Horst aan de Maas liefdevol, verontwaardigd, uitdagend, kritisch en verwonderd beschouwd
maandag 9 april 2012
Intermezzo – Eduard (2)
Feestdagen. Vroeger waren ze dodelijk saai en konden ze me niet snel genoeg voorbij zijn. Tegenwoordig kan ik nauwelijks wachten tot het zo ver is. Louter en alleen vanwege Eduard. Diens buste is nog geen twee jaar geleden in Griendtsveen geplaatst, maar nu al is de prachtige traditie ontstaan om haar bij bijzondere gelegenheden van passende dracht en attributen te voorzien: Gelukkig is het over drie weken alweer Koninginnedag. En vijf dagen daarna Bevrijdingsdag. En een week daarna Moederdag. En een week daarna Hemelvaart. En een week daarna Pinksteren. En drie weken daarna Vaderdag. En twee weken daarna wordt Nederland Europees kampioen.
Intermezzo – Gelul (2)
Nee, Wim is niet zo flauw dit keer een verhaaltje te schrijven waarin hij de interpunctie vergeet en waarin alle derde personen enkelvoud op een d eindigen. Wim is dit keer wel zo flauw een zin uit een brochure over de nieuwe woonwijk Hof te Berkel te citeren: ‘De stapel lege borden op het aanrecht verraden in stilte het succesje van mijn weekendmenu.’ Waaruit mogen blijk dat Hallo Horst aan de Maas zich in goed gezelschap bevinden.
Mocht u na deze ene zin aandrang voelen die brochure in haar geheel tot u te nemen, dan adviseer ik u dat op nuchtere maag te doen. Zo niet, dan weet ik heel zeker dat het u na lezing dun de broek dan wel mond uitloopt. Hier is namelijk een tekstschrijver aan het werk geweest die op gruwelijke wijze uit de bocht is gevlogen. Hoewel de brochure slechts achttien bladzijden telt, bevat ze stof voor wel tien Horst-sweet-Horststukjes – zonder overdrijving.
In de eerste fase blijken in Hof te Berkel (Hemel op Aarde zou een adequater benaming zijn) vier villa’s te worden gebouwd: stadsvilla La Mondaine, herenhuis Grandeur, moderne villa Avant-Garde en villa Avant-Garde Supérieure. Alleen al vanwege de namen kun je dan op je klompen aanvoelen dat uiterste waakzaamheid geboden is. Als je vervolgens leest wat er over die villa’s wordt geschreven, gaan inderdaad alle alarmbellen rinkelen. Neem herenhuis Grandeur. Afgaand op de schets in de brochure een vrij rechttoe rechtaan huis. Weliswaar groot, maar enige architectonische verfijning valt er niet aan af te lezen. Desondanks wordt het in de brochure tot mythische proporties opgeblazen:
Mocht u na deze ene zin aandrang voelen die brochure in haar geheel tot u te nemen, dan adviseer ik u dat op nuchtere maag te doen. Zo niet, dan weet ik heel zeker dat het u na lezing dun de broek dan wel mond uitloopt. Hier is namelijk een tekstschrijver aan het werk geweest die op gruwelijke wijze uit de bocht is gevlogen. Hoewel de brochure slechts achttien bladzijden telt, bevat ze stof voor wel tien Horst-sweet-Horststukjes – zonder overdrijving.
