Posts tonen met het label kasteelruïne. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kasteelruïne. Alle posts tonen

zondag 24 mei 2026

Intermezzo – Kasteel


24 mei, Dag van het Kasteel! Toevallig net een roman gelezen waarin een kasteel lange tijd een wezenlijk deel van het decor vormt. Het kasteel is naamloos, de roman heet Lázár, de auteur Nelio Biedermann. Zeer lezenswaardig. De piepjonge Zwitser schetst in Lázár het verval van een adellijke familie op het Hongaarse platteland tussen 1900 en 1960. Het verval van de familie gaat zo’n beetje gelijk op met het verval van het kasteel.


Een van de hoofdpersonages is baron Sándor von Lázár, omstreeks 1900 de kasteelheer. Sándor is een autoritaire figuur, kil en afstandelijk, gevreesd door zijn twee kinderen. Nadat zijn echtgenote Mária zelfmoord heeft gepleegd, begint Sándor te drinken, excessief te drinken: ‘Voor de middag al sleepte hij zich dronken door het kasteel, daarbij de Unicum steeds uit een porseleinen kopje drinkend om schijn en waardigheid te bewaren.’ Het kasteel raakt geleidelijk in verval. Van het personeel blijft alleen oudgediende Béla de baron trouw. In 1919 overlijdt Sandór bij het bestijgen van de trap naar zijn slaapkamer: ‘Plotseling wankelde hij een beetje opzij, vergiste zich bij de volgende stap in de hoogte van de laatste trede, stootte er met zijn voet tegen, verloor zijn evenwicht en viel achterwaarts alle achttien treden naar beneden.’


Als vanzelf gingen mijn gedachten bij het lezen van de passages over Sándor naar Franz Clemens von Fürstenberg (1755-1827), de laatste kasteelheer van Huis ter Horst. Hoewel Von Fürstenberg een eeuw eerder leefde dan Sándor, kon hij wel model voor hem hebben gestaan: ook baron, ook autoritair, ook bewoner van een kasteel in verval, ook gevreesd door zijn nageslacht (dochter Charlotte), ook vervreemd van zijn echtgenote (Sophie von Ascheberg; die hem na zeven jaar huwelijk verliet) ook slechts één personeelslid dat hem trouw bleef (Johanna Rosenboom), ook berooid aan zijn einde gekomen.



Behalve overeenkomsten zijn er ook verschillen. Zo was bij Franz Clemens bij mijn weten geen sprake van overmatig drankgebruik. En uit de verhalen die over hem de ronde doen, blijkt dat hij wel degelijk ook een sociale kant moet hebben gehad. Verder komt Franz Clemens uit die verhalen vooral naar voren als een zonderling. Of hij dat inderdaad was, zou ik niet met zekerheid durven te zeggen. Tien jaar geleden schreef ik (klik hier) dat ik het zou toejuichen als iemand het leven van Franz Clemens eens bestudeerde met in het achterhoofd de vraag of hij in bepaalde opzichten z’n tijd niet ver vooruit was. Zo lang niemand dat heeft gedaan onthoud ik me van een eindoordeel.

vrijdag 26 december 2025

Intermezzo – Kasteelruïne (3)


Deze aanblik van de ruïne van kasteel Huis ter Horst zal het merendeel der Horstenaren van boven de veertig ongetwijfeld bekend voorkomen. ‘Woest romantisch’ lijkt me een aardige omschrijving. De achterzijde van deze op 4 augustus 1991 door een medewerker van het in Delft zetelende OSPA (Onderzoeksinstituut voor Stedebouw, Planologie en Architectuur) aan zijn collega’s verzonden ansichtkaart is eveneens interessant:


‘Een (oud) collega heeft er veel tijd ingestoken om deze oude speelplek weer wat op te knappen’, schrijft de medewerker van het OSTA over de ruïne. Met die (oud) collega kan hij slechts één iemand hebben bedoeld: prof.dr. J.G.N. (Jaap) Renaud (1911-2007), archeoloog, bijzonder hoogleraar Kastelenkunde en gastdocent aan de Technische Universiteit in Delft.

Voor de Nederlandse Jeugdbond voor Geschiedenis en de Archeologische Werkgemeenschap Nederland leidde Renaud ’s zomers opgravingskampen. Zo ook tussen 1969 en 1976 op de kasteelruïne in Horst. Deelnemers daaraan waren onder meer Jos Schatorjé en Gert Verheijen. Zij haalden in 2008 herinneringen op aan de een jaar eerder overleden Renaud.

Jos Schatorjé: ‘Bij zijn benoeming in Delft kreeg hij als opdracht archeologie en bouwhistorie te koppelen. Zijn studenten moest hij behalve theoretische ook praktische vaardigheden bijbrengen. De ruïne in Horst was daarvoor bij uitstek geschikt.’

