Posts tonen met het label boodschappenbriefjes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boodschappenbriefjes. Alle posts tonen

woensdag 24 juni 2026

Boodschappenbriefje (16) | Eten


Het ligt in een winkelwagentje van Plus. Bijzonder genoeg om mee te nemen of niet? Zoals altijd met gevonden boodschappenbriefjes een snelle scan. Eten. Springt eruit: hoezo eten? Twaalf van de vijftien items betreffen menselijke dan wel dierlijke etenswaren. Waarom verdient eten dan nog vermelding? Wat dan eten? Verder weinig bijzonders. Nou ja, piepers dan. Vreselijk woord. Zelfs dialectsprekers gebruiken het. Onbegrijpelijk als je ook het onovertroffen petatte tot je beschikking hebt. Petatte raakt de kern van het Horstenaarschap. ‘Mie, ziên de petatte al gaar?’

Toch maar meenemen, wie weet komt het nog eens van pas.

Dan blijkt dat het een dubbelgevouwen briefje is. Komt wel vaker voor, weet de ervaren boodschappenbriefjesopraper. Links de boodschappen bij de ene winkel, rechts de boodschappen bij de andere. Maar niet in dit geval. Ontvouw het briefje en je komt tot de verbijsterende ontdekking dat het hartje en het hoofd op de kant met eten een prelude blijken te zijn op de andere kant.


Over die andere kant valt van alles te zeggen, te vermoeden, te interpreteren, te gissen, te suggereren. Zullen we dat vooral niet doen? Laten we zwijgen, kijken, genieten, bewonderen, ons gelukkig prijzen, ons afvragen waaraan we dit te danken hebben. Meesterlijk.

zondag 25 januari 2026

Intermezzo – Boodschappenbriefje (15) | Boeren en ballen

(Vrijdag opgeraapt in het gebied tussen de winkelkarretjesstallingen van Lidl en Plus in Horst.)

mik. Geeft een leeftijdsindicatie. En een supermarktindicatie. Jongeren zijn geen mik-zeggers. Brood haal je bij elke supermarkt, mik bij Plus of desnoods bij Jumbo, maar niet bij Lidl.

Kip/vlees. Nog een leeftijdsindicatie. Jongeren zijn specifieker. Waarom kip apart vermelding verdient? Kip móet, bij het andere vlees komt het niet zo nauw. Sukadelappen, karbonade, schnitzel, gehakt, kalfsoesters: het kan en mag allemaal.

SAP. Behoeft geen nadere specificatie: sap is bij hem (‘hem’ ja – mannelijke intuïtie) sinaasappelsap. De tweede boog naar links in de S van SAP is nóg minder soepel dan die in de S van vlees.

BOEREN. Boer’n yoghurt. De overweging om Boer’n yoghurt vanwege die apostrof en ontbrekende e principieel links te laten liggen, komt niet bij ‘m op.

BOUiLLON. Ook vandaar misschien de kip. Of het vlees.

BALLEN. Voor in de BOUiLLON. ‘Balletjes’ krijgt ie niet uit z’n pen.

AFW. middel. Hij zou zich betrapt voelen als ie dat puntje na de W achterwege zou laten. Het puntje markeert ook de breuk met hoofdletters en de terugkeer naar kleine letters. Bovendien was wéér die lastige tweede boog naar links in de S van afwas geen aanlokkelijk vooruitzicht.

APPELAZIJN. De onverwacht snelle terugkeer naar hoofdletters.

Vermicelli. Voor de BOUiLLON met BALLEN. En weer terug naar kleine letters. Twijfelkont.

ZAKJES melk. Twee opties: of hij bedoelt koffiemelkcupjes of hij bedoelt plastic zakjes én melk. Dat tweede is het meest waarschijnlijk: briefje was al klaar toen ie zich bedacht dat er ook melk moest zijn. Daarom melk er snel nog aan toegevoegd, in kleine letters. De S van zakjes is al een heel stuk eleganter dan de S van vlees en van SAP.

WIJN. Rode. Maar dat weet ie wel.

DOOS. De definitieve bevestiging dat we van doen hebben met een Plus-klant. En een meesterlijke S die alle eerdere S’en in de schaduw stelt.

vrijdag 11 juli 2025

Intermezzo – Boodschappenbriefje (14) | Riekske

Wat ook een eeuwigdurende bron van fascinatie blijft, is het dialect. Gedachtevorming over het dialect begint bij mij geregeld bij opgeraapte boodschappenbriefjes. Daarop tref ik wel eens woorden als appelsiene of petatte aan. Op het vorige week bij Albert Heijn in Horst opgeraapte briefje van pasfotoformaat ging mijn aandacht in eerste instantie uit naar het woord mettler. Nooit eerder gehoord of gelezen. Ineens viel me in dat het misschien hoorde bij garen kleur 1457 van de regel erboven. Googelen. En precies zo was het. Daarna viel mijn oog op snijworst. Vleesonnozel als ik ben, dacht ik dat elke worst snijworst is. Googelen. Niet dus: snijworst is een specifiek soort worst (dat ik graag aan me voorbij laat gaan).


Boven snijworst staat mik. Met mik heb ik van oudsher een problematische verhouding. Ik ben een native Horster dialectspreker. Mik is in het Nederlands een bepaald soort brood, maar in het Horster dialect staat mik als ik het wel heb voor brood in het algemeen. Net als wek. Terwijl ik ben grootgebracht met broëd. Dan komt mik er niet meer in. Onvolkomenheidje in mijn opvoeding, waarop ik voor de rest weinig heb aan te merken.


