zaterdag 16 december 2017

Klein mysterie 751 – Sportpark Meterica (1)

Tussen Horst en America zijn drie verbindingswegen: de Nieuwe Peeldijk, de Hofweg en de Eickhorsterweg. Nieuwe Peeldijk en Hofweg zullen ooit door oneindig leegland hebben geleid, vandaag de dag is het al dan niet grootschalige agrarische bedrijvigheid die hier de boventoon voert, al dan niet afgewisseld door een hier volstrekt misplaatst uit z’n voegen barstend autobedrijf. Wat een verademing is dan de Eickhorsterweg: precies één boerderij over de volledige lengte van de weg en verder alleen maar weilanden, onbebouwd akkerland en houtwallen zover het oog reikt.


Koesteren die hap, zou je denken. Maar wie zo denkt, vergeet dat we hier in Horst aan de Maas zijn. Horst aan de Maas, dat er een vreemd, welhaast dwangmatig genoegen in schept ook zijn laatste restjes min of meer authentiek, ongerept landschap naar de gallemiezen te helpen. 


Doorgaans is het de agrarische industrie waarvoor de rode loper wordt uitgelegd, ditmaal zijn het de voetbalverenigingen van America en Meterik en de tennisvereniging van America. Die gaan fuseren, zijn tot de conclusie gekomen dat een thuishaven in een van beide dorpen niet gaat werken, hebben gezocht naar een locatie voor een nieuw sportpark tussen beide kernen in en zijn uitgekomen aan de Eickhorsterweg. Door hun bril bekeken misschien logisch. Maar je zou verwachten dat instituties als gemeentebestuur, gemeenteraad en gemeentelijke commissies het algemeen belang laten prevaleren boven club- en dorpsbelang. Maar dat is buiten de waard gerekend, zo bleek vorige week maandag tijdens een vergadering van de Commissie Samenleving. Niet dat er bij de commissieleden geen twijfels leven over een sportpark aan de Eickhorsterweg. Integendeel, het regende twijfels. Twijfels over ‘het kostenplaatje’, over de verkeersveiligheid, over de geschiktheid van de ondergrond, over de sociale veiligheid. Alleen over de aantasting van het landschap blijkbaar geen enkele twijfel, zelfs niet bij D66 en SP, waar het landschapsbelang normaliter toch in vrij veilige handen is.


De enige die zich uitte over het landschap ter plekke was de verantwoordelijke wethouder, Ger van Rensch (klik hier en ga naar 2.34.00):
‘Als je vanaf de Eickhorsterweg richting mogelijke nieuwe locatie kijkt, dan ligt daarachter een kas. Dus er is geen sprake van landschappelijke openheid. Dat wil zeggen dat het park als het ware weg zou vallen tegen die kas en dus geen inbreuk zou doen op de openbare ruimte.’


Het vreemde was dat het erop leek dat de wethouder méénde wat hij zei. Rrrraaaarrrr. Die kas ligt de zaak inderdaad behoorlijk te verzieken, maar wel op enkele honderden meters afstand van de Eickhorsterweg, nog aan de overzijde van de Kabroeksebeek. Je kunt toch niet met droge ogen beweren dat er op het moment aan de Eickhorsterweg géén sprake is van landschappelijke openheid? En een sportpark met al z’n opstallen valt toch niet weg tegen die kas? Dat domineert straks toch de hele omgeving? Dat doet toch enorm afbreuk aan de openbare ruimte? Dat verandert het aanzien van dit gebied toch compleet?


Weet u wat? Neem dit weekend eens een kijkje aan de Eickhorsterweg, vorm zelf een oordeel en laat me weten hoe u erover denkt.

zondag 10 december 2017

Top 5 – Meterikse gaten van De Gatenman

Gisteren in Hegelsom de auto van De Gatenman zien staan. De Gatenman zelf was in geen velden of wegen te bekennen. Helaas, want ik had graag kennis met ‘m gemaakt. Om ‘m te vragen hoe dat nou is, Gatenman zijn. Of ie er als klein kind al van droomde Gatenman te worden of dat het Gatenmanschap gewoon toevallig op z’n weg is gekomen. Of ie niet gebukt gaat onder de last van het Gatenmansbestaan. Of het feit dat ie Gatenman is, ‘m populair maakt bij de vrouwtjes. Of het nou ook nog wat schuift om Gatenman te zijn. Of ie lid is van de Landelijke Vereniging van Gatenmannen. Of vrouwen ook Gatenman kunnen zijn. Of de robotisering van de samenleving een bedreiging vormt voor het Gatenmanschap. Enzovoort, enzovoort. Ja, u mag gerust weten dat ik vannacht heb wakker gelegen van De Gatenman.


Net nadat ik De Gatenman vanmiddag eindelijk uit m’n hoofd had weten te bannen, beging ik de blunder een sneeuwwandeling door Meterik te gaan maken. Terwijl ik me al sneeuwwandelend juist veilig waande voor De Gatenman: alle nog aanwezige gaten zouden toch wel zijn bedekt met een dikke laag sneeuw? Niet dus. Binnen de kortste keren was De Gatenman weer in volle hevigheid terug in mijn bovenkamer. En drong het tot me door dat ik De Gatenman in eerste instantie niet op waarde had geschat. En volkomen ten onrechte wat lacherig over hem had gedaan. En het vakmanschap, de toewijding en vooral de creativiteit en artisticiteit van De Gatenman ernstig had onderschat.


