Hoewel Horst aan de Maas het jammer genoeg nog steeds moet stellen zonder een
bloeiende graffiticultuur, vallen er als je goed kijkt toch enkele graffiti-hotspots
te ontdekken. Zoals station Horst-Sevenum, waar in de loop der jaren verschillende
graffiti zijn opgedoken die kunnen wedijveren met grootstedelijke graffiti.
Vooral het huisje achteraan op het eerste perron haalt regelmatig het beste
boven in graffitisten. Ik vrees dat de tekening die ik daar in maart 2010 op
een van de zijgevels aantrof voor eeuwig onovertroffen zal blijven:
Pal voor diezelfde zijgevel is jaren geleden helaas een hoog hek geplaatst. Het
verheugende is dat graffitisten zich hierdoor nooit hebben laten dwarsbomen:
hek of niet, zij gaan gewoon door met hun zegenrijke werk voor de Horster
samenleving. Onlangs is op deze gevel weer iets nieuws verschenen:
Een heus gedicht inderdaad:
Een heus gedicht inderdaad:
Je zou kunnen morren dat deze graffitist het gedicht van Lévi Weemoedt dat in
1978 verscheen in zijn bundel Geen bloemen (Ik vouw mijn handjes
samen / knijp mijn oogjes stevig dicht / en hoop dat na het amen / mijn
gehaktbal er nog ligt) geweld heeft aangedaan. Maar laten we onze oogjes
dichtknijpen voor deze zonde en in onze handjes knijpen dat het huisje
blijkbaar nog steeds in trek is bij graffitisten.
Overigens telt Horst aan de Maas nog heel veel andere blinde muren die schreeuwen om een gedicht.
Overigens telt Horst aan de Maas nog heel veel andere blinde muren die schreeuwen om een gedicht.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten