zondag 4 januari 2026

Intermezzo – Longing for Meterik


So near and yet so far. Meterik, met zijn molen, zijn kerk, zijn behaaglijkheid, is binnen handbereik. Maar hij is neergezegen aan de Sint Maartensweg. Gisteren of eergisteren moet-ie het leven hebben gezien. Navelstaren is ‘m vreemd, zijn verwekkers hebben ‘m begiftigd met de brede blik: meneer heeft zijn vizier gericht op het majestueuze Meterikseveld. Een verse lading sneeuw heeft de aandacht afgeleid van z’n iele armpjes. Heeft ‘m van zijn scherpe kantjes ontdaan. Heeft ‘m molliger, lieflijker, aanraakbaarder gemaakt. Evengoed is-ie gedoemd binnen enkele dagen te smelten. Het wrede lot van de sneeuwman.   

vrijdag 2 januari 2026

Intermezzo – Iglo

‘Mooie iglo!’
‘Bedankt.’


En daar stokt het gesprek al. Een jaar of 7, 8, zijn ze. Voor small talk hebben ze geen tijd. Dit zijn twee mannen met een missie. Geconcentreerd tot op het bot, opperste toewijding. Geen lachje kan er vanaf. Hier wordt serious business bedreven, een ambitie nagejaagd. Met succes. Architecten, bouwvakkers of metselaars in de dop, deze mannen.

donderdag 1 januari 2026

Intermezzo – Landbouwschool Hegelsom

Mijn opa van moederskant was afkomstig uit Meerssen. Een klassieker uit zijn herinneringenrepertoire was dat hij (1906-1997) in zijn jonge jaren had gedanst in het café-restaurant in de top van de watertoren in het nabijgelegen Schimmert. Die ongenaakbare watertoren, zo leerde ik later, was in 1926 ontworpen door Jos Wielders. Net als Alphons Boosten (1893-1951) en Frits Peutz (1896-1974) behoorde Sittardenaar Wielders (1883-1949) tot de meest vooraanstaande Limburgse architecten in de eerste helft van de twintigste eeuw. Lange tijd verkeerde ik in de veronderstelling dat Wielders geen sporen had nagelaten in Horst, in tegenstelling tot Boosten (Sint-Lambertuskerk) en Peutz (Mèrthal). Totdat ik er enkele jaren geleden achter kwam dat Wielders ontwerper is van de landbouwschool (de latere biologische school) aan de Stationsstraat in Hegelsom.


Een dezer dagen las ik in het jongste nummer van De Maasgouw (‘tijdschrift voor Limburgse geschiedenis en archeologie’) een bijdrage van Jos Pouls over de Schoutenhof in Epen. Ontworpen door Jos Wielders. Pouls plaatst Wielders in zijn artikel in een breder kader. Hij schetst hoe Wielders in het begin van zijn loopbaan moderne, zakelijke bouwstijlen zoals de Amsterdamse School en het Nieuwe Bouwen aanhing. Omstreeks 1930 bekeerde hij zich tot een meer traditionalistische, minder rationalistische en meer romantische en decoratieve stijl.


In de uit 1938 daterende landbouwschool met onderwijzerswoning in Hegelsom komt duidelijk de bekeerde Wielders tot uiting, dunkt me.


‘De school is mooi aangepast aan de landelijke omgeving’, schreef De Limburger na de officiële opening op 24 november 1939. ‘Het lijkt wel een boerderij’, sprak burgemeester Van Grunsven bij diezelfde gelegenheid. De Limburger Koerier noemde dat vervolgens ‘het beste compliment’ dat Wielders kon krijgen. Wat allemaal niet wegneemt dat uit de prominente plaats die Wielders het markante overkapte fietsenrek toebedeelde, beslist lef spreekt.


Zoals je ook zou kunnen zeggen dat het van enige eigenwijsheid getuigt om de ingang van de school niet te centreren. Opmerkelijk genoeg is de ingang in het voorlopig ontwerp uit juni 1938 trouwens wel degelijk gecentreerd.


De latere aanbouw heeft het oorspronkelijke aanzien van het gebouw helaas danig aantast. Ook de veel te nadrukkelijk aanwezige reclame-uitingen van de huidige gebruiker doen afbreuk aan het pand.


N.B. 1 Hoofd van de school was vanaf de stichting in 1938 tot 1958 Jan (‘meester’) Achten. Recentelijk is aan de overzijde van de school een straat naar hem vernoemd.

N.B. 2 Foto 1 en 2 en het fragment van de bouwtekening zijn afkomstig van de website van Heemkunde Hegelsom 
 

vrijdag 26 december 2025

Intermezzo – Kasteelruïne (3)


Deze aanblik van de ruïne van kasteel Huis ter Horst zal het merendeel der Horstenaren van boven de veertig ongetwijfeld bekend voorkomen. ‘Woest romantisch’ lijkt me een aardige omschrijving. De achterzijde van deze op 4 augustus 1991 door een medewerker van het in Delft zetelende OSPA (Onderzoeksinstituut voor Stedebouw, Planologie en Architectuur) aan zijn collega’s verzonden ansichtkaart is eveneens interessant:


‘Een (oud) collega heeft er veel tijd ingestoken om deze oude speelplek weer wat op te knappen’, schrijft de medewerker van het OSTA over de ruïne. Met die (oud) collega kan hij slechts één iemand hebben bedoeld: prof.dr. J.G.N. (Jaap) Renaud (1911-2007), archeoloog, bijzonder hoogleraar Kastelenkunde en gastdocent aan de Technische Universiteit in Delft.

Voor de Nederlandse Jeugdbond voor Geschiedenis en de Archeologische Werkgemeenschap Nederland leidde Renaud ’s zomers opgravingskampen. Zo ook tussen 1969 en 1976 op de kasteelruïne in Horst. Deelnemers daaraan waren onder meer Jos Schatorjé en Gert Verheijen. Zij haalden in 2008 herinneringen op aan de een jaar eerder overleden Renaud.

Jos Schatorjé: ‘Bij zijn benoeming in Delft kreeg hij als opdracht archeologie en bouwhistorie te koppelen. Zijn studenten moest hij behalve theoretische ook praktische vaardigheden bijbrengen. De ruïne in Horst was daarvoor bij uitstek geschikt.’

Gert Verheijen: ‘Prof. Renaud was van huis uit onderwijzer. Dat was aan alles te merken, didactisch was hij heel goed. Hij was een echte gentleman. Buigen of barsten: om drie uur was het tea time, met citroen en melk. En bij opgravingen verscheen hij altijd keurig in het pak. Ik herinner me een zomer met een hittegolf. Terwijl de studenten in de brandende zon in hun zwemtenue aan het spitten waren, liep prof. Renaud nog met jas en das over het terrein rond. Maar op een gegeven moment trok hij zijn jasje uit, maakte het bovenste knoopje van zijn overhemd los en deed ook zijn stropdas wat losser. Dat was een heel uitzonderlijke concessie.’


Na anderhalve eeuw van verwaarlozing was Renaud de eerste die oog had voor de archeologische en historische waarde van de kasteelruïne. Hij en zijn echtgenote waren dan ook eregasten op de studiedag die de gemeente Horst, het Comité Open Monumentendag en LGOG Kring Horst-Sevenum in 1995 organiseerden over de toekomst van de ruïne.


Maar met zijn opgravingen stond Renaud ook aan de basis van een reeks onwenselijke ontwikkelingen die tot op de dag van vandaag voortduren. Archeoloog en historicus Wim Hupperetz op die studiedag in 1995: ‘Vaak blijkt dat er pas problemen rondom ruïnes ontstaan als ze worden opgegraven.’

donderdag 25 december 2025

Wandelvondst (3)

vondst: eencentsmunt
datering: 1967
materiaal: brons
diameter: 1,7 centimeter
gewicht: 2 gram
locatie: Horst, Reulsweg
datum: 15 december 2025
tijdstip: 11.04 uur


Daar lag je dan, veronachtzaamd, in het buitengebied van Horst op de onverharde Reulsweg, dit jaar 58 geworden, nu alweer bijna 24 jaar geleden met pensioen gegaan, uitgekotst slachtoffer van de monetaire unie, hier ooit van de wagen gevallen onderweg naar De Grote Muntenpletter in Venlo, bewogen leven achter de rug, op jonge leeftijd verschillende rondjes gedraaid in de volautomatische muntensorteerder van de Boerenleenbank, van hot naar her gesleept, de grote jongen uitgehangen in kokette damestasjes, de kleffe diepten van mannenbroekzakken verkend, gemaltraiteerd in duistere kroegen, door een beverige oudevrouwenhand gedeponeerd in een klingelbuil en vervolgens terechtgekomen in het criminele circuit, weer opgedoken aan de Wilfred Berrystraat in Oldeholtpade, verfrissend lotgenotencontact gehad in meerdere kruidenierskassa’s, teveel tijd doorgebracht in de krochten van een hardplastic kinderspaarpot gespeend van ook maar het kleinste flintertje daglicht, tijdje dienst gedaan in een muntenschuiver op de kermis, beland in de aangename luwte van een snoepautomaat, uit een papieren collectezakje ontsnapt, zo langzamerhand aangevreten door de tand des tijds, jaren over het hoofd gezien op een ballastweg van niets naar nergens, opgeraapt door een lokale wandelaar, en nu lig je hier dan, wachtend op wat komen gaat, op het bureau van die lokale wandelaar die om wat voor reden dan ook de behoefte heeft je uit de anonimiteit te halen met dit stukje.


woensdag 24 december 2025

Intermezzo – Corruptie

Palermo aan de Molenbeek? Nee, zover is het nog niet, zo diep is Horst aan de Maas nog niet gezonken. Wat niet wegneemt dat ze een bijzonder wrange nasmaak heeft, die affaire waarbij een gemeenteambtenaar bijna twee ton kreeg toegeschoven van een lokale agrarisch ondernemer met wie hij als ambtenaar nauw contact had. ‘Hij heeft de kluit belazerd’, reageerde burgemeester Ryan Palmen afgelopen woensdag tegenover De Limburger na de openbaarmaking van het onderzoeksrapport dat adviesbureau Berenschot in opdracht van de gemeente opstelde over de kwestie.


Wie het onthutsende rapport leest (klik hier), kan alleen maar instemmen met de woorden van de burgemeester. Maar de goede lezer zal ongetwijfeld óók tot de conclusie komen dat de gemeente zelf eveneens flinke steken heeft laten vallen. Berenschot rekent de gemeente drie zaken in het bijzonder aan. In de eerste plaats dat ze aanvankelijk niet intensief genoeg heeft onderzocht of er sprake was van belangenverstrengeling door de ambtenaar. Daarnaast verwijt Berenschot de gemeente dat ze geen onderzoek heeft gedaan naar het mailverkeer tussen de ambtenaar en de ondernemer nadat er alsnog een verdenking tegen de ambtenaar was gerezen. Ten derde hekelt Berenschot het feit dat de gemeente de ambtenaar heeft betrokken bij de beantwoording van vragen van De Limburger, nadat de krant lucht had gekregen van de zaak.

Met name dit laatste, een variant op de slager die zijn eigen vlees keurt, is volkomen onbegrijpelijk. Burgemeester Palmen onderstreepte afgelopen week dat het belangrijk is vertrouwen te hebben in je ambtenaren. Klopt helemaal. Alleen is een ambtenaar tegen wie een bepaalde verdenking is gerezen er absoluut niet mee gediend als je hem zelf antwoorden laat formuleren op vragen van de krant die betrekking hebben op zijn functioneren. Die ambtenaar zou uitsluitend zijn gediend bij een onafhankelijk iemand die die vragen beantwoordt en zijn handelen beoordeelt.

‘Na het eerste signaal hebben we in onze ogen wel degelijk goed gehandeld’, zei burgemeester Palmen afgelopen week ook tegen De Limburger. Berenschot komt dus tot een ander oordeel. Het laatste woord is over drie weken aan de gemeenteraad. De burgemeester heeft op voorhand al aangekondigd dat de raad niet moet verwachten dat hij zich met het oog op dat debat inhoudelijk gaat verdiepen in alle dossiers die Berenschot noemt in het onderzoeksrapport. Het minste dat de gemeenteraad van Horst aan de Maas op 13 januari mag verlangen is een aanzienlijk deemoediger houding van de burgemeester.

(Dit stukje verscheen vandaag ook in Via Horst-Venray)

zondag 21 december 2025

Intermezzo – Locomobiel

Een locomotief? Ja, die ken ik uiteraard. Maar een locomobiel? Nooit van gehoord. Tot gisteren dan, toen een briefkaart uit 1912 op mijn deurmat viel. Een briefkaart van houthandel en stoomhoutzagerij Th. Litjens uit Horst, gericht aan ‘Den Heer J. ten Horn, machinefabriek, Veendam’.


Tekst op de achterzijde: ‘Gelieven van de door u aangeboden locomobielen eens den uiterste prijs op te geven, doch daar ik niet zeer genegen ben om een oude te koopen, ook de prijs van een geheel nieuwe te zenden zonder wielen.’


Grasduinend op internet was ik de briefkaart tegengekomen. Ik had haar, voor een luttel bedrag, besteld omwille van de opdruk van een Horster bedrijf. Die locomobielen waren een onverwacht cadeautje. ‘Verplaatsbare stoommachine’ zegt Van Dale over locomobiel. Verder lezend blijkt dat locomobielen vooral in gebruik zijn geweest in de landbouw en de veenverwerking. Dat Litjens voor zijn locomobiel terechtkwam bij Machinefabriek J. ten Horn aan het Oosterdiep in Veendam is daarom niet zo verwonderlijk: Veendam bevindt zich in het centrum van de Veenkoloniën. Ten Horn was van 1880 tot 1979 een gerenommeerd bedrijf, dat onder meer locomobielen produceerde en die overal ter wereld leverde.


Geen idee of er ooit een locomobiel van Ten Horn in de stoomhoutzagerij van Litjens in Horst is beland en zo ja, of het dan inderdaad een nieuw exemplaar zonder wielen was. De houthandel en houtzagerij van de gebroeders Litjens verdient sowieso meer aandacht.


Wat ik er nu in de gauwigheid over heb kunnen vinden is dat de gebroeders Litjens al een houthandel hadden toen ze in 1906 een stoomhoutzagerij bouwden aan wat nu de Dr. Van de Meerendonkstraat is, nabij de kruising met de Venloseweg. Met haar zaagtanddak had de zagerij een voor Horst vrij atypische industriële allure, zoals te zien is links op onderstaande foto (afkomstig uit het gemeentearchief van Horst) uit de jaren zestig van de vorige eeuw. Uiterst rechts op de foto ook nog een fragmentje van de tegelijk met de zagerij gebouwde opslagloods.


Ten slotte: een van de gebroeders Litjens, Theo (1876-1925), liet in 1909 bij de zagerij een mogelijk zelf ontworpen, nog altijd bestaande woning met kantoor bouwen, met als huidig adres Venloseweg 14.

vrijdag 19 december 2025

Trapveldjesvoetballers (18)

Ontvallen aan het legioen der trapveldjesvoetballers: Jumaa en Fadi Abu Assi, Bani Suheila, Gaza, overleden 29 november 2025, 10 en 11 jaar


Na het staakt-het-vuren in Gaza op 10 oktober keerden vader en moeder Abu Assi en hun vier kinderen terug naar hun woning in Bani Suheila, ten oosten van Khan Younis. De woning bleek te zijn verwoest. Op de puinhopen zetten ze een tent op. Op zaterdag 29 november verlieten de broertjes Jumaa en Fadi de tent om met een karretje brandhout te gaan sprokkelen. Even later maakte een Israëlische droneaanval een einde aan hun leven.


Moeder Hala Abu Assi herinnert zich hoe levenslustig Jumaa en Fadi waren voor het uitbreken van de oorlog, ruim twee jaar geleden: ‘Ze speelden voetbal met hun neven en nichten, waren dol op videogames en droomden ervan te excelleren in een studie.’ Een dag voor hun overlijden had hun online school bericht dat de lessen weer zouden beginnen.


Jumaa en Fadi waren een trouwe steun en toeverlaat voor hun vader Tamer Abu Assi, die in een rolstoel zit. Tamer: ‘Toen het staakt-het-vuren werd aangekondigd, stelde ik me voor dat het leven ons eindelijk weer zou toelachen. Ik stelde me voor dat ze weer naar school zouden gaan, weer zouden gaan voetballen. En misschien zouden we na maanden van ontheemding eindelijk kunnen beginnen met de wederopbouw van wat er nog over is van ons huis.’


De moord op Jumaa en Fadi staat niet op zichzelf: sinds het staakt-het-vuren doodde Israël bijna vierhonderd Palestijnen.


Overal ter wereld zijn trapveldjes. Nergens ter wereld komen zoveel trapveldjesvoetballers om het leven als in Gaza en op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. Ter nagedachtenis aan hen deze serie. Die opent telkens met een foto van een trapveldje in Horst aan de Maas, waar trapveldjesvoetballers weinig te vrezen hebben. Ditmaal een foto van het trapveldje aan de Blitterswijckseweg in Ooijen. Klik hier en hier voor de voornaamste bronnen voor dit stukje.

zondag 14 december 2025

Intermezzo – Toverland

The sky is the limit is een Engelse uitdrukking die betekent dat de mogelijkheden onbegrensd zijn, dat alles kan. The sky is the limit bleef het maar rondzingen in m’n hoofd toen ik de gemeenteraad vorige week hoorde praten over een voorstel om de verdere groei van attractiepark Toverland mogelijk te maken. En ook toen ik daarna de documenten bekeek die ten grondslag liggen aan dit voorstel.


Eerst die documenten (klik hier en ga naar agendapunt 6). Die bleken bij elkaar opgeteld 3606 bladzijden te beslaan. Drieduizendzeshonderdzes! The sky is the limit. Je kunt toch onmogelijk van raadsleden verwachten dat ze die 3606 bladzijden tot zich nemen? Wat doe je die mensen aan?


Dan de inhoud. Die maakt duidelijk dat je the sky is the limit in dit geval bijna letterlijk moet nemen: Toverland krijgt een hotel van 45 meter hoog en de attracties mogen tot honderdvijftig meter hoog worden. Hon-derd-vijf-tig meter. Hoger dan de Domtoren. Voor vuurwerkshows komt the sky als limit eveneens binnen handbereik. Het toegestane aantal shows gaat omhoog van twaalf naar dertig per jaar. Ook voor bezoekersaantallen, verkeer, geluid en verlichting geldt: meer, meer, meer.


Hoewel the sky is the limit dus niet letterlijk in alle opzichten opgaat, kon ik me al luisterend en al lezend toch niet aan de indruk onttrekken dat Horst aan de Maas de rode loper uitlegt voor het Rupsje Nooitgenoeg dat Toverland heet. U vraagt, wij draaien. Zouden er ook wensen van Toverland zijn die de gemeente níet inwilligt?


Verantwoordelijk wethouder Eric Beurskens (Essentie) probeerde het allemaal niet te groot te maken. Attracties van honderdvijftig meter? ‘Het is maar de vraag of Toverland die gaat gebruiken.’ Lichtoverlast? ‘De verlichting is slechts accentverlichting.’ Het effect van vuurwerkshows op dieren? ‘Er is geen onderzoek bekend hoe dieren reageren op bijvoorbeeld vuurwerk en bepaalde schrikgeluiden.’ Overlast van vuurwerkshows? ‘De mening over vuurwerk wordt vooral beïnvloed door incidenten. Die betreffen consumentenwerk, geen professioneel vuurwerk.’


De bespreking van vorige week was slechts een inleidende beschieting: overmorgen neemt de gemeenteraad een besluit. Met het mes op de keel, want als de raad het voorstel afkeurt, moet het jarenlange proces weer van voren af aan beginnen. Veel vuurwerk valt er dinsdag alleen al daarom niet te verwachten. Maar de meeste partijen lijken het sowieso allemaal wel goed te vinden. Zo schrijdt onze beschaving voort en wordt the sky uiteindelijk toch de limit.

(Dit stukje verscheen eerder deze week ook in Via Horst-Venray)

donderdag 4 december 2025

Intermezzo – Culturele Hoofdstad van Europa

Leon Litjens, voormalig wethouder namens het CDA en over vier maanden lijsttrekker voor diezelfde partij bij de gemeenteraadsverkiezingen, is nooit te beroerd een proefballonnetje op te laten. Zo herinner ik me een zogeheten vergrijzingsfonds dat diende te anticiperen op de dreigende bevolkingskrimp en het ontstaan van spookwijken. (Maar de bevolkingskrimp kwam niet.) Nog zo’n proefballonnetje: een kunstenaarswijkje – een lokaal Quartier Latin – dat moest verrijzen aan wat nu het Rode Kruisplein heet. (Maar het beoogde kunstenaarswijkje werd een parkeerplaats.)


Het jongste proefballonnetje slingerde Litjens onlangs via z’n eigen Facebookpagina de wereld in: ‘De Floriade heeft ons veel goeds gebracht als Regio. Moeten we niet als regio wederom een stip op de horizon gaan zetten en ons daar op gaan richten? Zou Culturele Hoofdstad van Europa geen mooie ambitie kunnen zijn en passend zijn bij de ontwikkelingen die we qua regio doormaken?’

Of iedereen de stelling kan onderschrijven dat de Floriade Noord-Limburg veel goeds heeft gebracht, waag ik te betwijfelen. En de noodzaak om altijd maar stippen aan de horizon te moeten zetten, ontgaat me (overigens net als de noodzaak om jezelf altijd maar op de kaart te zetten). Bovendien vraag ik me af welke ontwikkelingen in Noord-Limburg die ambitie van Culturele Hoofdstad dan zo passend maken.


Evengoed is Noord-Limburg als Culturele Hoofdstad van Europa beslist een prikkelend proefballonnetje. Mocht het zover komen dan zouden we Maastricht, dat het in 2018 aflegde tegen Leeuwarden als Culturele Hoofdstad, in elk geval een vies poepje laten ruiken – ook nooit weg.

Essentieel zijn de achterliggende gedachten van deze ambitie. Aan de rest van de wereld laten zien dat Noord-Limburg geen culturele woestijn is? De regio voorzien van een aantal hoogwaardige kunstwerken? De culturele infrastructuur hier op een hoger plan brengen? Stuk voor stuk prijzenswaardige ambities, zou ik zeggen.

Of is Culturele Hoofdstad van Europa een vehikel dat in de eerste plaats is bedoeld om Noord-Limburg op de kaart te zetten? Cultuur als middel om economische ontwikkelingen aan te jagen? Als dat de intrinsieke motivatie zou zijn: laat alsjeblieft maar zitten dan, die Culturele Hoofdstad. Afgaand op het pleidooi dat Leon Litjens eergisteren als inspreker in de gemeenteraad hield (‘minder gezondheid, meer economie’ – en ik maar denken dat we de Gezondste Regio wilden worden) zijn de voortekenen niet meteen hoopgevend.

Het ene proefballonnetje lokt het andere uit. De eventuele kandidatuur van Noord-Limburg voor Culturele Hoofdstad van Europa lijkt me bij uitstek geschikt voor een primeur: het eerste regionale burgerberaad in Noord-Limburg. Zo’n kandidatuur is immers te belangrijk om over te laten aan een niet rechtstreeks verkozen samenwerkingsverband als de Regio Noord-Limburg.

(Dit is een gewijzigde versie van een column die gisteren verscheen in Via Horst-Venray)

zondag 30 november 2025

Intermezzo – Jan Dirk

Jan Dirk comes back in town! Na ruim elf jaar wachten is fotograaf, filmer, fotocomedian, performer en finalist van De slimste mens Jan Dirk van der Burg eindelijk weer te gast in Horst aan de Maas. Meer in het bijzonder: komende dinsdag, 2 december, vanaf 20.00 uur in Atelier De Stal in Sevenum.


Op uitnodiging van Horst-sweet-Horst maakte Jan Dirk op 22 september 2011 zijn debuut in Horst aan de Maas tijdens de Eerste Horster Olifantenpaadjesavond. Wie er destijds bij was, zal deze geweldige avond in café Cambrinus ongetwijfeld nog helder voor de geest staan.


Drie jaar later, op 18 september 2014, volgde, opnieuw op uitnodiging van Horst-sweet-Horst en opnieuw in café Cambrinus, een minstens even memorabele voorstelling: de Eerste Horster Twittershow.   


Sindsdien trad Jan Dirk wel op in onder meer Venlo en Venray, maar in Horst aan de Maas vertoonde hij zich niet meer. Althans niet op het podium. Wel was hij hier regelmatig om foto’s te maken, bijvoorbeeld van Loempia Lei, een luiercontainer in Meterik, tuincentrum Groenzo in Sevenum, balpennenverzamelaar Mart Heldens uit Hegelsom en een warmtepomp met baksteenprint in Meterik. Foto’s die verschenen in zijn rubrieken in NRC en de Volkskrant en in boeken als Typisch Nederland en Waar wil je me hebben?     


En nu maakt de voormalig Fotograaf des Vaderlands (vanwege corona liefst vier jaar) dan zijn opwachting in Sevenum met de powerpointpresentatie ‘Jan Dirk van der Burg neemt ruimte in’. In naar zijn eigen zeggen 2656 slides laat hij Horst aan de Maas kennismaken met het genre van de vrolijke fotografie: ‘Uptempo, laagdrempelig, soms diepzinnig, maar bovenal: niet saai. We kijken vooral naar de wereld die al voor onze voeten ligt. Kortom, een avond voor iedereen die het leuk vind om bovengemiddeld goed uit zijn doppen te kijken.’

De presentatie van Jan Dirk is onderdeel van de lezingenreeks Door De Loep, die kunst- en cultuurplatform Zeen uit Horst aan de Maas organiseert samen met Odapark Venray, Museum van Bommel van Dam uit Venlo, Cultuur in Beesel en kunstcollectief Flujas. Het overkoepelende thema van de reeks is ‘ruimte’.


De avond in Atelier De Stal (Lemmeweg 3a in Sevenum) begint om 20.00 uur en duurt tot omstreeks 21.30 uur. Verzeker je van een kaartje door een mailtje te sturen naar kunstencultuurhadm@gmail.com en betaal je kaartje (7,50 euro) op de avond zelf. 

woensdag 19 november 2025

Intermezzo – Arbeidsmigranten (4)

In 2020 deed een commissie onder leiding van de huidige commissaris van de koning in Limburg, Emile Roemer, onderzoek naar de positie van arbeidsmigranten in Nederland. Dit leidde tot alarmerende conclusies die elke oplettende bewoner van het Noord-Limburgse platteland niet vreemd in de oren kunnen hebben geklonken.


De commissie-Roemer deed in haar veelgeprezen rapport (klik hier) tientallen aanbevelingen die tot verbeteringen dienden te leiden. Roemer in het voorwoord: ‘De kern van dit advies is simpel. Het gaat erom dat geen enkele arbeidsmigrant meer in een situatie kan komen waarin u of ik niet zelf zouden willen belanden wanneer wij tijdelijk in een ander land gingen werken.’


‘Vijf jaar na “Roemer” is uitbuiting van arbeidsmigranten nog dagelijkse kost’, kopte de Volkskrant twee weken geleden. Woorden die de krant illustreerde aan de hand van een aantal schrijnende voorbeelden uit Horst aan de Maas. Woorden ook die elke oplettende bewoner van het Noord-Limburgse platteland niet vreemd in de oren kunnen klinken.


In de oneindige leegte tussen Sevenum en de Midden Peelweg worden aan de Kleefsedijk binnen afzienbare tijd waarschijnlijk 52 arbeidsmigranten gehuisvest. Volgens het ‘Toezicht en beheerplan’ (klik hier en scroll naar beneden tot 'B12') mag je er na 22.00 uur niet zingen, lachen of hard praten en geen bezoek ontvangen. Bezoekers zijn er alleen toegestaan met een bezoekerspas. In de ‘buitenruimtes’ mag je niet klagen tegen of over anderen. Enzovoort.


In navolging van Roemer vroeg ik me af in welke situaties ik wel of niet zou willen belanden als ik tijdelijk in een ander land ging werken. Zou ik met vijf mensen die ik niet ken willen samenwonen? Zou ik kilometers van de bewoonde wereld willen wonen? Zou ik willen dat ik na 22.00 uur niet buiten mag lachen en geen bezoek mag ontvangen? Zou ik willen dat mijn werkgever ook mijn huisbaas is? Zou ik willen dat ik word ontslagen na een arbeidsongeval? Zou ik willen dat als ik mijn werk verlies ik ook mijn woning kwijtraak? Zou ik willen dat ik vijf euro moet betalen voor elk gebruik van de gezamenlijke wasmachine? Zou ik willen dat ik niet mag klagen tegen of over anderen?


Al die dingen zou ik niet willen als ik tijdelijk in een ander land ging werken. Maar voor mensen uit een ander land die in Nederland komen werken zijn al die dingen ook vijf jaar na het veelgeprezen rapport van Roemer nog altijd schering en inslag. Ondanks tot in den treure herhaalde bezweringen van bestuurders en werkgevers dat het nu toch echt allemaal anders zou worden. Beschamend.

(Dit stukje verscheen vandaag ook in Via Horst-Venray)

zondag 16 november 2025

Intermezzo – Mens, natuur, economie

De gemeenteraad van Horst aan de Maas discussieerde dinsdag een half uur over de stelling dat er een goede balans moet zijn tussen mens, natuur en economie (klik hier en ga naar 2.11.00). Dit leidde tot verstandige, onnozele, behartigenswaardige en onzinnige woorden. Omdat de discussie alle kanten opging, is samenvatten schier onmogelijk. Daarom een selectie van citaten. Scheid zelf alsjeblieft het kaf van het koren.  


Hilde Spreeuwenberg (Perspectief): ‘Wat ons betreft gaan we eerst uit van de mens en de natuur. De economische ontwikkeling hoort daar dienend aan te zijn.’

Alex Janssen (Doen): ‘Als je dingen wil doen die geen geld opbrengen, begint het wel met economie om die dingen betaalbaar te maken.’

Sjaak Jenniskens (Vur Iederien): ‘Het is niet zo dat economie op 1 staat, helemaal niet.’

Kay Thijssen (Essentie): ‘Natuur toevoegen is geen doel op zich, net zoals economie toevoegen geen doel op zich is.’


Imke Emons (BVH): ‘Als u zegt “We moeten meer oog hebben voor de natuur”, dan hebben we geen voedselzekerheid meer. Want dan gaan we producten uit het buitenland halen, terwijl we hier in onze gemeente hele mooie bedrijven hebben.’

Hilde Spreeuwenberg (Perspectief): ‘Horst aan de Maas hoeft niet te produceren voor de hele wereld.’

Jan Wijnen (PvdA): ‘Als we twintig jaar teruggaan en het landschap van toen vergelijken met dat van nu, dan zijn we qua natuur ver achteruitgegaan. Heel veel landschapselementen zijn weg.’

Joep Peeters (VVD): ‘Je kunt heel veel welzijn en natuur willen, maar zonder goede economie en zonder ondernemers heb je geen welvaart. En zonder welvaart heb je geen natuur en geen welzijn. We moeten opletten dat alles wordt opgeofferd voor welzijn en natuur.’


Nathalie Rozendaal (Hart voor Horst aan de Maas): ‘Natuur en economie kunnen heel goed samengaan.’

Maarten Voesten (D66-GroenLinks): ‘Natuur kost in eerste instantie geld, maar levert zó veel op in termen van gezondheid. We moeten niet alles opofferen voor de economische winsten. Ik denk dat we in Horst aan de Maas veel te veel produceren.’

Alex Janssen (Doen): ‘Dat idealistische denken is totaal niet praktisch. Economie lijkt een vies woord te worden in deze gemeente. We hebben geld te verdienen, er moet brood op de plank komen. We moeten het nuchtere boerenverstand blijven gebruiken.’

Hilde Spreeuwenberg (Perspectief): ‘We hebben een economie waarin ondernemers oneindig moeten groeien. Dat deugt niet. Daardoor heb je steeds grotere bedrijven nodig. Maar daar hebben we de grond niet voor. Dus moet je de economie op een andere manier invullen.’

vrijdag 14 november 2025

Wandelvondst (2)

vondst: schelpen
lengte: 7 en 8 centimeter
gewicht: 8 en 15 gram
locatie: Ooijen, nabij zijgeul Maas
datum: 13 november 2025
tijdstip: 9.16 uur


Kasteel Ooijen is een alleraardigst kasteeltje, maar hoge ogen in de mooiekastelencompetitie gooit het nu ook weer niet. Het meest imposante aan kasteel Ooijen is de enkele jaren geleden opgetrokken kasteelmuur. Waardoor in elk geval de Maas buiten de deur wordt gehouden. Loop onderlangs de muur en het tienduizend-stappen-per-dag-kwantum komt binnen handbereik.


Aan de voet van de onafzienbare kasteelmuur ligt een steppe die afloopt naar een zijgeul van de Maas. Op het breukvlak van steppe en water liggen lege schelpen. Best wel veel lege schelpen. Allemaal min of meer dezelfde schelpen, zelfde lengte, zelfde bruinachtige tinten, even breekbaar ogend.


Wat voor schelpen zijn het? Waar komen ze vandaan? Is het steppezand soms hiernaartoe getransporteerd strandzand? Is dat geen strandzand naar maaszand dragen? Wie heeft de inhoud van de schelpen genuttigd?


Google transformeert zalige onwetendheid in een handomdraai in pseudo deskundigheid. Zoetwatermosselschelpen zijn het. ‘Kenmerken zijn een vaak onregelmatige, langwerpige of ovale vorm, een geel-bruine opperhuid met groeiringen en een glanzende, zilverwitte binnenkant met een parelmoerachtig uiterlijk.’ ‘Zoetwatermosselen zijn tweekleppigen die in zoetwater voorkomen.’ ‘Met zijn toch wel ongewone voortplantingscyclus is het toch wel een best interessant dier.’ ‘Zoetwatermosselen filteren het water van uw vijver.’ ‘Verschillende vogels eten zoetwatermosselen, waaronder meerkoeten en reigers (die ze met schelp en al verslinden), kuifeenden en brilduikers (die duiken om ze te eten), en meeuwen (die grote mosselen kapot pikken of laten vallen).’