In ongekend heftige sneeuwjachten gaten van fenomenale kwaliteit en ontzagwekkende kunstzinnigheid produceren: ga er maar aan staan. Maar De Gatenman deed het, vanmiddag in Meterik, ik heb de resultaten met eigen ogen mogen aanschouwen. En ongetwijfeld zal men ook elders van z’n zegenrijke werk hebben geprofiteerd, want toen ik de goede man wilde complimenteren met z’n heldendaden was hij in geen velden of wegen meer te bekennen. Gelukkig hebben we de foto’s nog! Komt ie, de top 5 van Meterikse gaten van De Gatenman:

5.


4.


3.


2.


1.  

donderdag 7 december 2017

Intermezzo – Eén groot agrarisch industrieterrein

Afgelopen zaterdag publiceerde NRC Handelsblad een interview van Jannetje Koelewijn met Geert Mak, die in 1996 wereldberoemd werd in Nederland met Hoe God verdween uit Jorwerd. In het interview trekt Mak een vergelijking tussen Amsterdam en Jorwerd.


Mak: ‘In Amsterdam ziet men nu de waarde van het verleden, men gaat er steeds preciezer mee om. Nee, de melancholie die ik vroeger bij Amsterdam voelde, voel ik nu bij het Friese platteland, bij de Greidhoeke.’
Koelewijn: ‘Waar Jorwerd in ligt.’
Mak: ‘In een van oorsprong heel mooi klassiek cultuurlandschap met prachtige terpdorpen. De afgelopen twee, drie decennia is het behoorlijk aan gort geholpen. Een kennis van me in Jorwerd wilde een fietsenhokje neerzetten, nou, de gemeente lag meteen dwars. Maar elke boer die een joekel van een stal in het landschap wil flikkeren krijgt binnen drie weken toestemming. Dan moet hij er wel bomen omheen planten, maar die regel wordt nergens gehandhaafd. De Greidhoeke wordt één groot agrarisch industrieterrein waar babymelkpoeder voor de Chinese markt wordt geproduceerd.’


‘Klassiek cultuurlandschap’, ‘aan gort geholpen’, ‘joekel van een stal in het landschap flikkeren’, ‘toestemming’, ‘bomen omheen planten’, ‘nergens gehandhaafd’, ‘één groot agrarisch industrieterrein’: dit doet me allemaal ergens aan denken.


Geert Mak wordt er behalve melancholisch ook woedend van (net als ik). Maar hij heeft ook hoop (net als ik): ‘Goddank begint er nu wel een tegenbeweging op gang te komen.’


Als we nu eens zouden kunnen afspreken dat iedereen die zich verzet
tegen het Nieuw Gemengd Bedrijf,
tegen Ashorst,
tegen een megastal aan de Kleefsedijk,
tegen de stankoverlast van Monaghan en Hofmans aan de Hamweg,
tegen een vergister van 600 duizend ton mest aan de Horsterweg in Grubbenvorst
en tegen nog een hele reeks agrarisch-industriële ontwikkelingen in Horst aan de Maas

bij de komende gemeenteraadsverkiezingen nu eens een keer niet op het CDA stemt, dan zou de wereld er in Horst aan de Maas al meteen heel anders uitzien. 

zondag 3 december 2017

Intermezzo – Webstek

Zaterdag 2 december 2017, 10.18 uur, kledingcontainer op parkeerplaats Kloosterhof te Horst (klik op pijltje om film te starten; afspelen met geluid aanbevolen):

zaterdag 2 december 2017

Intermezzo – Kees (2)

De Limburger publiceerde afgelopen donderdag een afscheidsinterview met onze voormalige burgemeester, kersvers ereburger en trots Bronzen Wijsneusbezitter Kees van Rooij. Ik knipte er enkele fragmenten uit, plakte die op een A4-tje en schreef er mijn commentaar bij (klik vooral op de afbeelding om haar te vergroten en je zult zien dat het dan nog te lezen valt ook, althans als je bereid bent er een beetje moeite voor te doen ... ). 

zondag 26 november 2017

Intermezzo – Kees (1)

Nog een week en dan zit het erop. Zegt ome Kees Horst aan de Maas vaarwel en zet ie koers richting Meierijstad. Ome Kees? Heilige Kees zal je bedoelen! Zomaar enkele reacties die het Brabants Dagblad optekende in Horst aan de Maas kort nadat op 27 september bekend was geworden dat de burgemeester van Horst aan de Maas, Kees van Rooij, was benoemd tot burgemeester van Meierijstad:    
‘Brabant kan er blij mee zijn. Hij had hier altijd veel begrip voor allerlei situaties. En het is een vrolijk mens.’ (Truus en Piet Maas)
‘Wij missen hem nu al.’ (Ger en Stan Everaerts)
‘Het is een heel betrokken man. Een groot gemis voor ons.’ (Jan Nabben)
‘We gaan een echte burgervader missen. Hij heeft zich prima van zijn taak gekweten.’ (Birgit op de Laak)
‘Hij weet altijd wat er speelt en is op de juiste momenten aanwezig.’ (Caroline Kortooms)
Elders regende het vergelijkbare loftuitingen. Heilige Kees dus? Het zou getuigen van hypocrisie als ik, als langjarig kritisch volger van de man en zijn daden, die vraag bevestigend zou beantwoorden. Wat dan wel? In mijn oordeel over burgemeester Van Rooij wil ik onderscheid maken tussen bestuurder Kees van Rooij en burgervader Kees van Rooij. Eerst het zuur, dan het zoet.