In de eerste fase blijken in Hof te Berkel (Hemel op Aarde zou een adequater benaming zijn) vier villa’s te worden gebouwd: stadsvilla La Mondaine, herenhuis Grandeur, moderne villa Avant-Garde en villa Avant-Garde Supérieure. Alleen al vanwege de namen kun je dan op je klompen aanvoelen dat uiterste waakzaamheid geboden is. Als je vervolgens leest wat er over die villa’s wordt geschreven, gaan inderdaad alle alarmbellen rinkelen. Neem herenhuis Grandeur. Afgaand op de schets in de brochure een vrij rechttoe rechtaan huis. Weliswaar groot, maar enige architectonische verfijning valt er niet aan af te lezen. Desondanks wordt het in de brochure tot mythische proporties opgeblazen:
‘Herenhuis ‘Grandeur’ blinkt uit in eigenwijze gratie en tegelijkertijd robuustheid pur sang. Het herenhuistype dat zich ook wel “Horster” herenhuis laat noemen bestaat in een statige woning die zich begenadigd ziet met een langskap en indrukwekkende, verticale ramen. Dit prachtige domicilie richt zich met de brede gevel naar de straat en refereert aan een eigentijdse vertaling van vroegere tijden waarin karakteristieke elementen als baksteenornamenten, raamomlijstingen en gootbeëindigingen hoogtij vierden. In alle opzicht een villa met een genadeloze ‘grandeur’!’‘Eigenwijze gratie’, ‘statige woning’, ‘zich begenadigd ziet’, ‘prachtige domicilie’, ‘genadeloze grandeur’: houdt u het nog droog? Ja? Dan vast niet als u heeft gelezen hoe het er straks in villa Avant-Garde Supérieure aan toe zal gaan:
‘Coquilles in saffraansaus, in zoutkorst gestoomde dorade. De stapel lege borden op het aanrecht verraden in stilte het succesje van mijn weekendmenu. Achter een prachtig glas Brunello uit 2006 vraag ik me af wat er mooier is dan een tafel omringd door louter lachende gezichten.“Vrienden… op een heerlijke avond samen!”’Ook in potsierlijk gelul kun je niet wonen.
Intermezzo – Ooievaar
Zoals je de mensheid in kunt delen in links en rechts, zo kun je dat ook met de dierenwereld doen.
Honden: volgzaam, gezagsgetrouw, dus rechts.
Katten: eigenwijs, wars van elk gezag, dus links.
Mieren: nijver, coöperatief, dus links.
Vlaamse gaaien: veel geschreeuw, weinig wol, dus rechts.
Slangen: lui, gewiekst, dus rechts.
Koeien: vaak met geen stok in beweging te krijgen, dus rechts.
Varkens: sociaal, nieuwsgierig, dus links.Apen: intelligent, dus links.
En ooievaars dan? Tot een week geleden zou ik geen raad hebben geweten met die vraag. Nu zeg ik zonder enige aarzeling: links. En dan niet van dat verwaterde PvdA-links, maar ultralinks. Anarchistisch links. Hoe ik dat ineens zo zeker weet? Voor een antwoord op die vraag moeten we terug naar 2001. In de zomer van dat jaar plaatste Stichting Horster Landschap drie nestkommen voor ooievaars: twee in America, één in Horst.
Bedoeling was dat ooievaars met ingang van 2002 hier voortaan niet alleen zouden overvliegen, maar ook zouden broeden. Want, zo kopte Dagblad De Limburger:
Citaat uit het bijbehorende artikel: ‘De ooievaars in Horst aan de Maas hoeven het niet te doen met een afgedankt karrenwiel. Ze krijgen Indonesisch hardhout onder hun achterste.’
Waren ooievaars nu rechtse dieren geweest, dan zouden ze vanaf 2002 in de van hogerhand gespreide Horster (en later ook Sevenumse) bedjes hun kroost hebben grootgebracht. Bij mijn weten (ik ben niet onfeilbaar, dus roep maar als ik abuis ben) heeft zich echter sinds 2002 nooit ook maar één ooievaar in de nabijheid van die nestkommen vertoond. Indonesisch hardhout of niet. Dat ooievaars Horst aan de Maas bleven mijden kon je tot twee weken terug misschien nog toeschrijven aan een ongeschikte biotoop. Hoe graag ze die nestkommen wellicht ook wilden betrekken, de omstandigheden dwongen hen uit te wijken naar elders, zou dan de redenering luiden. Inmiddels weten we beter. Een paartje ooievaars heeft de Horster biotoop geschikt bevonden, maar de aanwezige nestkommen links laten liggen en geopteerd voor het zelf bouwen van een nest in een boom.
Vind ik nou mooi. Afwijken van de gebaande paden. Gewoon je eigen gang gaan. Je niet door anderen de wet laten voorschrijven. Wars van autoriteiten zijn. Ooievaars zijn anarchisten. Ooievaars zijn links. Ooievaars zijn vogels naar mijn hart.
Overigens had de paashaas dit jaar nog een aardige verrassing voor mij in petto: een ciconia caerulea:
Ook al zo links als de pest.
Honden: volgzaam, gezagsgetrouw, dus rechts.
Katten: eigenwijs, wars van elk gezag, dus links.
Mieren: nijver, coöperatief, dus links.
Vlaamse gaaien: veel geschreeuw, weinig wol, dus rechts.
Slangen: lui, gewiekst, dus rechts.
Koeien: vaak met geen stok in beweging te krijgen, dus rechts.
Varkens: sociaal, nieuwsgierig, dus links.Apen: intelligent, dus links.
En ooievaars dan? Tot een week geleden zou ik geen raad hebben geweten met die vraag. Nu zeg ik zonder enige aarzeling: links. En dan niet van dat verwaterde PvdA-links, maar ultralinks. Anarchistisch links. Hoe ik dat ineens zo zeker weet? Voor een antwoord op die vraag moeten we terug naar 2001. In de zomer van dat jaar plaatste Stichting Horster Landschap drie nestkommen voor ooievaars: twee in America, één in Horst.
Bedoeling was dat ooievaars met ingang van 2002 hier voortaan niet alleen zouden overvliegen, maar ook zouden broeden. Want, zo kopte Dagblad De Limburger:
Citaat uit het bijbehorende artikel: ‘De ooievaars in Horst aan de Maas hoeven het niet te doen met een afgedankt karrenwiel. Ze krijgen Indonesisch hardhout onder hun achterste.’
Waren ooievaars nu rechtse dieren geweest, dan zouden ze vanaf 2002 in de van hogerhand gespreide Horster (en later ook Sevenumse) bedjes hun kroost hebben grootgebracht. Bij mijn weten (ik ben niet onfeilbaar, dus roep maar als ik abuis ben) heeft zich echter sinds 2002 nooit ook maar één ooievaar in de nabijheid van die nestkommen vertoond. Indonesisch hardhout of niet. Dat ooievaars Horst aan de Maas bleven mijden kon je tot twee weken terug misschien nog toeschrijven aan een ongeschikte biotoop. Hoe graag ze die nestkommen wellicht ook wilden betrekken, de omstandigheden dwongen hen uit te wijken naar elders, zou dan de redenering luiden. Inmiddels weten we beter. Een paartje ooievaars heeft de Horster biotoop geschikt bevonden, maar de aanwezige nestkommen links laten liggen en geopteerd voor het zelf bouwen van een nest in een boom.
Vind ik nou mooi. Afwijken van de gebaande paden. Gewoon je eigen gang gaan. Je niet door anderen de wet laten voorschrijven. Wars van autoriteiten zijn. Ooievaars zijn anarchisten. Ooievaars zijn links. Ooievaars zijn vogels naar mijn hart.
Overigens had de paashaas dit jaar nog een aardige verrassing voor mij in petto: een ciconia caerulea:
Ook al zo links als de pest.
Klein mysterie 332 – Não aperta
Verleid door de onweerstaanbare aantrekkingskracht van een uitgestorven winkelstraat op zondagochtend vond ik mezelf op eerste paasdag ineens terug in de Kerkstraat. Net toen ik me wanhopig begon af te vragen wat uitgestorven winkelstraten op zondagochtend ook alweer zo aantrekkelijk maakte, viel m’n oog op een opgevouwen, wit notitieblaadje, gelegen op het trottoir voor Dwarz Kids Mode (kandidaat voor een toppositie in een Top 5 van Horster winkelnamen om bang van te worden).
Ook deze verleiding wist ik niet te weerstaan. Ze maakte me helaas nog wanhopiger.
Het blaadje bleek aan beide zijden beschreven te zijn. Zó aan de ene zijde:
En zó aan de andere zijde (klik op de afbeeldingen om ze te vergroten):
Normaalgesproken zou zo’n briefje gefundenes Fressen zijn voor Horst-sweet-Horst: verklaringen zoeken, bespiegelingen houden, suggesties doen, theorieën verzinnen, speculeren. Dit keer moet ik passen. Historisch moment in de geschiedenis van Horst-sweet-Horst: voor het eerst ga ik hier de zegswijze ‘ik kan er geen chocola van maken’ bezigen. Dat betekent zoveel als ‘ik kan er helemaal niets mee’, ‘ik begrijp er geen snars van’, ‘dit is abracadabra voor mij’.Ja, ik zie dat er (in sommige gevallen onleesbare) cijfers en letters op het briefje staan. Samen vormen die letters woorden. Nederlandse woorden, een Engels woord (‘off’) en Portugese woorden. De betekenis van de Nederlandse woorden ken ik (‘verlichting’, ‘groen’, ‘kroonluchter’, ‘lampekappen’, ‘wit’, ‘voorkant’ enz.). Die van het Engelse woord ook (‘uit’). De betekenis van een aantal Portugese woorden kan ik, voor wat het waard is, achterhalen met behulp van Google Vertalen (‘não aperta’ = druk niet op; ‘vai pro’ = gaat naar; ‘apertar no ultimo’ = vast in de laatste; ‘mas os cores’ = maar de kleur). Maar wat is het verband tussen die woorden? Wat is het verband tussen de woorden en de cijfers? Is er een verband tussen de ene zijde van het briefje en de andere? Zo ja, welk? Waarom die afwisseling tussen Portugees en Nederlands? Wat hebben die kleuren ermee te maken? Wat betekent die door een x onderbroken streep onder ‘não aperta’? En zo zou ik nog wel even door kunnen gaan.Excuseer, maar ik krijg er geen vat op. Tast in het duister, kan er dus geen chocola van maken. Verder dan dat een en ander wel op enigerlei wijze met lampen en verlichting te maken zal hebben, kom ik niet. Is er misschien een al dan niet Portugese verlichtingsexpert (Português iluminação especialista) in de zaal die z’n licht op deze zaak wil laten schijnen?
Ook deze verleiding wist ik niet te weerstaan. Ze maakte me helaas nog wanhopiger.
Het blaadje bleek aan beide zijden beschreven te zijn. Zó aan de ene zijde:
En zó aan de andere zijde (klik op de afbeeldingen om ze te vergroten):
Normaalgesproken zou zo’n briefje gefundenes Fressen zijn voor Horst-sweet-Horst: verklaringen zoeken, bespiegelingen houden, suggesties doen, theorieën verzinnen, speculeren. Dit keer moet ik passen. Historisch moment in de geschiedenis van Horst-sweet-Horst: voor het eerst ga ik hier de zegswijze ‘ik kan er geen chocola van maken’ bezigen. Dat betekent zoveel als ‘ik kan er helemaal niets mee’, ‘ik begrijp er geen snars van’, ‘dit is abracadabra voor mij’.Ja, ik zie dat er (in sommige gevallen onleesbare) cijfers en letters op het briefje staan. Samen vormen die letters woorden. Nederlandse woorden, een Engels woord (‘off’) en Portugese woorden. De betekenis van de Nederlandse woorden ken ik (‘verlichting’, ‘groen’, ‘kroonluchter’, ‘lampekappen’, ‘wit’, ‘voorkant’ enz.). Die van het Engelse woord ook (‘uit’). De betekenis van een aantal Portugese woorden kan ik, voor wat het waard is, achterhalen met behulp van Google Vertalen (‘não aperta’ = druk niet op; ‘vai pro’ = gaat naar; ‘apertar no ultimo’ = vast in de laatste; ‘mas os cores’ = maar de kleur). Maar wat is het verband tussen die woorden? Wat is het verband tussen de woorden en de cijfers? Is er een verband tussen de ene zijde van het briefje en de andere? Zo ja, welk? Waarom die afwisseling tussen Portugees en Nederlands? Wat hebben die kleuren ermee te maken? Wat betekent die door een x onderbroken streep onder ‘não aperta’? En zo zou ik nog wel even door kunnen gaan.Excuseer, maar ik krijg er geen vat op. Tast in het duister, kan er dus geen chocola van maken. Verder dan dat een en ander wel op enigerlei wijze met lampen en verlichting te maken zal hebben, kom ik niet. Is er misschien een al dan niet Portugese verlichtingsexpert (Português iluminação especialista) in de zaal die z’n licht op deze zaak wil laten schijnen?
