Posts tonen met het label Wittenhorst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wittenhorst. Alle posts tonen

maandag 27 april 2026

Intermezzo – Het Athletic Bilbao van de vierde divisie C

‘“Het Athletic Bilbao van de vierde divisie C” wankelt’, kopte De Limburger gisteren, nadat Wittenhorst in eigen huis had verloren van Achilles Veen en daardoor nog niet verzekerd is van een langer verblijf in de vierde divisie. Zorgwekkend. Toch maakte ik een vreugdesprong bij het lezen van die kop: eindelijk weer eens een vergelijking van iets in Horst aan de Maas met het archetype van dat iets.


Een kleine greep uit eerder gesignaleerde Horster archetypische vergelijkingen: Afslag 10 ‘Het Valencia van het noorden’, de toren bij de kasteelruïne ‘De Eiffeltoren van Horst’, Griendtsveen ‘Het Venetië van het zuiden’, Horst aan de Maas ‘Het Volendam van Limburg’ en het strandbad in de Kasteelse Bossen ‘De Rivièra van Horst’. En nu dus Wittenhorst ‘Het Athletic Bilbao van de vierde divisie C’.


Ik hoopte uiteraard dat aan de vergelijking van Wittenhorst met het roemruchte Athletic Bilbao ten grondslag lag dat Wittenhorst expliciet zijn solidariteit met het Palestijnse volk had uitgesproken. Net zoals Athletic Bilbao dat als een van de weinige voetbalclubs meerdere malen op indrukwekkende wijze heeft gedaan. Maar het bleek toch iets anders te liggen. Bestuurslid Antoine Driessen in De Limburger:
‘We willen als Wittenhorst een regionale uitstraling hebben. Athletic Bilbao is een Baskische club, waar ook heel veel spelers uit de regio onder contract staan. Bij ons staat vast dat minimaal tachtig procent van de selectiespelers uit Horst aan de Maas of uit onze eigen opleiding moet komen. Dat is de identiteit die we willen behouden en daarin zijn we wel anders dan veel clubs uit de competitie.’

Gezond uitgangspunt, waarin ook trainer Harrie Gommans zich kan vinden:
‘Athletic Bilbao komt ook regelmatig ver in de beker en speelt geregeld mee om de eerste vijf plekken in de competitie. Dat willen wij ook. Ik ben overigens nog nooit in Bilbao geweest. Maar ik ga nu wel tegen Antoine zeggen dat hij me er maar eens mee naartoe moet nemen dan.’

Dan wil ik ook graag mee. Nooit geweest, terwijl ik toch heel erg houd van robuuste industriesteden, majestueuze hangbruggen, deconstructivistische musea met hedendaagse kunst en wispelturig weer. En natuurlijk van indrukwekkende stadions, San Mames wordt niet voor niets gekarakteriseerd als ‘Het sportpark Ter Horst van het Zuiden’.

dinsdag 3 maart 2026

Intermezzo – Telefonalia

I
‘Eens kijken of we Twan aan de draad kunnen krijgen’, hoor ik de presentator van een podcast zeggen. Twan komt inderdaad aan de draad. Nooit eerder gehoord ‘iemand aan de draad krijgen’ als synoniem van ‘telefonisch contact met iemand opnemen’.

II


In een doos met op te ruimen spullen trof ik een dezer dagen een laatste-generatie-telefoontoestel aan, inclusief draad. Geen actieve herinneringen aan, in tegenstelling tot eerdere generaties telefoontoestellen. Desondanks moeilijk te bedwingen bewaarneigingen.

III
‘Een pluim voor de Horster telefoondienst’ luidt de kop boven een artikel in De Echo van Noord-Limburg van 27 juni 1953. Fragment daaruit:
‘Op zaterdag 20 juni hebben de telefoondames het druk gehad, druk met het doorgeven van de wisselende stand in de promotiewedstrijd Linne-Wittenhorst. Het was overbodig een bepaald nummer aan te vragen; een kort belletje van de aanvrager was reeds voldoende om in een oogwenk de juiste stand te weten, het was zelfs overbodig daarnaar te informeren; men vond het op ’t telefoonkantoor blijkbaar terecht een uitgemaakte zaak dat dit alleen van belang was en boven alles domineerde. De dames hebben het juist gezien en mede door deze bereidwilligheid gingen al direct na de wedstrijd de vlaggen uit. Vroeger nam men voor dit doel duiven mee, maar voor dit doel zijn deze gevleugelde bodes toch weer ouderwets.’
De telefonistes van het Horster postkantoor in 1955. Van links naar rechts: Kitty Haegens, Hennie Helmerich en Wilmi Boekesteijn (foto overgenomen uit Oud Horst in het nieuws 8 (Horst 1997) 

IV


Tijdens het schrijven van dit stukje rinkelt mijn vaste telefoon, een voorlaatste-generatie-toestel. Afspraak gemaakt met de beller. Ik vraag ‘m naar zijn 06-nummer. Hij: ‘Dat begint gemakkelijk, met 398.’ Inderdaad.

V
Uit de Venloosche Courant van 23 augustus 1890: ‘Thans is de thelephonische verbinding tusschen Horst en Venraai gereed en zal den 1n September in werking treden.’

VI
Ik ken alleen mijn eigen 06-nummer en dat van mijn zus uit m’n hoofd. Van vóór de 398-tijd, zeg maar de 04709-tijd, meer dan dertig jaar geleden, herinner ik me nog tal van abonneenummers en de bijbehorende abonnees: 1516, 1158, 2710, 1526, 5349, 5972 enz. 

zondag 19 april 2020

Intermezzo – Mart van Issum

Afgelopen week overleed op 88-jarige leeftijd Mart van Issum. ‘Clubicoon’ is een vreselijk woord, maar hoe moet je iemand dán noemen die op twee weken na 75 jaar lid was van Wittenhorst en actief was voor de club als speler, (jeugd)trainer en bestuurslid?