In het hierboven aangehaalde artikel uit het Brabants Dagblad zegt voormalig wethouder Leon Litjens over Kees van Rooij: ‘Hij geeft ruimte voor discussie, ook voor emoties als er mensen op moeilijke dossiers komen inspreken.’ Zoals wel vaker ben ik het compleet oneens met Don Leon. Ik heb de bestuurder Kees van Rooij juist altijd ervaren als iemand die beducht is voor openbare discussie. Kwam het in de raadzaal al zover, dan vond ik hem niet soepel maar krampachtig ageren: hij hield het steevast (te) kort, kapte (te) snel af en beriep zich (te) gemakkelijk op de regeltjes. Waardoor ik vaak met het gevoel bleef zitten dat er niet uitkwam wat er inzat.


‘Hij heeft een sterke focus op het bedrijfsleven’, zegt Leon verder in het Brabants Dagblad. Dat ben ik voor de verandering dan weer wel met hem eens. Zelf zou ik eerder zeggen: ‘Hij heeft een te sterke focus op het agrarische bedrijfsleven.’ De bestuurder Kees van Rooij heeft zich eerst en vooral een uiterst loyaal dienaar van het agrarisch belang betoond. Te loyaal, in mijn ogen. Terwijl ik hem op een ander vlak wel eens heb horen zeggen dat hij geen uitgesproken positie kon innemen omdat hij zichzelf zag als vertegenwoordiger van 40 duizend Horstenaren, meende ik altijd een lichte aversie te bespeuren als tegenstanders van de te intensieve veehouderij zich weer eens roerden. Kritische woorden uit zijn mond over de uitwassen in de agrarische industrie schieten me ook niet meteen te binnen. Sowieso opereerde hij naar mijn smaak soms te behoedzaam en voorzichtig, bijvoorbeeld toen het ging om de opvang van vluchtelingen. Hij wekte niet de indruk een bijzonder krachtig bestuurder te zijn, al geef ik meteen toe dat dat voor iemand die niet achter de schermen heeft kunnen kijken lastig te beoordelen is. Een burgemeester kan en mag niet te ver voor de troepen uitlopen, maar hij had wel degelijk steviger accenten kunnen leggen, dunkt me. Bestuurder Kees van Rooij: iemand die op de winkel heeft gepast. 


Over de burgervader Kees van Rooij ben ik aanzienlijk enthousiaster dan over de bestuurder Kees van Rooij. Voor zover ik het kan overzien, heeft de burgervader Kees van Rooij zich inderdaad prima van zijn taak gekweten. Zeer aimabel, open, gemakkelijk communicerend met mensen uit alle lagen van de bevolking, goedlachs, empathisch, doortastend in crisissituaties – vooral dat laatste lijkt me een heel sterk punt. Zijn opvolger zal er een zware kluif aan krijgen ome Kees in dit opzicht te evenaren, laat staan te overtreffen. 


En nu op naar de eerste vrouwelijke burgemeester van Horst aan de Maas!

vrijdag 24 november 2017

Intermezzo – Black Friday in Horst aan de Maas

Black Friday vandaag. Oók in Horst aan de Maas. Horst-sweet-Horst doet uiteraard ook een forse duit in het zakje. En wel met een eerder vandaag gemaakte en met vele foto’s verluchtigde sfeerimpressie. 






Ja, kom zeg, Horst-sweet-Horst zal hier even een commercieel gedrocht gaan promoten! Horst-sweet-Horst is me daar een haartje betoeterd! Dacht u nou heus dat Horst-sweet-Horst een knieval zou doen voor de middenstand? Dan kent u Horst-sweet-Horst echt nog niet goed genoeg.










Ja, kom zeg, Horst-sweet-Horst zal hier even een commercieel gedrocht gaan promoten! Horst-sweet-Horst is me daar een haartje betoeterd! Dacht u nou heus dat Horst-sweet-Horst een knieval zou doen voor de middenstand? Dan kent u Horst-sweet-Horst echt nog niet goed genoeg.










Ja, kom zeg, Horst-sweet-Horst zal hier even een commercieel gedrocht gaan promoten! Horst-sweet-Horst is me daar een haartje betoeterd! Dacht u nou heus dat Horst-sweet-Horst een knieval zou doen voor de middenstand? Dan kent u Horst-sweet-Horst echt nog niet goed genoeg.










Ja, kom zeg, Horst-sweet-Horst zal hier even een commercieel gedrocht gaan promoten! Horst-sweet-Horst is me daar een haartje betoeterd! Dacht u nou heus dat Horst-sweet-Horst een knieval zou doen voor de middenstand? Dan kent u Horst-sweet-Horst echt nog niet goed genoeg.



zaterdag 18 november 2017

Intermezzo – Megastal Kleefsedijk (8)

In de vergadering van de commissie Ruimte van de gemeente Horst aan de Maas van dinsdag 8 november kwam wederom de mogelijke komst van een megastal aan de Kleefsedijk in Sevenum aan de orde (ik schreef er maandag al over – klik hier). Voorafgaand aan de gedachtewisseling tussen commissieleden en wethouder kreeg Thea Lemmen namens de Werkgroep Kleefsedijk het woord. Ze hield een betoog waarvan ik behoorlijk onder de indruk was. Met haar toestemming publiceer ik het hier, het verdient namelijk een zo breed mogelijke verspreiding. Hier komt het:


Wij ontvingen, vanwege onze zienswijzen op het Bestemmingsplan Buitengebied, een ontvangstbevestiging waarin de mogelijkheid geboden werd om een en ander op 8 november, vandaag dus, aan de orde te laten komen. We hoopten dat dit niet nodig zou zijn. Echter, we kregen bericht dat dhr. Haenen de strijd aan de Kleefsedijk niet opgaf. Dat hij bezig was met plan B. Ik neig te zeggen plan C, D of zelfs E. Niet meteen gealarmeerd leek het wijsheid om een en ander maar eens te verifiëren bij de provincie, daar zij vanwege de aanvraag voor de Natuurbeschermingswet, vaak als eerste weten of er plannen zijn. En jawel hoor, een adviseur van boer Haenen had te kennen gegeven te willen ‘doorpakken’ en met een nieuwe of gewijzigde aanvraag te zullen komen.