Gert Verheijen: ‘Prof. Renaud was van huis uit onderwijzer. Dat was aan alles te merken, didactisch was hij heel goed. Hij was een echte gentleman. Buigen of barsten: om drie uur was het tea time, met citroen en melk. En bij opgravingen verscheen hij altijd keurig in het pak. Ik herinner me een zomer met een hittegolf. Terwijl de studenten in de brandende zon in hun zwemtenue aan het spitten waren, liep prof. Renaud nog met jas en das over het terrein rond. Maar op een gegeven moment trok hij zijn jasje uit, maakte het bovenste knoopje van zijn overhemd los en deed ook zijn stropdas wat losser. Dat was een heel uitzonderlijke concessie.’


Na anderhalve eeuw van verwaarlozing was Renaud de eerste die oog had voor de archeologische en historische waarde van de kasteelruïne. Hij en zijn echtgenote waren dan ook eregasten op de studiedag die de gemeente Horst, het Comité Open Monumentendag en LGOG Kring Horst-Sevenum in 1995 organiseerden over de toekomst van de ruïne.


Maar met zijn opgravingen stond Renaud ook aan de basis van een reeks onwenselijke ontwikkelingen die tot op de dag van vandaag voortduren. Archeoloog en historicus Wim Hupperetz op die studiedag in 1995: ‘Vaak blijkt dat er pas problemen rondom ruïnes ontstaan als ze worden opgegraven.’

zondag 3 augustus 2025

Intermezzo – Ansichtkaarten uit de fotocollectie van de Historische Kring Horst (2)

De Historische Kring Horst, die onderdeel is van Museum De Kantfabriek, beheert een grote collectie foto’s. Met dank aan de Historische Kring Horst voor de medewerking schenkt Horst-sweet-Horst de komende tijd regelmatig aandacht aan handbeschreven ansichtkaarten uit deze collectie. Overigens is een deel van die collectie sinds kort te zien op Limburgs Erfgoednet (klik hier).


B.W. Hier luier ik verschrikkelijk en drink veel bier
dat kun je begrijpen. Van de week hoor je niets
meer van me, daar ik veel te lui ben. Ik wel
van jouw hoor! Zondag a.s. ga ik op reis. Van uit
elke plaats krijg je een kaart, lief hè. Mies gaat Zondag
naar Tine. Ga jij dus maar niet. Heb jij je Zondag
vermaakt met al die dames. Ja zeker. Dag onbe-
storven weduwnaar. Je vr. Sophie

Zij, alleen, aan het luieren en aan de zuip. Hij, alleen, omringd door dames. Het ideale recept voor onafwendbaar onheil. Zou je denken. Maar Sophie deelt slechts plaagstootjes uit. Hij kan het hebben. Het zit wel goed tussen die twee, oneindig vertrouwen in elkaar, niks dat die band kan verbreken, onvoorwaardelijke liefde. Voor zo lang het duurt.

Onbestorven weduwnaar. Kom daar tegenwoordig nog maar eens om. Grass widower in het Engels, Strohwitwer in het Duits.

Die eindeloze Kasteellaan, in een grote variëteit aan stemmige grijstinten, die twee heren, aan het begin van hun zondagmiddagwandeling, die reuzen van bomen.

Heimwee naar een tijd die je nooit hebt gekend.

zondag 9 maart 2025

Intermezzo – Maasresort Kasteel Ooijen (1)

Nu ligt het er nog wat vervallen bij, maar over een jaar moet Recreatiepark Kasteel Ooijen zijn herschapen in een eldorado met onder veel meer 90 luxe, 75 minder luxe en 30 drijvende recreatiewoningen, een jachthaven met aanlegplaatsen voor 123 boten, een drijvend restaurant, een paardenhal, allerlei torens, een bestaand kampeerterrein dat wordt uitgebreid en een nieuw kampeerterrein met 25 standplaatsen.


Dinsdag dient de gemeenteraad van Horst aan de Maas akkoord te gaan met wat Maasresort Kasteel Ooijen gaat heten. De gemeenteraad een beetje kennende gaat dat ook gebeuren. Wat niet wegneemt dat je de nodige vraagtekens kan zetten bij deze ontwikkeling. Hoe wenselijk is bijvoorbeeld zo’n grootschalige recreatieve voorziening in een gebied dat juist de afgelopen jaren is omgetoverd in een landschappelijk pareltje met hoogst bijzondere flora en fauna? Wat doet dit met de rust en stilte ter plekke? Zet deze ontwikkeling bij gebleken succes de deur niet open naar verdere expansie? Waarom die nep-historische façade-architectuur die de illusie van een havendorpje moet gaan wekken? Hoe kan het college van burgemeester en wethouders akkoord gaan met dit plan terwijl het zelf erkent dat ‘de ervaring leert dat de overlast op de dorpen op [sic] de omgeving zeker enorm negatief is’?


Misschien wel het meest onbegrijpelijk is dat het gemeentebestuur de onafhankelijke Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) en haar eigen ambtenaren op het gebied van erfgoed en stedenbouw zo onbarmhartig in hun hemd zet. Wat is het geval? Het plan voorziet in een poortgebouw met een toren van 18,5 meter hoog en een vrijstaande toren, eveneens 18,5 meter hoog, op enkele meters van kasteel Ooijen, een rijksmonument. De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en de betrokken ambtenaren hebben zich tegen dit onderdeel van het plan gekeerd. De overwegingen van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit vallen niet te achterhalen omdat ze niet openbaar zijn. Het enige dat het burgemeester en wethouders erover kwijt willen: ‘Het advies van de CRK is bijna volledig overgenomen behoudens het poortgebouw en de vrijstaande toren.’ Vermoedelijk was de Commissie net als de ambtenaren bang voor ‘aantasting van de beeldkwaliteit, de uitstraling en de beleving van het monument’. Burgemeester en wethouders hebben het negatieve advies van de commissie en de ambtenaren vervolgens terzijde geschoven. Waarom? Het college: ‘De initiatiefnemer wilde graag de toren omdat dit naar zijn mening paste bij de recreatieve functie van het park. Het is een bestuurlijke afweging geweest.’ Met andere woorden: de wil van de initiatiefnemer is wet.


En passant heeft het college de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit ook nog eens buitenspel gezet als het gaat om toekomstige ontwikkelingen op Maasresort Kasteel Ooijen.


Opnieuw dreigt historisch erfgoed het onderspit te delven. Ons gebouwd verleden staat sowieso al niet zo hoog in aanzien op het gemeentehuis. Maar met de draai om de oren die de gemeente kreeg over haar omgang met de ruïne van kasteel Huys ter Horst nog vers in het geheugen, had je in dit geval toch anders mogen verwachten. Een nieuwe oorwassing lijkt aannemelijk: de gemeente heeft de wettelijke taak om rijksmonumenten te beschermen. 


Lieve gemeenteraad, laat dinsdag je tanden zien, volg het advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en de betrokken ambtenaren wat betreft het poortgebouw en de torens, en maak het buitenspel zetten van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit wat betreft toekomstige ontwikkelingen ongedaan. 

vrijdag 3 januari 2025

Intermezzo – Horstensia (10) | Puzzel

Object: puzzel
Materiaal: karton
Afmetingen: 31 x 47 cm (puzzel) / 29,4 x 20,6 cm (doos)
Gewicht: 155 gram (puzzel) / 320 gram (doos met puzzel)
Datering: 1986
Foto: Foto Geurts, Horst
Producent: B.C.F., Borne
Uitgever: Rabobank Horst


Het paleis op de Dam, de Domtoren, het Rijksmuseum, de Afsluitdijk, het Rijksmuseum, het Vrijthof, de Zeelandbrug, de molens bij Kinderdijk, de Ridderzaal: iconen die geen nadere beschrijving behoeven. Een icoon dat ooit geen enkele beschrijving behoefde (kijk er de opschriften op de doos maar op na): de ruïne van kasteel Ter Horst. Anderhalve eeuw van verwaarlozing had in 1986 – het jaar waarin deze puzzel werd uitgebracht ter markering van het 75-jarig bestaan van Rabobank Horst – haar woestromantische werk gedaan en een voorheen machtig kasteel herschapen in een omgrachte groene idylle.


Niets dat de verbeelding, de fantasie, zó prikkelt als de woestromantische ruïne van een middeleeuws kasteel. Ellenlange belegeringen, koene ridders, huiveringwekkende martelwerktuigen, begeerlijke jonkvrouwen, vochtige kerkers: nergens komt het allemaal meer tot leven dan in de verbeelding. Ook in ruïneuze toestand zweefde de geest van de Van Mirlaers, de Van Wittenhorsten en de Von Fürstenbergs nog rond op en rondom het voormalige kasteel Ter Horst. Het ware verval trad daarom pas in ná 1986. Elke (her)bouwactiviteit sinds 1986 vormde een aanslag op de verbeelding. Met elke ingreep werd het sterieler, ging de ziel steeds meer verloren, verdween het verleden steeds verder uit zicht. Maar goed, dit is maar een mening. 


Lastige puzzel trouwens. Maar ook dat is maar een mening.

vrijdag 23 augustus 2024

Intermezzo – Vuurwerk (2)

Het feestje morgen gaat dus niet door! Dat wil zeggen, ik vermoed dat het besloten feestje wel doorgaat maar de geplande vuurwerkshow (klik hier) niet. Omdat de gemeente Horst aan de Maas er op het allerlaatste moment een stokje voor heeft gestoken.


‘Naar aanleiding van een melding door de Provincie Limburg van een vuurwerkshow op Kasteellaan 1 hebben wij de melding nader bekeken’, meldt de gemeente vandaag (klik hier). Zou het echt zo zijn gegaan? Of zou dit de waarheid dichter benaderen: ‘Naar aanleiding van de commotie die is ontstaan over een voorgenomen vuurwerkshow in de Kasteelse Bossen hebben we ons nog eens achter de oren gekrabd’? De melding van de provincie dateert namelijk al van 19 juli, ruim een maand geleden. Waarom zou je het nader bekijken van die melding dan uitstellen tot het allerlaatste moment?