Ik besloot de onvolprezen Dialectatlas van het Nederlands uit 2011 er eens bij te pakken. Omdat ik dacht dat die een verspreidingskaart bevatte van dialectwoorden voor brood. Niet dus. Al bladerend bleef ik vervolgens hangen bij een kaart waarop de gangbare benamingen voor het woord vork in de Nederlandse en Vlaamse dialecten is weergegeven. Wat blijkt? In Noord-Limburg zou riekske de meest voorkomende benaming voor vork zijn. Riekske? Verket zal je bedoelen! Riekske (‘kleine riek’) is een prachtig, poëtisch woord, maar ik heb het nog nooit gehoord, ook niet als reekske, zoals het in het Horster dialect zou luiden. In de woordenboeken van het Horster, het Meerlo-Wanssums, het Venrays en het Venloos dialect kom ik riekske/reekske ook niet tegen in de betekenis van vork. Maar zie daar, Sevenum zou Sevenum niet zijn als het weer eens anders was. Uit het Sevenums woordenboek: ‘Rikske –  vork. “Met ’t riksken aete, Riekske, nit met ’t vuûsje.”’  


Om te verifiëren dat mik in het Nederlands inderdaad een bepaald soort brood is en niet brood in het algemeen, pakte ik de Van Dale erbij. Inderdaad: ‘Brood van fijn roggemeel.’ Andere betekenis van mik, volgens Van Dale: ‘Boomtak in de vorm van een tweetandige vork.’ Een verket? Een reek/riek(ske)? Nee, dat is dan weer een vörk in het Horster dialect. Enzovoort.

(Dit stukje verscheen deze week ook in Via Horst-Venray)

woensdag 16 april 2025

Intermezzo – Boodschappenbriefje (13)

Wat óók heel erg wordt onderschat als historische bron zijn boodschappenbriefjes. Elk boodschappenbriefje is een spiegel van zijn tijd. Onder meer aan de producten op het briefje, aan de spellingswijze van die producten, aan het papier waarop het briefje is geschreven, aan het handschrift waarin het is opgesteld en aan het materiaal waarmee het is beschreven, laat een boodschappenbriefje zich vrij eenvoudig dateren. 

Neem nu dit boodschappenbriefje, dat ik vorige week vond in een winkelwagentje van het Horster filiaal van Lidl:


Ik lees er dit in:
Banane, prei, sla, paprika
bulki
Hagel wit-bruin
chlor, kichen reiniger sprei!

Om te beginnen de inhoud van het briefje. De eerste regel behoeft geen uitleg. Dan bulki, een woord dat voorkomt in een hele reeks Slavische talen, onder meer in het Russisch, Oekraïens, Pools en Tsjechisch. Het betekent broodjes. Hagel wit-bruin moet gemengde hagelslag zijn, chlor is uiteraard chloor en kichen reiniger ongetwijfeld keukenreiniger. Resteert sprei. Dat sprei een beddensprei zou betekenen, lijkt me in deze context hoogst onwaarschijnlijk. Uiteindelijk kwam ik tot de slotsom dat de auteur met sprei welhaast zeker spray moet bedoelen: ‘Ik wil geen willekeurige keukenreiniger, maar een keukenreiniger die sprayt.’

Nu het briefje als spiegel van zijn tijd. Bananen kwamen pas kort na de Tweede Wereldoorlog op grote schaal naar Nederland, gemengde hagelslag en keukenspray nog enkele decennia later. Toch weerspiegelt dit briefje zijn tijd minder in de producten zelf dan in de schrijfwijze ervan. Die verraadt dat de auteur waarschijnlijk geen Nederlandse maar een Oost-Europese achtergrond heeft. Had ik dit briefje veertig jaar geleden gevonden dan zou het een absolute sensatie zijn geweest. Nu kijk je er nauwelijks van op. De opsteller zou zomaar een Oekraïense vluchteling, een Poolse arbeidsimmigrant of een Tsjechische kenniswerker kunnen zijn – een Russische spion lijkt me iets minder waarschijnlijk.

Duidelijk: dit briefje weerspiegelt vooral de huidige globalisering. Maar ook de intregratie. Wat het briefje namelijk extra bijzonder en indrukwekkend maakt, is dat het in het Nederlands is gesteld. Zelf zou ik er niet aan moeten denken te worden geparachuteerd in een land waarvan ik de taal niet beheers. Om er enigszins te kunnen functioneren zou ik me die vreemde taal eigen moeten maken. Stel dat me dat al zou lukken, zou ik dan ook in die taal gaan denken en mijn boodschappenbriefjes in die taal gaan schrijven? Denken in een andere taal zou me absoluut niet lukken, denk ik. Dat ik mijn boodschappenbriefjes ooit in een andere taal dan het Nederlands zou schrijven lijkt me bijzonder onwaarschijnlijk. Alle respect dus voor de schrijver van bovenstaand briefje.

P.S. Er dieper over nadenkend bedacht ik me dat het bij mezelf toch anders zit dan ik in eerste instantie dacht. Ik denk namelijk in het Horster dialect. Ik denk dus petatte, appelsiene, broëd, thië, snuupkes en wullewoepe. Maar mijn boodschappenbriefje ziet er in dat geval zo uit:


Waarom ik in het Horster denk maar in het Nederlands schrijf? Omdat het Horster weliswaar van kinds af mijn eerste spreektaal is, maar het niet mijn eerste schrijftaal was. Denk ik.

(Dit stukje verscheen vandaag in minder uigebreide vorm ook in Via Horst-Venray)

dinsdag 18 maart 2025

Intermezzo – Boodschappenbriefje (12)


Toen ik gisteren dit boodschappenbriefje aantrof in mijn AH-winkelkarretje beschouwde ik het aanvankelijk als een geschenk uit de hemel. Een dag eerder had ik me namelijk godsgruwelijk zitten te ergeren aan Ajax-AZ en dit briefje bood me een uitgelezen kans mijn gal te spuien. Want dat ‘Vak 211 rij 6 stoel 380 381’ kon toch niets anders betekenen dan dat de auteur van dit briefje twee kaartjes had weten te bemachtigen voor Ajax-AZ?


In mijn hoofd had ik de helft van het stukje al geschreven nog voordat ik het winkelkarretje weer had teruggezet in de winkelkarretjesstalling. Ik zou de man – ongetwijfeld een man, die auteur – in het stukje vragen of hij ook zo gedeprimeerd was door het lamlendige, van elke frivoliteit gespeende Ajax-voetbal. Vragen of hij het met me eens is dat Wouter Goes de meest irritante voetballer is die er momenteel rondloopt op de Nederlandse velden. Vragen of hij zich hopelijk toch ook wel vreselijk gestoord had toen hij na afloop thuis de wedstrijd nog eens terugkeek en al die elkaar napapegaaiende pseudodeskundigen hoorde beweren dat Higler langer na had moeten denken over die tweede gele kaart voor Penetra. Vragen of hij eveneens met stomheid was geslagen toen hij diezelfde elkaar napapegaaiende pseudodeskundigen hoorde beweren dat het een wedstrijd op topniveau was geweest.

Maar toen ging ik opzoeken waar de goede man en zijn metgezel ergens in het stadion hadden gezeten. En toen bleek dat de Arena wel een vak 111 en een vak 411 heeft, maar beslist geen vak 211. En toen kwam ik er achter dat de Ziggo Dome, honderd meter verderop, wel een vak 211 heeft, zelfs met rij 6 en de stoelen met de nummers 380 en 381. En toen vroeg ik me af of de man en zijn metgezel naar Lenny Kravitz gaan. Of naar Billie Eilish. Of naar Suzan & Freek. Of misschien toch in januari volgend jaar naar Frans Pollux en Lex Uiting?


En nu vraag ik me af of de partner van de man beschuit, bamigroente en bami op het briefje heeft geschreven. En of courget het werk is van de man of van zijn partner.

dinsdag 28 januari 2025

Intermezzo – Boodschappenbriefje (11)

Ik fiets over de Raamweg in America. In het natte bermgras tegenover de golfbaan zie ik een blaadje liggen. Ik overweeg het op te rapen: rondzwervende papiertjes kunnen belangwekkend of anders wel interessant dan wel intrigerend zijn. Maar dit blaadje is nat. En smerig. Ik besluit door te fietsen. Doorfietsend vraag ik me af of ik het me zo niet te gemakkelijk maak. Ook natte en smerige papiertjes kunnen toch belangwekkend of anders wel intrigerend dan wel interessant zijn? Ik besluit me om te draaien en terug te fietsen. Om het papiertje op te rapen.

Zo gaat het altijd. Als ik het papiertje dan heb opgeraapt, blijkt steevast dat ik standvastig had moeten zijn en gewoon door had moeten fietsen. Omdat het papiertje een kassabonnetje is. Of een niet ingevuld invulformulier. Of een pakbon. Of een fragment van een verpakking. Of – heel vaak – een blanco velletje.


Zo gaat het dus altijd. Maar dit keer niet. Het papiertje dat ik opraap is behalve nat en smerig, vooral interessant en intrigerend. Het gaat om een aan één zijde afgescheurd en vervolgens dubbelgevouwen vel ruitjespapier. Daardoor is iets ontstaan dat je een miniboekje van vier bladzijden zou kunnen noemen. De bladzijden 2 en 4 zijn onbeschreven. Zou bladzijde 1, de voorkant, misschien een boodschappenbriefje kunnen zijn? En die letters, is dat geen cyrillisch? Inderdaad, zo blijkt al snel: een in het Oekraïens gesteld boodschappenbriefje! Mijn allereerste op het grondgebied van Horst aan de Maas gevonden boodschappenbriefje in het Oekraïens! Aan de rand van the middle of nowhere!


Zeven items bevat het boodschappenlijstje:

morkva
(wortels)
chleb (brood)
maslo (boter)
kawa (koffie)
salat (sla)
syr (kaas)  
jablka (appels)

Het ene nog basaler dan het andere, van luxeproducten geen enkel spoor. ‘Zo komt Jan Splinter door de winter’, zou Marcel van Dam zeggen. Overigens telt het briefje minimaal twee auteurs: de wortels, het brood en de boter zijn van één hand en hetzelfde geldt voor de koffie, de sla en de kaas. De appels zouden van de auteur van de wortels, het brood en de boter kunnen zijn, maar waarschijnlijker is dat er een derde in het spel is. Wat er vóór ‘appels’ is doorgestreept? De eerste letters van jabul (appel), vermoedelijk vanwege een spelfout.


De tekst op bladzijde 3 is van weer een andere hand. Het lijkt om een kostenraming te gaan:


podval (kelder)
robota i material (arbeid en materialen) = 1000 euro (= 1000 euro)

Belangwekkend deze vondst? Misschien niet, maar een sign of the times is dit briefje wel degelijk. In al zijn bescheidenheid weerspiegelt dit briefje namelijk óók de wereldgeschiedenis. Veertig jaar geleden zou het nog absoluut ondenkbaar zijn geweest zo’n briefje in Horst aan de Maas te vinden. Nu kijk je er niet echt vreemd van op. Hoe zou het over vijf, tien, twintig, vijftig jaar zijn?

(met dank aan Agata Siwek en Hasmik Tangyan voor de vertaling)

dinsdag 6 april 2021

Intermezzo – Broclie


Broclie. Toegegeven: ik had zelf ineens ook een lichte twijfel hoe je het precies spelt. Broccoli toch? En geen broccolie? Inderdaad. Broccoli en champignons zijn ongetwijfeld de producten die op boodschappenbriefjes het vaakst verkeerd worden gespeld. Met dit verschil dat er voor broccoli misschien wel tien varianten bestaan en voor champignons slechts één, namelijk champions.


Alsof spelling er trouwens toe doet op boodschappenbriefjes. Tuurlijk niet. Al schrijf je het als broekolie, zolang jíj maar weet dat het om broccoli gaat, is het goed.


Het broclie-briefje, twee weken geleden opgeraapt op het trottoir voor de ingang van Lidl en Plus in Horst, is ook interessant omdat het een toonbeeld is van de spreekwoordelijke Hollandse zuinigheid. Mijn veronderstelling is dat het liefst drie keer is gebruikt om boodschappen te doen: één keer voor mik, spek en broclie, één keer voor witlof, wortels, ketjap, stokbrood en zalm en één keer, aan de achterzijde, voor slagersham, 2 mik, vis en pudding.


Betweters zouden kunnen opperen dat het gaat om één keer boodschappen doen bij drie verschillende winkels. Mij lijkt dat stug: waarom zou je mik bij twee supermarkten halen?


Resteert die ‘99’. Slagersham die 99 cent kost? Onwaarschijnlijk. ‘Niet vergeten nog eens dat heerlijke 99 van Toto af te spelen?’ Nog veel onwaarschijnlijker. 99 Luftballons dan? Iets minder onwaarschijnlijk. Maar neem van mij aan: 99 is het huisnummer van degene aan wie Jan vanmiddag zijn elektrische fiets heeft verkocht en die hij hem vanavond gaat bezorgen.


Wat betreft boodschappenbriefjes ontkom ik er ditmaal ook niet aan ongegeneerd reclame voor mezelf te maken. Op Horst-sweet-Horst gaat het altijd om boodschappenbriefjes uit Horst aan de Maas. In Venray gaat het om Venrayse boodschappenbriefjes. Dit in het kader van de door Odapark  georganiseerde kunstwandelroute in het kader van Het Laatste Avondmaal. (Wie deed eigenlijk de boodschappen voor het Laatste Avondmaal? Maria? Zou ze ook een boodschappenbriefje hebben gemaakt?)


Venrayse Boodschappen beslaat drie ruiten van Schoolstraat 26 en bestaat verder ook nog uit een Boodschappenbriefjesbrievenbus. Vergelijkbare brievenbussen staan ook in een aan aantal Venrayse supermarkten. Venraynaren konden en kunnen er hun boodschappenbriefjes in deponeren. Dat is de afgelopen weken al in ruime mate gebeurd.


Eén ruit van Schoolstraat 26 is beplakt met korte Whatsappdialogen over boodschappenbriefjes. De twee andere ruiten zijn beplakt met (Venrayse) boodschappenbriefjes én (wekelijks wisselende) commentaren op een aantal van die briefjes, onder het motto ‘Toon mij uw boodschappenbriefje en ik zeg u wie u bent’. Een en ander mondt uiteindelijk eind mei uit in zoiets als ‘Een typologie van het Venrayse boodschappenbriefje’. Oh ja, een Horster element is er natuurlijk ook: op de achtergrond klinkt het geluid van Horstenaren die Horster boodschappenbriefjes voorlezen.


Volg vooral ook de Venrayse Boodschappenpagina’s op Facebook en Instagram met telkens nieuwe foto’s en teksten: https://www.facebook.com/VenrayseBoodschappen en https://www.instagram.com/venrayseboodschappen/

vrijdag 7 augustus 2020

Intermezzo – Boodschappenbriefje | Liddel

Begin deze week een gedroomd boodschappenbriefje gevonden op de winkelwagentjesparkeerplaats van de supermarkten Lidl en Plus in Horst (klik op pijl om filmpje te starten):


 Op papier ziet het er zo uit:


zaterdag 7 maart 2020

Klein mysterie 782 – Boodschappenbriefje (10)

Vanochtend bij Plus Lucassen boodschappenbriefje uit winkelwagentje gevist.
Met witte handschoentjes.
Uiteraard.


Goddelijk handschrift.
Fraai uitgelopen inktvlek.
‘Kaas + . .’
Ja, kaas plus wat? Haperende pen?
Brood, boeren witbrood en ontbijtspek in een andere winkel?
Of brood in een andere winkel en in weer een andere winkel boeren witbrood en ontbijtspek?
Hoe zit het eigenlijk precies met dat brood achter de punt?


Is de kaas soms voor de muizenval bestemd?
Wie is de man, wie de vrouw?
Hij de boodschappen, zij de muizenval?
Hij spant de val, zij ruimt de boodschappen op?

Wacht eens.
Ken ik dat handschrift niet ergens van?
Verrek.


Op 19 december 2019 bij Plus Lucassen uit een winkelwagentje gevist.
Zonder witte handschoentjes toen.
Uiteraard.
Ook toen eieren.
En kaas.
En melk.
En aardappelen.
En fruit.
En groente.
En onder de streep brood. Punt.
Toen geen smeerkaas.
En geen koekjes.
En geen boeren witbrood.
En geen ontbijtspek.
Toen wel yoghurt.
En Bona.
En Croma.
Toen geen muizenval.
Wel vuilnis.
Hij de boodschappen, zij het vuilnis?
Of toch hij het vuilnis en de muizenval en zij de boodschappen?
Is de hij (of zij) van het vuilnis wel de hij (of zij) van de muizenval?  

donderdag 17 januari 2019

Intermezzo – Factsheet

En zo duikt Horst-sweet-Horst ineens op in de Factsheet Gemeenteraad Horst aan de Maas 2018! Tot twee keer toe zelfs! Vereerd! Bijzonder vereerd!


De eerste vermelding is terug te vinden op bladzijde 7, waar vijf ‘facts’ van Eric Beurskens (negentien jaar gemeenteraadslid voor VVD en Essentie en sinds een half jaar wethouder) worden opgesomd. Eén van die facts: ‘Hij werd begin dit jaar in Horst-Sweet-Horst betiteld als het meest gezaghebbende raadslid van 2017.’ Blijkbaar is het oordeel van Horst-sweet-Horst gezaghebbend genoeg om op het palmares van Eric Beurskens te mogen prijken. Doet goed!


De tweede vermelding is op bladzijde 15, in de rubriek En nu geheel iets anders! Een rubriek ‘met in feite onnutte informatie of liever gezegd, het gaat nergens over’. Onnutte informatie? Het gaat nergens over? Dat is dan weer een knalharde klap in het gezicht van Horst-sweet-Horst: informatie op Horst-sweet-Horst is áltijd nuttig, het gaat nóóit nergens over. Onbegrijpelijk misverstand. Maar dit geheel terzijde. Op bladzijde 15 komen de drie stukjes aan de orde die Horst-sweet-Horst afgelopen jaar publiceerde over de keukentafels van gemeenteraadsleden (klik hier, hier en hier).


Over de Horst-sweet-Horst top 5 van keukentafels van Horster gemeenteraadsleden wordt in de Factsheet opgemerkt:
‘In zijn Top 5 eindigde Aniet Fonteyne op de 1e plaats. Hij refereerde in deze o.a. naar Karl Marx die op de foto te zien was. Dit laatste is bij Horst-Sweet-Horst niet geheel onverwacht te noemen.’
Wordt hier soms de suggestie gewekt dat Horst-sweet-Horst marxistisch is? Dat die top 5 niet objectief zou zijn? Behalve het feit dat informatie op Horst-sweet-Horst áltijd nuttig is en nóóit nergens over gaat, is Horst-sweet-Horst, zoals trouwe lezers weten, óók objectief – tot op het bot en áltijd!


Helemaal aan het eind van het stukje krijgt Horst-sweet-Horst nog een tweede veeg uit de pan:
‘Overigens valt het van Horst-Sweet-Horst tegen, dat er nog geen top 5 is van waar gaan de raadsleden met hun boodschappenlijstje inkopen doen (of wat staat er op). Dit, omdat diezelfde Peter Elbers [wiens opmerking over zijn keukentafel de aanleiding vormde voor de drie keukentafelstukjes] in de voorbereidende vergadering van 23 oktober de opmerking maakte dat huurcontracten (van recreatieparken) niet meer waarde hadden dan de kassabonnen van de Jumbo.’
Die opmerking van Peter Elbers is Horst-sweet-Horst helaas ontgaan. Anders had Horst-sweet-Horst Peter Elbers uiterst objectief de mantel uitgeveegd over zijn insinuatie dat kassabonnen van Jumbo geen waarde hebben. Maar dit geheel terzijde. Wat betreft die tweede veeg uit de pan (waarom nog geen Horst-sweet-Horst top 5’s van favoriete supermarkten van Horster gemeenteraadsleden en/of hun boodschappenbriefjes?):

Factsheets die vragen, worden door Horst-sweet-Horst overgeslagen!

zaterdag 22 september 2018

Klein mysterie 758 – Nestcafe

‘Hebben mannen écht altijd zin?, vroeg Japke-d. Bouma zich gisteren af in haar column in NRC Handelsblad (klik hier). ‘Nou nee hoor’, is haar door een hoogleraar seksuologie bevestigde conclusie. Evenzeer komt het Japke-d. onwaarschijnlijk voor dat vrouwen tijdens de seks vaak aan boodschappenlijstjes liggen te denken:
‘Ik hoor ook weleens dat vrouwen tijdens de seks vaak aan boodschappenlijstjes liggen te denken. Dan zou het dus zo zijn dat mannen tijdens het schrijven van boodschappenlijstjes aan seks denken en vrouwen tijdens de seks aan boodschappenlijstjes – dat zou toch wel heel inefficiënt zijn.’
Inefficiënt inderdaad, maar is het misschien tóch zo? De wereld hangt toch van inefficiëntie aan elkaar? Ik kom hier op door dit onlangs door M. bij Plus Lucassen in Horst opgeraapte boodschappenbriefje dat ik toevallig (?) gisteren van haar cadeau kreeg (klik op de afbeelding om haar te vergroten):


Licifers.
Joghert.
Nestcafe.

