Posts tonen met het label café's. Alle posts tonen
Posts tonen met het label café's. Alle posts tonen

vrijdag 29 mei 2026

Glorieus verval (1) – ’t Kruuspunt

Café ’t Kruuspunt aan de Americaanseweg in Meterik, augustus 2017, begin van de avond. De stamgasten, een stuk of tien mannen, overwegend van middelbare leeftijd, hebben zich zoals te doen gebruikelijk verzameld op hun vaste barkrukpositie rondom de tap. Ze zitten collectief wat voor zich uit te zwijgen. Ineens gaat de deur open. Twee vrouwen van begin twintig treden binnen. Tien mannenhoofden van middelbare leeftijd draaien tegelijkertijd hun kant op. De vrouwen worden aangestaard alsof het verschijningen uit de hemel zijn, neergedaald op aarde. Na een halve minuut die wel een uur lijkt te duren, doorbreekt de kastelein het zwijgen én de betovering met de vraag wat de dames willen drinken. De mannenhoofden van middelbare leeftijd wenden zich weer zwijgend richting tap.

Onvergetelijke scène, westernachtige allure.


Ergens tussen toen en nu heeft ’t Kruuspunt niet langer uitsluitend op maandag maar voor altijd z’n deuren gesloten. Feesten, partijen en barbecuen in de Feestruimte – das war einmal. Jarenlang probeerde een strategisch op de kruising van Americaanseweg en Speulhofsbaan gepositioneerd makelaarsbordje de aandacht te trekken van potentiële nieuwe uitbaters. Zelfs dat is inmiddels verdwenen. Niemand zag nog brood in dit etablissement, bepaald geen toonbeeld van moderniteit. Waardoor het verval zijn kans schoon zag. ’t Kruuspunt verkeert in staat van ontbinding. Het stadium van verregaande staat van ontbinding is nog niet bereikt, het stadium van herstel-is-nog-mogelijk al een tijdje geleden gepasseerd. Haveloos, zo oogt het. Tastbare herinneringen aan het glorieuze verleden worden steeds schaarser, leggen het af in hun kansloze strijd tegen het verval en souvenirjagers. De bierbel en het bordje dat ernaar verwijst hebben manhaftig stand weten te houden. Hoe lang nog? De lantaarns zijn gedoofd. Een plantaardig bewind is in de maak, geen gehoor gevend aan de oproep om de inrit vrij te laten.












maandag 18 mei 2026

Intermezzo – Schoolstraat 2

Afgelopen week werd bekend dat de gemeente Horst aan de Maas de panden Schoolstraat 2 en 4 heeft aangekocht. Hen wacht de sloopkogel: de percelen worden onderdeel van een nieuw te ontwikkelen gebied rondom de voormalige Weisterbeekschool. Verantwoordelijk wethouder Eric Beurskens (Essentie) verklaarde gisteren tegenover De Limburger dat beide panden geen bijzondere cultuurhistorische waarde hebben die behoud noodzakelijk maakt:
‘Je zou dat misschien bij het huidige gebouw van Flash Casino, waar vroeger discotheek Modern zat [Schoolstraat 2], kunnen denken, maar dat heeft niet de waarde die soms wordt vermoed. Zeker vanbinnen niet.’
Het lijkt erop dat de wethouder de begrippen ‘cultuurhistorische waarde’ en ‘architectonische waarde’ met elkaar verwart. Ik kan me voorstellen dat de architectonische waarde van Schoolstraat 2 mede door een aantal verbouwingen niet bijzonder groot is. Maar het cultuurhistorisch belang valt niet te onderschatten.


Vanaf de oplevering heeft het een rol gespeeld in het ontspanningsleven van generaties Horstenaren. Schoolstraat 2 is dan ook onderdeel van het collectieve Horster geheugen. De geschiedenis van het pand begint in 1897 toen bierbrouwer Piet Vullinghs besloot tot de bouw van een zaal die hij vervolgens verhuurde aan het Horster Mannenkoor. Dit hield er op 6 januari 1898 zijn eerste concert.

