Posts tonen met het label Sintermerte. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sintermerte. Alle posts tonen

woensdag 11 november 2020

Intermezzo – Elfvaanelf

11 november vandaag. Elfvaanelf. Ik zou hier een potje kunnen gaan zitten janken over het niet doorgaan van allerlei carnavalsactiviteiten, vandaag en de komende maanden. Alleen: waarom zou ik? Ergens over gaan zitten janken is me heus wel toevertrouwd, maar mijn geloofwaardigheid zou definitief naar de gallemieze zijn als ik me zou beklagen over het missen van iets dat ik niet als een gemis ervaar. Hoewel ik al mijn hele leven in een hoogst besmettelijke omgeving verkeer, ben ik nooit aangestoken door het carnavalsvirus. Of dat nog ooit zal gebeuren? Lijkt me sterk, al weet je het met die virussen van tegenwoordig natuurlijk nooit. 


Elfvaanelf is voor mij vooral de dag ná Sintermerte. Wat enigszins vreemd is omdat 11 november de naamdag is van Martinus van Tours alias Sint Martinus alias Sint Maarten alias Sintermerte. Maar Sintermerte wordt hier in Horst nu eenmaal sinds jaar en dag gevierd aan de vooravond van de feestdag. Behalve dit jaar dan. U mag raden waarom.


Herinneringen tuimelen over elkaar heen.
Sintermertesveugelke / Háj en roëj keugelke / Háj en blauw stertje / Huupsa Sintermerte.
De lampion waaraan je in de voorafgaande weken zo nijver had geknutseld en die op de avond zelf binnen vijf minuten in de fik vloog dan wel verkamezöld werd door een plotse windvlaag.
Schuimpjes in je plastic tas (van rugzakjes nog geen sprake) geworpen krijgen die een jaar lang hadden gerijpt in een niet goed afgesloten snoeptrommel.
Tiere liere liere / Hee woënt enne giere / Di wil ôs niks gaeve / Hi-j zal ni lang miër laeve (of was het ‘gere’, zoals het volgens de dialectnazi's hoort?) 
Van die ongelooflijk verantwoord bezig zijnde mensen, van wie je geen snoep maar een gerimpeld mandarijntje kreeg of, nog erger, een blokje kaas en een partje van een gerimpeld mandarijntje aan een cocktailprikker.
Als het even kan de Noordsingelflat meepikken in het kader van kleine moeite, groot plezier. 
Daags erna op school een deel van de oogst moeten inleveren ten behoeve van minder goed bedeelde kinderen. 
Van later: de teloorgang van Sintermertesveugelke en de opkomst van een Nederlandstalig iets met de frase ‘de koeien hebben staarten’. 


Zei ik dat Sintermerte in Horst sinds jaar en dag aan de vooravond van de feestdag wordt gevierd? Dat is niet helemaal waar. In 2012 viel 10 november op een zaterdag, elfvaanelf vanzelfsprekend op een zondag. Maar de elfvaanelfactiviteiten vonden in Horst al op zaterdagavond plaats. Volstrekt onlogisch gevolg: Sintermerte werd verplaatst naar 9 november (klik ook hier). Ik kan me er acht jaar later nog steeds kwaad over maken. Wat bewijst dat een potje janken me best is toevertrouwd.

(Dit stukje verscheen vandaag in iets andere vorm ook in Via Horst-Venray)

maandag 11 november 2013

Klein mysterie 500 – Sintermerte (2)

Sintermertesveugelke
Háj en roëd keugelke
Háj en blauw stertje
Huupsa Sintermerte

Zaterdagnacht tot half vier wakker gelegen van een feestje met bonk-bonkmuziek in de buurt. De politie bellen met het verzoek een einde te maken aan het geweld was natuurlijk een aantal bruggen te ver. Sowieso sta je weinig uit met vier delen dagboeknotities van C. Buddingh’ binnen handbereik.  
Laat ik me vooral ook gelukkig prijzen dat ik nu leef en niet honderd jaar geleden. Toen ging Horst pas écht gebukt onder geluidsoverlast. Veroorzaakt door Sintermertes veugelke zingende schoolkinderen. Niet zoals tegenwoordig (met uitzondering van vorig jaar dan) op 10 november aan de vooravond van de naamdag van Sint Maarten tussen 17.30 en 18.15 uur, nee, een hele week. Uit de Nieuwe Venlosche Courant van 12 november 1914: ‘Aanvankelijk geschiedde dat [zingen] enkel in den vooravond, doch allengs begonnen de kinderen dagen te voren en enige dagen na den dag, zoodat het een octaaf was geworden.’ En maar schooien om snoep, die kinderen. De krant sprak er schande van: ‘Behalve dat het verkeerd is kinderen op deze manier eenigszins aan ’t snoepen te wennen, hadden ouders, die afkeurden hun kinderen ’s avonds zoo laat op straat te laten rondslenteren, last hunne kleintjes thuis te houden. Zij vinden dat rondtrekken met brandende fakkel te prettig en zanikten tot ook zij meemochten.’ En die slappe ouders nog toegeven ook, met als gevolg dat hun medeburgers gedurende een week urenlang bij hun voordeur dienden te bivakkeren: ‘Veel last veroorzaakte dit aan de ingezetenen, ze konden aan de deur blijven staan.’   
Als dit één ding duidelijk maakt, is het wel dat ouders destijds sidderden voor hun kroost. Kinderen hadden thuis de broek aan. Kom daar bij de jeugd van tegenwoordig nog maar eens om. Ik heb het al vaker gezegd: watjes zijn het, die jongeren van nu. Slappe hap. Laten hun oren hangen naar ouders en leraren. Eén keer per jaar een feestje met een halve nacht bonk-bonkmuziek en dat is het dan. De jeugd van tegenwoordig is de slechtste jeugd van tegenwoordig sinds mensenheugenis.
Wat helemaal ergerlijk is aan de jeugd van tegenwoordig is dat ze te beroerd is om Sintermertes veugelke te zingen. Dat was zelfs in mijn jeugd nog wel anders. Sintermertes veugelke was het one and only Sint-Maartensliedje, zelfs kinderen die het Horster dialect niet machtig waren zongen het. Tegenwoordig is Sintermertes veugelke overvleugeld door de meest stompzinnige Nederlandstalige varianten. Dáár zouden Provinciale Staten zich eens druk om moeten maken.
Zelf heb ik gisteren een daad gesteld. Sintermertesveugelkezingers kregen een Mini Mars in hun rugzak (nog zoiets) gestopt. Zangers van andere liedjes moesten het doen met een voorverpakte toffee die zich slechts met behulp van hamer en beitel van de tanden laat verwijderen én met de mededeling dat ze bij ongewijzigd gedrag volgend jaar helemáál nergens meer op hoeven te rekenen. Dat zal ze leren, die jeugd van tegenwoordig.

maandag 5 november 2012

Klein mysterie 395 – Sintermerte (1)

Het mensenleven kent een aantal zekerheden. Ik noem er een paar.
Johan Cruijff weet het beter.
Het Bureau van J.J. Voskuil blijft voor eeuwig onovertroffen.
Verkiezingsuitslagen vallen altijd tegen.
In Horst wordt Sintermerte (Sint-Maarten) gevierd op 10 november.
Op Horst-sweet-Horst heeft het CDA het altijd gedaan.  
Theo Angelopoulos krijgt in Nederland niet de waardering die hij verdient.
Zulke zekerheden bieden houvast in het wankele bestaan dat een mensenleven is. Er mogen tien Sandy’s op onze kust beuken, er mogen nog tien andere Geert Wildersen komen, Nederland mag veranderen in een socialistische heilstaat, één ding staat vast: die zekerheden blijven rotsvast overeind. Stel nou toch dat op Horst-sweet-Horst de PvdA of de VVD in plaats van het CDA de schuld van alles zouden krijgen. Of dat niet Johan Cruijff maar Louis van Gaal het beter zou weten. Het leed zou toch niet te overzien zijn? Nee, die zekerheden houden het tenminste allemaal nog een béétje overzichtelijk.

Kunt u zich er, met voorgaande wetenschap in uw achterhoofd, een voorstelling van maken hoe ik er aan toe was toen ik donderdag deze kop in weekblad Hallo Horst aan de Maas onder ogen kreeg?
Sintermerte verplaatst naar 9 november vanwege een carnavalsfeestje op 10 november. De uitdrukking ‘gekker moet het niet worden’ probeer ik doorgaans te vermijden, maar voor deze speciale gelegenheid zou ik haar toch graag uit de kast willen halen. Sintermerte op 9 november is als Sinterklaas op 4 december. Als Kerstmis op 24 december. Als 1 april op 31 maart. Heiligschennis, in dit geval nog letterlijk ook.
Of maak ik het allemaal weer veel te zwaar? Maakt het eigenlijk wat uit, Sintermerte op 9, 10, 11, 12 of 20 november? Was Sintermerte misschien toch al aan inflatie onderhevig door de komst van lampionstokjes met een lamp op batterijen in plaats van fakkels met een waxinelichtje? Zette het verval decennia geleden misschien al in met de introductie van Hollandse varianten op het Sintermertesveugelke en geopende rugzakjes om het snoepgoed in te deponeren?
Vormt het uitblijven van een volksopstand in reactie op de verplaatsing naar 9 november soms een bewijs voor de verminderde vitaliteit van Sintermerte? Kortom, is de verplaatsing onderdeel van een niet te stuiten ontwikkeling? Wie het weet mag het zeggen.
Intussen koester ik maar mijn 10 november-herinneringen aan verwaaide en in de hens vliegende fakkels, kleverige zuurtjes, de eerste mandarijntjes, gesloten deuren, koetjesrepen, schuimpjes om je tanden op stuk te bijten en Lange Jans waarmee je iemand het hoofd kon inslaan. 

Laten we overigens ook vaststellen dat het allemaal nooit zover was gekomen als het CDA z’n C niet zo had laten versloffen. Dan blijft er in elk geval één zekerheid overeind.  
Sintermertesveugelke
Háj en roëd keugelke
Háj en blauw stertje
Huupsa Sintermerte