woensdag 19 augustus 2026

Intermezzo – Kermis

De gemeente Horst aan de Maas maakte gisteren bekend dat de septemberkermis dit jaar plaatsvindt van vrijdag 18 tot en met maandag 21 september. ‘Daarmee start de kermis een dag eerder én duurt de kermis twee dagen korter dan in voorgaande jaren’, aldus de gemeente. Twee dagen korter? Toch maar één? ‘Daarmee start de kermis een dag eerder en eindigt ze twee dagen eerder dan in voorgaande jaren’, dekt de lading beter. Dit terzijde. Waar het om gaat is dat de gemeente met deze proef wil onderzoeken of deze opzet beter aansluit bij de wensen van kermisgangers en exploitanten. ‘Na afloop evalueren we de ervaringen en bekijken we wat dit betekent voor toekomstige edities.’


Na de publicatie van zo’n bericht kan je er vergif op innemen dat het reacties regent op de socials. Een selectie:
‘Zo laten a.u.b!!!!!’
‘Eindelijk aangepast. Zou tijd worden.’
‘Rare opzet!’
‘Gewoon 1 x een goede kermis’
‘Heb je misschien plaats voor mij foodtruck’
‘Zet eens een fatsoenlijke kermis neer bijv op het ruiterterrein’
‘Het ligt niet aan de datums maar aan de prijzen’



Een of twee keer per jaar, andere locatie, lagere prijzen, andere dagen: het zal me eerlijk gezegd allemaal worst wezen zo lang de kamelenrace maar tot de attracties blijft behoren. ‘De ballen vast? De ballen vast! En rrrollen maar!’ Waarna dat goddelijke deuntje begint. En ondertussen: ‘Eén tegen allen, allen tegen één. Wordt het een hulde, wordt het huilen? Wordt het iets, wordt het niets?’ Enzovoort. Heerlijk.


Terug naar de proef. Die suggereert dat alle opties nog open zijn. De werkelijkheid is anders. Want wat valt te lezen in het kakelverse Bestuursakkoord Horst aan de Maas 2026-2030? ‘We brengen het kermisbeleid bij de tijd. Dat betekent dat we voor Horst gaan voor één grotere en betere kermis.’ Het principebesluit om een van de twee Horster kermissen te schrappen is dus al genomen. Goedkeuring door de gemeenteraad lijkt een formaliteit.

Waarom heeft de gemeente in de berichtgeving over de proef niet meteen opgebiecht dat een van de twee Horster kermissen gaat sneuvelen? Rrraarrr.

zondag 16 augustus 2026

Intermezzo – Droogte (1) | Isidorus

‘Hier en daar regen.’ Vroeger was het nooit daar maar altijd hier. Vandaag de dag lijkt het precies andersom. Ja inderdaad, gisteren zijn hier 141 druppels gevallen. Zet geen zoden aan de dijk. Opgeteld bij de 238 druppels van de twee maanden daarvoor maakt dat samen 379 druppels. Wat moet er in godsnaam worden van de oogst dit jaar?

Als íemand te hulp zou kunnen schieten, is het wel Isidorus van Madrid, beschermheilige van de boeren, wiens voorspraak bij God wordt ingeroepen bij droogte. Landarbeider, geboren in Madrid rond 1070, overleden op 15 mei 1130, heilig verklaard in 1622. Hij zou de akkers van zijn baas hebben bevloeid uit een bron die hij zelf liet ontspringen.

Met andere woorden: Isidorus is precies zo iemand waar we op het moment om staan te springen. En laten wij hier in Horst aan de Maas nu in het gelukkige bezit zijn van een religieus kunstwerk, een ruitvormig reliëf, gewijd aan Isidorus! En wel op een driesprong aan de Peelstraat in Kronenberg.


Het is ontworpen door Piet Killaars en werd op 22 mei 1949 ingezegend. Het verbeeldt de heilige, met in zijn linkerhand een schop. Hij wordt rechts geflankeerd door een os die het land ploegt en links door een engel die de ploeg bestuurt.


