Veel gewandeld de afgelopen coronaweken. Vooral ook langs beken en sloten. Soms zat het
mee, soms zat het tegen. Als je er, wandelend langs de Kabroeksebeek tussen
Meterik en America, pas na een kilometer achter komt dat je je bij de
oeverkeuze in de fout bent gegaan en weer moet omdraaien, kan dat bijvoorbeeld
lichtelijk frustrerend zijn. Toch zijn de ontdekkingen, de eye-openers, ruimschoots
in de meerderheid. Isolatoren zijn zo’n ontdekking. Je komt ze overal tegen,
maar vooral ook in de buurt van beken en sloten.
Isolatoren? Tot twee weken geleden zou ik niet hebben geweten hoe die dingen
heten die om de zoveel meter aan schrikdraad zijn bevestigd. ‘Poppetjes’ of
iets in die geest zou ik ze waarschijnlijk hebben genoemd. Inmiddels weet ik
dat ‘isolatoren’ de juiste benaming is.
Waarom je isolatoren vooral ook in de buurt van beken en sloten tegenkomt?
Omdat weilanden zich doorgaans in lager gelegen gebieden bevinden en beken en
sloten per definitie het laagste punt van een gebied vormen.
Inmiddels weet ik ook dat er isolatoren in allerlei soorten en maten bestaan. Prachtige,
mooie, lelijke, nietszeggende.
Inmiddels weet ik ook dat veel isolatoren hun functie hebben verloren omdat het
weiland waartoe ze behoorden, niet meer bestaat.
Inmiddels weet ik ook dat Horst aan de Maas bijzonder rijk is aan isolatorisch
erfgoed. Onvermijdelijk gevolg: een top 5 van Horster isolatoren. Bij hoge
uitzondering zonder vermelding van de vindplaats. Dit omdat ik zo’n donkerbruin
vermoeden heb dat sommige exemplaren wel eens gewilde verzamelobjecten zouden
kunnen zijn. Hoe dan ook, hier komt ie, de Horst-sweet-Horst top 5 van Horster
isolatoren:
5.
Klassieker, nog op tal van plaatsen aan te treffen.
4.
Dit, lieve dames en heren, is wat we in vakjargon een ei-isolator noemen.
3.
Uiteraard mag ook de zogeheten Nijntje-isolator niet in deze top 5 ontbreken.
Hoe sierlijk ook de bevestigingshaak.
2.
Stoer, onverschrokken, robuust.
1.
Wat een schatje! Zo vreemd is het toch niet om dit een poppetje te noemen?