Mart van Issum op de schouders nadat Wittenhorst op 20 juni 1953 in Roermond onder het toeziend oog van 5300 toeschouwers naar de tweede klasse is gepromoveerd. 
Om de voetballer Mart van Issum helemaal op waarde te kunnen schatten, moet je van een zekere leeftijd zijn: hij speelde 56 jaar geleden zijn laatste wedstrijd in het eerste elftal van Wittenhorst. Middenvelder was hij, technisch vaardig, elegant, sterk aan de bal, goed overzicht. Meer dan tweehonderd competitiewedstrijden in veertien seizoenen, zeven jaar aanvoerder, kampioen in de derde klasse in 1952 en 1953. In 1953 na drie legendarische promotiewedstrijden tegen Linne gepromoveerd naar de tweede klasse, in een tijd zonder betaald voetbal het op een na hoogste niveau in Nederland.

Het kampioensteam van 1953 met gehurkt, tweede van rechts, Mart van Issum. Verder staand van links naar rechts: Piet van den Heuvel, Jan Houwen, Frank Boekesteijn, Jeu van Issum, Paul Mol, Piet Peeters en Jozef Geurts. Gehurkt van links naar rechts: Hay van Bergen, Piet Hesen en Lei Duijf.
Ik wil niet beweren dat ik Mart heel goed heb gekend, maar heb hem toch geregeld van nabij meegemaakt. Wat me in de eerste plaats zal bijblijven is zijn onvoorstelbare voetbalgeheugen. Dertig, veertig jaar na dato wist hij momenten uit bepaalde wedstrijden tot in het kleinste detail te beschrijven, inclusief namen en toenamen, daarbij geholpen door het feit dat hij een meesterlijk verteller was. Als hij verhaalde over de jaarlijkse clashes met het gehate Venray of over de werkwijze van kampioenstrainer Frans Debruijn hing je aan zijn lippen.

Mart van Issum in het gedrang tussen doelman Piet Peeters en Lei Duijf (met karakteristieke haarband), tijdens de verloren beslissingswedstrijd tegen Roermond in 1952.
Een voetbalfilosoof was hij ook. Geen notoire grekerd, hoewel hij ook wel eens teleurgesteld werd door zíjn Wittenhorst, maar een beredeneerde mening, een voetbalvisie. Als wedstrijdanalyticus bij Fox zou hij beslist geen slecht figuur hebben geslagen. Aan de analyses van Mart zouden de Mario Beens van deze wereld nog een puntje hebben kunnen zuigen.

Een jeugdige Mart (rechts, staand in de middelste rij) in een team dat in hoofdzaak bestond uit leden van de familie Van Issum en werd aangevuld met enkele neven. Broer Jeu zit rechtsonder. Ook op de foto Jan Schatorjé (staand, derde van links), een andere Horster voetbalicoon.
Anekdote tot slot. De balvaardige Mart speelde jarenlang samen in het eerste elftal van Wittenhorst met zijn broer Jeu, een noeste werker. Ik citeer nu verder Wij blijven trouw die kleuren, het boek dat in 1996 verscheen bij het zestigjarig bestaan van Wittenhorst: ‘Toen er in 1954 een uitnodiging voor deelname aan een wedstrijd van het Limburgs elftal bij de familie Van Issum in de bus viel, gericht aan M. van Issum, was Mart er dan ook rotsvast van overtuigd dat die voor hem bestemd was. Dit bleek echter niet het geval: tot teleurstelling van Mart was Jeu de uitverkorene. Op het middenveld speelde hij tegen Belgisch Limburg een puike wedstrijd, maar Mart is er tot op de dag van vandaag van overtuigd dat die uitnodiging eigenlijk voor hem bestemd was.’ Ook toen al waren de wegen van de KNVB ondoorgrondelijk.

maandag 3 juli 2017

Klein mysterie 745 – Overdracht accommodaties

Tijdens wat wederom een marathonzitting belooft te worden, neemt de gemeenteraad van Horst aan de Maas morgenavond een besluit over het Beleidskader herijking integraal accommodatiebeleid Horst aan de Maas 2017 (klik hier). Dit klinkt ongelooflijk saai en ik kan u verzekeren: dat ís ook ongelooflijk saai. Wat niet wil zeggen dat het niet belangrijk is.
Ik zal u niet vermoeien met allerlei details, maar pik er één puntje uit dat me intrigeert: het eigendom van (gemeenschaps)accommodaties. Nu is de gemeente vaak nog eigenaar, maar in de toekomst gaat dat veranderen. Op bladzijde 6 van het Beleidskader heet het: ‘Het uitgangspunt is dat alle (maatschappelijke) accommodaties in principe worden overgedragen aan de gebruikers.’ En een bladzijde verder: ‘We geven de voorkeur aan de (juridische) overdracht van het eigendom van het maatschappelijk vastgoed op gebied van welzijn, cultuur en sport aan het maatschappelijke veld.’  Het kan aan mij liggen, maar een motivatie van die voorkeur kan ik nergens terugvinden in het stuk. Terwijl ik daar toch heel nieuwsgierig naar ben als ouwe socialist die publiek eigenaarschap verre prefereert boven privaat eigenaarschap. 
Als de gemeenteraad instemt met het Beleidskader – en daar heeft het alle schijn van – dan betekent dit bijvoorbeeld dat Wittenhorst voor één euro eigenaar wordt van de grond en opstallen van sportpark Ter Horst. Kan Wittenhorst dat vervolgens voor goud geld verpatsen aan de hoogste bieder? Nee, dat ook weer niet, als ik het allemaal goed interpreteer: ‘De accommodatie [wordt] om niet en in de oorspronkelijke staat overgedragen aan de gemeente als de eigenaar/exploitant de accommodatie (inclusief grond) vervreemdt of als de rechtspersoon wordt ontbonden.’  Oké, dat mag Wittenhorst dus niet. Maar wat mag het dan wel? Welke voordelen heeft Wittenhorst van het eigendom van het sportpark? Welke zeggenschap verliest de gemeente? Welke garanties zijn er voor het behoud van het karakter van dit gedeelte van de Kasteelse Bossen? Of zijn die garanties er niet? Stuk voor stuk vragen waarop ik in het Beleidskader geen antwoord vind. 
Ondanks de overdracht van accommodaties aan dorpen, verenigingen en stichtingen blijft de gemeente overigens gewoon geld stoppen in die accommodaties – is het niet linksom dan wel rechtsom. Dat maakt het voor mij des te onbegrijpelijker dat die dorpen, verenigingen en stichtingen per se eigenaar moeten worden.

Ongetwijfeld wordt het morgen allemaal duidelijker. Zoals eveneens duidelijk zal worden of de gemeenteraad nog ouwe socialisten telt die publiek eigenaarschap verre prefereren boven privaat eigenaarschap.

dinsdag 3 januari 2017

Intermezzo – De Echo (3)

‘Ik mis ’m nog elke week’, schreef ik zaterdag over De Echo (klik hier). Toeval of niet: bij het opruimen van allerlei spullen stuitte ik een dag later op de laatste editie van De Echo van Noord-Limburg. Na 45 jaar viel op 3 januari 1992 het doek voor De Echo van Noord-Limburg. Dat is vandaag op de kop af 25 jaar geleden.
Onder de nieuwe naam De Echo van Horst zou De Echo nog tot 2010 blijven voortbestaan. De naamsverandering van 1992 markeerde meer een directiewisseling (Pedro van Lieshout nam het stokje over van zijn oom Huub) dan een koerswisseling. Toch wil ik me deze uitgelezen kans om hernieuwd mijn liefde voor De Echo te betuigen (klik hier en hier voor twee eerdere huldeblijken) niet laten ontglippen. 
Het kan niet anders of elke rechtgeaarde Horstenaar van boven de 35 wordt overvallen door nostalgische gevoelens bij het doorbladeren van De Echo van Noord-Limburg van 3 januari 1992. Alleen al de advertenties openen de poort naar verloren gewaande werelden. En wat dacht u van deze onvervalste Echo-klassieker, nota bene op de voorpagina: ‘Wees slim en trim’ (‘Zondagmorgen om 8 uur trimmen in de gymzaal, Groenewoudstraat. We gaan ons dan een uurtje lekker ontspannen. Blijf fit en trim.’)?
Onvoorstelbaar veel is veranderd, onvoorstelbaar veel is verdwenen, zo blijkt. Gelukkig zijn er ook verenigingen en bedrijven die alle stormen hebben doorstaan. En mensen niet te vergeten: een foto met Jan Nabben siert een van de binnenpagina’s en in het bijbehorende artikel wordt ‘wethouder G. Driessen’ aangehaald, die benadrukte ‘dat Horst Promotie een aangelegenheid van alle ruim 18.000 inwoners van Horst is’.
Wittenhorst wacht een thuiswedstrijd tegen Leunen (in competitieverband, ja) en de gemeenteraad heeft zijn goedkeuring gehecht aan de exploitatieopzet voor het gebied met de hoogst intrigerende naam Institutionele Doeleinden (vraag voor de Hôrster Kwis van eind dit jaar: ‘Waar in Horst lag het gebied Institutionele Doeleinden?’). Het hilarische stukje van Mission Impossible lezend vraag ik me vertwijfeld af hoe het toch in godsnaam mogelijk is dat niet alleen dat stukje maar bijna alle Mission-stukjes volledig aan mij zijn voorbijgegaan.
En zo zou ik nog wel even kunnen doorgaan. Doe ik niet, ik zou alleen maar in herhaling vervallen. Wel heb ik voor de echte liefhebbers twee cadeautjes: de Horst-sweet-Horst top 5 van citaten uit De Echo van Noord-Limburg van 3 januari 1992 (klik hier) én de Horst-sweet-Horst top 5 van advertenties uit De Echo van Noord-Limburg van 3 januari 1992 (klik hier).

maandag 18 juli 2016

Klein mysterie 707 – Kantinefoto

Wat ook een interessante vraag is: zou de kantinefoto nog onderwerp van gesprek zijn geweest toen FC Shakhtar Donetsk verleden week op bezoek was in Horst? Zou de staf van de Oekraïense topclub levendig hebben gediscussieerd over het wie, wat, waar, wanneer en waarom van de kantinefoto? Oekraïne mag dan geen Rusland meer zijn, enige kennis van het Sovjetvoetbal zal er toch wel zijn blijven hangen? Nu Shakhtar toch hier was, had ik bij de begeleiding natuurlijk moeten informeren naar de foto. Waarom heb ik, stommerik, dat nagelaten?

‘De kantinefoto’ is deze foto (klik op de afbeelding om haar te vergroten; let ook op de stopcontactknieën van de speler links):
Siert sinds een jaar levensgroot de kantine van Wittenhorst. Dat dit een foto uit het Sovjettijdperk is, was vrij snel duidelijk. Maar die spelers in dat witte shirt met die sierlijke D op de borst, speelden die nu voor Dinamo Moskou, Dinamo Kiev of Dinamo Tbilisi? Wie is de tegenstander? Waar en wanneer is de foto gemaakt? Op mijn verzoek begon mijn neef Peter Meijers, die het Russisch machtig is, een diepgaand onderzoek. Met een prachtig resultaat, zo blijkt uit de e-mail die hij me op 28 oktober van het afgelopen jaar stuurde:    
‘Mijn postje op Vkontakte (Russische Facebook-variant) heeft vruchten afgeworpen. De bezoekers van de groepspagina Sovjetski Futbol (Futbol SSSR) zijn het erover eens dat de foto tijdens een wedstrijd tussen Dinamo Moskou en CDSA Moskou in het stadion van Dinamo moet zijn genomen. De beide “dinamovetzi” zijn geïdentificeerd als Vladimir Ryzjkin (op de achtergrond) en Genrich Fedosov (in duel). De “armeets” is Anatoli Bashashkin. Ik kende hem niet, maar hij is kennelijk een legende in de Sovjet-Unie. Opgesteld in de eerste interland die het land na de oorlog (pas in 1952) speelde, deelnemer aan de Olympische Spelen van 1952 en 1956, vast aanvoerder van CDSA en haar voorgangers, vervangend aanvoerder van de nationale ploeg en held van alle schooljongens. Als voetballer een beetje vergelijkbaar met Cor van der Hart, krijg ik de indruk. Een stevige, maar ook voetballend sterke verdediger. De twee Dinamo-spelers hebben ook enkele interlands gespeeld, maar zijn veel minder bekend.
'Aanvoerder van CDSA Anatoli Bashashkin leidt zijn ploeg het veld op. Jaar 1954'
De kenners hebben een shortlist van drie mogelijke wedstrijden opgesteld:
1) dinsdag 6 juli 1954: Dinamo - CDSA 5-1 (rust 2-1). Aftrap om 19.00 uur, 24 graden, helder weer, 70.000 toeschouwers.
2) zondag 15 mei 1955: CDSA - Dinamo 1-1 (rust 0-0). 25 graden, helder weer, 70.000 toeschouwers.
3) zondag 28 augustus 1955: Dinamo - CDSA 4-0 (rust 3-0). Aftrap om 16.00 uur, 26 graden, helder weer, 70.000 toeschouwers.
Daarbij is meteen de opmerking gemaakt dat op basis van de beschikbare informatie niet precies kan worden vastgesteld bij welke wedstrijd de foto is gemaakt. Nog iets over CDSA: dat is één van de vorige namen van het huidige CSKA.’
‘Mocht er nog nauwkeuriger informatie boven water komen, dan laat ik dat uiteraard meteen weten, maar ik verwacht het eigenlijk niet’, zo voegde Peter er nog aan toe. Zijn verwachting kwam uit: sinds 28 oktober van het afgelopen jaar bleef het stil. En nu Shakhtar al weer lang en breed is vertrokken, valt te vrezen dat het voorlopig ook nog wel even stil zal blijven.
Overigens blijft de hamvraag (al eerder gesteld door anderen, onder wie de onvolprezen Tavebrello): waarom hangt deze foto in de kantine van Wittenhorst? Het zal toch niet zo zijn dat de machtige arm van Vladimir Vladimirovitsj Poetin tot in Horst reikt?