De rooms-katholieke kerk mag hier dan niet meer de status hebben die ze de vorige eeuw had, je zou toch verwachten dat het momenteel een komen en gaan is van radeloze boeren die hun laatste hoop op regen hebben gevestigd op Isidorus. Hoe anders ziet de trieste werkelijkheid eruit. Bijkans ondoordringbaar struikgewas heeft Isidorus aan het zicht onttrokken. Compleet veronachtzaamd, deze heilige, een hoogst deprimerend tafereeltje.



Ik kan me voorstellen dat Isidorus denkt: ‘Jullie zien me helemaal niet meer staan en dan zou ik nu namens jullie contact moeten zoeken met God en bij hem moeten pleiten voor regen? Ja zeg, ik ben me daar een haartje betoeterd! Bekijk het maar lekker, met z’n allen.’



En mocht het morgen toch eindelijk gaan regenen? Dan zou Isidorus wel eens over zijn hart kunnen hebben gestreken. Waarom? Omdat deze heiden hem met dit stukje aan de vergetelheid heeft ontrukt.

donderdag 13 augustus 2026

Intermezzo – Zonsverduistering (2)

‘Effe mezelf pijnvrij maken want dat hurts als een motherfocker.’ Gisteren opgevangen tijdens mijn eclipstoeristisch uitstapje. Dat ging naar de Zuringspeel. Want daar, op het hoogste punt van Noord-Limburg, zou toch de ultieme eclipservaring te beleven moeten zijn?


Van de zonsverduistering van 1999 herinner ik me dat ik vanaf de afslag van de A67 over de Weselseweg richting het centrum van Venlo reed en daar onder de indruk raakte van het gedempte zonlicht. Het oproepen van dat beeld is geen probleem. Het beschrijven ervan wel. Alsof over alles een schaduw lag, magisch. Veel verder kom ik niet. In elk geval viel het licht op dat moment niet te vergelijken met het licht op een dag met een bewolkte hemel.


De Zuringspeel moest de plek worden van het weerzien met dat gedempte zonlicht van 1999. Dat werd het niet. Domper. Ja, een half uur lang was het licht duidelijk anders dan anders, enigszins gedempt, maar het wow-effect van 1999 bleef uit. Te hooggespannen verwachtingen? Een herinnering aan 1999 die niet conform de werkelijkheid was? Zou allebei kunnen. De ook aanwezige JP kwam met een andere mogelijke verklaring: destijds was de zonsverduistering ongeveer op het moment dat de zon op z’n hoogst staat, gisteren net voor zonsondergang. En dat zou voor een andere lichtbeleving zorgen. Klinkt best aannemelijk.


Als ik niet had geweten dat er gisteren een zonsverduistering was, zou ik er dan iets van hebben gemerkt? De vraag stellen, is haar beantwoorden, vrees ik.


Spijt dus van dat eclipstoeristisch uitstapje? Geen denken aan. Dat ‘Effe mezelf pijnvrij maken want dat hurts als een motherfocker’, had ik beslist niet willen missen. Die pijn en die hurt werden trouwens niet veroorzaakt door het met onbeschermde ogen naar de zon kijken, maar door het zitten op afgebroken halmen van het pijpenstrootje. Het pijnvrij maken moet succesvol zijn verlopen, anders valt niet te verklaren waarom even later uit dezelfde mond klonk: ‘Wijn, een stokkie, niemand kan me iets afpakken!’

(De foto’s zijn gemaakt om respectievelijk 19.50, 19.51, 20.11 en 20.12 uur)     

woensdag 12 augustus 2026

Intermezzo – Zonsverduistering (1)

Vanavond dus de zon voor negentig procent verduisterd. Bijzonder. Maar niet zo bijzonder als op woensdag 17 april 1912, twee dagen na de ondergang van de Titanic. Toen was er sprake van een nagenoeg complete zonsverduistering: 99 procent in Maastricht, een procentje minder hier in Noord-Limburg.


Net als nu regende het waarschuwingen. Bijvoorbeeld van de Gezondheidscommissie in Venlo, die daags tevoren met een advertentie in de Nieuwe Venlosche Courant aandacht vroeg voor ‘het groote gevaar bij de aanstaande zonsverduistering met het onbeschutte oog te zien naar de zon’. De commissie waarschuwde voor ‘sterke ongeneeslijke vermindering van het gezichtsvermogen en zelfs blindheid’. Hoe je ogen te beschermen? ‘Bijv. door een donker glas dat weinig licht doorlaat.’