Inmiddels is gebleken dat de boer wat meer tijd nodig heeft voor de aangekondigde aanvraag dan gedacht. Echter, dat hij nog plannen heeft voor de Kleefsedijk, is duidelijk. Maar, er ligt natuurlijk een motie. Een raadsbreed gedragen motie, waar wij en velen met ons nog steeds erg blij mee zijn. Toch durven we het niet op z’n beloop te laten. Wij vinden namelijk nog nergens terug dat de plannen van Haenen aan de Kleefsedijk, conform jullie motie, ook juridisch niet mogelijk zullen zijn. Enkel die motie zal de plannen namelijk niet tegenhouden. Dat is ons inmiddels wel duidelijk. Er moet nog voor gezorgd gaan worden dat daar in het nieuwe Bestemmingsplan Buitengebied een fundering voor komt. En daar lijkt nog géén sprake van. Het Ontwerp-plan wat ter inzage ligt, laat aan de Kleefsedijk namelijk nog steeds bouwblokvergrotingen toe, waardoor de ondernemer daar toch op één (of misschien zelfs wel twee) percelen zou mogen uitbreiden tot minstens 1,5 hectare. En dat is heel wat anders dan jullie in jullie motie willen! Daarin staat namelijk dat de boer zijn bouwblok aan de Kleefsedijk niet mag vergroten. Dat zal nooit standhouden voor een rechter of bij de Raad van State. Want, dan zeg je enerzijds in september in een duidelijke motie dat iets niet mag, maar anderzijds in december in je nieuwe regelgeving dat ditzelfde wél mag.

We weten dat we in herhaling vallen, en mochten zaken wél al geregeld zijn, dan spijt ons dat we hier weer staan. Maar zolang de mogelijkheden in stand blijven kunnen wij niet achterover leunen. Dat kan na ruim elf jaar ook niemand van ons verlangen. Het nieuwe bestemmingsplan zal dus aangepast moeten worden aan de bepalingen in jullie motie. Want het bestemmingsplan is de wet, de regelgeving, waaraan een rechter toetst! Enkel een motie aannemen of toezeggingen doen is niet voldoende. Dat is wel gebleken bij de Structuurvisie. Daarom moet er nu worden vastgelegd dat agrarische bouwblokken aan de Kleefsedijk niet meer mogen worden vergroot.

Ook het opnemen van de 25%-groenverplichting voor bouwblokken tot 1,5 hectare zou eindelijk eens moeten worden geregeld. Allang is duidelijk dat dit de wens van de raad is. Maar, ook dat is nog nergens te vinden. Dit is enerzijds natuurlijk nodig voor het broodnodige groen, maar anderzijds ook om te voorkomen dat er op heel veel plekken in Horst aan de Maas megastallen zouden kunnen komen. Tevens zou het goed zijn als vastlag dat alle bedrijfsactiviteiten binnen een bouwblok moeten plaatsvinden. Daar blijkt namelijk nogal wat onduidelijkheid over en dat zou ongewild de mogelijkheden kunnen vergroten. We hebben te maken met nogal ‘handige’ adviseurs, die alle mazen in de wet zullen benutten. Maar, wat misschien nog wel de makkelijkste oplossing zou zijn, is de Kleefsedijk op te nemen in het toeristische Park de Peelbergen, wat toevallig vanavond ook aan de orde komt. Dit gebeurde al in juli 2006, toen er het volgende over werd gezegd:
’Rond de Kleefsedijk liggen goede ruimtelijke mogelijkheden voor ontwikkelingen vanuit de verwachte functionele omslag van de daar nu nog aanwezige agrarische bedrijven. Deze ontwikkeling zal goed aansluiten bij reeds bestaande voorzieningen zoals De Turfhoeve en AC-motel.’
Echter, exact 1 week later kwam de Startnotitie van Klevar, waarin deze zelfde Kleefsedijk plots, onder druk van de toenmalige gedeputeerde, Landbouwontwikkelingsgebied moest worden. Wat hier gebeurde laat weinig te raden over, maar dat het een prima idee zou zijn om het gebied juist nu (met alle nieuwe toeristische ontwikkelingen) alsnog in Park de Peelbergen op te nemen, mag duidelijk zijn. Dat zou alles oplossen! De Kleefsedijk weer als zuidgrens, met nog een stukje open akkerlandschap langs het mooie Molenbeekdal, waarin géén grootschalige intensieve veehouderij meer kan worden gerealiseerd. Temeer daar het gebied ophoudt bij de zwaar overbelaste A67.