maandag 14 maart 2016

Intermezzo – Voetbalveldgeweld

Als we alle berichten moeten geloven – en waarom niet? – is het er gistermiddag heet aan toe gegaan op sportpark ’t Spansel in Sevenum, na afloop van de voetbalwedstrijd tussen Sparta ’18 en het Helmondse Oranje Zwart. Pas nadat de politie massaal was uitgerukt kwam er een einde aan de onlusten. Ongetwijfeld koren op de molen van de volksstammen die ervan overtuigd zijn dat vroeger alles beter was. Vroeger, toen het er nog sportief aan toe ging op de groene velden. Vroeger, toen voetballers en publiek zich nog gedroegen als schoothondjes.
Allemaal valse nostalgie! Gelul van de bovenste plank! Voetbalveldgeweld is van alle tijden (net als jongerenbaldadigheid, witteboordencriminaliteit en bejaardenterreur – maar daarover een andere keer meer). Ter illustratie twee voorbeelden uit een grijs verleden van voetbalveldgeweld waarbij voetbalclubs uit Horst aan de Maas waren betrokken.
Het eerste dateert uit 1948, 68 jaar geleden. Het tweede elftal van Wittenhorst trad op 28 november van dat jaar in Boxmeer aan tegen het tweede elftal van Olympia ’18. Wittenhorst stond volgens het Dagblad voor Noord-Limburg van 2 december op een comfortabele voorsprong toen een Boxmeerse speler schijnbaar zonder enige aanleiding een Wittenhorstspeler sloeg. ‘De scheidsrechter, die de belhamel direct naar de kleedkamer verwees, werd daarna door een andere speler van Boxmeer aangevallen. Eerst na ingrijpen der aanwezige politie kon het spel verder doorgang vinden.’ Commentaar van de krant: ‘Het wordt onderhand toch wel eens tijd dat dergelijke lieden voorgoed van de voetbalvelden worden geweerd.’ Let vooral ook op dat ‘onderhand’.
Het tweede voorbeeld dateert uit 1939, 77 jaar geleden. Op 26 maart van dat jaar speelde het eerste elftal van America thuis tegen het Venlose DSO. Na een beslissing van de scheidsrechter waar hij het niet mee eens was, ging een 22-jarige Americaan volledig door het lint. Eerst ging hij twee tegenstanders te lijf en daarna liep het, getuige de Nieuwe Venlosche Courant, pas helemaal uit de hand:
‘De ruzie liep binnen enkele oogenblikken zoo hoog dat zelfs het publiek het terrein op stoof en verdachte die het nog niet genoeg was kwam terug met een stuk weipaal onder de jas en plotseling probeerde hij zijn tegenstander die tot alles niet de minste aanleiding gegeven had met den paal op het hoofd te slaan, doch deze maakte zich uit de voeten en kreeg nog een flinke ontvelling aan den arm, terwijl inmiddels de scheidsrechter den wedstrijd had gestaakt.’
De Americaan moest voor de rechtbank verschijnen, waar de politierechter hem veroordeelde tot naar keuze een boete van 25 gulden of een gevangenisstraf van 25 dagen. Noteer ook dat de rechter er volgens de krant ‘nogmaals op wees dat er een einde moest komen aan al die mishandelingen bij de voetbalsport’. 1939, 77 jaar geleden.