Daags na de zonsverduistering deed de Nieuwe Venlosche Courant uitvoerig verslag: ‘Nog nimmer, zelfs niet in de snikheetste maanden van een ouderwetschen zomer of in de koudste dagen der strenge winters had de zon zooveel bekijks gehad. ‘t Was of de menschen aan een soort zonnekramp leden, die hen dwong, midden op den weg, op straat of marktplein plots stil te staan en op te zien naar de zon.’


Om negentien over elf begon het spektakel: ‘Gedurende dien tijd tuurde het geheele menschdom naar den hemel, naar het voor ruim 98 pct. verduisterde gedeelte der zon, dat achter de maan verborgen ging. Men keek door ramen en deuren, men loerde achter de gordijnen, men tuurde uit zolderluikjes, men staarde van balkonnen, van pleinen en binnenplaatsjes aldoor en overal naar datzelfde doel: de van haar licht beroofde, de overwonnene, de in rouw en schande gedompelde zonneschijf.’ Hoe? ‘Men keek door zwart gemaakte brillen, door gekleurde en beroete glazen, door kartonnetjes met gaatjes.’ Toch waren er ook mensen die alle waarschuwingen in de wind sloegen, nota bene in ons eigen Horst. Ruim een week na de zonsverduistering berichtte de krant uit Horst: ‘Naar wij vernemen zijn ook hier enkele personen die met onbeschermde oogen de zonneclips hebben gadegeslagen en thans nog veel last hebben om te kunnen zien.’ Hoe het hen verder verging, is helaas in nevelen gehuld.

vrijdag 7 augustus 2026

Intermezzo – Naar het wit neigende hert-achtigen

Soms geloof je je ogen niet. Lopend door de Schadijkse Bossen nabij het noordelijke uiteinde van de Silvesterweg meende ik enkele jaren geleden honderden meters verderop een wit ree of hert te zien. Ik geloofde m’n ogen niet. Op de foto die ik met m’n telefoon maakte was niet meer dan een vage schim te zien. Te grote afstand, te slechte telefoon. Ik hield het erop dat m’n ogen me hadden bedrogen, te meer omdat uit enig gegoogel bleek dat witte reeën of herten uiterst zeldzaam zijn.

Fietsend van America richting Meterik over het fietspad langs de Meteriksebaan geloof ik vanmorgen om twaalf uur opnieuw m’n ogen niet. Twee naar het wit neigende hert-achtigen op een meter of vijf afstand, grazend aan de bosrand. Kan toch niet? Zijn het niet twee opgeschoten honden? Nee. Ook op het tweede gezicht zijn het hert-achtigen. Van de eerste verbazing bekomen stap ik af, in de verwachting dat de dieren nog voordat m’n voeten de grond hebben geraakt, verdwenen zullen zijn in het bos. Dus niet. Onaangedaan grazen ze verder. Foto.


Terwijl twee fietsende dames naderen, maken ze aanstalten om de Meteriksebaan over te steken. Foto.


Doodgemoedereerd kuieren ze over het fietspad, de dames zijn inmiddels afgestapt. Foto.


Even doodgemoedereerd kuieren ze over de Meteriksebaan richting de bosrand aan de overzijde. Foto.


Een auto passeert stapvoets. Foto.


Langzaam verdwijnen ze uit beeld. Foto.


Het tafereel duurt nauwelijks een minuut. De vredigheid, de sereniteit, het al dan niet vermeende wegvallen van alle geluiden blijven me nog wel een tijdje bij. Betoverende, droomachtige sfeer, die me doet denken aan On body and soul, een van mijn favorietste films. Twee herten spelen er een belangrijke bijrol in. Andere gedachte die opkomt: was het wel gezichtsbedrog, enkele jaren geleden aan de Silvesterweg?
     
Ik fiets verder. ‘Gelukt met de foto’s?’, vraagt een van de dames als ze me elektrisch aangedreven inhaalt.
‘Volgens mij wel.’
‘Was bijzonder.’
‘Kan je wel zeggen, ja. Ze waren absoluut niet schuw, misschien zijn het exotische dieren die zijn ontsnapt uit een hertenweide.’
‘Zou je bijna denken, ja.’