maandag 2 april 2012
Intermezzo – Hallo Horst aan de Maas (2)
Hallo Horst aan de Maas bevat wekelijks een poll waarbij lezers worden uitgenodigd hun mening te geven over een bepaalde stelling. Een begeleidende korte toelichting moet het bepalen van een standpunt vergemakkelijken. Deze week is de stelling van ons als altijd wakkere weekblad: ‘Lokale media moet toegang krijgen tot de opening van de Floriade.’ De toelichting luidt als volgt:
Van de andere kant: hebben een redactie die zoveel moeite hebben met het verschil tussen enkel- en meervoud wel iets te zoeken bij de openingsceremonie? Als de redactie het woord ‘media’ nu nog consequent als enkelvoud beschouwden, zouden je nog kunnen denken: ‘De redactie hebben te veel naar Louis van Gaal geluisterd.’ Maar nee, hoor, de ene keer enkelvoud, de andere keer meervoud. Dat zijn geen reclame voor Hallo, dat zijn geen reclame voor Horst aan de Maas, dat zijn geen reclame voor de Floriade.Dus ik kunnen me wel voorstellen dat de organisatie van de Floriade Hallo niet toelaten bij de opening. Als ik organisatie van de Floriade waren, zouden ik tegen Hallo zeggen: ‘Laten het komende half jaar beterschap zien en wij stuur jullie een uitnodiging voor het slotspektakel.’
‘Op woensdag 4 april is de langverwachte opening van de Floriade 2012 in het bijzijn van Hare Majesteit Koningin Beatrix. Uit het hele land heeft de media zich aangemeld om bij deze opening te zijn. De organisatie van de Floriade heeft hierdoor een selectie moeten maken van welke media ze toelaten bij de opening. Lokale bladen en andere media, zoals bijvoorbeeld nieuwsblad HALLO Horst aan de Maas, Omroep Reindonk en Peel en Maas uit Venray, zijn buiten de selectie gevallen. Lokale media zijn in de aanloop naar de Floriade echter vaak gebruikt om promotie te maken. Is dat wel eerlijk, met het oog op de zes gemeenten die de Floriade organiseren? Moet juist de lokale bevolking, die zelf geïnvesteerd heeft in het succes van de wereldtuinbouwtentoonstelling, niet ook kunnen genieten van het schouwspel tijdens de openingsceremonie? Aan de andere kant, is het niet logisch dat de Floriade-organisatie kiest voor media met een groot (inter)nationaal bereik? Lokale media moet toegang krijgen tot de opening van de Floriade. Wat vindt u?’Tja, wat vinden ik? De redactie hebben natuurlijk gelijk dat de lokale bevolking moeten kunnen genieten van het schouwspel tijdens de openingsceremonie. We heeft verdorie niet voor niets jarenlang moeten zuchten onder de grenzeloze ambities van onze bestuurders. (Ook de Vrienden van de Floriade mag trouwens niet worden geschoffeerd met een plaatsje voor een scherm – daarvoor heeft ze verdorie toch niet al die centjes gedokt?)
Van de andere kant: hebben een redactie die zoveel moeite hebben met het verschil tussen enkel- en meervoud wel iets te zoeken bij de openingsceremonie? Als de redactie het woord ‘media’ nu nog consequent als enkelvoud beschouwden, zouden je nog kunnen denken: ‘De redactie hebben te veel naar Louis van Gaal geluisterd.’ Maar nee, hoor, de ene keer enkelvoud, de andere keer meervoud. Dat zijn geen reclame voor Hallo, dat zijn geen reclame voor Horst aan de Maas, dat zijn geen reclame voor de Floriade.Dus ik kunnen me wel voorstellen dat de organisatie van de Floriade Hallo niet toelaten bij de opening. Als ik organisatie van de Floriade waren, zouden ik tegen Hallo zeggen: ‘Laten het komende half jaar beterschap zien en wij stuur jullie een uitnodiging voor het slotspektakel.’
Klein mysterie 331 – MIBO-magazijn (4)
Gezien de pijnlijke conclusie voortvloeiend uit mijn archiefbezoek van vrijdag zou ik verder het liefst het zwijgen hebben gedaan over het MIBO-magazijn. De sportiviteit gebiedt echter anders.