maandag 4 januari 2016

Klein mysterie 687 – Sportzone Kasteelse Bossen

Wat 2016 ons in elk geval óók gaat brengen is meer duidelijkheid over de Sportzone Kasteelse Bossen. Wat tot dusverre iets betrekkelijk abstracts was, gaat dit jaar meer concrete vormen aannemen, zo bleek in de laatste dagen van 2015 en de eerste van 2016. Op 22 december bracht verantwoordelijk wethouder Bob Vostermans de gemeenteraad op de hoogte van de stand van zaken (klik hier en ga vervolgens naar 33.15 minuten):
‘Het college is twee weken geleden op uitnodiging van een initiatiefgroep uit de Kasteelse Bossen meegenomen in plannen die te maken hebben met de ruimtelijke ontwikkelingen in de Sportzone. Die ruimtelijke ontwikkelingen betreffen de hardware, iets waar de gemeente tot op dit moment niet bij betrokken is. De initiatiefnemers hebben een ambitieus plan neergelegd, waarvan ze ons in kennis hebben gesteld met de mededeling dat zij graag bij de verschillende gebruikers in het gebied willen ophalen of dit een beeld is wat zij kunnen delen. Vervolgens zal dit in april aan college en raad worden aangeboden. Reden dat ik het hier even meld is dat in deze plannen ook een zwembad is meegenomen. In het licht van de discussie in deze raad over het zwembad en de afspraak dat de collega-wethouder een aantal scenario’s uitwerkt met betrekking tot dat zwembad, leek het ons goed hier actief te melden dat er van onderop ideeën worden aangedragen.’
De gemeenteraad nam het voor kennisgeving aan en informeerde vreemd genoeg niet eens wat ‘hardware’ in dit verband betekent. Dat een zwembad deel uitmaakt van de plannen, kan voor niemand een verrassing zijn. Hoe die plannen er verder precies uitzien wordt dus in april duidelijk. Of eerder, in het onwaarschijnlijke geval dat journalistieke speurneuzen bereid zijn hierin hun tanden te zetten.
Een tipje van de sluier werd afgelopen zaterdag al opgelicht. Op de nieuwjaarsreceptie van voetbalclub Wittenhorst gaf bestuurslid Leon Litjens (waar kennen we hem toch van?) een toelichting op de Sportzone-plannen. Ik was zelf niet van de partij, dus ik moet afgaan op de twee plaatjes uit zijn presentatie die ik aantrof op de website van Wittenhorst (klik hier). Enkele conclusies daaruit: de atletiekbaan van de Peelrunners verhuist naar de omgeving van het Dendron College, het hoofdveld van Wittenhorst schuift honderd meter op richting zwemvijver van de Kasteelse Bossen, tussen het nieuwe hoofdveld en de tennisbanen verrijst een ‘multi accommodatie’, nabij de Kasteelboerderij komt een dagstrand en op een aantal plaatsen vindt kaalslag plaats waardoor zichtlijnen ontstaan. O ja, en getuige een van de plaatjes gaat dit alles Lifestyle Park Kasteelse Bossen heten.
‘Ideeën van onderop’, noemt Bob Vostermans het. Niks mis met ideeën van onderop. Mits het daadwerkelijk ideeën van onderop zijn en mits gemeentebestuur en gemeenteraad er niet als een schoothondje achteraan hobbelen. Over beide heb ik zo mijn twijfels – de tijd zal leren of die terecht zijn.

maandag 7 september 2015

Intermezzo – Lei Martens (2) / Garage Martens

Verder over Lei Martens, Horster architect (1932-1978). In reactie op het stukje van vorige week (klik hier) vroeg J. me waarom ik de voetballoopbaan van Lei onvermeld had gelaten. Onvergeeflijk inderdaad. Lei was namelijk ook als voetballer bepaald niet de minste. Sterker: hij was eerste elftalspeler van Wittenhorst in de gouden jaren vijftig. Als middenvelder was hij van 1954 tot 1961 vaste kracht, hij kwam meer dan 150 keer in competitieverband uit in Wittenhorst 1.
Lei Martens (gehurkt uiterst links) op de foto met het kampioensteam van Wittenhorst dat in 1953 naar de tweede klasse promoveerde. Verder op de foto, staand van links naar rechts: Ger Boots, Jeu van Issum, Hay van Bergen, Paul Mol, Piet van den Heuvel, Frans Debruijn, Frank Boekesteijn, Piet Peeters en Lei Duijf. Midden van links naar rechts: Jan Houwen en Bèr Schatorjé. Gehurkt en zittend, van links naar rechts naast Lei Martens: Jozef Geurts, Piet Hesen, Mart van Issum en Teng Logtens. Klik op de afbeelding om haar te vergroten. Ze is afkomstig uit het archief van Wittenhorst.
Hoe verdienstelijk ook als voetballer, Lei Martens zal toch vooral blijven voortleven als ontwerper van gebouwen die vooruitstrevend te noemen zijn en getuigen van een moderniteit die in het naoorlogse Horst nog niet was vertoond. Zoals vorige week gezegd, wil ik een aantal van die gebouwen onder de aandacht brengen. Dat is mede mogelijk dankzij de bereidwilligheid van Martien Peters en zijn medewerkers van het gemeentelijk archief: zij diepten op mijn verzoek de bouwtekeningen en –vergunningen van een aantal door Lei Martens ontworpen panden op. Vooraf dient verder gezegd dat ik op architectonisch gebied niet meer dan een geïnteresseerde leek ben. Het gemis van Anthony Wijnen (klik hier) doet zich ook hier voelen.
Enfin, vandaag aandacht voor Garage Martens, gelegen op de hoek Doolgaardstraat-Van Douverenstraat, nu Autobedrijf Jos Willems geheten. Het ontwerp hiervan dateert uit de laatste fase van het scheppend leven van Lei Martens. De bouwvergunning werd verleend op 12 december 1966, dus het gebouw zal in 1967 of 1968 gereed zijn gekomen. Ik moet het nog in volle glorie hebben gekend, maar kan het me helaas niet meer helder voor de geest halen (foto’s uit de beginperiode zijn welkom!).
Anno 2015 heeft Garage Martens veel van haar glans verloren. De geparkeerde auto’s, de er aan de Venlosewegzijde tegenaan gekwakte woning en alle hekwerk benemen het zicht op de voorgevel van het pand.
Dichtgeplakte ramen doen de transparantie teniet. De als woongedeelte bedoelde bovenverdieping maakt een haveloze indruk. En het tientallen meters lange donkergrijze doek waarop in drie verschillende lettertypen de naam van het bedrijf is aangebracht, doet helemaal de deur dicht.
De bouwtekeningen vergelijkend met de werkelijkheid van nu, blijkt aan het pand zelf weinig veranderd. Maar van het ritme, de strenge symmetrie en de transparantie die uit de tekeningen spreken, valt nauwelijks nog iets te herkennen. Er is teveel dat afleidt – het gebouw heeft zijn dominantie, zijn overwicht op de omgeving verloren. Verworden van eyecatcher tot grijze muis. Alleen de gevel aan de Doolgaardstraatzijde heeft min of meer zijn waardigheid behouden.
Over het ontwerp heeft Lei Martens overigens flink in de clinch gelegen met de Welstandscommissie. Pas zijn vierde plan vond genade in de ogen van de commissie. Over het eerste ontwerp, ingediend op 9 september 1964 rapporteerde de commissie: ‘Afgezien van het feit dat de overgelegde tekeningen te summier zijn om een volledige beoordeling mogelijk te maken, kan nu toch reeds worden gesteld dat een dergelijke vorm in de gegeven situatie moeilijk aanvaard zal kunnen worden.’ De kladversie van die rapportage was nog dodelijker: ‘moeilijk aanvaard zal kunnen worden’ heette daarin ‘niet aanvaardbaar is’. Wat Horst door het ingrijpen van de Welstandscommissie door de neus is geboord? Durf ik niet met zekerheid te zeggen. Ik heb wel een vermoeden. In het betreffende dossier bevindt zich deze helaas ongedateerde tekening:
Moet welhaast de vorm zijn die ‘in de gegeven situatie moeilijk aanvaard zal kunnen worden’. Die Welstandscommissie toch.

Overigens ben ik van mening dat het altijd zo proactieve gemeentebestuur van Horst aan de Maas zich als de wiedeweerga en met inzet van al zijn vermogens moet inspannen om te stimuleren dat mensen die vaak worden aangeduid als ‘asielzoekers’, ‘gelukszoekers’, ‘migranten’ of ‘vluchtelingen’, in deze fraaie gemeente worden gehuisvest (en de lokale bevolking en politieke partijen van links tot rechts moet overtuigen van nut en noodzaak hiervan, mocht dit tegen de verwachting in nog nodig zijn).

zondag 12 juli 2015

Intermezzo – Anthony Wijnen (1)

Woensdagavond stonden we nog in de Hegelsomse hitte langs de lijn bij Wittenhorst-KRC Genk. Neefje Tom en ik. En hij. Grapjes makend met Tom (nog flauwer dan die van mij, aldus Tom, maar z’n gezicht sprak andere taal), ‘hands’ tegen de scheidsrechter roepend (terwijl het geen hands was), het grote interview met David Van Reybrouck en Alexander Pechtold in de NRC over G1000 en andere burgerinitiatieven nabeschouwend (moesten we in een ander verband maar eens op doorgaan). En ondertussen strooiend met woordspelingen die Tom meteen en ik pas vele minuten later begreep. Precies de Anthony Wijnen zoals ik ’m het afgelopen half jaar had leren kennen. Drie dagen later overleed-ie. Anthony!
Als bijna leeftijdgenoten moeten we vroeger achter de LTS nog wel eens samen hebben gevoetbald. Maar tot een jaar geleden was Anthony vooral iemand die ik kende zonder ’m te kennen. Een groet, misschien een keer een vluchtig gesprekje tijdens een wedstrijd van Wittenhorst of VVV – en dat was het dan. Dat veranderde in november vorig jaar. Bij een thuiswedstrijd van Wittenhorst raakten we aan de praat. Aanleiding zal vermoedelijk een Horst-sweet-Horst-stukje zijn geweest. Daarna ging het over z’n opleiding (stedenbouwkunde en planologie), z’n werk (adviseur planologie en stedenbouwkunde bij de gemeente Uden) en z’n betrokkenheid bij G1000 in Uden (waarover hij maar niet uitgepraat raakte). Ik vroeg ’m of hij een keer met mij een wandeling door het Horster centrum wilde maken, waarvan ik dan verslag zou doen op Horst-sweet-Horst. Een uitnodiging waar hij maar al te graag op inging, zoals ook bleek uit een e-mail die hij me nog geen uur na de wedstrijd stuurde en waarin hij en passant iets over zijn drijfveren uit de doeken deed: 
‘Lijkt me leuk om een wandeling te maken door Horst of ergens in de gemeente Horst. Misschien voor mij ook een stapje om me eens wat meer met Horst bezig te houden. Achterhalen en begrijpen waarom dingen gebeuren of zijn gebeurd is altijd leuk. Tegelijkertijd blijft het ook goed om jezelf te kunnen blijven verwonderen over het waarom van dingen. (…) En mocht je eens willen brainstormen over een ludieke actie, ben ik altijd voor in. Ook binnen de gemeente Uden bedenken we wel eens iets …’
Op een zaterdag in december maakten we onze wandeling. Een openbaring voor de nitwit die ik op stedenbouwkundig en planologisch gebied ben. Hij liet me naar Horst kijken zoals ik er nooit eerder naar had gekeken. Het resulteerde in drie stukjes (klik hier, hier en hier) waarin ik nog geen kwart kwijt kon van wat ik erin kwijt wilde. Daarna bleven we intensief contact houden tot de dag voor zijn overlijden. We wisselden tips over boeken en websites uit en maakten (niet tot uitvoering gebrachte) plannen voor tentoonstellingsbezoeken. In Venray ergerden we ons aan het angsthazenvoetbal van Wittenhorst in de derby tegen de aartsrivaal. Samen met twee andere gelijkgestemden richtten we Bureau Grappa op (klik hier), dat voor wat meer reuring in Horst aan de Maas moest gaan zorgen. Op zijn initiatief wandelden we nogmaals door het Horster centrum, nu in het gezelschap van de gemeentelijke stedenbouwkundige supervisor (klik hier).
En we zouden het Horster rijtjeshuis en zijn ontwikkeling in de loop der jaren in kaart gaan brengen. Ter voorbereiding daarop reden en wandelden we een hele middag lang door de periferie van Horst. Wéér zo’n openbaring. Wéér liet hij me naar Horst kijken zoals ik er nooit eerder naar had gekeken. Die top 5 van vorige week (klik hier) was een selectie uit wat we die middag allemaal tegenkwamen en was – voor wie dat niet mocht hebben begrepen – een ode aan Anthony. De boeiboorden in de Wervelstraat, de brandgang achter de Canadese woningen aan de Meterikseweg, het fascinerende ensemble op de crèmekleurige gevel aan de Noordsingel, de deuren van de woningwetwoningen aan de Noordsingel, de luifels boven de voordeuren in de Nieuwstraat: nooit zal ik ze meer kunnen passeren zonder de gedachte aan Anthony. Op termijn misschien een zegen – op het moment overheerst nog de pijn.
Het laatste woord is aan hemzelf. Uit een e-mail van 11 januari, waaraan hij verontschuldigend ‘Oei, alweer een heel epistel’ (hoe typerend!), toevoegde:
‘Ik probeer kritisch naar zaken te kijken of me te verwonderen en te begrijpen. Zo hoop ik steeds weer dingen bij te leren en mensen en hun verhalen serieus te nemen. Als voetballer speelde ik vaak tegen mezelf en wilde te goed doen. Als stedenbouwkundige heb ik aan dat soort onzekerheid moeten werken en in mijn huidige functie als planoloog ook. Ik ga er altijd van uit dat ik de waarheid niet in pacht heb maar in een politieke organisatie is het richting een wethouder soms van belang wel die zekerheid te bieden. Ik ben niet zo vaak onzeker over de inhoud of hoe ik iets stedenbouwkundig zie, maar ben niet meteen het type vuist op tafel. Een wethouder kijkt altijd naar de inhoud maar in bepaalde situaties gaat het in het spel meer nog over wat je meebrengt als persoon. Een bepaalde zekerheid. Ik ben meer een zoekende, bevragende stedenbouwkundige die gaat voor de uitdaging of het verhaal met passie. In de politiek gaat het natuurlijk vaak over de vraag hoe de verhoudingen liggen. Daarnaast spelen er in een gemeentelijke organisatie altijd belangen. Daarom sta ik ook erg achter een andere rol van de overheid en gemeente waarbij we meer naar buiten kijken, de dialoog echt aangaan en minder intern met onszelf bezig zijn.’ 

Intermezzo – Anthony Wijnen (4) / Het TOP-incident

Overlijdt iemand die je dierbaar was dan bestaat al snel de neiging hem of haar heilig te verklaren. Ik moet bekennen dat ik daar in het geval van Anthony Wijnen ook wel enigszins last van heb. Maar niemand zonder zonden, zelfs Anthony niet. Op zijn begrafenisplechtigheid werd er door verschillende sprekers aan gerefereerd en Gé Peeters had me er enkele dagen eerder ook al aan herinnerd: het TOP-incident. Op 28 december 1985 verscheen dit stukje in het Dagblad voor Noord-Limburg. Lees en lach mee (klik erop om het te vergroten):
Voornoemde Gé Peeters rakelde dit incident 25 jaar na dato op in Tavebrello, zijn uiterst lezenswaardige maandelijkse nieuwsbrief over z’n illustere voetballoopbaan (en nog veel meer). Dit verleidde Anthony tot de volgende reactie, die Gé publiceerde in Tavebrello van januari 2011 en die ik hier met zijn toestemming reproduceer:
‘Ik speelde dacht ik op dat moment voor het eerste jaar in de A1, maar heb in die periode enkele keren meegedaan met het vierde elftal. Ik speelde in die wedstrijd op het middenveld en op een gegeven moment kwam er een nieuwe speler. Dit was een oudere ervaren speler en hij werd mijn directe tegenstander. Op een gegeven ogenblik had hij de bal en liep diagonaal over het veld. Ik maakte een vrij forse sliding op de bal en kreeg een vrije trap tegen. Mijn (oudere) tegenspeler begon tegen mij te kankeren dat ik nog maar net kwam kijken bij de senioren en dat hij mij wel eens even zou aanpakken. Hij maakte zich daarbij breed en ging vlak voor me staan. Ik wilde laten zien dat ik niet bang voor hem was en maakte mezelf ook even extra breed en groot. Daarbij bracht ik mijn hoofd omhoog. Ik raakte mijn tegenspeler niet. Daarop stuurde de scheidsrechter mij uit het veld. Ik vond dat erg onterecht en liep vol ongeloof en woedend in de richting van de kleedlokalen achter een van de doelen. Op dat moment werd inderdaad onze keeper uitgespeeld en dreigde er een doelpunt te komen. In mijn boosheid besloot ik de bal ver weg te trappen en daarna rende ik snel naar het kleedlokaal. De scheidrechter wist inderdaad niet wat te doen want hij had volgens de regels een scheidsrechtersbal moeten geven maar hij gaf een penalty. Mijn tegenspeler gaf na de wedstrijd in de kantine toe dat ik hem helemaal niet geraakt had en er eigenlijk niets aan de hand was. Ik heb op deze wijze later een formulier ingevuld wat nodig is als je het veld uitgestuurd werd en de straf bepaald moest worden. Mijn tegenspeler heeft dit ook zo ingevuld en ik heb geen boete of schorsing gekregen. Gelukkig kon ik daardoor meedoen in onze kampioenswedstrijd met de A1. We zijn toen 2 jaar op rij kampioen geworden met de A1.’
Die twee kampioenschappen met A1 vormden tevens het hoogtepunt van Anthony’s voetballoopbaan. Nog enkele seizoenen speelde hij als ‘robuuste verdediger, bij voorkeur voorstopper’ (dixit Gé) in het derde seniorenelftal en daarna was het welletjes. Later werd hij een trouw bezoeker van de thuis- en vaak ook uitwedstrijden van het standaardteam van Wittenhorst en ook bij VVV kwam ik hem geregeld tegen.
Resteert de vraag waar het TOP-incident zich afspeelde. ‘In Tienray’, aldus het Dagblad voor Noord-Limburg. Ik ken echter ook mensen die bij hoog en bij laag beweren dat sportpark Ter Horst de plaats van handeling was. Anthony doet er geen uitspraak over, maar schrijft wel: ‘Ik (…) liep vol ongeloof en woedend in de richting van de kleedlokalen achter een van de doelen.’ In Tienray lagen de kleedlokalen niet achter de goal en in Horst wel … Is er misschien een medespeler die uitsluitsel kan geven? (Zo niet dan duik ik het Wittenhorstarchief in.) 

maandag 15 juni 2015

Klein mysterie 656 – Jo Fuchs

In de persoon van Paul Verhaegh was Horst aan de Maas vorig jaar in Brazilië vertegenwoordigd op het WK voetbal. Een jaar later is er opnieuw een WK voetbal en opnieuw is Horst aan de Maas van de partij. Ditmaal in de persoon van Dominique Janssen, die behoort tot de Oranjeselectie die voor het eerst in de geschiedenis actief is op een WK vrouwenvoetbal. Daarmee schrijft de bij Wittenhorst opgeleide speelster van SG Essen-Schönebeck historie. Toch is Dominique Janssen niet de eerste Horster vrouweninternational: Jo Fuchs ging haar voor. De Americaanse speelde zelfs in de allereerste door de KNVB erkende vrouweninterland.  
Wie had verwacht dat deze historische parallel voor de lokale media aanleiding zou zijn eens flink uit te pakken, komt bedrogen uit. Wellicht zijn mijn zoekkwaliteiten ontoereikend, maar ik heb de voorbije weken nergens iets kunnen ontdekken waarin werd gerefereerd aan de illustere voorgangster van Dominique Janssen. Dus zat er weinig anders op dan zelf een onderzoekje te beginnen. Hetgeen nog flink tegenviel. Ja, het feit dat Jo Fuchs als middenvelder op 9 november 1973 in het Engelse Maidenhead aan de aftrap stond van de eerste officiële Nederlandse vrouweninterland valt nog vrij eenvoudig te achterhalen (klik hier). Verder bleef het aanvankelijk bij wat losse snippers. Zo wordt Jo Fuchs enkele malen genoemd op de website van de Venlose voetbalvereniging VOS (klik hier). Vanaf het midden van de jaren zeventig duikt haar naam regelmatig op in wedstrijdverslagen in het Venrayse weekblad Peel en Maas en Rooyse Rakkers, het clubblad van SV Venray. Een jubileumboekje maakt duidelijk dat ze begin jaren tachtig ook enkele jaren trainster van de dames (zo heette dat toen nog) van Venray was. Uit een ander boek blijkt dat ze dezelfde functie in het seizoen 1983-1984 bij Wittenhorst vervulde. En dan is er nog die opmerking op de website van handbalclub Wittenhorst (klik hier): ‘Jo Fuchs uit America was keepster bij Athene in Venlo. Jo Fuchs had een eigen handbaldoel. Echt waar!’ Zou dat onze Jo Fuchs zijn, elke training en elke wedstrijd een handbaldoel (op de fiets, op een trailer?) met zich meezeulend?
Dat zou het zijn geweest als ik niet op het laatste moment op een interview met Jo was gestuit, afgenomen door Peter Schoeber en gepubliceerd in Dagblad De Limburger van 18 mei 2011. Jo blijkt inderdaad afkomstig te zijn uit America: ‘Ik was een streber in de sport, wilde altijd het hoogste halen. Dat heb ik van mijn vader, die in 1920 voetbalclub America heeft opgericht. We hadden thuis een bakkerij.’ Ook verder doet het interview de meeste puzzelstukjes in elkaar vallen. Zelfs dat van het handballen: ‘Ik wilde heel graag voetballen, maar er was in de omgeving geen club waar vrouwenvoetbal gespeeld werd. Op een gegeven moment zag ik op een groot veld tegenover De Kraal [destijds het stadion van VVV, WM] meisjes sporten. Bleek het elfhandbal te zijn, gespeeld door Athene ’56. Ben ik dat gaan doen.’ Totdat zich alsnog de mogelijkheid voordeed te gaan voetballen: ‘VOS begon in 1971 met vrouwenvoetbal. Ik heb enkele handbalvriendinnen opgetrommeld en we hebben ons gemeld bij VOS. Ik was 26 jaar en dolgelukkig. Mijn meisjesdroom kwam eindelijk uit. (…) Met VOS werden we zes keer Limburgs kampioen, wonnen we drie keer de beker en werden we drie keer derde tijdens de Nederlandse clubkampioenschappen.’ Daarna was ze jarenlang actief voor Venray, dat VOS omstreeks 1980 afloste als Limburgse grootmacht in het vrouwenvoetbal. Nadat ze was gestopt, werd ze inderdaad trainster. Bij Venray en bij Wittenhorst, maar ook bij het Limburgs elftal.
Gelukkig haalt ze in het interview ook herinneringen op aan die interland: ‘De hele trip heeft veel indruk op me gemaakt. “Net echt”, dacht ik nog. Maar het wás echt. Trainen, eten, rusten en om tien uur naar bed. Op de wedstrijddag in Maidstone kon ik nauwelijks geloven dat ik in het Nederlands shirt speelde. De volksliederen klonken, er zaten 3000 mensen op de tribune, geweldig. We verloren met 1-0.’ Bij die ene interland zou het ook blijven: ‘Ik had pech dat ik herstellende was van een meniscusoperatie. Helaas heb ik daarna nooit meer het oude niveau gehaald.’

Resteert het mysterie van dat handbaldoel. En de vraag of Jo en Jopie Fuchs misschien familie van elkaar zijn. Uit Rooyse Rakkers van 24 oktober 1975 (klik hier): ‘Na de thee en sinaasappel moest Jopie Fuchs van SVV [= Venray] Jo Fuchs van VOS gaan bewaken.’

maandag 5 januari 2015

Intermezzo – 2014

Smakelijkste overwinning: Wittenhorst-Venray 1-0.
Venijnigste Twitterdebatje: Leon Litjens versus Thijs Coppus (klik hier). 
Onbereikbaarste verloren wieldop:
Meest aan inflatie onderhevige begrip: politieke doodzonde.
Cryptischte ambtelijke zin: ‘Uitgesproken wordt dat de gemeente wil meedenken in de doorontwikkeling van o.a. de koopzondagen in relatie tot de levendigheid en vitaliteit van de winkelcentra.’
Meest op een officiële status recht hebbend officieus straatnaambord:
Vaardigste rookgordijnlegger: informateur Leon Litjens
Duurste weide: de Kruisweide.
Meeste kauwgum op één bord:
Horst-sweet-Horst het vaakst het bloed onder de nagels vandaan halende Horster politicus: Raymond Knops (voor het 73e jaar op rij).
Welverdiendste Tweetbundel: Elly Michiels-Fleuren.
Geïmproviseerdste borden:
Leerrijkste Verschnaufpause: Lago di Garda.
Mooiste wandeling: Aafjeswandeling.
Meest fietsframebreukgevoelige wethouder: Ger van Rensch
Sterkste sit-in-dialoog: Burgemeester Van Rooij: ‘Ik snap dat u daar verschillend in kunt zitten.’ Bram Hendriks (Essentie): ‘Ik ben ervan overtuigd dat we er hetzelfde in zitten.’
Smadelijkste nederlaag Wittenhorst-Venray 1-0.
Bizarste maand:
Verontrustendste Twitterterugval (voor het tweede jaar op rij): Roy Bouten.
Misbruikste woord: duurzaamheid.
Verreweg best bezochte Horst-sweet-Horst-pagina (niet alleen van 2014, maar aller tijden): Seksschandaal? 
Vriendelijkste verzoek:
Newest kid standing on the lat: Bob Vostermans.
Aan de meeste Horster touwtjes trekkend: Jan Nabben.
Langst onder de pet gehouden: de Gasthoêsplannen.
Keurigste gezin:
Internationaalste gedicht: De mus van Jan Hanlo. 
Verheugendste terugkeer: accordeonist bij Plus.
Schimmigste concept: Herberg De Troost in ’t Gasthoês.
Memorabelste show: 1e Horster Twittershow.