De gemeente meldt verder: ‘Op basis van de ligging en de mate van overlast hebben wij besloten niet mee te werken.’ In De Limburger voegt ze daaraan toe: ‘Wij vinden vuurwerk op basis van de ligging – in de buurt van de snelweg A73 en met een grote vleermuizenkolonie in het kasteel* – niet wenselijk.’ Inderdaad! Maar je mag toch hopen dat dat al sinds 19 juli het geval was? Waarom heeft de gemeente dan niet eerder actie ondernomen?


De gemeente zegt ook dat ze er pas na het nader bekijken van de melding achter is gekomen dat het vuurwerk niet zou worden afgestoken bij Graaf ter Horst (Kasteellaan 1) maar op de voorburcht van de ruïne van kasteel Huys ter Horst (Kasteellaan 2), een gemeentelijk eigendom. ‘Wij hebben voor deze locatie geen toestemming gegeven, en gaan dit ook niet doen, om vuurwerk af te steken op zaterdag 24 augustus.’ Dit suggereert dat de gemeente machteloos had moeten toekijken als de vuurwerkshow bij Graaf ter Horst zou hebben plaatsgevonden. Maar ook dan had de gemeente de show zowel op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) als op grond van de Gemeentewet kunnen verbieden. Hetgeen eens te meer doet vermoeden dat de publieke verontwaardiging de ware aanleiding vormt voor het afblazen van de show. 

* Lees de reactie hierop van bioloog Wim Heijligers: 'Vleermuizenkolonie? 's Winters ja, en dan is rust op de plek waar ze overwinteren nodig om verstoring te voorkomen. Maar in de zomer huizen de vleermuizen elders in holle bomen e.d. Dus een oneigenlijk argument. Maar wellicht zijn er andere, wel valide argumenten om hier geen vuurwerkshow te willen.'

maandag 19 augustus 2024

Intermezzo – Vuurwerk (1)

Wie het Horster nieuws een beetje volgt kan het moeilijk zijn ontgaan: komende zaterdag vindt in de Kasteelse Bossen op een besloten feestje een vuurwerkshow plaats. De melding hiervan door Omroep Horst aan de Maas (klik hier) en Nu Horst aan de Maas (klik hier) leidde tot hevige verontwaardiging op de sociale media. En die leidde op haar beurt weer tot hevige verontwaardiging over de hevige verontwaardiging.


Beide media meldden dat de organisatoren van het evenement ‘bij de kasteelruïne in Horst’ hen hadden laten weten dat het vuurwerk overlast voor dieren met zich mee kan brengen. Omroep Horst aan de Maas citeerde het persbericht:
‘Denkt u er aan eventueel aanwezige dieren (honden, katten, konijnen, kippen etc.) tijdelijk op te hokken of binnen te halen. Als tip geven wij u mee uw radio iets harder te zetten zodat dieren minder last hebben van het geluid dat een vuurwerkshow mogelijk met zich meebrengt.’
Een tip voor overlast die mensen zouden kunnen ervaren werd helaas niet meegegeven. Onder de tafel kruipen misschien? Of een vinger dan wel zakdoek in de oren stoppen? Excuses op voorhand zijn er wel:
‘Mocht u ondanks deze kennisgeving toch hinder van onze show ondervinden of hebben ondervonden; daarvoor onze excuses.’
Kan het schijnheiliger?


Wie het feestje organiseert, wie verantwoordelijk is voor de vuurwerkshow en wat de aanleiding daarvoor is, vermeldden beide media allemaal niet. Waarom niet? Nu Horst aan de Maas tagde wel Caffero, een bedrijf dat vuurwerkshows verzorgt. Wat doet vermoeden dat Caffero ook verantwoordelijk is voor de vuurwerkshow in Horst. En misschien ook wel voor het verzenden van het persbericht. (Detail: Caffero wordt op zijn website aangeprezen door Etienne van den Elzen, twee jaar geleden coördinator van de crisisnoodopvang voor asielzoekers in de Kasteelse Bossen.)  


Wie het feestje organiseert, wordt ook niet duidelijk op de website van de provincie Limburg. De provincie is verantwoordelijk voor het verstrekken van een vergunning voor een vuurwerkshow. Op de website van de provincie valt sinds 19 juli wel te lezen (klik hier) dat Gedeputeerde Staten een vuurwerkmelding hebben ontvangen. Dit betekent dat maximaal twintig kilo pyrotechnische artikelen voor theatergebruik of tweehonderd kilo consumentenvuurwerk tot ontbranding mogen worden gebracht. Hiervoor volstaat een melding. Die ligt niet ter inzage en het indienen van een bezwaarschrift of zienswijze is niet mogelijk. Verder valt te lezen dat de melding betrekking heeft op Kasteellaan 1. Kasteellaan 1? Dat is niet ‘bij de kasteelruïne’ maar dat is Graaf ter Horst – ook een subtiel verschil is een verschil…


Best opmerkelijk allemaal. Aanleiding voldoende voor Omroep Horst aan de Maas en Nu Horst aan de Maas om er wat dieper in te duiken, zou je denken. Maar nee hoor, allebei bewijzen ze weer eens dat ze in de eerste plaats als doorgeefluiken van berichten moeten worden beschouwd en niet als media die journalistiek bedrijven. 

vrijdag 10 november 2023

Intermezzo – muZeen

Oude meesters en jonge goden.
Hondjes en leeuwtjes.
Pentekeningen en ansichtkaarten.
Hoop en verlangen.
Willie Donderkop en Johan van Wittenhorst.
Een boot vol schoenen en een Schmitz Mini-Kipper.
Wol en porselein.
Dr. Dadja Altenburg-Kohl en Bettina Steinbrügge.
Blote konten en geamputeerde benen.
Een jas en jurken.
Horst en Sevenum.
Messing en olieverf.
Angst en geborgenheid.
Blooker’s cacao en een kers op de taart.
Een planeet en een wolk.
Bomen en appelhout.
Nostalgie en harde werkelijkheid.
Culture House Korundi en Mishkat Interactive Center.
Fotoprints en videoloops.
Een kartonnen doos en een schupke.
Woudenberg en Pionki.
Koortsdromen en gouden bergen.
De Mariapeel en het Sint-Lambertusplein.
Liefde en geweld.
Foumban en Thanjavur.  
Een thuishaven en een vlag.
Voetbal en spelevaren.
Unox Cup-a-Soup en Calvé pindakaas.
Een collage en een maquette.
Evenwicht en instabiliteit.
Encaustiek en cyanotype.
Een zweterige berg en een boottocht op de Molenbeek.
Gaza en de Maas.
Vogels en schelpen.
Papier en cortenstaal.
Beweging en stilstand.
De Volksklant en The Independent.


En dit is dan nog maar een fractie van wat het muZeen allemaal te bieden heeft. Het muZeen? Ja. Een gloednieuw museum dat voor tien dagen neerstrijkt in kasteel Huys ter Horst (Kasteellaan 2 in Horst). Om te vieren dat kunstenaarscollectief Zeen uit Horst aan de Maas vijf jaar bestaat. Het muZeen herbergt een kleine vijftig werken van 36 kunstenaars en ontwerpers* die een connectie hebben met Horst aan de Maas. Nooit eerder is het werk van zoveel kunstenaars en ontwerpers die in Horst aan de Maas wonen of hebben gewoond samengebracht in een expositie.


Het muZeen is van 11 tot en met 19 november dagelijks geopend van 11.00 tot 17.00 uur. Het is gratis toegankelijk. De muZeenshop heeft een aantrekkelijk aanbod van publicaties, originele kunstwerken en hebbedingetjes van de deelnemende kunstenaars en ontwerpers, voor schappelijke prijzen. In het muZeencafé kun je terecht voor koffie, thee en vlaai.


Met de Kunstschatten-bingo worden muZeen-bezoekers uitgedaagd het bijzondere in het alledaagse te ontdekken. Bijna dagelijks zijn er gratis workshops, rondleidingen en talkshows in het muZeen. Kijk voor het actuele programma op www.zeen.online Vergeet vooral niet om je van te voren aan te melden via kunstencultuurhadm@gmail.com als je aan een activiteit wilt deelnemen of ergens bij aanwezig wilt zijn.


* De exposanten:
Sanne Aben
Ruud van der Beele
Kris Berden
Safia Boulghalgh
Gerard Cieraad
Marijke Cieraad
Herman Coppus
Aukje van Dijk
Sjors Driessen
Harrie Eijkemans
Jules van Eijs
Guus van Enckevort
Eric van Grootel
Jacqueline Hanssen
Jeu van Helden
Herman van den Heuvel
Ingrid Janssen
Robin Kersten
Edwin de Klein
Mathieu Knippenbergh
Marian Litjens
Erik van Maarschalkerwaard
Monique van Maasakker
Wim Moorman
Nellie de Mulder
Margo Nelissen
Jack Poels
Helmie van de Riet
Harm Rutten
Frank Schijven
Ine Schriever
Piet Siebers
Agata Siwek
Studio ASKP
Liesbeth Sterrenburg
Willem Verhaeg
Malou Weijs

woensdag 20 april 2022

Intermezzo – Kasteelruïne (2)

I
Ik ontving een mail van Roel van den Bekerom: ‘Naar aanleiding van je artikel over de oude kasteelruïne heb ik in mijn archief gezocht. Ik heb heel veel foto's gemaakt in 2002-2003 toen de kaalslag is begonnen. Ook van ervoor. Als je wil kan ik je die doorsturen.’ Heel graag natuurlijk! Alle foto’s bij dit stukje komen dan ook uit de collectie van Roel. Waarvoor eeuwige dank!


II
Ik schreef maandag (klik hier) dat ik me nog uit mijn jeugd herinnerde hoe fantastisch de ruïne van kasteel Huis ter Horst erbij lag in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. Foutje, zo blijkt uit de foto’s van Roel: de ruïne was tot en met 2002 een plaatje.


III
Ik besloot nog eens te bladeren in Huis ter Horst een toekomst voor een ruïne, het verslag van een in 1995 gehouden studiedag over de toekomst van de ruïne. Zomaar wat citaten:

‘Het “laten liggen en afblijven” is het meest ruïne-vriendelijk.’

‘Een ruïne is vaak beter beschermd als ze onder de grond zit. Vaak blijkt dat er pas problemen rondom ruïnes ontstaan als ze worden opgegraven.’

‘Bij het restaureren van ruïnes zal er, jammer genoeg, blijvend sprake zijn van een ad hoc-beleid. Uiteindelijk zal er een compromis ontstaan, dat voor alle partijen onbevredigend zal zijn.’


IV
Ik luisterde gisteravond naar de voorbereidende raadsvergadering van de gemeente Horst aan de Maas. Ik hoorde verantwoordelijk wethouder Han Geurts (CDA) over de ruïne zeggen (klik hier en ga naar 1.51.15 minuten): ‘De provincie kijkt niet naar wat voor extra leven er is gebracht. Ik vind het belangrijk dat de geschiedenis wordt verteld. Daarvoor heb je een ruïne nodig die gebruikt kan worden. Het is belangrijk om je erfgoed te gebruiken om het verhaal te vertellen waar we als gemeente vanaf komen. Dat is ook de functie van erfgoed. Als het puur gaat om het behoud van de stenen gaat het heel veel geld kosten en levert het weinig op. Dus laten we het vooral inzetten om meerwaarde te creëren voor onze inwoners.’


V
Ik werd moedeloos van de woorden van de wethouder. ‘Geld’, ‘meerwaarde’, ‘erfgoed gebruiken’, ‘extra leven’, ‘behoud van de stenen levert weinig op’: de totale ontkenning dat iets ook een intrinsieke waarde kan hebben. Is het dan soms niet ‘belangrijk dat de geschiedenis wordt verteld’? Jazeker wel! Maar daarvoor hoeft de geschiedenis toch geen geweld te worden aangedaan?  


VI
Ik besefte dat het niet eerlijk is de huidige wethouder alleenverantwoordelijk te maken voor de kermis die is ontstaan. Hij staat in een lange lijn van Horster bestuurders die de kermis hebben opgetuigd en aangekleed.


VII
Ik vroeg me af of de ruïne nog wel een ruïne valt te noemen na alles dat er de afgelopen twintig jaar aan is gebeurd. Ik kwam tot de conclusie dat dat niet het geval is. Een kasteel dan? Ook niet. Wat dan wel? Een aanzet tot een namaakkasteel. 


VIII
Ik las bovenstaande citaten uit het verslag van de studiedag in 1995 nóg een keer:
- ruïne laten liggen en afblijven: niet gebeurd;
- problemen ontstaan pas als een ruïne wordt opgegraven: gebeurd;
- restauratie leidt tot ad hoc-beleid: gebeurd;
- restauratie leidt tot een onbevredigend compromis voor alle partijen: gebeurd.


IX
Ik bladerde nogmaals door datzelfde verslag van diezelfde studiedag en zag ergens staan: ‘Hoe minder authentiek de ruïne, hoe meer er mee gedaan kan worden.’


X
Ik vroeg me af of dat misschien wel de achterliggende bedoeling is geweest de afgelopen twintig jaar: de ruïne steeds minder authentiek maken zodat er steeds meer mee gedaan kon worden.

maandag 18 april 2022

Intermezzo – Kasteelruïne

Ouder worden heeft nadelen. Maar ouder worden heeft ook voordelen. Zo heb ik het geluk dat ik me nog uit mijn jeugd herinner hoe het eeuwenoude kasteel Huis ter Horst erbij lag in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. Namelijk als een fantastische ruïne.


Ik zie het nog zo voor me: een restant van een toren waarop een boom groeide en voor de rest wat afgebrokkelde muren, wilde begroeiing en vooral veel hoge bomen, ik vermoed populieren. Een idylle, het meest romantische plekje van Horst. Ontoegankelijk voor publiek, wat het voor opgeschoten jongeren natuurlijk tot een uitdaging maakte om toch toegang te krijgen.


In Engeland zouden ze een moord doen voor zo’n ruïne. Hier, in Horst, was het niet goed genoeg. Het kasteel moest in oude glorie worden hersteld. Hoe en waarom precies bleef onduidelijk. Deskundigen waarschuwden: bewaak de grens tussen gebruik en misbruik van de restanten van het kasteel, doe alleen het hoogst noodzakelijke en blijf verder zoveel mogelijk met je tengels van die ruïne af. En wat gebeurde? Precies het tegendeel: de grens tussen gebruik en misbruik werd grotelijks overschreden, er werden voornamelijk niet-noodzakelijke dingen gedaan en Jan en alleman zat met z’n tengels aan de ruïne.


De fantastische ruïne uit mijn jeugd heeft plaatsgemaakt voor een bespottelijk allegaartje, een kermis, ik kan het niet anders zeggen. Romantiek is er ver te zoeken. Historie heeft moeten wijken voor folklore. Karakter is verworden tot slappe hap. Functioneel moest het allemaal worden, een toeristische attractie die Horst op de kaart zou zetten. De inkt van het ene onhaalbare plan was nog niet opgedroogd of het volgende luchtkasteel werd alweer gebouwd. Aan enthousiaste vrijwilligers geen gebrek, aan visie en kundige bestuurders des te meer.


En nu zitten we met de gebakken peren. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed liet enkele jaren geleden al doorschemeren dat de ruïne haar status als Rijksmonument wel eens zou kunnen verliezen; archeoloog Xavier van Dijk heeft al enkele malen alarm geslagen; de Erfgoedwet is overtreden en de provincie Limburg heeft de gemeente Horst aan de Maas onder toezicht geplaatst als het gaat om de ruïne.  


In De Limburger beklaagde bestuurslid Jos Jenniskens van stichting Kasteel Huys ter Horst zich afgelopen week over alle kritiek: ‘Onze vrijwilligers werken zich uit de naad. Het wordt tijd dat ze een schouderklopje krijgen, in plaats van dat er steeds wordt geroepen dat er dingen fout gaan.’ Jos heeft het volste gelijk: inderdaad verdienen die vrijwilligers een schouderklopje voor al het werk dat ze doen. Wat Jos alleen vergeet te zeggen is dat de bestuurders, de mensen die het voor het zeggen hebben, een schop onder hun kont verdienen omdat ze de vrijwilligers opzadel(d)en met de verkeerde opdrachten. 


In hetzelfde artikel in De Limburger komt ook Han Geurts, wethouder van monumentenzorg en cultureel erfgoed, aan het woord. Hij geeft de provincie van onderuit de zak. Over het verwijt van de provincie dat de gemeente niet heeft ingegrepen toen er historisch waardevolle muren werden gesloopt zegt Han: ‘De provincie ziet dit te zwart-wit. Ze reageren enkel op klachten, maar zien niet hoe mooi vrijwilligers het kasteel in twintig jaar tijd hebben gemaakt. Het was een ruïne. Nu is het de populairste trouwlocatie van Horst aan de Maas. De geschiedenis van Horst wordt er verteld. Dat vind ik belangrijker dan een stapel stenen.’


Han betitelt historisch waardevolle muren, belangrijk cultureel erfgoed, als ‘een stapel stenen’. Wat feitelijk juist is. Zoals De Nachtwacht feitelijk ook een zooitje verfklodders is. En de Negende van Beethoven feitelijk een hoeveelheid noten is. En de Bijbel feitelijk een opeenstapeling van papier is. En de Atlantische Oceaan feitelijk een verzameling waterdruppels is. En wethouders feitelijk soms ook de weg kwijt kunnen zijn. Of zie ik het nu te zwart-wit?

Bron van de twee eerste foto’s: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort / Documentnummers 302.816 en 302.818

zaterdag 12 september 2020

Intermezzo – Galgenvelden

Voor de afwisseling maar weer eens een duik in de lokale geschiedenis. Nee, nu niet meteen afhaken: geschiedenis is meer dan gaap-gaap. Geschiedenis is óók moord en doodslag. Bijvoorbeeld op dinsdagavond 19 december 1628 als glazenmaker Wijnand Daemkens thuis in zijn woning in Horst wordt doodgeschoten. Consternatie alom. Buren haasten zich naar de plaats delict. Onder hen collega-glazenmaker Hendrik Lenardts, die sinds jaar en dag een vete met Wijnand had. Hendrik kust het lijk van Wijnand. Dit brengt Trien Heynen, echtgenote van Wijnand, tot razernij. Ze is ervan overtuigd dat Lenardts de dader is en wijst hem de deur. Bij daglicht ontdekken de heer van Horst en de schepenen de volgende morgen de voetsporen van de moordenaar. Die leiden naar het huis van Lenardts. Wat blijkt? Diens schoenen passen precies in de gevonden voetafdrukken van de moordenaar! Lenardts wordt gearresteerd, drie dagen lang opgesloten in een herberg en uiteindelijk overgebracht naar de gevangenis van het Horster kasteel.


Op gezag van kasteelheer Johan III van Wittenhorst komt de pijnbank eraan te pas. Lenardts geeft aanvankelijk geen krimp, maar als de beul de schroeven wat steviger aandraait, begint hij te klappen, ten teken dat hij een bekentenis wil afleggen. Als hij is losgemaakt bekent Lenardts dat hij Wijnand heeft vermoord met een in Roermond gekocht geweer. Na de moord had hij het geweer onder de drempel van zijn achterdeur verstopt. Het vonnis van de schepenbank laat aan duidelijkheid niets te wensen over: onthoofding. Wat volgt is een tocht van het kasteel naar het galgenveld. Dat ligt aan de uiterste grens van de heerlijkheid Horst, net voor de brug over de Lollebeek bij Castenray. Lenardts wordt er onthoofd. Zijn lichaam wordt onder de galg begraven – de gewijde grond van de begraafplaats bij de parochiekerk was verboden terrein voor misdadigers.


Met het oog op de afschrikkende werking lagen galgenvelden doorgaans op goed zichtbare locaties aan doorgaande wegen. Een ligging nabij een dorps- of stadsgrens had daar bovenop nog als voordeel dat bezoekers van buiten een extra waarschuwing kregen (vreemd genoeg krijgen ze die tegenwoordig pas als ze het dorp verlaten).


Dit verklaart waarom de Horster galg niet de enige was die nabij de Lollebeek stond opgesteld: aan de overzijde van de beek bevonden zich, terzijde van de doorgaande weg naar Venray, ook nog eens de galgen van Oirlo (van Horst uit gezien rechts) en Venray (links). Waarmee de galgenvelden het verbindingsstreepje, het trait-d’union, waren tussen de heerlijkheden Horst, Oirlo en Venray.


In Castenray struikel je over de monumenten. Wat wil je ook in een plaats die zich afficheert als mònnementedörp? Opmerkelijk dat de galgenvelddriehoek tot dusverre de dans heeft weten te ontspringen. Of heb ik misschien iets gruwelijk over het hoofd gezien?

(Dit stukje verscheen woensdag in ingedikte vorm in Via Horst-Venray. Geraadpleegde bronnen: A.F. van Beurden, ‘Oude justitie te Horst’ in: Peel en Maas, 28 mei 1927; Adolf Steffens, Geschiedenis der aloude heerlijkheid en der heeren van Ter Horst (Roermond 1888) 122-124.)

dinsdag 3 maart 2020

Klein mysterie 781 – Kasteelruïne (7)

‘Ik spreek de hoop uit dat de gemeente Horst een bevredigende oplossing zal kunnen vinden, die het oude kasteel Ter Horst een nieuwe plaats in het culturele leven van Horst zal geven, zonder dat men de grens tussen gebruik en misbruik van het culturele erfgoed zal overschrijden. Het bewijs van uw lange en roemruchte geschiedenis, namelijk de ruïne, is het waard.’
Marion Kuipers-Verbuijs, 1995

Na het vertrek van de laatste bewoner verwerd de eens zo machtige burcht Huis ter Horst in de loop van de negentiende en twintigste eeuw tot een zielig hoopje stenen. Moeder Natuur kreeg er de vrije hand en, het moet gezegd, ze deed goed haar best en maakte er iets heel moois van. Op loopafstand van het centrum van Horst ontstond zo een eldorado voor romantici. Alleen: je hebt romantici in vele soorten en maten. Vanaf de tweede helft van de vorige eeuw kregen de laten-we-dat-middeleeuwse-kasteel-opnieuw-tot-leven-wekken-romantici de overhand.


Het goede werk van Moeder Natuur werd tenietgedaan. Er werd gemetseld en gebouwd. Zonder al te veel visie. Aanleiding voor een studiedag over de toekomst van de ruïne, in 1995.


Conclusie: consolideren die hap en stoppen met al dat metselen en bouwen. Resultaat: er werd nóg meer gemetseld en nóg meer gebouwd. Met romantiek en idylle heeft het inmiddels ontstane allegaartje niets meer van doen. Met ‘folly’ (‘dwaas, nutteloos bouwsel’ volgens Van Dale) is het misschien nog wel het best omschreven. Beschouw je de ruïne – als je haar zo nog mag noemen – inderdaad als een folly dan valt het plan om het huidige mengelmoesje te voorzien van een zwevende zogeheten beweegbox zeker te verdedigen. Beschouw je de ruïne als aandenken aan het verleden met intrinsieke waarde, als iets dat niet per se functioneel hoeft te zijn of rendement hoeft te hebben, dan is die beweegbox totaal misplaatst.


Intussen heeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed door laten schemeren dat bovenstaande grens van ruïnedeskundige Marion Kuipers-Verbuijs wordt overschreden bij de komst van een beweegbox: de ruïne zal haar status als Rijkmonument in dat geval verliezen. Of het daaraan ligt of aan iets anders is niet helemaal duidelijk, maar feit is dat het Horster gemeentebestuur, en in navolging daarvan de gemeenteraad, twee weken geleden heeft besloten tot een pas op de plaats. Het nieuwe oude motto: consolideren die hap en stoppen met al dat metselen en bouwen. Nu maar vurig hopen dat de geschiedenis zich niet herhaalt.