maandag 10 november 2014

Klein mysterie 602 – Graevenhof (1)

Donderdag werd in het centrum van Sevenum een uit appartementen en winkels bestaand nieuwbouwcomplex geopend. Dit heette tot donderdag De Heren van Zaerum. Blijkbaar slechts een werknaam, want donderdag onthulde wethouder Paul Driessen de definitieve naam: Graevenhof. De Heren van Zaerum dan wel Graevenhof, alleen aan de hand van de naam kun je je al een voorstelling maken van hetgeen is verrezen aan het Pastoor Vullinghsplein.
U meent enige verwantschap te zien met Hof te Berkel in Horst? Kan kloppen: beide complexen zijn ontworpen door Mulleners + Mulleners Architecten, specialisten in retro-architectuur, hedendaags traditionalisme, new urbanism of hoe je het ook wilt noemen. Horst aan de Maas is zo langzamerhand vergeven van zulke architectuur. Denk aan De Librije, De Smidse, Op Santfort, maar bijvoorbeeld ook aan Pastoorsveld en omgeving in Horst. Door het grote publiek wordt het gevreten en zelfs architectuurcritici spreken er tegenwoordig hun waardering over uit. Ik gruw ervan. Waarom? Omdat het nep is, omdat het flinterdunne nostalgisch laagje slechts verpakking is, omdat het suggesties wekt die niet worden waargemaakt. En omdat ik het foeilelijk vind. Maar lelijk is geen argument, heb ik altijd geleerd.
Projectontwikkelaar CRA Vastgoed uit Eindhoven noemt de architectuur van Graevenhof ‘klassiek en tijdloos van aard’ (klik hier). Lijkt me een kanjer van een contradictio in terminis: kan iets tegelijkertijd klassiek en tijdloos zijn? Nee natuurlijk, ik ben ervan overtuigd dat Graevenhof over pakweg vijftig jaar zal worden gekarakteriseerd als ‘typisch begin 21e-eeuws’. Neem nou dit onderdeel van het complex:
Dat kun je zelfs met de beste wil van de wereld toch onmogelijk ‘klassiek’ noemen? Tijdloos dan? Als je ‘karakterloos’ opvat als equivalent van ‘tijdloos’ dan misschien wel ja. Zoals je ook verdomd sterk in je schoenen moet staan als je durft te verdedigen dat dit ‘klassiek’ dan wel ‘tijdloos’ is:
En wat is hier in godsnaam ‘klassiek’ aan, op welke traditie bouwt dit voort?
Ik zie slechts van elke elegantie gespeende balkons, veel te dominante dakkapellen en vooral een misselijkmakende overdaad aan reclame-uitingen van de op de begane grond gevestigde winkelketen, waarvan je je afvraagt hoe die ooit de schoonheidscommissie heeft weten te passeren.
Gevelwanden als deze zijn ongetwijfeld bedoeld om de suggestie te wekken van organische groei:
Als de arme ziel die erin trapt eens aan de achterkant gaat kijken, is-ie gegarandeerd meteen van z’n illusie beroofd.
Ach, zo zou ik nog wel even door kunnen gaan, maar ik ben m’n frustratie alweer kwijt en bovendien lukt het me waarschijnlijk toch niet u te overtuigen. Laten we afsluiten met een vrolijke noot, geproduceerd door CRA: ‘Duurzame materialen als baksteen en natuursteen zullen de woningen karakteriseren. Met het oog op de toekomst. En op het oog zelf.’

Top 5 – Met Jeroen Smedts bekeken en besproken Horster verkeerssituaties

Contacten met beleidsbepalers en -uitvoerders probeer ik zoveel mogelijk te vermijden. De kans dat ik begrip krijg voor hun handelen ligt dan immers levensgroot op de loer. Toch valt soms niet aan zo’n contact te ontkomen. Neem nu Jeroen Smedts. Besloot zijn uitvoerige reactie op mijn tweede stukje over de veranderde voorrangssituatie bij de op- en afritten van A73-afslag Horst-Noord (klik hier) met de woorden ‘Een heel interessant onderwerp waar ik desnoods zo nog een keer over door wil spreken’. Wat doe je dan? Iemand neemt de moeite uit te leggen hoe het zit, hint op een gesprek en die hint zou ik dan moeten negeren omdat ik het vermoeden heb dat hij beleidsbepaler dan wel -uitvoerder is? Zou wat al te kras zijn. Dus maakten we een afspraak. Zaterdag was het zover. Eerst een kennismakingsrondje met koffie, thee en gebak, daarna de weg op!
Mijn vermoeden bleek in elk geval juist te zijn: na een studie ruimtelijke ordening en planologie is Jeroen nu als verkeersdeskundige werkzaam bij een grote gemeente in het zuiden van onze provincie. Mijn vrees dat contact met beleidsbepalers- en uitvoerders leidt tot begrip bleek evenzeer gerechtvaardigd. Jeroen vertelde vol passie over de indeling van wegen in drie categorieën, over de ASVV, over de vaak lastige afweging tussen veiligheid en doorstroming, over het zo nu en dan moeten kiezen tussen twee kwaden, over het vooraf niet altijd helemaal kunnen overzien van de consequenties van bepaalde ingrepen, over de zestien miljoen verkeersdeskundigen die Nederland telt, over het eigenzinnige gedrag van fietsers en voetgangers en de onmogelijkheid (en soms ook onwenselijkheid) daarop te anticiperen. Verhelderend en leerzaam! Zo kweek je dus zelfs bij mij begrip, moet ik met enige tegenzin bekennen.
Waarna we een aantal bij mij vragen oproepende Horster verkeerssituaties ter plekke aanschouwden. Daaruit is deze Horst-sweet-Horst top 5 van met Jeroen Smedts bekeken en besproken Horster verkeerssituaties voortgevloeid (gerangschikt naar de mate waarin ze vragen bij mij opriepen):  

5. Sint-Josephstraat, Horst
Was er geen sprake van koudwatervrees bij de St. Josephstraatbewoners toen ze vorig jaar zo luidruchtig protesteerden tegen het gemeentelijk voornemen het doorgaand verkeer uit het centrum van Horst voortaan deels via hun straat te leiden (klik hier)? Jeroen, vurig aanhanger van een verkeersluw Gasthoêsplein, is het wel met me eens. De verkeersafwikkeling vanuit het centrum van Horst verloopt immers voornamelijk via de Americaanseweg. Als dan ook nog van de Sint-Josephstraat een eenrichtingsstraat wordt gemaakt, voorziet hij nauwelijks overlast, onder meer omdat de straat dan waarschijnlijk wordt versmald en het verkeer dus verder van de woningen af komt te rijden.

4. fietsstrook, Loevestraat, Horst
Is het niet vreemd dat de Loevestraat tussen Sint-Lambertusplein en Harrie Driessenstraat slechts aan één zijde een fietsstrook heeft? Fietsers uit de richting Sint-Lambertusplein maken geregeld gebruik van de fietsstrook, hetgeen uitdrukkelijk niet de bedoeling is. Jeroen zegt zich ook vaak over deze situatie te hebben verbaasd. Nu hij er nog eens nadrukkelijk naar kijkt, komt hij tot de conclusie dat gegeven de omstandigheden (een smalle straat) is gekozen voor de meest logische oplossing.  

3. aansluiting fietspad op rijweg, Broekhuizerdijk, Melderslo
De aanleg van een fietspad tussen Horst en Broekhuizen moest de veiligheid voor fietsers bevorderen, maar is op dit punt niet het omgekeerde het geval? En had de aansluiting op het fietspad voor fietsers uit de richting Horst niet vloeiender gemoeten (klik hier)? Jeroen ziet geen veiligheidsprobleem, zeker als fietsers uit de richting Broekhuizen zich aan de regels houden en geen gebruikmaken van het olifantenpaadje. En het verleggen van de grens van de bebouwde kom heeft de veiligheid bevorderd.
Wel is Jeroen het met me eens dat voor fietsers uit de andere richting de aansluiting op het fietspad vloeiender had gemogen.  

2. rotonde Jumbo, Sevenum
Is het niet volstrekt onlogisch dat rechtdoorgaande fietsers hier voorrang dienen te verlenen? ‘Nee, geen discussie mogelijk’, aldus Jeroen, ‘hier zijn gewoon de regels toegepast: buiten de bebouwde kom heeft gemotoriseerd verkeer op rotondes voorrang op fietsers.’ Hij vindt het wel vreemd dat fietsers geen voorrang genieten op de binnen de bebouwde kom gelegen rotondes Westsingel – Stationsstraat en Stationsstraat – Venloseweg – Meldersloseweg.

1. op- en afritten A73 afslag Horst-Noord
Is de situatie er door de veranderde voorrangsregels niet veel onveiliger op geworden? Als het gaat om fietsers die verkeer dat de autosnelweg verlaat voorrang moeten geven, ziet Jeroen weinig problemen. Anders is het met verkeer dat de autosnelweg oprijdt. Dat leidt voor de fietser tot een situatie waarin je ’m niet zou moeten willen brengen. Een oplossing heeft Jeroen zo 1, 2, 3 ook niet paraat. Drempels zijn hier sowieso uit den boze en ook van stoplichten is hij op voorhand niet erg gecharmeerd.
Ook Jeroen sneed overigens een in zijn ogen absurde verkeerssituatie aan. Daarover een volgende keer. En verder hebben we de afspraak gemaakt een keer samen door het centrum van Horst te lopen, waarbij Jeroen z’n stedenbouwkundige bril zal opzetten. Veel verder wil ik niet gaan in m’n contacten met beleidsbepalers en -uitvoerders.

maandag 3 november 2014

Klein mysterie 601 – Zwembad (3)

