeetachtigen
Van oorsprong was café De Sport van ‘Van Heijsters Theike’ een alcoholvrije locatie (1933). Uit betrouwbare bron, bij monde van onze vaders Sjang en Grád van den Beuken, vernamen wij dat ook toen al bij de harmonie het aantal ‘allesvergeetachtigen’ dat van de geheelonthouders verre overtrof (doordenkertje). Om die reden verhuisde die Volledige Vergunning van de harmoniezaal  automatisch mee naar zaal Van Heijster, die vervolgens in dankbaarheid door Theike werd geëxploiteerd, tot lafenis van de immer dorstige muzikanten en verdere clientèle. Niet voor niets zingen we tot op heden: ‘en as ze oêtgeblaoze ziên dá hebbe de miëste dôrs, dát is, de keuninklukke toêteclub vá Hôrs’, een tekst uit het carnavalsliedje ‘Huur daór dao keumt de Harmonie’ van Fer Hobus, gezongen op de liedjesavond van D’n Dreumel door drie leden van de harmonie (Fer, Wim Moorman [sr] en ik zei de gek) en in dit jubileumjaar door Ger de Mulder zo mooi ‘verklankt’ in het muziekstuk ‘colours’. 



De keuze van de harmonie voor zaal Van Heijster als repetitielokaal lag goed en dat was wederzijds. De harmonie voelde er zich vanaf het begin kind aan huis. Het repetitielokaal werd gezien als de tweede huiskamer die in hoge mate huiselijkheid, gemoedelijkheid en gezelligheid uitademde. Gevolg: de derde helft van de repetitie – een kwartier pauze was toen gebruikelijk – duurde voort tot ver in de kleine uurtjes. Met muziek werden we slimmer gemaakt, met toepen en kruusjasse leerden we zaken doen. Waarna de sterke verhalen bij de tap niet van de lucht waren en parallel met het vroegere uur alleen maar sterker werden. Het was ook de tijd dat ‘s avonds om negen uur de toen nog schaarse straatverlichting (hoëgoêt 8 luchtepäöl innut hiêle däörp) gedoofd werd en het op pleinen en in straten ‘sakkenduuster’ was – met de ‘kniêpkat’ kon men wat bijlichten. Het uitgaansleven ‘doorewaeks’ bestond nog niet, maar … Guus Meeuwis zou toen gezongen hebben: ‘Niet in Brabant maar in zaal Van Heijster brandt nog licht’.


Geachte lezer. Die zaal Van Heijster, met Volledige Vergunning, keurig gedekte tafeltjes met daarop een bloemetje, een aparte tafel voor het bestuur – de knakworstjes van Jan en Theo waren toch lekkerder – dit en nog veel meer deed mij verlokken tot deze mijmeringen. ‘Nostalgisch gedoe van een oude man’, hoor ik jullie al denken, immers tijden veranderen. Dat weet die oude man ook. Die zaal, die is er nog en ook nog wel de gezelligheid,  maar toch … is daar die melancholie. 

Sraar van den Beuken

zaterdag 19 mei 2018

Intermezzo – Verbinding

Er ligt een positief akkoord dat idealen en realisme met elkaar verbindt. Met onze inwoners, stakeholders en andere overheden houden we verbinding om naar elkaar te luisteren en van elkaar te leren. We hebben een concrete verbinder tussen overheid en ondernemers op strategisch en tactisch niveau. Deze ‘verbinder’ ziet trends en ontwikkelingen vanuit het perspectief van de ondernemer en de overheid (en het onderwijs). De verbinder begeeft zich in het veld en in de netwerken.



Wij willen projecten aanjagen die inspireren tot innovatie en we leggen daartoe actief verbindingen met de sector en andere belanghebbenden, zoals milieu- en dierorganisaties. Daarbij maken we slimme en efficiënte verbindingen tussen wonen en zorg, economie en werkgelegenheid, infrastructuur/inrichting leefomgeving en toegankelijkheid.



De focus van de transformatie van het sociaal domein ligt op het verbinden, verbeteren en vernieuwen samen met onze zorgpartners. We volgen en verkennen nieuwe experimenten bij de ondersteuning van onze mantelzorgers en zoeken daarbij ook de medewerking en verbinding met zorgverzekeraars. We haken aan op het gedachtegoed van ‘Positieve gezondheid’ met Gezondste Regio 2025 als initiatiefnemer, aanjager en verbinder. We gaan met een creatieve en aansprekende aanpak de verbinding tussen betrokken inwoners en de overheid verder versterken. Een mooi moment waarbij vanuit saamhorigheid en verbinding een breed pallet van activiteiten en evenementen worden georganiseerd.



Wij erkennen en onderschrijven het belang en de importantie van de ongeorganiseerde sport, waarbij we een duidelijke meerwaarde en behoefte zien om dit, bij behoefte, ook te verbinden met andere, ‘georganiseerde’ sporten. Niet alleen vanuit het perspectief van bewegen en gezondheid, maar ook vanuit de educatieve meerwaarde en de verbindingen die gemaakt kunnen worden met andere onderdelen van het onderwijsaanbod. Met het onderwijs worden verbindingen gelegd om mogelijkheden van gebruik te bezien. Bijvoorbeeld in een vorm van onderwijsondersteuning of innovatieve en alternatieve verbindingen en ideeën tussen onderwijs en bedrijfsleven. 



We zien het belang van verbinding tussen verenigingen, doelgroepen en organisaties door middel van cultuur. We zetten sport als middel in om groepen inwoners en maatschappelijke partners met elkaar te verbinden met als doel een gezonde levensstijl voor onze inwoners te stimuleren en verdere ontwikkelkansen te bieden aan individuele inwoners of risicogroepen. Ervaringen die van pas gaan komen bij de implementatie van de Omgevingswet, waarbij ook sprake is van een noodzakelijke omslag in denken en doen om de verbinding met de gemeenschap, bedrijven en inwoners te versterken.


Als het gisteren gesloten coalitieakkoord (klik hier) één ding leert, dan is het wel dat er gouden tijden aan zitten te komen voor de apotheken en drogisterijen in Horst aan de Maas.