Gezicht vanaf de Veemarkt op de Mannenkoorzaal, vóór de bouw van pand Seuren (1912)
In 1934 werd Piet Mooren eigenaar van de Mannenkoorzaal. Mooren zocht naar uitbreiding van zijn winkel in fietsen, naaimachines en radio’s. Die vond hij deels in de Mannenkoorzaal. Hierin werden sinds de jaren twintig zo nu en dan ook films vertoond. Vanaf 1937 kregen die filmvoorstellingen een permanent karakter: elk weekend vertoonde exploitant en zaalhouder Piet Mooren er op meerdere tijdstippen een film. Daarmee had Horst ineens een heuse bioscoop, Centraal genaamd. Evengoed bleef het Mannenkoor tot 1945 repeteren en concerteren in de zaal.


Eind jaren zestig sloot de Centraal Bioscoop zijn deuren. In de jaren zeventig nam de roemruchte discotheek Modern zijn intrek in het pand. Daarna kreeg het zijn huidige bestemming als gokhal.

Aankondiging in de Nieuwe Venlosche Courant van 2 april 1937 van een van de eerste films in de Centraal Bioscoop
De cultuurhistorische betekenis van Schoolstraat 2 lijkt me daarmee voldoende aangetoond. Of dat behoud noodzakelijk maakt? Mwah. Misschien blijft het pand wel langer in het collectieve geheugen verankerd als de geschiedenis ervan en de herinneringen eraan worden onderzocht, vastgelegd en openbaar gemaakt in de vorm van een publicatie, documentaire, expositie of podcast.    

woensdag 14 januari 2026

Horstensia (12) | Suikerzakje

Object: suikerzakje
Inhoud: kristalsuiker C.S.M.
Materiaal: papier
Afmetingen: 7,7 x 5 cm
Gewicht: 1 gram
Producent: W. v. Oordt & Co Rotterdam
Datering: tussen 1960 en 1963


“St. Lambert.” Uit te spreken op z’n Frans (‘Saint Lambèr’) – heeft toch net iets meer cachet dan ‘Sint Lambertus’. Terwijl het er in mijn herinnering verder toch vooral de gestampte pot was: Perzische tapijtjes op de tafels en eenvoudige houten stoelen, al repte het Dagblad voor Noord-Limburg bij de opening op 1 oktober 1959 van ‘een fris-moderne sfeer’. In datzelfde artikel heet het dat ‘de heer H. Boots’ de eigenaar is. Hay Boots, de latere wethouder? Uitbaters waren op dat moment Otto en Margriet Schachtschabel-van Leeuwen.


De tekening van Lambertus vertoont verdacht veel overeenkomsten met een door pater Humbert Randag in 1946 ontworpen afbeelding van Lambertus. Randag, een vertrouweling van pastoor-deken Debye, gaf een gekwelde Lambertus weer, gezeten op de resten van de aan het einde van de Tweede Wereldoorlog verwoeste Sint-Lambertuskerk. De tekening werd gedrukt en aan de man gebracht om geld in het laatje te brengen voor de nieuwbouw van de kerk. Op het suikerzakje zijn de resten van de verwoeste kerk vervangen door de toren van de nieuwgebouwde kerk. Maar Lambertus lijkt heel duidelijk te zijn geïnspireerd op de Lambertus van Randag (inclusief het wapen van de gemeente Horst) met dien verstande dat Lambertus op het suikerzakje in spiegelbeeld is weergegeven.

maandag 25 augustus 2025

Top 5 – Gasthoêsherberglokversjes

Met het verdwijnen van de middenstand dreigt ook de betere middenstandspoëzie verloren te gaan. Een ernstig verlies. Ook Horster winkeliers waren van oudsher hoogst bedreven in dit poëtisch genre. Wat dacht u bijvoorbeeld van dit pareltje, aangetroffen in de in 1920 uitgegeven gids bij het eeuwfeest van de Koninklijke Harmonie van Horst?

Toon Bekkers in zijn winkel
verkoopt en maakt schoenen passend in den inkel
Ze sluiten vast en zijn sterk,
koopt dus Toon Bekkers zijn schoenwerk!