En dan als laatste gezondheid. Dat belangrijke item mág natuurlijk in een agrarische gemeente als Horst aan de Maas niet ontbreken of slechts ten dele worden meegenomen! Laat niet gebeuren dat er gezondheidsrisico's zijn, die jullie als verantwoordelijke gemeenteraad in een toekomstige vergunningsaanvraag niet kunnen meenemen, omdat jullie bestemmingsplan dat niet vereist! Daar moeten jullie toch ook voor vrezen. En als de inzichten nog niet duidelijk genoeg zijn, dan neem maar op dat de nieuwste inzichten, hoe dan ook, bij elke vergunningverlening leidend zullen zijn.

Er moet dus nog veel gebeuren, om jarenlange juridische trajecten te voorkomen. Trajecten die iedereen (op een enkele adviseur na) véél te veel kosten. De tijd dringt, want het proces loopt door en het bestemmingsplan zou zelfs al in december definitief moeten zijn. De kansen liggen daardoor nu voor het grijpen. Want met het maken van een nieuw bestemmingsplan, moet een voltallige gemeenteraad, het hoogste bestuursorgaan van een gemeente, die een dusdanig duidelijke motie aanneemt, toch in staat zijn om beleid te maken wat die motie ook juridisch ondersteunt.

Thea Lemmen, namens de Werkgroep Kleefsedijk

woensdag 15 november 2017

Ingezonden – Met Ger Driessen begon de victorie

Op 25 maart besloot ik geen ingezonden stukken meer te publiceren op Horst-sweet-Horst (klik hier). En nu publiceer ik bij hoge uitzondering toch weer een ingezonden stuk. En wel van Jan Duijf (Kloosterstraat Horst). En wel omdat ik in een op 28 oktober gepubliceerd stukje liet blijken een andere mening te zijn toegedaan dan hem (klik hier). En wel omdat ik het fair vind dat hij daar dan weer op mag reageren. Zet u schrap!

Met Ger Driessen begon de victorie

In een zelfs voor zijn doen bijzonder vilein geschreven artikel probeert Wim Moorman de vloer aan te vegen met mijn objectieve constatering dat ‘Aan de Sevenumse Kleefsedijk de victorie begint’ (klik hier). Natuurlijk is de keuze van het CDA om tegen de uitbreiding van Klevar te stemmen wél de grote omslag die de partij maakt in het belang van de natuur- en cultuurwaarden van ons buitengebied en gezondheid van de burgers. Dat staat buiten kijf en wordt algemeen voor waar aangenomen. Ik zweer dat het waar is! 


Wanneer komt er een einde aan de absurde verdachtmakingen, en misselijk makende beschuldigingen, van Wim Moorman aan het adres van het CDA in het algemeen, en Ger Driessen in het bijzonder? Wanneer is het afgelopen met zijn constante op de korrel nemen van een alom gerespecteerde volkspartij en het permanente schofferen van een bijzonder slagvaardige politicus? Wanneer worden we verlost van deze zich repeterende infame overkill en karaktermoord in één? Van dat voortdurende wantrouwen?


Ger Driessen zal er persoonlijk voor zorgen dat het CDA het raadsbesluit tot niet uitbreiden van Klevar respecteert, en tegelijkertijd zijn cliënt adviseren, in soepele en voortvarende samenwerking met wethouder Vostermans, mens en landschap te ontzien door elders de uitbreidingsplannen van zijn bedrijf te realiseren. Hij zal de wethouder ten zeerste afraden niet alweer een politieke keuze om te toveren tot een zogenaamd juridisch probleem. Ger Driessen gaat deze zege persoonlijk binnenslepen. Bij hem begint de victorie.

Een varkensstal is geen kasteelboerderij!

Jan Duijf Kloosterstraat

maandag 13 november 2017

Intermezzo – Megastal Kleefsedijk (7)

Afgelopen week naar de Biënnale in Venetië geweest. En potverdomme wat was het mooi. De kunst en de stad ja. Maar misschien nog wel meer het gezelschap van twee jonge mensen van wie ik bij wijze van spreken de vader had kunnen zijn en die ik van tevoren niet of nauwelijks kende. Veel gelachen, af en toe een traan gelaten. Uren en uren en uren gepraat. Over de Biënnale, over kunst in het algemeen, over onszelf, over anderen, over alles. Open, oprecht, eerlijk. Allemaal in de wetenschap dat je elkaar helemaal, écht hélemaal, kunt vertrouwen. Om nooit meer te vergeten.


Na zo’n week is een kater onvermijdelijk. Wat niet helpt bij het verwerken daarvan is het beluisteren van de geluidsopnamen van de vergadering van de commissie Ruimte van de gemeente Horst aan de Maas van afgelopen woensdag. Daarin werd weer ruim een half uur gesproken over de mogelijke komst van een megastal aan de Kleefsedijk in Sevenum (klik hier en ga naar 48.00 minuten). Die komst leek voor velen van de baan na de gemeenteraadsvergadering van 12 september, waarin zelfs het CDA kleur bekende (klik hier en hier). Maar is dat ook werkelijk zo, was woensdag de vraag van twee insprekers en een aantal commissieleden. Verantwoordelijk wethouder Bob Vostermans (CDA) zaaide opnieuw twijfel en wekte opnieuw niet de indruk als een leeuw te zullen vechten tegen een megastal, waar dan ook aan de Kleefsedijk. Het CDA deed er ditmaal weer ouderwets het zwijgen toe – in tegenstelling (gelukkig) tot de vier andere partijen. Open, oprecht, eerlijk? Elkaar helemaal, écht hélemaal, kunnen vertrouwen? De vragen stellen, is ze beantwoorden.


Wat evenmin helpt bij het verwerken van mijn kater is het bekijken van de kandidatenlijst van het CDA voor de komende gemeenteraadsverkiezingen. En daarop doodleuk mensen te zien staan die off the record geen spaan heel laten van de huidige CDA-wethouders en een invloedrijk adviseur van CDA-huize van agrarische ondernemers. Open, oprecht, eerlijk? De vraag stellen, is haar beantwoorden.


Duurt kortom nog wel even voordat ik mijn kater heb verwerkt. Maar dát ie wordt verwerkt, weet ik wel zeker. Mede omdat de afgelopen week in Venetië me optimistischer heeft gemaakt. Mijn vertrouwen is toegenomen dat ook in Horst aan de Maas momenteel een generatie opgroeit die het eeuwige gehuichel en gekonkel, de spelletjes en het elkaar eindeloos toespelen van de bal definitief naar de Filistijnen gaat helpen. Hopelijk al op 21 maart bij de gemeenteraadsverkiezingen. Een nieuwe lente gloort.

vrijdag 3 november 2017

Intermezzo – Intreentofhiël

Zaterdag natuurlijk meteen Intreentofhiël aangeschaft, het nieuwe Horster woordenboek. Om maar met de deur in huis te vallen: Intreentofhiël is typisch zo’n boek dat verjaardagsfeestjes over het dode punt heen helpt, dat garant staat voor urenlang gestechel op topniveau, dat wonderen verricht bij ingedutte relaties, dat zelfs verstokte grekers uit urren dój haalt. Intreentofhiël is een boek waarop je nooit uitgekeken raakt, waarin je eindeloos kunt blijven bladeren, waarvan je goeie zin krijgt, waarin je steeds weer nieuwe dingen ontdekt. Kortom Intreentofhiël is een eeuwige inspiratiebron, voor Horstenaren dan toch, of althans Horst-sweet-Horstenaren, of op z’n minst deze Horst-sweet-Horstenaar.


Intreentofhiël, samengesteld door de AMC Zengers, is méér dan de op een hoop geveegde twee eerdere Horster woordenboeken, È maes inne taes en Zò bót ás en hiëp. Neem bijvoorbeeld reulse, een prachtig Horster woord dat tot mijn afgrijzen ontbrak in de twee eerdere woordenboeken (‘woordenlijsten’ lijkt me eigenlijk een meer adequate benaming). Dus het eerste wat ik zaterdag deed nadat ik Intreentofhiël had verworven: kijken of reulse erin staat. En jawel hoor, bladzijde 128: reulse stoeie, waorstele! De eerste betekenis die de Van Dale aan ‘stoeien’ toekent, geeft voor mijn gevoel overigens het beste weer wat reulse betekent: ‘in scherts met elkaar worstelen’. (Terzijde: bestaat er een verband tussen het werkwoord reulse en het toponiem Reulsberg? Iemand?)


Oók mooi: de lijst met Horster bijnamen die was opgenomen in È maes inne taes is in Intreentofhiël aanzienlijk uitgebreid. Mijn top 5 van bijnamen die niet in È maes inne taes voorkomen maar wel in Intreentofhiël: 5. Petran int gaat; 4. Sante Greet; 3. D’n Doets; 2. Bóttermaelks Lei (hoe is het in godsnaam mogelijk dat die È maes inne taes niet heeft gehaald?); 1. Stoëmboëts Manus.


Nu we het toch over stoëm hebben: een prachtige bijnaam die eigenlijk niet in het lijstje had mogen ontbreken, is natuurlijk Stoëmflötje. Stoëmflötje, de legendarische Horster voetbalscheidsrechter, wiens gezicht nogal rood aanliep als hij op z’n fluitje blies. Aan dat rood aanlopen van zijn gezicht had ie trouwens nog een tweede, minder mooie bijnaam te danken.


Deze omissie zij de samenstellers vergeven. Wat ik daarentegen wel echt een gemiste kans vind, is dat ook in Intreentofhiël Nederlandse vertalingen van de Horster woorden en vooral uitdrukkingen ontbreken. Ik heb het al eens eerder geschreven (klik hier): nu al kent nauwelijks nog iemand de betekenis van uitdrukkingen als teggen ennen bakaove kunde ni gape, ’t is hak en jö, met ennen houw en enne klop of óp mooders miste ziën. Hoe zou dat over laten we zeggen 25 jaar zijn? Misschien een uitdaging voor de AMC Zengers om vroeg of laat ook nog ergens, al is het maar digitaal, die Nederlandse vertalingen te publiceren?

Maar laat ik vooral met een vrolijke noot eindigen, want dat verdient Intreentofhiël (bladzijde 63):

Hândrie pepândrie
wat rammelter in die bóks
dát keumt ván die bóttermaelk
próts, próts, próts

woensdag 1 november 2017

Mild gekruid (6) – Naamsverwarring

tekst: Anniek Verheijen
illustratie (klik er vooral op om ze te vergroten!): Ellen Marcellis


Dinsdagmiddag half vier, mijn wekelijkse bezoek aan mijn taalmaatje. Met een brede glimlach opent ze de deur en ontzettend hartelijk verwelkomt ze mij in haar huis. Als we even later in gesprek zijn over werk, vraagt mijn taalmaatje wat voor werk Johan ook alweer doet. Johan is de naam van mijn partner, en mijn taalmaatje heeft hem wel eens ontmoet. Ik antwoord dat Johan in Horst werkt, waar hij bijna de hele dag aan de computer zit. Ook schets ik de locatie op het industrieterrein. Mijn taalmaatje vraagt of Johan niet ook met dieren werkt. ‘Ja, dat klopt’, zeg ik, ‘hij werkt ook nog twee dagen per week in Sevenum. Daar werkt hij met honden en katten, met dieren dus.’ Mijn taalmaatje kijkt bedenkelijk en zegt: ‘Maar ik zag in Horst op het industrieterrein een bedrijf met de naam JOHAN DIEREN. Ik dacht: misschien is dat het werk van Johan.’ Ik denk na. Een bedrijf met de naam JOHAN DIEREN ken ik niet. Ik weet echt niet wat mijn taalmaatje bedoelt.

Uiteindelijk vinden we met behulp van Google Maps het bedrijf wat zij bedoelt, namelijk: JOHN DEERE! In haar beleving en met haar basale kennis van de Nederlandse taal zou dat inderdaad uitgesproken kunnen worden als JOHAN DIEREN. De koppeling tussen Johan en het werken met dieren is dan al snel gelegd. Samen schieten we in de lach, wat een grappige naamsverwarring!

Wil jij ook wekelijks op bezoek bij een vluchteling? Samen kletsen over van alles en nog wat, en dan voor taalproblemen komen te staan die je ook samen weer oplost? Misschien is taalcoach worden bij VluchtelingenWerk Zuid Nederland wel iets voor jou! Stuur me een email (horstsweethorst@gmail.com) en ik vertel je er meer over.

*********

Mild gekruid is een coproductie van Ellen Marcellis Illustrations, Mooionkruid en Horst-sweet-Horst over de ervaringen van Anniek Verheijen en ondergetekende als vrijwilliger bij VluchtelingenWerk Horst aan de Maas. Klik hier voor een meer uitgebreide introductie en voor eerdere afleveringen.

zaterdag 28 oktober 2017

Intermezzo – Megastal Kleefsedijk (6)

‘Aan de Sevenumse Kleefsedijk begon de victorie’, schreef Jan Duijf (Kloosterstraat Horst) in een op 21 september gepubliceerde ingezonden brief in Hallo Horst aan de Maas (klik hier). Aanleiding voor de euforie van Jan was het feit dat de voltallige gemeenteraad (dus inclusief het CDA) het gemeentebestuur dwong zijn medewerking aan de voorgenomen bouw van een megastal aan de Kleefsedijk in Sevenum in te trekken.


Ook ik was blij verrast. Maar euforisch? Nee. Eerder sceptisch. Mij bekroop het gevoel dat de komst van een megastal aan de Kleefsedijk toch nog niet helemaal van de baan was. De ommezwaai van het CDA leek me bijvoorbeeld meer te getuigen van pragmatisme (namelijk de wens om niet geïsoleerd te komen staan) dan van idealisme. Daarnaast liet verantwoordelijk wethouder Bob Vostermans me wat al te nadrukkelijk doorschemeren dat er nog beren op de weg waren. En erger: hij leek er niet van overtuigd dat hij die beren uit de weg zou weten te ruimen. Last but not least was daar nog de adviseur van de varkensondernemer die de megastal wil bouwen, Ger Driessen. De onderkoning van Horst aan de Maas een beetje kennende zou hij er groot genoegen in scheppen de plannen van de ondernemer toch gerealiseerd te krijgen, tégen de wil van de voltallige gemeenteraad in. Het schijnbaar onmogelijke mogelijk maken – Ger Driessen is er een meester in.


Helemaal gerust was ik er dus niet op, na die 12e september. Na het lezen van raadsinformatiebrief 17.118 (klik hier), gisteren, ben ik zelfs weer ongerust geworden. Raadsinformatiebrief 17.118 bevat de antwoorden op schriftelijke vragen van de gemeenteraadsfracties van D66 en SP over de toekomst van de varkenshouderij aan de Kleefsedijk. Ik zou niet durven te beweren dat ik die antwoorden helemaal begrijp. Wat me er wel uit duidelijk wordt is dat de gemeenteraad (dus ook het CDA) nog een aantal mogelijkheden heeft om terug te krabbelen. Verder dunkt me dat de antwoorden openingen bieden voor de varkenshouder – en zeker voor diens gewiekste adviseur – om toch brood te zien in de bouw van een megastal aan de Kleefsedijk. Wat me niet duidelijk is – waarschijnlijk zit m’n onnozelheid me hier in de weg -, is waarom in het nieuwe Bestemmingsplan Buitengebied (in de maak) geen bepalingen kunnen worden opgenomen die de bouw van een megastal aan de Kleefsedijk verhinderen.


Sommige mensen zijn er heilig van overtuigd dat Ger Driessen binnenkort tot waarnemend burgemeester van Horst aan de Maas wordt benoemd – de onderkoning die promoveert tot koning. Mij lijkt dat bijzonder onwaarschijnlijk. Mocht het toch zo zijn, dan zal hij al z’n adviseurschappen eraan moeten geven. Daarom lijkt een waarnemend burgemeesterschap van Ger Driessen me vooralsnog de stevigste garantie dat er geen megastal aan de Kleefsedijk zal verrijzen. ‘Met Ger Driessen begon de victorie’, kan Jan Duijf dan schrijven.

vrijdag 27 oktober 2017

Intermezzo – Braakneigingen

1. In een al bijna grijs verleden bezocht ik met mijn Vierlingsbeekse voetbalteam jaarlijks het optreden van Rowwen Hèze op de Lindefeesten in Sambeek. In mijn voetbalmemoires (2006) wijdde ik er een passage aan. Fragment daaruit: 
‘Een van die bezoekjes aan de Lindefeesten had een opmerkelijk einde. Meestal fungeerde ik bij dit soort gelegenheden als chauffeur. Zo ook die ene keer toen onder meer T. en zijn toenmalige (en misschien ook wel huidige) vriendin bij mij in de auto kropen. De terugreis verliep zonder enige wanklank, totdat we bij De Vier Linden de parkeerplaats opreden. In het zicht van de haven vond T.’s vriendin het toch nog nodig de hele achterbank van mijn zoals altijd zorgvuldig gepoetste wagen onder te kotsen (fraaier kan ik het niet zeggen). De zure, scherpe geur heeft nog weken in mijn auto gehangen.’