Het is toch bij god onmogelijk dat de gedachten van de man die dit briefje heeft geschreven ergens anders dan bij seks waren tijdens het schrijven? Of dacht u soms dat zijn gedachten bij de wasbeurt voor de auto waren? Of bij het knippen van zijn teennagels? Of bij die tweede goal van Tagliafico? Dat gelooft u toch zelf niet? Nee, de gedachten van deze man waren tijdens het schrijven van dit briefje slechts bij één ding. Dát ding.

Maar wacht eens even. Is dit briefje wel door een man geschreven? Komt een man wel op het idee om Inleg kruisjes dag + Nach op het boodschappenlijstje te zetten? Of heeft z’n vrouw hem gedicteerd? ‘Piet, schrijf op: lucifers, inlegkruisjes dag en nacht, twee flessen ijsthee, yoghurt …’ Maar zo gezeglijk zijn mannen toch niet? Nee, het kan niet anders of dit boodschappenbriefje is geschreven door een vrouw. Maar waar verkeerden haar gedachten dan tijdens het schrijven? Bij de aardappels die nog geschild moesten worden? Bij voorstelrondjes? Bij de tattoo die ze wil laten zetten? Natuurlijk niet. De gedachten van de vrouw waren tijdens het schrijven van dit briefje slechts bij één ding. Dát ding.

Het is dus net andersom: vrouwen denken tijdens het schrijven van boodschappenbriefjes aan seks en mannen tijdens de seks aan boodschappenlijstjes. Resteert de vraag waaraan mannen denken tijdens het schrijven van boodschappenlijstjes. En de vraag waaraan vrouwen denken tijdens de seks.    

zondag 28 januari 2018

Intermezzo – Nog 10 boodschappenbriefjes

Gedichtendag 2018 is voorbij, de Poëzieweek nog niet. Dat bekent dat ik met een gerust hart een vervolg kan geven aan de 10 boodschappenbriefjes van afgelopen donderdag (klik hier). Die ode aan de anonieme dichters die boodschappenbriefjesschrijvers in wezen zijn, leverde namelijk ook nog prachtig restmateriaal op dat het aanhoren méér dan waard is.


Wat is het geval? Ik zond tien inwoners van Horst aan de Maas elk drie in deze gemeente opgeraapte boodschappenbriefjes toe, vroeg hen een keuze te maken voor één van die drie briefjes en dat voor te dragen. Zo gezegd, zo gedaan. Maar zeven van de tien volstonden niet met de voordracht van één briefje, nee, ze droegen er twee of zelfs alle drie voor. Het zou eeuwig zonde zijn die extra voordrachten niet te publiceren. Dus hierbij nóg tien boodschappenbriefjes, waarvan zelfs twee gezongen! Wederom: kijk, lees, luister en geniet (klik op het pijltje om de film te starten):


Met onuitsprekelijke dank aan: Helmie van de Riet, Uta Halbreiter, Jeu van Helden, Jan Philipsen, Malgorzata Rzymyszkiewicz, Teun Verbeek en Véronique Jakobs.

donderdag 25 januari 2018

Intermezzo – 10 boodschappenbriefjes

Laatste donderdag van januari en dat betekent: Gedichtendag (klik hier)! Voor het eerst in zijn bijna tienjarige geschiedenis levert ook Horst-sweet-Horst een bijdrage aan Gedichtendag. En wel met een ode aan een leger van anonieme dichters dat helaas veel te weinig aandacht krijgt: de boodschappenbriefjesschrijvers.

Sinds jaar en dag ben ik een fanatiek opraper van boodschappenbriefjes. Zo nu en dan heb ik me hier gewaagd aan beschouwingen over en interpretaties van in Horst aan de Maas opgeraapte boodschappenbriefjes (klik in het menu links onder ‘Labels’ op ‘Boodschappenbriefjes’). Op deze Gedichtendag evenwel geen beschouwingen en interpretaties, maar het echte werk! Ik heb tien inwoners van Horst aan de Maas elk drie in deze gemeente opgeraapte boodschappenbriefjes toegezonden, hen gevraagd een keuze te maken voor één van die drie briefjes en dat voor te dragen. Het resultaat overtreft mijn stoutste verwachtingen: fan-tas-tisch! Kijk, lees, luister en geniet (klik op het pijltje om de film te starten):


Met onuitsprekelijke dank aan: Willem de Kievit, Helmie van de Riet, Frank Schijven, Uta Halbreiter, Jeu van Helden, Anniek Verheijen, Jan Philipsen, Malgorzata Rzymyszkiewicz, Teun Verbeek en Véronique Jakobs.

vrijdag 17 maart 2017

Top 5 – Alternatieve gebruiksmogelijkheden voor zwerfafvalkarretjes

ZZP’er (Zelfstandige Zonder Personeel) was ik al voordat het begrip überhaupt bestond. Ook als ZZW’er (Zelfstandige Zonder Werk) heb ik inmiddels een grote staat van dienst. Maar alsof dit allemaal al niet genoeg is, ben ik ook een ZAP’er (alternatieve benaming: zapper) – zonder dat ik het zelf wist.  Wat een ZAP’er dan wel mag wezen? Voor de uitleg van het begrip speel ik even leentjebuur bij de gemeentelijke website (klik hier):
‘Je eigen afval in de prullenbak gooien is gelukkig voor veel mensen vanzelfsprekend. Toch slingert er soms nog iets rond: papiertjes, blikjes, plastic tassen. Mensen die écht van schoon houden, ruimen ook wel eens wat van een ander op. Dat zijn onze “zappers” oftewel zwerfafvalpakkers!’
Welbeschouwd was ik ook al ZAP’er voordat dat begrip überhaupt bestond. Rondzwervende boodschappenbriefjes raap (‘pak’) ik bijvoorbeeld al sinds jaar en dag op. Hetzelfde geldt voor plastic tassen, op voorwaarde dat het tassen van in Horst gevestigde winkels betreft. En rondslingerende flesjes Hôrster Hundje water voeg ik met alle plezier toe aan mijn collectie Horstensia. 
Een en ander is natuurlijk een behoorlijke opoffering, het is bijvoorbeeld helemaal niet zo fijn om beduimelde boodschappenbriefjes met blote handen op te rapen. Waar dan weer tegenover staat dat het enorm goed voelt om op deze manier iets voor deze prachtgemeenschap te kunnen betekenen. 
Wat eveneens enorm goed voelt is dat de gemeente nu haar waardering laat blijken voor ons, stille pakkers. Niet langer hoeven wij ons zegenrijke werk in de anonimiteit te verrichten, nee, we worden herkenbaar als ZAP’ers. Niet door middel van een pet, t-shirt of jas, maar door middel van een ZAK (‘zwerfafvalkarretje’). Ik citeer andermaal de gemeentelijke website: 
‘Ben jij een fanatieke “zapper”? Dan heeft de gemeente een handig hulpmiddel voor je: het zwerfafvalkarretje. Met dit karretje heb je altijd 2 vuilniszakken bij de hand en hoef je er niet mee te sjouwen. We geven je dit karretje graag in bruikleen. Je krijgt dan ook een afvalgrijper mee.’
Toe maar: een kek karretje en daar bovenop nog een afvalgrijper! Als dat niet motiveert om deze roeping met nog grotere toewijding en liefde te vervullen, weet ik het ook niet meer! Bijkomend voordeel is dat het zwerfafvalkarretje multifunctioneel inzetbaar is. Denk vooral niet dat het ons zappers daar in de eerste plaats om te doen is, maar mocht de nood aan de man komen, dan zijn er 1001 alternatieve gebruiksmogelijkheden voor zwerfafvalkarretjes. Hetgeen uiteraard schreeuwt om een top 5. Komt-ie, de Horst-sweet-Horst top 5 van alternatieve gebruiksmogelijkheden voor zwerfafvalkarretjes:

5. Het zwerfafvalkarretje als vijver
Graaf het zwerfafvalkarretje in en je hebt de gedroomde vijver.

4. Het zwerfafvalkarretje als camouflagekarretje
Bedek je hennepplanten met het zwerfafvalkarretje en er is geheid geen haan die ernaar kraait.

3. Het zwerfafvalkarretje als plantenbak
Steek je buren de ogen uit met een blitse zwerfafvalkarretjesplantenbak. Is weer eens wat anders dan een tractorband- of afgedanktebadkuipplantenbak.

2. Het zwerfafvalkarretje als boodschappenkarretje
Bij ontstentenis van een openbaar toilet is het zwerfafvalkarretje een alleszins aanvaardbaar alternatief, met name in het geval van een Grote Boodschap.

1. Het zwerfafvalkarretje als regenkapje
Als ZAP’er/zapper kun je natuurlijk wel eens worden overvallen door een regenbui. Met een zwerfafvalkarretje op je hoofd doorsta je gegarandeerd alle stormen.

zaterdag 19 november 2016

Klein mysterie 727 – Boodschappenbriefje (9)

Dat handschrift! Zó kraakhelder, zó regelmatig, zó tot in de lettertekens verzorgd. Waar heeft een simpel boodschappenbriefje (klik op de afbeelding om het te vergroten) dit in vredesnaam aan verdiend? Nog een geluk dat Franka Jakobs het, een jaar of twee geleden, aan de achterzijde van het Horster filiaal van Albert Heijn heeft opgeraapt en daarmee voor de vergetelheid heeft bewaard.
Plukken dezelfde Poolse vingers waarmee dit op papier is gezet onder abominabele omstandigheden veertien uur per dag champignons, aardbeien, tomaten of andere voortbrengselen van Horster bodem? Grote kans. Terwijl dit van origine misschien wel aristocratenvingers zijn. Of notabelenvingers. Of dan toch op z’n minst onderwijzersvingers. Geduldige vingers zijn het ook. Geen 24/7-vingers. Empathische vingers.
Hebben dezelfde vingers ook het briefje afgescheurd? Ten enenmale onmogelijk! Iemand met zo’n handschrift scheurt een briefje niet zo slordig af. Iemand met zo’n handschrift bepaalt nauwkeurig het midden van het papier, vouwt het voorzichtig dubbel, scherpt de vouw met behulp van de duimnagel en gaat vervolgens uiterst omzichtig te werk bij het afscheuren. Mocht dat onverhoopt niet naar verwachting verlopen, dan gaat iemand met zo’n handschrift geheid op zoek naar een schaar om de rafelrandjes bij te knippen.   
Gaan dezelfde vingers straks ook de gyrossalade (sałatka gyros) en de tonijnsalade (sałatka z tuńczyka) klaarmaken? Ongetwijfeld. Maar dan toch niet voordat die vingers in plastic handschoenen zijn gestoken. Allemaal goed en wel met die paprika (papryka), die Chinese kool (pekińska), die maïs (kukurydza), die ingemaakte augurken (ogórek korn.), die tonijn (tuńczyk), die eieren (jajka), dat gehakt (mięso mielone) en dat gefileerd vlees (mięso filet), van die hoogst sensibele vingers hebben ze af te blijven.
En dan kan het feest beginnen. Want feest dat wordt het. Anders ben je echt niet zo gek die kabanosy, de meest exclusieve aller Poolse worsten, in huis te halen.