Iets minder vloeiend loopt dit versje uit dezelfde publicatie:

’t Is toch iets!!!
Zoo’n slechte Duitsche fiets!!!
Maar waarom koopt U dan ook niet een degelijk karretje bij
Th. Greve, Herstraat, Horst?

Inderdaad, rijmen en dichten zonder je hemd op te lichten klinkt anders. Bijvoorbeeld zo:

Wilt Ge iets fijn
Rookt een Robijn

Het verheugende nieuws is nu dat de herberg, de horecagelegenheid van ’t Gasthoês, in de voetsporen is getreden van deze vooroorlogse klassieker van sigarenfabrikant Rubie en van vergelijkbare onvervalste klassiekers. Komt-ie, de exclusieve Horst-sweet-Horst top 5 van Gasthoêsherberglokversjes:

5.

Of de iets mindere variant hierop:


4.

3.

2.

1.

zondag 6 juli 2025

Intermezzo – Biertunnel

Een kleine twee weken geleden begonnen aan de Schoolstraat, nabij de kruising met de Herstraat, graafwerkzaamheden. Het lijkt erop dat die inmiddels nagenoeg zijn afgerond. Pas vandaag realiseerde ik me dat ik daarmee een unieke kans heb laten schieten om met eigen ogen te aanschouwen of de gravers zouden stuiten op een biertunnel of de restanten daarvan.


Een biertunnel? Hoezo dat? Welnu: in de negentiende eeuw was nagenoeg alle grond rondom de kruising Schoolstraat-Herstraat in het bezit van de familie Vullinghs, een brouwersgeslacht. Op het huidige adres Schoolstraat 1, het pand waar nu Anja van de Smid zetelt, was destijds brouwerij De Roskam gevestigd.


In 1883 werd Piet Vullinghs (1848-1901) eigenaar van De Roskam. Hij was in 1894 betrokken bij de oprichting van het Horster Mannenkoor en behoorde tot de eerste bestuursleden. Het Mannenkoor repeteerde aanvankelijk in een café. Concerten vonden plaats in een schoollokaal. In het voorjaar van 1897 gaf Piet Vullinghs opdracht voor de bouw van een eigen concertzaal voor het Mannenkoor op een perceel recht tegenover zijn woonhuis en brouwerij. Die bouw begon op 1 juni 1897. Op donderdag 6 januari 1898 vond het eerste concert plaats in de nieuwe zaal, waarover het Venloosch Weekblad schreef: ‘De zaal, een sierlijk gebouw, op een goed punt in de kom der gemeente gelegen, is lang 23, breed 10 en hoog 7½ meter. Van binnen is zij rijk versierd door een mooi ameublement, waaronder een schoone piano en prachtig tooneel.’

Gezicht vanaf de Veemarkt op de mannenkoorzaal, vóór de bouw van pand Seuren (1912)
Piet Vullinghs verhuurde de zaal voor honderdtien gulden per jaar aan het Mannenkoor. Onderdeel van het contract was dat het koor er uitsluitend bier van Vullinghs mocht schenken. Verder – nu wordt het echt interessant! – had Vullinghs afgedwongen dat hij onder de zaal een kelder mocht bouwen voor de opslag van zijn bier. Hoe dat bier van zijn brouwerij in de tegenover gelegen mannenkoorzaal belandde? Via een biertunnel uiteraard! Dat is althans wat ik verschillende mensen in de loop der jaren heb horen beweren. Broodjeaapverhaal? Of is/was er echt zo’n tunnel? Wie het weet, mag het zeggen.


Overigens was vanaf 1937 de eerste en tot dusverre enige Horster bioscoop gevestigd in de mannenkoorzaal. Later werd ze het onderkomen van discotheek Modern en tegenwoordig van Flash Casino.   

Zoek de verschillen met de foto uit het begin van de vorige eeuw...
Geraadpleegde bronnen: Loe Derix, Oud Horst in het nieuws 1 (Horst 1990) p. 198-200; Marcel Pennings e.a., 100 jaar Horster Mannenkoor in woord en beeld (Horst 1994).

zaterdag 1 maart 2025

Intermezzo – Gedraag ow

Met carnaval in aantocht is zo ongeveer heel Horst behangen met Gedraag ow-posters. Hoe verschrikkelijk de aanleiding hiervoor ook mag zijn, het heeft óók wel iets verfrissends dat een oproep om je te gedragen eens een keer niet van bovenaf wordt gedaan maar voortkomt uit de bevolking.


Als het gaat om het reguleren van menselijke gedragingen in het algemeen en die van de viering van carnaval (dan wel vastenavond) in het bijzonder, stonden en staan overheden doorgaans op de eerste rij. Openbare bestuurders was en is het daarbij te doen om het handhaven van de openbare orde en rust. Kerkelijke autoriteiten wilden gelovigen behoeden voor drankmisbruik, overmatig cafébezoek en het samenzijn van vrouwen en mannen, dat het risico van seks buiten het huwelijk met zich meebracht.

Wereldlijke en kerkelijke overheden werkten van oudsher nauw samen bij het beteugelen van feestelijkheden. Bijvoorbeeld toen de Roermondse bisschop Cools in 1680 constateerde dat de wereldlijke autoriteiten niet streng genoeg optraden tegen excessen tijdens de vastenavonddagen. Prompt besloten de wereldlijke autoriteiten dat schandaleus gedrag met vastenavond en het houden van vastenavondbijeenkomsten gedurende de vasten zouden leiden tot een boete van twee gulden.


Of in 1705 in Horst een vergelijkbaar een-tweetje plaatsvond valt niet meer te achterhalen, maar vaststaat dat schout Reinier van Eindt op 24 januari van dat jaar de teugels strakker aantrok wat betreft vastenavondbijeenkomsten. Hem was namelijk ter ore gekomen dat (jonge)mannen op zon- en heiligendagen bij particulieren thuis vastenavondbijeenkomsten hielden. Omdat dat indruiste tegen de regels stond de organisator van zo’n bijeenkomst voortaan een boete van een gulden te wachten. De feestvierders zelf konden rekenen op een boete van een halve gulden.


Van Eindt beriep zich onder meer op regels die in 1689 waren uitgevaardigd. Daarin was ook bepaald dat mannen tot negen uur in herbergen mochten verblijven en vrouwen herbergen vóór zonsondergang dienden te verlaten.


Deze regel werd in de nacht van 16 op 17 februari 1715 – een week voor vastenavond – flagrant overtreden in herberg De Speulhof in Meterik. Daar stond kastelein Andries van Crommentuyn toe dat een ‘troep jonggesellen’ zich tot in de vroege ochtend kostelijk vermaakte met drank en muziek, tot ‘groot schandael’ van de omgeving. Wat het aannemelijk maakt dat toen geregeld ‘Gedraag ow!’ door de Meterikse nacht moet hebben geklonken.

woensdag 26 februari 2025

Intermezzo – Vooroorlogs carnaval

‘Vastenavond 1929’ staat met potlood achterop deze uit het familiearchief opgeduikelde foto vermeld. De enige persoon die ik erop herken is mijn toen twintigjarige oma, zittend links, met een beer op haar schoot. Alle twaalf vastenavondvierders zijn verkleed én goedgemutst; alleen de mannen zijn geschminkt, zij het lichtjes. Op het programma waarschijnlijk een bezoek aan een van de vele cafés in de Herstraat, waar mijn oma woonde.


In een podcast hoorde ik een dezer dagen iemand verwijzen naar een citaat uit Deconstructing Harry, een film van Woody Allen: ‘Tradition is the illusion of permanence.’ Ofwel: ‘Traditie is de illusie van permanentie.’ Ofwel: alles verandert, niets blijft hetzelfde. Dit geldt ook voor carnaval. Ja, verkleden, schminken en cafébezoek behoren nog steeds tot de carnavalsrituelen, maar verder doet de hedendaagse viering van carnaval nauwelijks nog denken aan de vooroorlogse.