2. Drie jaar geleden schreef ik een kritisch stukje over de huisvesting van arbeidsmigranten bij een bedrijf aan de Midden Peelweg (klik hier). Omdat ik vreesde dat het nauwelijks zou worden gelezen, gaf ik het de titel ‘Seksschandaal?’. En ziedaar, de lezers stroomden in groten getale toe! In zo groten getale zelfs dat het stukje in een vloek en een zucht het best gelezen Horst-sweet-Horst-stukje ooit was. Dat bleef het tot vandaag.


3. Afgelopen zaterdag viel me op dat het centrum van Horst was vergeven van de braakplakkaten. Dat resulteerde later die dag in de ‘Top 5 van braakplakkaten hedenmorgen waargenomen in het Horster centrum’ (klik hier en hier). Als ik eerlijk ben: er zijn wel eens betere, grappigere, spitsvondigere, relevantere, diepgravendere stukjes verschenen op Horst-sweet-Horst. Desondanks heeft deze top 5 van braakplakkaten vandaag ‘Seksschandaal?’ verdreven van de eerste plaats op de ranglijst van best gelezen Horst-sweet-Horst-stukjes ooit. Ongelooflijk.


4. Op zoek naar een verklaring voor de populariteit van de top 5 van braakplakkaten legde ik mijn oor te luister bij enkele bekenden. Zij stonden versteld van mijn naïviteit: wist ik dan echt niet dat het stoer is om je volledig lam te zuipen en dat het nog oneindig veel stoerder is om als bewijs daarvan de inhoud van je maag via de mond te ledigen, liefst ergens in het openbaar? In al mijn onnozelheid wist ik dat niet, nee.


5. Ik heb het braakplakkaat van T.’s vriendin in mijn auto altijd beschouwd als het resultaat van een ongelukje waarvoor ze zich diep schaamde. Het feit dat het wicht mij de rotzooi liet opruimen en geen enkel teken van berouw toonde, had me natuurlijk aan het denken moeten zetten. Maar pas met terugwerkende kracht dringt nu het besef tot me door dat het een bewussie moet zijn geweest.


6. Het braakplakkaat als statussymbool. O tempora, o mores!

donderdag 26 oktober 2017

Klein mysterie 750 – Graffiti (6)

Zeiknat en winderig was het zaterdagochtend in het centrum van Horst. Ik was hard op weg er slechte zin van te krijgen, toen ik ineens iets ontwaarde dat me helemaal deed opfleuren: twee tags op de buitenmuur van de kooromgang van de Sint-Lambertuskerk! Niet kleinklein en verstopt in een hoekje, nee, op enkele meters boven straatniveau automatisch de aandacht van de passant naar zich toe trekkend, fier en zelfbewust.


Respect! Knap staaltje werk – zelfs al zou de nagenoeg tegen de kerkmuur staande directiekeet als hulpmiddel zijn gebruikt.


Zondag keerde ik terug om wat foto's te maken. Die moesten een Horst-sweet-Horst-stukje illustreren waarin ik mijn bewondering voor de aanbrengers van de tags zou uitspreken. En waarin ik tevens een oproep aan deze graffitisten wilde doen om contact met me op te nemen, omdat ik benieuwd was hoe ze 'm dit nou precies hadden geflikt.


Helaas had ook Omroep Reindonk besloten de tags niet te negeren (klik hier): ‘Lieden hebben in het weekend van zaterdag 21 en zondag 22 oktober de Lambertuskerk in Horst beklad met graffiti.’ Geweldig natuurlijk dat ‘lieden’! En dat Reindonk er minimaal een dag naast zit? Ach, een kniesoor die daarop let. Erger was dat op Facebook een stormpje van verontwaardiging opstak (klik hier en hier). Gebeurt er eindelijk weer eens iets aan het ingedutte Horster graffitifront, staan de netheidsfetisjisten op hun achterste poten. De spruitjesgeur walmt je tegemoet. Maar wat wil je nou? Dood in de pot of een beetje reuring in de tent? Retorische vraag.


Het misnoegen van de goegemeente heeft mijn verlangen om met de graffitisten in contact te komen alleen maar vergroot. Waar staan de tags voor? Hoe moeilijk/eenvoudig was het om ze aan te brengen? Streelt de media-aandacht de graffitisten? Zijn ze in aanzien gestegen in de graffitiscene? Kicken ze op het geweeklaag van het klootjesvolk?

Ik zou het keivet (hopelijk helpt het gebruik van zo'n woord – of is het juist contraproductief en zou chill of vet chill meer deuren openen?) vinden met de aanbrengers van de kerkgraffiti in contact te komen. Dames en/of heren, mail me please: horstsweethorst@gmail.com. Strikte anonimiteit uiteraard gegarandeerd!