(Met bijzonder hartelijke dank aan Franka Jakobs voor de foto van het briefje en aan Małgorzata Rzymyszkiewicz voor de vertaling.)

maandag 13 oktober 2014

Klein mysterie 595 – Boodschappenbriefje (8)

Elke gek z’n gebrek. Zo ben ik sinds enkele jaren opraper van Horster boodschappenbriefjes. Hoewel ik mezelf niet als dwangmatig opraper zou willen betitelen heb ik inmiddels wel een collectie opgebouwd die bestaat uit meer dan honderd exemplaren. Met het interpreteren van die briefjes kun je avonden vullen: zou de schrijver nou een bijstandsmoeder met drie kinderen of een bankdirecteur zijn? Hoeveel gezinsleden hebben een bijdrage geleverd aan het briefje? Leiden schrijvers van chaotische briefjes ook een chaotisch leven? Is de auteur dialectspreker? U ziet, een vrij onschuldig vermaak, zonder enige wetenschappelijke pretentie.
Het merendeel van de opgeraapte briefjes is niet heel bijzonder. Iets in de trant van ‘1 pond suiker, 2 kroppen sla, 2 pakken yoghurt, Pringles (paprika), 1 fles cola’ en dat was het dan. Valt niet zo heel veel aan te interpreteren. Zo af en toe doe ik ook wel eens mooie vondsten. Doemt er ineens ‘petatte’ op tussen de afbakbroodjes, de peperkoek en de muntthee. Is ‘muziek’ verdwaald op een briefje met biogarde, brie en avocado. Stuit ik op het prachtige ‘kluutjes’, zonder te weten wat de schrijver daarmee zou kunnen bedoelen. Tref ik een klassieker als ‘champions’ aan in het gezelschap van kougum, foolie en ertesoep.
Bijzonder zijn ook de niet in het Nederlands geschreven briefjes. Zo bevinden zich in mijn collectie Duits-, Pools- (minder dan je misschien zou verwachten) en Engelstalige briefjes. Absoluut pronkstuk in dit genre is een briefje dat ik een jaar of twee geleden opraapte bij de ingang van Albert Heijn:
Arabisch? Farsi? Omdat ik het opraapte bij Albert Heijn ging ik er vanuit dat het een boodschappenbriefje is, maar voor hetzelfde geld zou het ook een doktersrecept of spiekbriefje kunnen zijn. Bij gebrek aan iemand in mijn omgeving die het Arabisch of Farsi machtig is, leidde het briefje twee jaar lang een slapend bestaan. Totdat ik onlangs mijn kans schoon zag, toen ik dankzij de 1e Horster Twittershow in contact kwam met Shatha Jahola – Horsterse van Irakese afkomst. Kon zij het briefje misschien duiden? Jazeker! Shatha was zelfs meteen bereid het uit het Arabisch in het Nederlands te vertalen (waarvoor ik haar bij dezen graag mijn eeuwige dank betuig). Komt-ie:

5 Tonijn
4 Dressing
2 Zout
4 [doorgekrast]
4 [maar nu in het Arabisch!] Dreft
pak melk 
3 [in het Arabisch] olijfolie
2 [in het Arabisch] witte kaas
1 [in het Arabisch] meel
Inderdaad een boodschappenbriefje! Fascinerend! En dan bedoel ik niet zozeer de producten als wel de cijfers. Hoewel niet helemaal valt uit te sluiten dat het om 5 tonijnen, 4 dressings enzovoort gaat, houd ik het erop dat hier sprake is van een nummering. Is dat op zich al vrij uniek, het feit dat de schrijver met de nummering ogenschijnlijk flink in de knoop is geraakt, maakt dit briefje helemaal tot een topstuk in mijn collectie. Op 5 en 4 valt niets aan te merken. Daarna lijkt de auteur de draad te zijn kwijtgeraakt: hij of zij laat de 4 volgen door een 2, begint te krassen, schakelt van onze Arabische cijfers over op Arabisch-Indische, gebruikt weer een 4, laat het pak melk ongenummerd en telt vervolgens doodleuk terug van 3 tot 1. Waarom trouwens beginnen bij 5 en eindigen bij 1? Andersom had toch veeleer voor de hand gelegen? Volledig van het padje, deze meneer dan wel mevrouw? Of bevat dit briefje een logica die te hoog is gegrepen voor deze kaaskop?