Posts tonen met het label raaf. Alle posts tonen
Posts tonen met het label raaf. Alle posts tonen

zondag 12 juli 2026

Intermezzo – Scholekster

Als kind ging ik op zondagochtend steevast en rundje ri-je met m’n vader. We hadden een min of meer vaste route: de Paes, de Schaak, het gebied waar nu Loohorst ligt (waar het stikte van de konijnen), het Grauwveen en ten slotte de Peel tussen Griendtsveen en Helenaveen. Stapvoets over onverharde wegen die inmiddels alweer decennialang ontoegankelijk zijn voor gemotoriseerd verkeer. We zagen vogels die je in deze regio tegenwoordig niet of nauwelijks meer ziet. Denk aan de wulp, de grutto, de patrijs. Andersom kan ik me niet herinneren dat we toen ook maar één keer een grote zilverreiger (‘witte reiger’), een ooievaar of een raaf zijn tegengekomen, vogels die vandaag de dag in deze contreien redelijk algemeen zijn.

Een zeldzame verschijning in die tijd was de Haematopus ostralegus ofwel scholekster. Waarschijnlijk vanwege z’n zeldzaamheid én z’n oranjerode snavel was de scholekster – samen met de wulp (vanwege z’n naam en z’n gekromde lange snavel) – mijn favoriete vogel. Hoewel de scholekster hier tegenwoordig in groteren getale voorkomt en intussen de raaf voor mij aan de top van het vogelrijk staat, is mijn fascinatie voor de scholekster nooit verdwenen.


Wat bijdraagt aan mijn sympathie voor de scholekster, is dat ik altijd een beetje met ‘m te doen heb. Misschien ontmoet ik ‘m op de verkeerde momenten, maar in mijn nabijheid brengt-ie doorgaans een luid, schel, hoog, piepend geluid voort. Laatst ook weer toen een luidruchtig koppel me op de Spoorweg in Hegelsom hoog in de lucht passeerde. Wat was er aan de hand? Had het te maken met mijn aanwezigheid? Waren ze boos, bang, verontrust, nerveus? Of is dit een te menselijke interpretatie? Kan het zijn dat wat ik voor een klaagzang houd voor een scholekster juist een uiting van welbehagen is?


Een tweede reden waarom ik een beetje te doen heb met de scholekster, is dat ik ‘m tegenwoordig vaak aantref op of in de nabijheid van oerlelijke akkers. Akkers met een vloerbedekking van zwart landbouwplastic waarop gewassen worden geteeld. Het beeld van kinderen die ver weg in een arm land dag in dag uit op een onafzienbare vuilnisbelt rondscharrelen in een poging te overleven, is dan nooit ver weg. Waaraan hebben die kinderen dat te danken? Waaraan heeft zo’n mooie, statige vogel dat te danken? Je gunt ‘m toch een sappig weiland of plasdrasgebied? Of is de scholekster net zo’n opportunist als de mens? Gaat ook hij liever voor snel gewin? Dient het gemak niet alleen de mens maar ook de scholekster?

donderdag 3 april 2025

Intermezzo – Raaf

Kijk! Daar vliegt ie! Goed kijken! Daar, rechts naast de zon! In Kronenberg!


Hoog op een Poolse berg zag ik eind juni 2022 voor het eerst van mijn leven een raaf. Op een afstand van een meter of twintig, hippend op een rotsblok, zich regelmatig verbaal uitend met een rauw, ver dragend kroa-kroa. Het zien en horen van die raaf deed me iets. Het voelde als een privilege, ik kan niet verklaren waarom.


De daaropvolgende tweeënhalf jaar zag en hoorde ik de raaf opnieuw, op diverse plekken in Duitsland en Polen. Telkens weer die sensatie, die magische roep, dat gevoel uitverkorene te zijn. Helemaal in de ban van de grootste zangvogel die er is, tot op de dag van vandaag verguisd en zwartgemaakt. Ik waagde vorig jaar zelfs een krakkemikkige tekening aan de raaf, met daarbij een van Wikipedia overgenomen tekst waarin enkele van zijn gedragingen worden aangestipt.


Ruim een maand geleden. Ik maak met iemand een wandeling in het buitengebied van Kronenberg. Wat hoor ik? Dat kan toch niet? Ja, ik weet dat Nederland enkele honderden raven herbergt. Maar dan toch zeker in natuurgebieden en niet plompverloren op de arme Kronenbergse zandgronden? ‘Inderdaad een raaf’, reageert mijn wandelgenoot laconiek. Heeft ie enkele weken eerder ontdekt met behulp van een appje toen hij ongeveer op dezelfde plek vogelgeluiden hoorde die hij niet kon thuisbrengen. Waarom heeft hij me dat niet eerder gezegd? Gebiologeerd blijven we staan luisteren. Even later zien we twee raven wegvliegen. Ongelooflijk.


Twee weken geleden. Ik ben aan het wandelen in het Schuitwater. En weer: het zal toch niet? Het zal wel: twee onzichtbare raven, luidkeels met elkaar communicerend. Ongeloof. Genieten. Ineens vliegt een van de raven op, vijftig meter voor me. Snel een foto proberen te maken, maar zo goed als mislukt natuurlijk.  


Vorige week. Terug naar Kronenberg. Zou het? Ja. Twee raven, ik hoor ze wel, maar zie ze niet. Weer een dag later. Terug naar Kronenberg. Zou het? Ja. Twee raven, we horen ze wel en we zien ze ook: dichtbij en hoog in de lucht.


Afgelopen zondag. Terug naar Kronenberg. Zou het? Nee. Ik hoor ze niet, ik zie ze niet. Verontrusting. Maandag dan maar terug. Zou het? Ja. Eén raaf, ik hoor ‘m en ik zie ‘m. Dichtbij en heel hoog in de lucht.


 In Kronenberg. Niet te bevatten.

(Met dank aan Y voor het eerste filmpje en aan Z voor de foto bij het tweede filmpje en voor de laatste foto)