De in 1911 in Horst geboren Sjang Hoeijmakers noteerde in Die goeie ouwe tijd – Het leven in een Peeldorp omstreeks 1900:
‘Het carnaval werd nog maar alleen in de steden gevierd. Overigens sprak men toen nog niet van carnaval maar van “vastelavond”. In sommige dorpen werden met vastelavond volksfeesten georganiseerd, dikwijls zeer tot ongenoegen van de geestelijkheid, die in die dagen de kerk vol wilde hebben van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat voor het “veertigurengebed”. Ons werd dan verteld dat we moesten komen bidden voor die mensen, die wèl carnaval vierden.’
Illustratief in dit verband zijn berichten uit de Nieuwe Venlosche Courant van 2 maart 1911


en van 26 februari 1914:


Vooroorlogs vastenavondsvermaak in Horst en omgeving bestond voor een deel uit nu potsierlijk aandoende evenementen als een tentoonstelling van ‘de nuttige en fraaie handwerken der meisjes en van het fröbelwerk der bewaarschool’ in het klooster van de zusters ursulinen (bijvoorbeeld in 1917 en 1930), de eerste Sevenumse middenstandstentoonstelling in het plaatselijke patronaat in 1937 en een jaar later de eerste Horster middenstandstentoonstelling in de Mèrthal.  


Was het dan een rebelse daad van mijn oma en haar elf metgezellen om vastenavond te vieren? Nee, dat ook weer niet. Maar carnaval was beslist nog niet het grote volksfeest dat het nu is. Van een strakke organisatie met een lange reeks van festiviteiten en door iedereen geëerbiedigde protocollen was in elk geval nog geen sprake. Wat niet betekent dat het vooroorlogse vermaak zich uitsluitend tot tentoonstellingen beperkte. Hier en daar was er genkrijden (gans trekken) en in cafés werd gekaart en gedanst. Ook vonden op de vastenavonddagen wel gekostumeerde voetbalwedstrijden, toneelvoorstellingen en ‘komische voordrachten’ plaats.


Een bijzonder spektakel moet zich op carnavalsmaandag en -dinsdag in 1935 in Hegelsom hebben afgespeeld:


Of de antieke hangklok en/of De Mijnwerker van Jan Toorop nog steeds een Hegelsomse huiskamer siert? Barak is overigens een aan biljarten verwant spel.

donderdag 21 november 2024

Intermezzo – Integratie

‘Er hadden hier doden kunnen vallen. De sfeer was gisternacht uitermate dreigend.’ Nee, dit citaat heeft geen betrekking op de geweldsuitbarsting in Amsterdam, twee weken geleden. Wel op een geweldsuitbarsting in Horst, een kleine veertig jaar geleden. Op 18 september 1988, kermiszondag, barstte in discotheek Modern in de Schoolstraat in Horst de hel los. Vijf uur lang vechtpartijen, trottoirtegels en bierglazen die door de lucht vlogen, een bedreigde politieman die een waarschuwingsschot loste. Volgens in het Dagblad voor Noord-Limburg geciteerde buurtbewoners hadden er dus doden kunnen vallen.


‘De daders zijn moreel volstrekt ontaard. Ik denk dat we zonder al te veel moeite kunnen stellen dat we een integratieprobleem hebben.’ Nee, dit citaat heeft geen geweld op de geweldsuitbarsting in Horst, een kleine veertig jaar geleden. Wel op de geweldsuitbarsting in Amsterdam, twee weken geleden. Het citaat is afkomstig van onze minister-president, Dick Schoof. 

Ik kom op deze citaten omdat ik worstel met het begrip integratie. Aanstichters van de ongeregeldheden in Horst waren Nederlanders met een katholieke, Noord-Limburgse achtergrond. Niemand die destijds beweerde dat er een integratieprobleem bestond bij Nederlanders met een katholieke Noord-Limburgse achtergrond. Als dezelfde rellen met dezelfde aanstichters nu opnieuw zouden plaatsvinden, zou nog steeds niemand durven te beweren dat Nederlanders met een katholieke Noord-Limburgse achtergrond een integratieprobleem hebben. Maar wat als dezelfde rellen nu opnieuw zouden plaatsvinden en de aanstichters zouden Nederlanders zijn met een islamitische, Noord-Afrikaanse achtergrond?  


Laat ik het eens op mezelf betrekken. Ik ben een Nederlander met een generaties lange katholieke Noord-Limburgse achtergrond. Ik ben ook een zogeheten zevenvinker, iemand die automatisch maatschappelijk bevoorrecht is op basis van zeven kenmerken. Maar ben ik ook geïntegreerd? Ik ben een notoire carnavalsmijder, ik eet geen kaoje, geen k’rboêt en geen zoervleisj, ik ben zelfs vegetariër, ik ben berispt door de woningstichting vanwege mijn onverzorgde tuin, ik laat de jaarlijkse buurtbarbecue aan me voorbijgaan, ik houd me afzijdig van wat in mijn dorp gebeurt. Onder mijn directe buren bevinden zich geboren en getogen Noord-Limburgers, Polen, Somaliërs en Syriërs, maar met geen van hen heb ik contact. Mijn vrienden- en kennissenkring bestaat bijna uitsluitend uit hoogopgeleide witte Nederlanders met een generaties lange katholieke Noord-Limburgse achtergrond.

Zeg het maar: ben ik geïntegreerd?

(Dit stukje verscheen gisteren in iets andere vorm ook in Via Horst-Venray)

dinsdag 5 november 2024

Intermezzo – In America

America. Dát stiët. Althans vandaag nog. Verkiezingsdag. Vandaag het uitgelezen dorp voor vox popjes zou je denken. Snelsnel wat meninkjes van lokalo’s scoren en vlug weer inpakken die hap. Desalniettemin geen cameraploeg, quotezak, journalist of ander mediagespuis te bekennen. In het verleden al te vaak afgekloven bot, te vaak bewandeld pad?


United through madness. Zit beslist wat in. Toch weerstand proberen te bieden aan de nagenoeg onbedwingbare neiging op deze dag elk woord, elke frase, elke slogan die ik tegenkom een lading mee te geven die de schrijver/bedenker onmogelijk kan hebben bedoeld.


Watergang Grauwveen meets Kabroeksebeek én Watergang Grauwveen crosses Kabroeksebeek en verandert van naam in Aanvoerleiding Hegelsom. Aquaduct van 1964 tot 2023, sinds een jaar getransformeerd in een waterval.


Weerstand proberen te bieden aan de neiging dat vallend water te bestempelen tot de Americaanse variant van de Niagara Falls. En de Kabroeksebeek tot de Americaanse variant van Moon River.


Op de speelplaats van kindcentrum (gggrrr) De Wouter rijdt een jongetje op een tractor. In de laadbak een nog kleiner jongetje. ‘De olie is nu op en we staan bij het tankstation’, zegt de chauffeur tegen de bijrijder. ‘Popperdepoppop’, zegt de bijrijder als ze hortend en stotend wegtuffen. Vervolgens verdwijnt het woord oliemagnaat voor een hele tijd niet meer uit m’n hoofd. Is of was Trump oliemagnaat?


Zouaven, onder wie ruim drieduizend Nederlandse vrijwilligers, verdedigden tussen 1861 en 1870 de kerkelijke staat tegen indringers. De in Broekhuizen geboren Johannes Vollebergh was zo’n vrijwilliger. In 1894 verhuisde hij naar America, vandaar die straatnaam. Hoef je nu niet meer om te komen, duizenden vrijwilligers die Vaticaanstad verdedigen. Wel om vrijwilligers die bereid zijn de democratie of de rechtstaat te verdedigen?


Cafetaria Hap & Stap. The land of the free and the home of the brave. Ferm in Chinese handen. Coca Cola zit net iets minder hoog te paard dan het Vrijheidsbeeld. Voor de friteszak is slechts een bijrol weggelegd. ‘Vrijheid, blijheid’, zegt een man die me foto's heeft zien maken.


De zon begint onder te gaan. Het Wilde Westen houd ik maar voor gezien. Weerstand proberen te bieden aan de neiging De Piël in brand erin te gooien.


When the work's all done and the sun’s settin’ low / I pull out my fiddle and I rosin up the bow / Kids are asleep so I keep it kinda low / And thank God I’m a country boy


America. Dát stiët. En bitje scheif.