Misschien iemand een andere, betere verklaring?

maandag 3 augustus 2026

Horst in oude ansichten (13) | Kasteelse Bossen


Schön war die Zeit, das Paradies, das wir besessen
Ich werd’ es nie vergessen, wir glaubten, dass uns keiner daraus vertreibt

L‘enfer, c’est les autres


Van paradijs tot hel. Het paradijs, waaruit niemand ons zou kunnen verdrijven, is ons toch afgepakt. Door de anderen. Altijd weer die anderen, die vermaledijde anderen. De hel, dat zijn de anderen.

Nee, dan wij. Wíj zijn bovenste beste brave borsten. Wíj kleuren uitsluitend binnen de lijntjes. Wíj hangen de vuile was niet buiten. Wíj knijpen de katjes niet in het donker. Wíj pissen niet buiten het potje. Wíj hangen niet de beest uit. Wíj laten de boel niet de boel. Wíj kennen geen ongelikte beren. Wíj maken er geen potje van.

Wij hebben groener gras dan de buren. Wij zagen van dik hout planken. Wij vegen onze eigen straatjes schoon. Wij vinden altijd een stok om de hond mee te slaan. Wij weten dat het in troebel water goed vissen is.

Wij wassen onze handen in onschuld. Wij zijn het beste jongetje van de klas.


Holle vaten klinken het hardst. Hoogmoed komt voor de val. Eigen lof stinkt. Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten.

De hel, dat zijn wijzelf.

L’enfer, c’est nous-mêmes

zondag 2 augustus 2026

Top 5 – Olifantenpaadjes

1. Niet steeds in herhaling willen vervallen.
2. Almaar op zoek zijn naar nieuwe dingen.
3. Ervoor waken om niet uit te groeien tot de lokale epigoon van Jan Dirk.

Zomaar drie redenen waarom olifantenpaadjes er zo bekaaid vanaf komen op Horst-sweet-Horst. Slechts drie bijdragen in de afgelopen tien jaar (plus een aantal uitsluitend op Facebook en Instagram gepubliceerde signaleringen, maar die beklijven niet). Beschamend. Hoogste tijd voor een nieuwe exclusieve Horst-sweet-Horst top 5 van Horster olifantenpaadjes (allemaal afgelopen week vastgelegd, waardoor meteen ook de momentane prachtige geeltinten van de Horster steppen zijn vastgelegd). Komt-ie:

5. Meldersloseweg, Horst


Het levende bewijs van een verkeersovertreding: heb je bij Inter Chalet weer eens niet gevonden wat je zocht, dan pak je de kortste weg naar huis en zou je wel van lotje getikt zijn om driekwart van de rotonde te nemen.


4. Hagelkruisweg – Stationsstraat, Hegelsom


Met een afstotelijk hekwerk, een afzichtelijk bedrijfspand, een onafzienbaar maisveld en dreigende kassen op de achtergrond oogt het decor van dit kaarsrechte olifantenpaadje bepaald niet sexy. Wat het dan toch bijzonder maakt? De lengte van naar schatting tweehonderd meter. Plus de enorme afstandswinst, die wel eens tot een kilometer zou kunnen oplopen.


3. Nieuwe Hegelsomseweg – Stationsstraat, Hegelsom


New kid on the block. Verbindt de nieuwe wijk in Hegelsom-Zuid met het fietspad richting station. Aanzienlijke afstandsbesparing die maakt dat de stationganger z’n slaap met een minuut of drie kan verlengen. En slechts een minuut of anderhalf eerder thuis is, gezien de noodzaak om de drukke Stationsstraat over te steken.


2. Gastendonkstraat – Wittebrugweg, Horst


Karakteristieke vorkachtige uitmonding op het roodgrijze fietspad, flankerend chillbankje, graffitivriendelijke elektriciteitskast, schaduwrijke bomen, lonkend viaduct. Wat wil je nog meer?

1. Zuster Olgahof, Horst


Nog zo’n gloedjenieuwe toevoeging aan het Horster olifantenpaadjeslandschap. Op 18 mei opende de nieuwe Weisterbeekschool zijn deuren en nauwelijks twee maanden later is de tekentafelwerkelijkheid al gecorrigeerd door de dagelijkse praktijk. Instant klassieker. (Met dank aan Ton Peeters voor het signaleren en voor de foto.)