maandag 9 mei 2016

Actualisatie – Olifantenpaadjes (20)

Een van mijn favoriete Horster olifantenpaadjes van jongere datum bevindt zich aan de Westsingel. Het verbindt de Frans Woltersstraat met de Zwaluwstraatflats. Iets wat een officiële weg met voetgangers- en fietsersoversteekplaats honderd meter verderop in noordelijke richting eveneens doet.
Maar waarom zou je die omweg nemen als je uit de zuidelijke aftakkingen van Pieter Belsstraat en Frans Woltersstraat komt of ernaartoe wilt? Dan zou je toch wel gek zijn als je geen gebruikmaakt van dit olifantenpaadje?
Twee dingen spreken me er vooral in aan. In de eerste plaats het avontuur dat je aangaat als je je bedient van dit paadje. Omdat het deels door een greppel voert (hetgeen op de foto’s helaas niet heel goed is te zien), bergt het de sensatie van de bergbeklimming en -afdaling in zich. Zeker voor ongeoefende fietsers is een waarschuwing daarom zeker op z’n plaats: één onachtzaamheid en je ligt met je snufferd in het greppelgras.
Daar staat tegenover dat degene die de beklimming van de steile greppelwand weet te overleven, wordt beloond met een majestueus uitzicht op de Zwaluwstraatflats.
Maar wat me nog veel meer bevalt aan het paadje is de noeste volharding die er uit spreekt. Ik bedoel: het creëren van een olifantenpaadje zoals dit
is een betrekkelijk koud kunstje. Alle waardering hoor, maar de opofferingen die ervoor zijn getroost staan in geen verhouding tot die aan de Westsingel. Het Westsingelpaadje kan onmogelijk in een vloek en een zucht tot stand zijn gekomen. Terwijl de greppelhelling nu nog slechts een Vaalserbergachtige allure heeft, moet die ooit Mont Ventouxachtige proporties hebben gehad.
De pioniers hebben lijf en leden geriskeerd bij het scheppen van dit olifantenpaadje. Niet alleen dat: hun doorzettingsvermogen heeft ertoe geleid dat dit tot een volwaardig paadje, een pareltje zelfs, is uitgegroeid. Met hun beulswerk hebben zij letterlijk de weg bereid voor de velen die het nu benutten.
Zou het deze profiteurs, navolgers of hoe je ze ook moet noemen, niet sieren als ze de anonieme voortrekkers ter plekke op de een of andere manier eren voor hun baanbrekend werk? Met een gedenkplaatje? Met een verguld olifantje? Met een gedenksteen? 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen