Posts tonen met het label straatmeubilair. Alle posts tonen
Posts tonen met het label straatmeubilair. Alle posts tonen

zondag 19 juli 2020

Intermezzo – Spoor van vernieling

‘Vloeken mag niet.... Maar nu doe ik het toch. Manmanman wat een kansloos volk. In dit geval een pluim als je iemand verraad die dit gedaan heeft. Zo’n volk verdind gewoën alle negatieve aandacht die mogelijk is. Zulk volk zijn vaak jarenlang een onbetaalbare energie verslindende ergernis voor de maatschappij. Aanpakken met of zonder veraoje.’

Aldus de zelfbenoemde Doener in Passie, de gepassioneerde voorvechter van de Positieve Power van het Positivisme, de onvermoeibare ijveraar voor Geen Bla Bla maar Tok Tok, de bevlogen creator van Gezamenlijkheid vanuit een Open Positieve Houding, de gedreven verspreider van Positieve Energie (klik hier). Als zelfs híj vervalt in gevloek, in gescheld, in een open negatieve houding, in woede, in geblaat, in een oproep tot klikken, in – excusez le mot – azijnpisserij, dan moet er iets aan de hand zijn. En er ís iets aan de hand: in de nacht van vrijdag op zaterdag is een spoor van vernieling door Horst (aan de Maas) getrokken. Planten uit plantenbakken getrokken, een blikvanger vernield, dat soort werk. Irritant inderdaad. Hoogst irritant.


Ook een gekozen volksvertegenwoordiger mag zijn ergernis uiten. Maar van een gekozen volksvertegenwoordiger mag je méér verwachten dan meehuilen met de wolven in het bos. Zeker als die gekozen volksvertegenwoordiger het als zijn missie ziet om mensen te verbinden, te inspireren, te stimuleren om mooie dingen te doen, in hun kracht te zetten. Een gekozen volksvertegenwoordiger die oproept om te focussen op wat wél kan, om te denken in mogelijkheden in plaats van beperkingen, om samen aan te pakken. Van zó’n gekozen volksvertegenwoordiger mag je verwachten dat hij zijn emoties ontstijgt. Dat hij het vuurtje niet verder aanwakkert. Dat hij zich niet bezondigt aan wij-zij-denken. Dat hij bezonnenheid toont. Dat hij zaken in een breder perspectief plaatst. Dat hij zich afvraagt of alle bezuinigingen op het jongeren- en bejaardenwerk waar zijn partij medeverantwoordelijk voor is, misschien bijdragen tot excessen. Dat hij het niet laat bij een oproep tot aanpakken en klikken. Dat hij komt met (suggesties voor) oplossingen, met (het begin van) een plan van aanpak. Want, hoe zei hij het ook alweer: ‘Positivisme trekt mensen aan en verbindt ze met elkaar.’


Planten uit plantenbakken trekken en een blikvanger vernielen getuigen van agressie. Diezelfde agressie spreekt uit de woorden van de Doener in Passie. Niet uit te sluiten valt dat de plantentrekker(s) en blikvangervernieler(s) berouw zullen tonen na het spoor van vernieling dat ze hebben getrokken. Hetzelfde geldt voor de Doener in Passie. Blijft de vraag of hij nu zelf de ware aard van het beestje heeft onthuld. Sowieso is het beter om eerst te denken en dan pas te Doen.

dinsdag 23 juli 2019

Klein mysterie 774 – Abri’s

Let je even niet op, zijn ze verdorie ineens verdwenen …


Ik heb het uiteraard over de afgedankte abri’s die de oevers van de Gubbels Vijver in Broekhuizenvorst sinds jaar en dag opsierden. Enig schuldgevoel bekruipt me: waarom heb ik, in de wetenschap dat de vijver midden in het reactiveringsgebied van de oude Maasarm lag, de afgelopen jaren dan ook geen oogje in het zeil gehouden? Van de andere kant: het kan toch niet zo zijn dat ik de enige ben die de teloorgang van het betonnen erfgoed in Horst aan de Maas pijn doet?


‘Maar we hebben de betonnen abri’s in Meerlo, Swolgen en Tienray toch nog?’, zal deze of gene wellicht opmerken. Klopt. Maar hoe lovenswaardig hun behoud en hoe fraai hun aanblik ook is, de beschildering van die abri’s doet toch afbreuk aan hun oorspronkelijke kale schoonheid.


Puristen zullen nu ongetwijfeld tegenwerpen dat de abri’s langs de Gubbels Vijver eveneens beschilderd waren. Ook dat klopt. Maar omdat die beschildering egaal en in een niet-schreeuwerige kleur was aangebracht, schemerde in deze abri’s het origineel toch aanzienlijk meer door.


Wat ook klopt, is dat de Gubbels Vijver-abri’s er niet al te florissant meer bijstonden. Maar alles is te herstellen, zelfs afbrokkelend beton, dus het verval lijkt me geen overtuigend argument om die abri’s dan maar naar een andere wereld – in dit geval de betonhemel – te helpen.


Zijn ze dan inderdaad naar een andere wereld geholpen? Ik moet eerlijk bekennen dat ik dat niet weet. Maar iets zegt me dat het wel eens heel slecht kon zijn afgelopen met deze abri’s. Net als met de Gubbels Vijver zelf trouwens, die ten prooi is gevallen aan het geweld van de reactivering van de oude Maasarm.


Of vergis ik me en liggen de abri’s ergens in een loods te wachten op betere tijden? Of, nog mooier, zijn ze gerestaureerd en zijn ze een tweede leven begonnen aan de oever van een andere visvijver?


Wie het weet, mag het zeggen!      

vrijdag 22 december 2017

Actualisatie – Telefooncellen (3)

Naar aanleiding van een Horst-sweet-Horst-stukje over de geruisloze verdwijning van telefooncellen uit de Horster openbare ruimte (klik hier) twitterde Thijs Coppus op 6 september 2010: ‘Wim, in Heerlen staat er nog een in het wild.’ Zijn tweet ging vergezeld van deze foto:


Het betrof een telefooncel bij het busstation in het Heerlense Maankwartier. Een pareltje. Ik schreef destijds (klik hier):
‘Het bijzondere is nu dat aan deze cel een mooi verhaal is verbonden dat rechtstreeks verband houdt met Horst. Ik wist dat. Thijs Houwen wist dat. Thijs Coppus weet het sinds vorige week (als dank voor het mogen gebruiken van zijn foto). En u? U laat ik nog even in het ongewisse.’
Na ruim zeven jaar acht ik nu dan toch de tijd gekomen u te bevrijden uit het ongewisse. Aanleiding is deze foto,


die mijn voormalige klasgenote Chiarangela van Lieshout afgelopen week op Facebook plaatste (klik hier), vergezeld van het onderschrift ‘De enige (bij mijn weten) nog werkende telefooncel staat in Heerlen’.


Terug naar 12 juli 2008 (waar blijft de tijd?). Op die dag publiceerde ik een stukje waarin ik, met foto, refereerde aan een telefooncel in de tuin van Thijs Houwen (klik hier). Een jaar later, op 1 juli 2009, ontving ik een e-mail van Michel Huisman, die zich introduceerde als kunstenaar en ontwerper van een busstation in Heerlen, ‘een stad die jarenlang gebukt ging (en nog steeds gaat) onder de lelijkheid die ons tijdperk zo lijkt te tekenen’. Michel schreef dat hij het idee had opgevat bij het busstation een oude telefooncel weer in gebruik te nemen.
‘Op internet trof ik op Uw mooie site een foto van een telefooncel in een tuin, welke mijn belangstelling opwekte. (…) Daarmee kom ik op de – misschien onbeleefde maar tevens – wanhoopsvraag, of Thijs Houwen zijn telefooncel alstublieft zou willen verkopen aan de gemeente Heerlen, die aan het idee mee willen werken, dat in Heerlen zo’n oude cel (in geheel gerestaureerde staat) weer in gebruik wordt genomen. Indien dit emotioneel is op te brengen door genoemde Thijs, zou hij de mens van deze tijd de dienst bewijzen, het verschil zichtbaar te maken tussen de schoonheid van de periode waarin deze cel bestond en de opvattingen daarover nu. Alleen zó dringt tot de mens door, in welke richting hij zich begeeft en wat zijn oorsprong was. Wie zijn geschiedenis vergeet, verliest iets van zijn identiteit.’
Desgevraagd wilde Thijs Houwen met alle plezier zijn telefooncel beschikbaar stellen voor dit nobele doel. Zover kwam het niet: Michel had z'n e-mail nog maar nauwelijks verstuurd of hij vond al een andere telefooncel via Marktplaats. Waarop hij Thijs en ondergetekende berichtte:
‘Toch ben ik U erg erkentelijk voor de genomen moeite & de ruimte in Uw hoofd. De cel van Thijs zal nu mogelijk nog lang het eindpunt vormen van het aandoenlijke tegelpaadje daarheen.’

P.S. 1 Wie geïnteresseerd is in Michel Huisman en het door hem ontworpen Maankwartier in Heerlen kan ik van harte de documentaire Een hart voor Heerlen aanbevelen (klik hier).

P.S. 2 Kan misschien iemand me aan het e-mailadres van Michel helpen? (Laat me alstublieft niet net zo lang in het ongewisse als ik u.)

maandag 7 november 2016

Intermezzo – Dorpspomp (2)

‘De originele dorpspomp van het Lambertusplein staat niet op het Wilhelminaplein, maar ligt bij het afvalverzamelstation aan de Americaanseweg, wist jij dit?’, zo mailde iemand me onlangs. Ja, ik wist dat de pomp op het Wilhelminaplein niet de pomp is die tot een jaar of vijf geleden het Sint-Lambertusplein sierde. En nee, ik wist niet dat de Lambertuspleinpomp op de gemeentewerf aan de Americaanseweg lag te verstoffen. Wel herinnerde ik me dat ons ooit was beloofd dat de Lambertuspleinpomp zou verhuizen naar het Wilhelminaplein en dat de Wilhelminapleinpomp zou verkassen naar een nog nader te bepalen locatie (klik hier).
Vermoedelijk speculeerde de e-mailverzender erop dat ik de Horst-sweet-Horst-lezers deelgenoot zou maken van mijn helse verontwaardiging over de schandelijke verwaarlozing van dit historisch erfstuk. Mocht dat zo zijn, dan was hij bij mij aan het verkeerde adres: ik ben geen liefhebber van nostalgische kitsch. En dat zijn al dan niet quasihistorische waterpompen die worden misbruikt om een dorp/plein een quasiauthentieke uitstraling te verlenen. Al dan niet quasihistorische waterpompen bovendien waaraan iedereen achteloos voorbijloopt als ze er eenmaal staan.
Ik nam me voor mijn mondje in dezen niet te roeren. Voor je het weet heb je slapende honden wakker gemaakt, komt er een beweging op gang om de Lambertuspleinpomp in ere te herstellen en zien de meest vreselijke Loëp nà de pómp-evenementen het licht. Moeten we allemaal niet hebben. 

Waarom nu dan toch dit stukje? Vanwege dit:
Beter valt mijn stelling dat al dan niet quasihistorische waterpompen worden veronachtzaamd als ze er eenmaal staan, niet te illustreren. De quasihistorische pomp op het Wilhelminaplein gedegradeerd tot ordinaire reclamezuil. De pomp staat voor paal. Niemand die het ziet, niemand die het interesseert, niemand die er aanstoot aan neemt, niemand die de ijzerzaag ter hand neemt om de pomp te ontketenen.
Allemaal tekenend voor de totale nietszeggendheid en overbodigheid van de pomp. Zou het ook maar iemand opvallen als de pomp op een goede dag verdwenen zou zijn?
Ik zeg: weg met die pompen! Berg ze op in een museum of laat ze desnoods verstoffen op de gemeentewerf, maar laat de Horster pleinen er alsjeblieft van verschoond blijven.
En als je dan toch bezig bent, ga dan tegelijkertijd eens met de stofkam door het Horster centrum en verwijder meteen al die andere overbodige tralala. Creëer nu eindelijk eens rust. Weldadige visuele rust – ik snak ernaar.

maandag 3 augustus 2015

Top 5 – Positieve kanten aan de vernieling van enkele Hegelsomse en Sevenumse abri’s (‘bushokjes’)

In de nacht van woensdag op donderdag trokken vandalen op de Stationsstraat in Hegelsom en de Horsterweg in Sevenum een spoor van vernieling. Onder meer een digitaal aankondigingsbord en het glas van vier abri’s (ook wel ‘bushokjes’ genoemd) moesten het ontgelden. Na het bekend worden van dit nieuws (klik hier) overspoelde een vloedgolf van verontwaardiging Horst aan de Maas. Op Facebook werd het opsporingsbericht van de politie bijvoorbeeld bijna 450 keer gedeeld en leidde het tot meer dan vijftig overwegend heftige reacties (klik hier).
Zoals bekend is Horst-sweet-Horst altijd geneigd de zaken van de zonnige zijde te bezien. Niets zo gruwelijk of er zitten ook positieve kanten aan. Bij bovengenoemde vernielingen is dat niet anders. De samenstelling van de Horst-sweet-Horst top 5 van positieve kanten aan de vernieling van enkele Hegelsomse en Sevenumse abri’s bleek bij een overschot aan positieve kanten zelfs nog een hele klus. Toch is het na lang wikken en wegen gelukt. Komt-ie:
5. De transparantie van de betreffende abri’s was spreekwoordelijk. Zo spreekwoordelijk dat het met de regelmaat van de klok voorkwam dat mensen met hun snufferd tegen het abriglas aanliepen. Dat is er nu gelukkig niet meer bij.   

4. De vandalen zijn zo netjes geweest hun frustraties bot te vieren op dingen. Mensen, dieren, planten: allemaal bleven ze gespaard.
3. Mét glas waren de abri’s bij tropische temperaturen een hel, zónder glas zijn ze op dagen als vandaag hemels. Heerlijk verkoelend briesje en schaduw op de koop toe. Wat wil je nog meer?

2. Met hun actie zorgen de vandalen voor een substantiële impuls voor de door de bouwcrisis zo zwaar getroffen glasboeren.
1. De strooptocht van de vandalen vestigt weer eens de aandacht op de onvoorstelbare lelijkheid van de abri’s in onze contreien. En die aandacht is alleen maar positief: hopelijk worden de verantwoordelijken nu eindelijk wakker en halen ze de fantastische betonnen abri’s, die ik me herinner uit de jaren zeventig en waarvan er nu enkele staan te verpieteren bij een visvijver in Broekhuizenvorst,
uit de mottenballen.

maandag 31 maart 2014

Intermezzo – Afvalbak

‘Met Grijsen Park & Straatdesign, goedemorgen.’
‘Ja, hier met Janssen van de gemeente Horst aan de Maas.’
‘Goedemorgen, meneer Janssen. Wat kunnen wij voor u betekenen?’
‘Vijf afvalbakken graag.’
‘Een ogenblik, meneer Janssen, dan verbind ik u door met onze divisiemanager afvalbakken.’
‘Goedemorgen meneer Janssen, u spreekt met Piet de Bruin, divisiemanager afvalbakken. Waarmee kan ik u van dienst zijn?’
‘Vijf afvalbakken graag.’
‘Waar had u aan gedacht?’
‘Hoezo “Waar had u aan gedacht”? Gewoon vijf afvalbakken.’
‘Maar meneer Janssen toch! Weet u dan niet dat wij een uitgebreid assortiment afvalbakken voor de openbare ruimte hebben? En wat dacht u? Allemaal royaal, uitnodigend en ergonomisch. Neem bijvoorbeeld de Constructo: robuust, modulair en gebruikersvriendelijk. De Constructo 100 heeft daarnaast nog een aantal extra’s, zoals een robuuste RVS slotstang met dubbele vergrendeling. De Constructo 65 heeft dan weer een optioneel afsluitbare bak in geval van verwachte calamiteiten. Bovendien is de Constructo 65 voorzien van een driekantslot. En wat betreft de panelen heeft u onder meer de keus uit een aluminium tranenplaat, een stalen noppenprofiel en glad RVS.’
‘…’
‘Wat ik u ook beslist kan aanraden is een Column. Column-afvalbakken combineren design met opslagcapaciteit. Lediging kan met een voertuig met kambelading. Ook niet weg: door de modulaire opbouw zijn alle onderdelen los te vervangen.’
‘…’
‘Maar u kunt natuurlijk ook voor een Estilo gaan. Die heeft een heel interessante inworpverkleiner, is eveneens robuust en functioneel en heeft bovendien als pre dat ie esthetisch inpasbaar is in de omgeving.’
‘…’
‘De Cubic 40 is dan weer bij uitstek geschikt voor bijzondere plekken, waar een mooi accent op zijn plaats is. De eigenzinnige, licht voorover hellende afvalbak kan worden voorzien van een bovenkant met zowel een ronde als een schuin opstaande inworpopening.’
‘…’
‘De Quadrat biedt uiteraard ook veel mogelijkheden. Hij werd niet voor niets meteen genomineerd voor de Nederlandse designprijzen. Absoluut een verrijking voor het straatbeeld. Heel bijzonder is ook de bovenkap van aluminium met een naturel uitstraling of anders een mooie passende poedercoating.’
‘…’
‘Meneer Janssen! Bent u daar nog?’
‘Ach, weet u meneer De Bruin, doe maar iets. Het zijn maar afvalbakken, hè? Als ze maar robuust zijn en een beetje duurzaam ogen, voor de rest maakt het allemaal niet uit. En aan design doen we hier al helemaal niet.’
‘Komt voor de bakker, meneer Janssen.’

dinsdag 3 februari 2009

Intermezzo – Dorpspomp (1)

Bij graafwerkzaamheden op het Wilhelminaplein is vorige week de waterput van een oude, net na de Tweede Wereldoorlog verwijderde dorpspomp ontdekt. Volgens Dagblad De Limburger van 29 januari onderzoekt de gemeente nu of het mogelijk is een replica of een andere oude pomp op het plein te plaatsen. Ik weet niet of ik daar wel zo’n groot voorstander van ben. Begrijp me goed: bevordering van het historisch besef juich ik toe en ik zou het ook goed vinden als de plaats van de pomp op de een of andere manier wordt gemarkeerd. Maar of dat moet gebeuren door er een pomp neer te zetten die er nooit heeft gestaan, is nog maar de vraag. Ik vind het eerlijk gezegd een beetje fantasieloos. En wees eens eerlijk: levert de pomp op het Lambertusplein een wezenlijke bijdrage aan de bevordering van het historisch besef?Of bent u er altijd gedachteloos aan voorbijgegaan? Of nog erger: vroeg u zich, toen u het bericht in Dagblad De Limburger las, af of de pomp op het Lambertusplein er eigenlijk nog wel stond? Ik zal maar eerlijk bekennen dat ik deze laatste vraag met ‘ja’ moet beantwoorden.
In het geval van de pomp op het Wilhelminaplein zou ik veeleer de verbeelding proberen te prikkelen. Dat kan op een heel eenvoudige manier door de contouren van de put in de bestrating tot uiting te laten komen. Creatiever zou het zijn om op de plaats van de put een glazen tegel aan te brengen met daaronder die prachtige vooroorlogse foto van hoepelende kinderen bij de betreffende pomp. Maar als ik het echt voor het zeggen had, zou ik een kunstenaar met het gegeven van de historische pomp aan de slag laten gaan. Hem of haar iets eigentijds laten scheppen dat verwijst naar het verleden van deze specifieke plek (zoals het vlaskunstwerk refereert aan de Horster textielhistorie). Denk bijvoorbeeld aan een object dat om de minuut een druppel water uitspuugt. Of nee, nog beter: een geluidskunstwerk dat het geluid reproduceert van water dat wordt opgepompt en zinken emmers vult, met op de achtergrond het geroezemoes van de wachtende dorpsbewoners. Briljant idee als je het mij vraagt, maar ik heb helaas het vermoeden dat het al een uitgemaakte zaak is dat er een replica van de oorspronkelijke pomp komt.