Lachen, jongen. Deze week begrotingsbehandeling in de gemeenteraad. Op een gegeven moment gingen de Triple Helixpartners zelfs met het tractiebeheerplan aan de haal. Al kan het ook andersom zijn geweest. Helemaal zeker weet je het immers nooit nu we in dit transitiejaar ook nog eens zitten opgescheept met die kluwen van besturingsvormen. Eén vraagje trouwens: egalisatiereserve is dat nu hetzelfde als risicoreserve? Ja sorry hoor, maar de verslapping van de spanningsboog zat mij even in de weg.
Met wethouder Bob Vostermans hebben we er trouwens weer een taalkunstenaar van het kaliber Huub Dinghs en Leon Litjens bij. Dat Bob, gelijk vele van z’n collega-bestuurders graag samen aan de lat staat, mag nauwelijks een verrassing heten. Maar met ‘Dat is de onderlegger’ introduceerde hij een frase die de potentie heeft uit te groeien tot een onvervalste kraker in het Horster bestuurlijk jargon.
Volgens beproefd recept werden ook weer wat heikele punten doorgeschoven naar een commissievergadering. Altijd hetzelfde liedje als het even interessant dreigt te worden: ‘Dit is niet het moment hierover in discussie te gaan’ of ‘U wilt me verleiden tot een discussie en dat is nu niet de bedoeling’. Alsof het in de gemeenteraad ooit tot discussie komt.
Lachen was het eveneens met het zwembad. ‘Zit er vanuit de gemeente Venlo op korte termijn nieuws aan te komen over het zwembad?’, zo vroeg SP-fractievoorzitter Thijs Coppus na een uurtje of drie vergaderen. ‘Niets over gehoord’, reageerde hoofd-zwembadwethouder Ger van Rensch. Twee dagen later werd bekend dat de gemeente Venlo naast een onderzoek naar een regionaal zwembad ook een onderzoek gaat instellen naar een gemeentelijk zwembad op haar eigen kazerneterrein. Nou, dan weet je wel hoe laat het is.
En Horst aan de Maas maar ijzerenheinig volharden in het verlangen naar een regionaal zwembad op het Floriadeterrein. Zo deden hoofd-zwembadwethouder Van Rensch en assistent-zwembadwethouder Vostermans het althans voorkomen. ‘En de plannen voor een zwembad in de door Wittenhorst nagestreefde sportzone dan?’, vroeg opnieuw Thijs Coppus. Bob Vostermans: ‘We hebben kennisgenomen van het initiatief en vinden het in de basis een goede ontwikkeling. Niet meer en niet minder.’ Thijs Coppus: ‘Maar wordt ook gesproken over het eventueel onderbrengen van het zwembad in de sportzone?’ Bob Vostermans: ‘Door het college niet.’ Wittenhorst-voorzitter Ton Hagens twee dagen later in Hallo Horst aan de Maas (klik hier): ‘Het College van B&W was enorm enthousiast en zij gaat de komende maanden onderzoeken of ons plan haalbaar is.’
Lachen, jongen.

Intermezzo – Voettocht naar het hart van het land (1)

November. Nog even en de kerstpakketten zitten er weer aan te komen. Mag ik de gemeente Horst aan de Maas misschien eens een kerstpakketvoorstel doen? Duw uw ambtenaren, gemeenteraadsleden, wethouders en burgemeester dit onlangs verschenen indrukwekkende, onthutsende, ontroerende, schrijnende en hopelijk velen de ogen openende boek door de strot:
Voormalig journalist, auteur en docent Jan Schuurman Hess (1956) wandelde twee jaar lang twee dagen per week door Nederland. In Voettocht naar het hart van Nederland doet hij daarvan verslag. De vraag waarmee (PvdA’er) Schuurman Hess op pad ging, was of de sociaaldemocratie inderdaad haar doelen heeft bereikt, zoals vaak wordt beweerd, of dat er nog een toekomst is. Hij houdt daarover geen ingewikkelde theoretische verhandelingen, nee, hij gaat gewoon in gesprek met de mensen die hij onderweg tegenkomt: vissers, verpleegkundigen, politici, scholieren, WAO’ers, docenten, boeren, bouwvakkers, wethouders. Hij hoort hen aan en uit, tekent hun zorgen, frustraties, idealen en toekomstdromen op, legt daarmee het in den lande levende ongenoegen feilloos bloot en trekt vervolgens zijn conclusies. Die zijn veelal weinig hoopgevend.

Eén aangrijpend voorbeeld: in het centrum van Weert ontmoet Schuurman Hess Dave Saes. Dave bespeelt er een klein draaiorgel. Hij heeft lichte lichamelijke beperkingen, maar is wél Nederlands en Europees kampioen op het draaiorgel. Dave is gestationeerd in een sociale werkplaats waar hij dingen moet doen die hij niet kan. Schuurman Hess noteert op de terugweg in de trein:
Een telkens terugkerend thema in het boek is de staat van het onderwijs. En dan vooral de staat van het onderwijs aan doeners: jongens en meisjes die een vak willen leren, met hun handen willen werken. Schuurman Hess spreekt er tallozen en ze vertellen allemaal hetzelfde deprimerende verhaal dat er op neerkomt dat het onderwijs totaal niet op hen is toegerust. Daarop voortbordurend: hoe zou Schuurman Hess oordelen over een recente uitspraak (klik hier) van Jan Jenneskens, bestuursvoorzitter van Dynamiek Scholengroep, de overkoepelende organisatie voor het basisonderwijs in Horst aan de Maas: ‘Het onderwijs verandert snel en staat op een keerpunt, van opleiden voor een baan en het aanleren van kennis naar het aanleren van vaardigheden om gelukkig te kunnen leven.’  Zou dat de toekomstige doeners meer soelaas bieden dan de huidige?
Sowieso zou Voettocht naar het hart van Nederland eveneens in het kerstpakket van Horster schoolbestuurders behoren te zitten. Schuurman Hess snijdt namelijk ook een problematiek aan waarmee Horst aan de Maas in de toekomst onherroepelijk te maken krijgt: de dreigende sluiting van kleine basisscholen en de gevolgen daarvan voor de leefbaarheid van het platteland. Schuurman Hess zegt er behartenswaardige dingen over en heeft inmiddels het concept van de Kleine Scholen Coöperatie bedacht (lees er hier meer over).
De conclusies van Schuurman Hess? Die zijn snoeihard, niet in het minst voor zijn eigen partij:
‘Tegen de achtergrond van een steeds verdere internationalisering van samenleving en economie lijkt het alsof menselijke verhoudingen niet meer tellen, alsof niemand er nog toe doet. Identiteit, verbondenheid en gemeenschapszin hebben geen plaats in de structuren van macht en rijkdom. De politiek, de PvdA in het bijzonder, is niet alleen in die ontwikkeling meegegaan, maar heeft het gestimuleerd. Daarbij heeft ze de belangen van het volk en de gemeenschap uit het oog verloren.’ 
En:
‘Een eenzijdige focus van de sociaaldemocratie op het openbaar bestuur vormt haar grootste bedreiging. Juist de mensen die op de beweging rekenen, voelen zich al te vaak niet gehoord, niet gezien, niet begrepen. Als de sociaaldemocratie een blijvende rol wil spelen voor die mensen, zal zij zich buiten de raad en parlement moeten organiseren: herkenbaar en nabij, niet oordelend maar ondersteunend.’ 
Horster sociaaldemocraten: doe er uw voordeel mee! (En nodig Jan Schuurman Hess uit voor een spreekbeurt.)

Top 5 – Vervaagde Norbertuswijkse geveldoeken

Hoeveel foto’s ik ook maak van Horst aan de Maas, telkens blijken het er toch te weinig te zijn. Zo kan ik me nu wel voor m’n kop slaan dat ik de doeken die in juni 2010 aan een aantal gevels in de Norbertuswijk in Horst werden bevestigd, niet onmiddellijk na hun ophangen op de gevoelige plaat heb vastgelegd. Daarmee had dit stukje aanzienlijk veelzeggender kunnen zijn. Maar goed, het is zoals het is en daaraan valt niets meer te veranderen.
Onder het motto ‘Kleur in de wijk’ verschenen in 2008 op strategische plaatsen in de Norbertuswijk levensgrote doeken aan zijgevels van een aantal woningen en flats. De afbeeldingen op de doeken waren gemaakt door leerlingen van de lagere school in de wijk.
Na twee jaar was de tijd rijp voor nieuwe doeken. Aan het motto ‘Kleur in de wijk’ werd nog een tweede motto toegevoegd: ‘Millenniumdoelen’. 56 leerlingen van het Dendron College, de middelbare school in de wijk die onder meer ontwikkelingsprojecten in Afrika en India steunt, maakten een ontwerp voor de nieuwe doeken. De vijf beste ontwerpen werden daadwerkelijk op een doek afgebeeld. De hoofdprijs ging naar het op de blinde muur van de gymnastiekzaal op de hoek Gebroeders van Doornelaan – Paulus Potterstraat aangebrachte doek. Het werd op 11 juni 2010 onthuld door wethouder Van Rensch. Onbegrijpelijk dat ik destijds geen foto’s van de doeken heb gemaakt. Zal ongetwijfeld iets te maken hebben met het feit dat juist die 11e juni het WK begon. Daarna kwam het er om een of andere reden niet meer van. Tot me dit jaar begon op te vallen dat de doeken hun eerste motto (‘Kleur in de wijk’) steeds minder waarmaakten. Komt-ie, de Horst-sweet-Horst top 5 van vervaagde Norbertuswijkse geveldoeken:

5.
Prinses Marijkestraat. Ontworpen door Hilde Spreeuwenberg.

4.
Julianastraat. Ontworpen door Ilse Pouwels.

3.
Hoek Gebroeders van Doornelaan – Paulus Potterstraat. Ontworpen door Els van Hooft.

2.
Hoek Noordsingel – Meterikseweg. Ontworpen door Nick Vullings.

1.
Rembrandtstraat. Ontworpen door Tessy Vermeeren.

Vergaat het de millenniumdoelen hetzelfde als de kleuren, dan ziet het er voor de millenniumdoelen niet al te best uit. Zou het niet eens tijd worden de doeken te verwijderen? Vervangen mag wat mij betreft ook, al stel ik dan wel voor ditmaal professionele kunstenaars aan het werk te zetten. Zoals namelijk al vaker gezegd: de verhoudingen tussen professionele en publieksparticipatieve kunst zijn de afgelopen jaren in Horst aan de Maas danig scheefgegroeid. Hoogste tijd voor een inhaalslag.

Klein mysterie 600 – Sint-Lambertuskerk

‘We wilden van Vierlingsbeek naar Venlo lopen en besloten in het midden te beginnen: Swolgen. Het was zaterdagmiddag en het miezerde, geen mens op straat. Moederziel alleen doorstonden we de aanblik van een monsterlijke kerk.’
De eerste drie zinnen uit het korte verhaal ‘Ontsnapping uit Swolgen’ van Koos van Zomeren, oorspronkelijk in 1989 gepubliceerd in Het scheepsorkest, hier overgenomen uit Als een god in Limburg (2004; Bruna). Vanuit Swolgen lopen Koos, z’n echtgenote Iris en de hond (ongetwijfeld Rekel) langs plukjes hei, maïs, doorgeschoten asperges, ‘akkers met rozen’ en ‘varkensschuren’ naar Venlo. Daar overnachten ze. De volgende morgen sporen ze naar Vierlingsbeek. Van daar gaat het weer terug richting Swolgen. In Wanssum drinken ze koffie en klinken Junge komm bald wieder en Schön ist die Jugendzeit op uit de jukebox. ‘Echt waar.’
‘Een kleine twee uur later naderden we Swolgen. De lompe toren deed afbreuk aan het gevoel van voldoening, waarmee men een wandeling hoort te besluiten. We passeerden een weilandje, dat lag ingeklemd tussen asfaltweggetjes en onduidelijke schuren. Het ritselde van het leven: tientallen witte kwikstaarten, waaronder zeker vier gele. Allemaal vrolijk onderweg naar Afrika. God mag weten waarom ze uitgerekend dit weilandje als springplank gebruikten. Misschien waren ze moed aan het verzamelen om langs die toren te gaan.’
Wat zou er aan de hand zijn geweest met Koos toen hij deze woorden aan het papier toevertrouwde? Ruzie met Iris? Zorgen om de gezondheidstoestand van Rekel? Beginnende midlifecrisis (hij is van 1946)? Gewoon even de weg kwijt? Want hoe hoog ik Koos van Zomeren ook heb zitten – zoals ik tegenwoordig de NRC dagelijks begin met de column van Frits Abrahams, zo deed ik dat tussen 1992 en 1995 met de prachtige miniatuurtjes van Koos – met die diskwalificaties van de Swolgense kerk(toren) kan ik ’m toch niet helemaal volgen.
Begrijp me goed: ik zou heus niet willen beweren dat die toren rank is. En de Sint-Lambertuskerk in haar geheel is misschien geen toonbeeld van elegantie. En duidelijk, te duidelijk misschien, vallen de verschillende bouwfasen aan de kerk af te lezen. En de toren en het schip met koor vloeken misschien wel enigszins met elkaar.
Maar om de toren nu ‘lomp’ te noemen en de hele kerk ‘monsterlijk’ is dan wel weer het andere uiterste. Of zit m’n (gemeentelijk) chauvinisme me hinderlijk in de weg en heeft Koos gewoon gelijk?

zaterdag 1 november 2014

Intermezzo – Accordeonist

Zaterdag 1 november 2014, 10.12 uur, pleintje bij ingang Lidl en Plus, Kerkeveld te Horst (klik op pijltje, afspelen met geluid aan):
(De ooit zo machtige catalpa (klik hier) op het pleintje bij de ingang van Lidl en Plus mag onlangs dan helaas zijn geveld, vanochtend constateerde Horst-sweet-Horst dat er iets heel moois voor in de plaats is gekomen: er is weer een accordeonist in town! Fantastisch!)

maandag 27 oktober 2014

Intermezzo – Niet met de klep slaan (1)

Vandaag de volgende brief de deur uitgedaan:

Aan hare excellentie mevrouw M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

Horst, 27 oktober 2014

betreft: bord niet met de klep slaan

Hooggeachte mevrouw Schultz van Haegen-Maas Geesteranus,

Onlangs heeft u bekendgemaakt dat Nederland er per 1 januari 2015 veertien nieuwe verkeersborden bij krijgt. Een heuglijk besluit: de ongebreidelde wildgroei van tekstuele borden in Nederland stuit me al vele jaren tegen de borst. In tijden van hand over hand toenemend analfabetisme en een groeiend bevolkingsaandeel dat de Nederlandse taal niet machtig is, zijn het juist pictogrammen waaraan behoefte is. In dat kader valt het naar mijn mening te betreuren dat u het aantal nieuwe verkeersborden heeft beperkt tot veertien: er zijn nog veel meer werelden te winnen!
Zo kom ik op mijn fietstochten door ons zo fraaie Noord-Limburgse land met enige regelmaat bordjes met de tekst ‘Niet met de klep slaan’ tegen. Is dat voor menig autochtoon al een lastig te duiden tekst, wat had u gedacht van de Zweedse toerist, de Poolse seizoensarbeider of de Zuid-Koreaanse uitwisselingsgast? Een pictogram zou in dit geval wonderen kunnen bewerkstelligen.
Op mijn weblog Horst-sweet-Horst heb ik twee weken geleden de aandacht gevestigd op het tekort aan pictogrammen (klik hier). Ik vroeg me daarbij af of zich onder de Horst-sweet-Horst-lezers misschien creatievo’s zouden bevinden die u van dienst wilden zijn door een bord te ontwerpen met een ‘Niet-met-de-klep-slaan’-pictogram. Tot mijn grote vreugde kan ik u melden dat twee personen zich inderdaad aangesproken voelden door mijn vraag. Piet Meijers schreef me in een e-mail: ‘Dat het slaan met de klep gestopt moet worden voor het nog verder uit de hand loopt, is duidelijk. Houd je pet op, zou ik tegen oom agent willen zeggen, en gebruik je gummiknuppel! Het zal niet gemakkelijk zijn om dit met een simpel verbodsbord duidelijk te maken, maar een schetsje kan ik je toch apart toesturen.’ Hierbij dat ‘schetsje’:
Wieneke Verdellen ging zelfs nog verder en kwam met liefst twee kant-en-klare ontwerpen (klik hier):
Graag breng ik het schetsje en beide ontwerpen onder uw aandacht. Naar mijn bescheiden mening bieden ze meer dan voldoende aanknopingspunten voor het definitieve ontwerp van één of misschien wel meer borden met ‘Niet-met-de-klep-slaan’-pictogram. Tevens geef ik u in overweging mevrouw Verdellen aan te stellen tot Rijksverkeersbordenontwerper. Dit gezien haar overduidelijke capaciteiten op dit terrein (de heer Meijers heeft al jaren geleden de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, hetgeen hem al op voorhand geen kandidaat maakt voor deze functie).

In het vertrouwen dat deze brief zijn uitwerking niet zal missen en in afwachting van uw reactie verblijf ik,

Met vriendelijke groet,

Wim Moorman

P.S. Wilt u misschien zo vriendelijk zijn deze brief ook door te leiden aan uw collega Asscher? Hij is immers degene die door middel van wet- en regelgeving paal en perk kan stellen aan dat verfoeilijke slaan met de klep. 

Intermezzo – Beuijsse Meule

Je kunt zitten mokken over het feit dat je ouder wordt. Je kunt ook je zegeningen tellen. Zo moet je een bepaalde leeftijd hebben bereikt om te weten waar in Horst deze foto is genomen. 
50-plussers, mond houden! Laat die 50-minners maar raden. Wedden dat ze niet thuis geven? Sliêp oêt! Sliêp oêt!

Een doodeenvoudig berichtje met foto, vrijdagavond geplaatst op de Facebookpagina van Horst-sweet-Horst. Gewoon voor de leuk. Geen moment stilgestaan bij de mogelijkheid dat wel eens een pandemonium kon losbreken dat zou eindigen in een totale spraakverwarring. Toch gebeurde precies dat. Een greep uit de gebeurtenissen sinds vrijdag: meer dan vierduizend keer gelezen, bijna zestig likes, meer dan zestig reacties, tientallen reacties op reacties, nieuwe foto’s, beschuldigingen van leeftijdfraude, nostalgische oprispingen, de meest fantastische bijnamen die de revue passeerden (mijn top 3: 3. Tromme Leike; 2. D’n Uul; 1. Moês Trien), 50-plussers die stonden te popelen om het juiste antwoord te geven, andere 50-plussers die zich niets aantrokken van het gebod van Horst-sweet-Horst, de ene reageerder die de andere een zwijgverbod oplegde, mensen die spontaan hun links-rechts oriëntatie kwijtraakten, het mij voorheen onbekende woord ‘bloemenjuwelier’ dat ineens opdook, verzuchtingen over verdwenen panden en wat al niet meer.

Aan mij de schone taak enige orde in de ontstane chaos te scheppen. Eerst maar eens alle onjuiste antwoorden geïnventariseerd: het voormalige Rode Kruisgebouw, Herstraat, Loevestraat, Het Groenewoud, Doolgaardstraat, de boerderij van Hoogers, de oude melkfabriek, het voormalige Groene Kruisgebouw, de kantfabriek, Schoolstraat. Allemaal genoemd, allemaal komen ze niet voor op de foto. Ruimt lekker op.

Waar de foto dan wel is genomen? In de Jacob Merlostraat! De mij onbekende fotograaf moet ongeveer ter hoogte van Het Groenewoud hebben gestaan en zijn lens noordwaarts hebben gericht. Ik schat dat de foto omstreeks 1970 is gemaakt. Een dikke veertig jaar later is alleen de kromming in de Jacob Merlostraat nog aanwezig, voor de rest is alles verdwenen, zoals mag blijken uit deze foto:
Vreemd genoeg is aan de overkant van de straat nauwelijks iets veranderd. Vermoedelijk dezelfde fotograaf nam vermoedelijk op dezelfde dag een foto van de andere kant, ongeveer ter hoogte van de lantaarnpaal voor het pand rechts op de bovenste foto: 
Nu ziet het er daar ongeveer zo uit, met links de bloemenjuwelier:
Terug naar de bovenste foto. De gebouwen links op de voorgrond behoorden tot het imperium van de familie Beuijssen. ‘Beuijsse Meule’ heette het daar, naar de beeldbepalende windmolen die er in 1867 werd opgebouwd. De molen domineert ook deze foto, overgenomen uit Oud Horst in het nieuws (deel 1, p. 99): 
Volgens Ger (‘Gir’) van den Munckhof, van iedereen die heeft gereageerd vermoedelijk degene met het geheugen dat het verste teruggrijpt, is die molen op enig moment afgebrand en ik neem dat graag van hem aan. De naam Molenstraat herinnert nog aan de molen, evenals deze molensteen:
Achter ‘Beuijsse Meule’, aan het begin van de huidige Molenstraat, woonde tot begin jaren zeventig de familie Willems (‘D’n Uul’). Het pand rechts op de bovenste foto is het in 1883 gebouwde woonhuis van de familie Beuijssen. Begin jaren zeventig is alles afgebroken. (Waarna we er karakterloze shit voor hebben teruggekregen.)

Tot zover de (vermoedelijke) feiten. Voor alles wat er verder nog omheen is beweerd, gefantaseerd en geouwehoerd verwijs ik u graag naar de Horst-sweet-Horst Facebookpagina (klik hier).

Intermezzo – Rotonde

Zondag 26 oktober 2014, 14.13 uur, rotonde Venloseweg – Meldersloseweg – Stationsstraat te Horst (klik op pijltje, afspelen met geluid aan): 

Ingezonden – Een voetreis door Swolgen

Horst-sweet-Horst ontving een ingezonden bijdrage van Jan Duijf (Kloosterstraat te Horst), die alle (Horst-sweet-Horst-)gedweep met Bertus Aafjes van de voorbije weken een beetje moe lijkt te zijn. Komt-ie:
Een voetreis door Swolgen

Na de idyllische en harmonische wandeling door Bertus Aafjesland aan de hand van de Horst Sweet Horst weblog, lijkt het me billijk om ook eens een gans andere kant van het dichterschap van Aafjes te laten zien. Zelf ben ik bekend met Een voetreis naar Rome; voor mij bepaald geen hoogtepunt in de Nederlandse poëzie. Het werk zit boordevol gerijmel, gezwijmel en gezwam.

Maar ja, wie ben ik om te mogen oordelen? Daarom maar eens een algemeen erkende autoriteit op het vlak van de Nederlandse poëzie van stal gehaald: Gerrit Komrij. Wie kent niet zijn kloeke boeken en bloemlezingen over de Nederlandse dichtkunst?

Gerrit Komrij in een recensie over Bertus Aafjes: ‘Zijn erotische pennevruchten worden niet gered door poëzie, maar geaborteerd door dichterlijkheden. Schallende hoogdravendheid komt in de plaats van geladen suggestie. Het resultaat is, het spijt me dat ik het moet zeggen, erger dan de goedkoopste pornoshow. Je loopt er hersenplatjes van op.’

Een voorbeeldje:

Jij, met je vochtige vagijn,
ik, met mijn purperen kardinaal (...)
Zij weegt mijn penis op haar kleine hand
en voelt zich door de grootheid overmand:
soms wipt hij smachtend in een boog omhoog,
dan rolt een traan van wellust uit zijn oog

Misschien een idee om de poëzie van Bertus bij de volgende wandeling levend uit te beelden?

Jan Duijf, Kloosterstraat Horst
Mocht het tot een volgende editie van de Aafjeswandeling komen, dan is die afsluitende suggestie beslist het overwegen waard, dunkt me. Zal vermoedelijk een ander publiek trekken dan de eerste editie, maar wie maalt daarom? Laat vrijwilligers voor de levende uitbeelding zich maar alvast melden. 

Klein mysterie 599 – Fietsers (2)

Het stukje van vorige week over de veranderde voorrangssituatie bij de op- en afritten van A73-afslag Horst-Noord (klik hier en hier) heeft nogal wat losgemaakt: duizenden keren gelezen, tientallen reacties, veel bijval voor mijn standpunt (‘Voor fietsers is het er aanzienlijker onveiliger op geworden’), maar ook de nodige kritiek.
Opmerkingen over en weer over het (vermeend) roekeloze verkeersgedrag van automobilisten of fietsers laat ik voor wat ze zijn. Neem van een ervaringsdeskundige als ik aan: tegenover elke roekeloze automobilist staat een roekeloze fietser en andersom.
Verder pik ik er een paar kritische reacties uit. Om te beginnen die van een fiets- en brommerbestuurder, die zegt: ‘In de oude situatie werd ik bijna dagelijks van mijn fiets/brommer gereden. Nu het veranderd is, is het overzichtelijker, en krijg ik al 2dgn achter elkaar voorrang van de automobilist. Het is raar, maar werkt wel degelijk!’ Als fietser onderweg van en naar Aardbeienland heb ik afgelopen week tot tweemaal toe dezelfde ervaring opgedaan. Inderdaad bizar: je krijgt pas voorrang als je geen voorrang hebt. Het vervelende is alleen dat je nooit weet of elke automobilist er zo over denkt. Derhalve lijkt het me als fietser in de nieuwe situatie toch raadzaam te allen tijde te stoppen.
Dan de uitvoerigste reactie, van een zekere Jeroen, van wie het me niet zou verbazen als hij op de een of andere manier zijn brood verdient in de infrastructuur. Volgens Jeroen is het er voor fietsers niet onveiliger op geworden. ‘Het fietsverkeer uit de voorrang halen zorgt ervoor dat een auto die met volle snelheid van de snelweg afkomt, niet zo snel in conflict komt met een fietser die net op dat moment dezelfde afrit oversteekt. Deze automobilist is al met zoveel handelingen tegelijk bezig dat het in die situatie wenselijk is zo min mogelijk conflictpunten tegen te komen. De verantwoording wordt nu bij de fietser neergelegd die alleen maar hoeft te kijken of er iets uit de richting van de snelweg komt.’ Jeroen zou misschien gelijk hebben als het uitsluitend ging om verkeer dat de A73 verlaat. Maar hij vergeet voor het gemak dat het probleem juist het grootst is bij verkeer dat de A73 oprijdt. Dan moet de fietser zowel alert zijn op voertuigen die uit z’n rug komen als op voertuigen die hem van voren naderen. Bovendien moet hij een juiste inschatting maken van hun snelheid. Geef het de fietser maar te doen! De automobilist is hier veel beter voor geëquipeerd. Nogmaals: leg aan het begin van de opritten een drempel en de automobilist wordt wel gedwongen op z’n hoede te zijn voor fietsers. Pas als dat niet zo mocht zijn, zou wat mij betreft de oplossing aan de orde zijn die gemeenteraadslid Henk Weijs (CDA) deze week per tweet suggereerde: stoplichten (klik hier).
Terug naar Jeroen. Die gaat ook in op mijn bezwaren tegen het wijzigen van de voorrangsregels bij de rotonde bij Jumbo in Sevenum: ‘Dat de fietser bij de rotonde Jumbo uit de voorrang is gehaald is conform de richtlijnen die hieraan zijn gesteld (CROW): in de bebouwde kom in de voorrang, buiten de bebouwde kom uit de voorrang. In het kader van eenduidigheid en uniformering van rotondes. Inderdaad minder fijn voor fietsers, maar komt ten goede aan de verkeersveiligheid.’ Het mag conform de richtlijnen van CROW zijn, ik geloof er om dezelfde reden als hierboven geen snars van dat de situatie bij de betreffende rotonde ten goede is gekomen aan de verkeersveiligheid van fietsers. En die eenduidigheid en uniformiteit van CROW? Waarom hebben fietsers dan bijvoorbeeld op de binnen de bebouwde kom van Horst gelegen rotonde Venloseweg – Meldersloseweg – Stationsstraat géén voorrang?
Over de Greenport Bikeway schrijft Jeroen ten slotte: ‘Past helemaal in het kader van duurzaam veilig: stimuleren van de fiets, snel, veilig en comfortabel.’ Geloof ik graag, alleen is de Greenport Bikeway in mijn ogen volstrekt overbodig, althans op z’n minst het gedeelte tussen station Horst-Sevenum en Blerick.
Conclusie: het is Jeroen (en anderen) niet gelukt mij de logica van dit alles aan het verstand te peuteren. Waarmee niet is gezegd dat dit aan Jeroen ligt, misschien zijn mijn verstandelijke vermogens wel gewoon ontoereikend.

Overigens wel nog een correctie: gezeten in de trein ontdekte ik een dezer dagen dat de volstrekt overbodige Greenport Lane ’s avonds niet baadt in het licht (zoals ik vorige week beweerde). Maar gezeten in diezelfde trein ontdekte ik tevens dat de volstrekt overbodige en nog niet eens geopende Greenport Bikeway ’s avonds wel baadt in het licht. Mag u raden wat ik daarvan vind.