Vals als ik ben, hoopte ik links of rechts wel nog andere slachtoffers te maken. Twan van Els bijvoorbeeld, de Venraynaar die het verhaal de wereld in slingerde dat de loods aan de Grauwveenweg in de Koude Oorlogstijd als depot voor ziekenhuismateriaal (MIBO-magazijn) had gefungeerd. Per mail deed ik Twan vrijdag verslag van de resultaten van m’n archiefbezoek. Ik schreef ’m dat de datering van zijn herinneringen aan het magazijn cruciaal was. Stamden die herinneringen namelijk van vóór het begin van de jaren zeventig dan leek me de conclusie onontkoombaar dat het MIBO-magazijn nooit aan de Grauwveenweg heeft gelegen. Zo zou ik Twan kunnen meesleuren in mijn val. Z’n reactie:
Met de afsluiting van z’n e-mail maakte Twan het er allemaal niet beter op:
Enig eigenbelang is hieraan niet vreemd. Die theorie biedt me namelijk de mogelijkheid m’n vader ook nog een rol in het geheel te laten spelen. Dat zit zo: mijn vader (1939-1997) was in de jaren zestig en zeventig gemeenteraadslid in Horst. Hij was links, dus vóór het milieu, vóór dierenwelzijn en noem maar op. Toen hij er op een gegeven moment lucht van kreeg dat pluimveeslachterij Goossens voornemens was nota bene in het Grauwveen een groot biobedrijf (nu zouden we zeggen megastal) te gaan bouwen, was hij des duivels – mensen die hem gekend hebben, weten wat dat betekende. Zou het misschien zo kunnen zijn dat Goossens (mede) uit angst voor dat duivelse Horster raadslid uiteindelijk afzag van de plannen voor het biobedrijf en de opslagloods aan de Grauwveenweg verpatste aan de BB?
Een aardige anekdote nog in dit verband, óók tekenend voor m’n vader: z’n grote tegenstrever bij Goossens was Piet van Lier. Een grotere boef was er niet, zo begrepen wij. Totdat ik jaren later bij Helmond Sport kwam te voetballen en uitgerekend Piet van Lier daar voorzitter was.
Toen was het meneer Van Lier voor en meneer Van Lier na. Voor mijn carrière was m’n vader bereid al z’n principes opzij te zetten. Dat die carrière vrij spoedig daarna in het slop zou raken, valt hem dus niet te verwijten (en Piet van Lier, die gewoon een aardige man bleek te zijn, evenmin).
Vals als ik ben, hoopte ik links of rechts wel nog andere slachtoffers te maken. Twan van Els bijvoorbeeld, de Venraynaar die het verhaal de wereld in slingerde dat de loods aan de Grauwveenweg in de Koude Oorlogstijd als depot voor ziekenhuismateriaal (MIBO-magazijn) had gefungeerd. Per mail deed ik Twan vrijdag verslag van de resultaten van m’n archiefbezoek. Ik schreef ’m dat de datering van zijn herinneringen aan het magazijn cruciaal was. Stamden die herinneringen namelijk van vóór het begin van de jaren zeventig dan leek me de conclusie onontkoombaar dat het MIBO-magazijn nooit aan de Grauwveenweg heeft gelegen. Zo zou ik Twan kunnen meesleuren in mijn val. Z’n reactie:
‘Ik pijnig mijn hersenen in welk jaar ik het magazijn heb bezocht. Ik meen me te herinneren dat dit midden jaren zeventig was. Ik ben er zeker van, dat het gebouwtje aan de Grauwveenweg als magazijn dienst heeft gedaan. Samen met de heren van het ministerie ben ik er zeker twee keer geweest.’Ja, wie zou zoiets nu niet zeggen als het zwaard van Damocles boven z’n hoofd hing?
Met de afsluiting van z’n e-mail maakte Twan het er allemaal niet beter op:
‘Overigens, je begrijpt natuurlijk wel, dat ik dit allemaal vertel om een Horstenaar wat langer aan het lijntje te houden. Dat doen we in Venray altijd met Horstenaren. Veel Venraynaren kennen Horst alleen maar van de quiz “Ken uw land”. “Noem eens een plaats met zeven oos.” “Hooooooors”.’Hoewel zo’n ongehoorde provocatie eigenlijk om een afstraffing vraagt, heb ik in al mijn edelmoedigheid besloten Twan het voordeel van de twijfel te gunnen. Mijn theorie luidt nu dat pluimveeslachterij Goossens het gebouw al kort na 1973 heeft gelaten voor wat het was en dat de BB het vervolgens als MIBO-magazijn in gebruik heeft genomen.
Enig eigenbelang is hieraan niet vreemd. Die theorie biedt me namelijk de mogelijkheid m’n vader ook nog een rol in het geheel te laten spelen. Dat zit zo: mijn vader (1939-1997) was in de jaren zestig en zeventig gemeenteraadslid in Horst. Hij was links, dus vóór het milieu, vóór dierenwelzijn en noem maar op. Toen hij er op een gegeven moment lucht van kreeg dat pluimveeslachterij Goossens voornemens was nota bene in het Grauwveen een groot biobedrijf (nu zouden we zeggen megastal) te gaan bouwen, was hij des duivels – mensen die hem gekend hebben, weten wat dat betekende. Zou het misschien zo kunnen zijn dat Goossens (mede) uit angst voor dat duivelse Horster raadslid uiteindelijk afzag van de plannen voor het biobedrijf en de opslagloods aan de Grauwveenweg verpatste aan de BB?
Een aardige anekdote nog in dit verband, óók tekenend voor m’n vader: z’n grote tegenstrever bij Goossens was Piet van Lier. Een grotere boef was er niet, zo begrepen wij. Totdat ik jaren later bij Helmond Sport kwam te voetballen en uitgerekend Piet van Lier daar voorzitter was.
Toen was het meneer Van Lier voor en meneer Van Lier na. Voor mijn carrière was m’n vader bereid al z’n principes opzij te zetten. Dat die carrière vrij spoedig daarna in het slop zou raken, valt hem dus niet te verwijten (en Piet van Lier, die gewoon een aardige man bleek te zijn, evenmin).
Actualisatie – Reclameborden (3)
Al jaren rijd ik minimaal twee keer per week over de A73 vanuit Horst richting het zuiden, meestal tot knooppunt Zaarderheiken of afrit Venlo-West. Altijd ging dat weinig enerverende ritje op de automatische piloot. Tegenwoordig spits ik me erop en ben ik telkens tot in de toppen van m’n tenen geconcentreerd. Dat heeft niet zozeer te maken met de situatie op de weg als wel met de situatie op reclamebordengebied.
Die kan immers elke dag weer drastisch zijn veranderd. Na wat er allemaal al aan vooraf is gegaan, vielen afgelopen week opnieuw twee ontwikkelingen te noteren die ik zonder enige aarzeling van het predicaat ‘sensationeel’ zou willen voorzien.
De eerste betreft de hier al vaker gememoreerde reclame-uiting voor kloosterhotel Sint-Joseph in Tienray. Stond eerst ter hoogte van Interchalet parallel aan de A73
en werd daarna (op last van de gemeente Horst aan de Maas?) verhangen naar de muur van een leegstaand bedrijfsgebouw, een meter of vijftig verder verwijderd van de A73.
Waarmee het doek vanaf de autosnelweg onleesbaar werd, tenzij je je auto op de vluchtstrook parkeerde en vervolgens je verrekijker ter hand nam. Op die manier schiet het weinig op met reclame en dus hangt er sinds afgelopen week een nieuw, nu wel vanaf de A73 duidelijk leesbaar doek. Een jaloersmakend staaltje Horster ondernemingsgeest.Sensationele ontwikkeling nummer 2 van week 13 speelde zich aan de andere kant van de weg af, circa een kilometer verderop in zuidelijke richting. Daar is in een weiland een aandoenlijk ensemble verschenen, bestaande uit een bloeiende kuipplant, twee karren en een dundoek met het opschrift ‘Vrienden van Floriade 2012’ (je vraagt je na lezing van Dagblad De Limburger van vandaag af hoe lang nog).
Ik moest allerlei halsbrekende toeren uithalen om er foto’s van te kunnen maken, maar het was de moeite meer dan waard. Vooral het verfijnde samenspel tussen kuipplant en houten gevaarte getuigt van een zelden vertoonde creativiteit die een groot publiek verdient.
Hoe betreurenswaardig dat ondernemingsgeest en creativiteit eerstdaags teniet zullen worden gedaan door de barbaren van de gemeente Horst aan de Maas, getuige een uitspraak van burgemeester Kees van Rooij, gedaan in de gemeenteraadsvergadering van 13 maart: ‘Zo gauw als we vernemen dat er langs de snelweg nieuwe [reclame]borden komen te staan, ondernemen we daarop direct actie.’
Nu maar hopen dat er binnenkort weer anderen zullen opstaan die mijn ritje over de A73 met hun reclameborden weten te veraangenamen.
Overigens beweerde onze geachte burgemeester tijdens dezelfde raadsvergadering (klik door naar 56.30 minuten) dat Venray inmiddels ‘in dezelfde lijn’ handelt als Horst. Nog heel even dan, want bij afrit Venray-Noord is deze kolossale reclamemast in aanbouw, die naar mijn lekeninschatting vermoedelijk zo rond de opening van de Floriade operationeel zal zijn.
P.S. Zul je altijd zien: juist op het moment dat ik dit stukje wil publiceren, krijg ik een tip over een derde sensationele ontwikkeling op reclamebordengebied langs de A73. Hup, er naartoe en inderdaad:Alsof het niks is, is de Behoud De Parelkeet nu ineens ook nog voorzien van de tekst ‘Megastallen nee’. Eén ding is zeker: het Team Handhaving van de gemeente krijgt het druk de komende dagen.
Die kan immers elke dag weer drastisch zijn veranderd. Na wat er allemaal al aan vooraf is gegaan, vielen afgelopen week opnieuw twee ontwikkelingen te noteren die ik zonder enige aarzeling van het predicaat ‘sensationeel’ zou willen voorzien.
De eerste betreft de hier al vaker gememoreerde reclame-uiting voor kloosterhotel Sint-Joseph in Tienray. Stond eerst ter hoogte van Interchalet parallel aan de A73
en werd daarna (op last van de gemeente Horst aan de Maas?) verhangen naar de muur van een leegstaand bedrijfsgebouw, een meter of vijftig verder verwijderd van de A73.
Waarmee het doek vanaf de autosnelweg onleesbaar werd, tenzij je je auto op de vluchtstrook parkeerde en vervolgens je verrekijker ter hand nam. Op die manier schiet het weinig op met reclame en dus hangt er sinds afgelopen week een nieuw, nu wel vanaf de A73 duidelijk leesbaar doek. Een jaloersmakend staaltje Horster ondernemingsgeest.Sensationele ontwikkeling nummer 2 van week 13 speelde zich aan de andere kant van de weg af, circa een kilometer verderop in zuidelijke richting. Daar is in een weiland een aandoenlijk ensemble verschenen, bestaande uit een bloeiende kuipplant, twee karren en een dundoek met het opschrift ‘Vrienden van Floriade 2012’ (je vraagt je na lezing van Dagblad De Limburger van vandaag af hoe lang nog).
Ik moest allerlei halsbrekende toeren uithalen om er foto’s van te kunnen maken, maar het was de moeite meer dan waard. Vooral het verfijnde samenspel tussen kuipplant en houten gevaarte getuigt van een zelden vertoonde creativiteit die een groot publiek verdient.
Hoe betreurenswaardig dat ondernemingsgeest en creativiteit eerstdaags teniet zullen worden gedaan door de barbaren van de gemeente Horst aan de Maas, getuige een uitspraak van burgemeester Kees van Rooij, gedaan in de gemeenteraadsvergadering van 13 maart: ‘Zo gauw als we vernemen dat er langs de snelweg nieuwe [reclame]borden komen te staan, ondernemen we daarop direct actie.’
Nu maar hopen dat er binnenkort weer anderen zullen opstaan die mijn ritje over de A73 met hun reclameborden weten te veraangenamen.
Overigens beweerde onze geachte burgemeester tijdens dezelfde raadsvergadering (klik door naar 56.30 minuten) dat Venray inmiddels ‘in dezelfde lijn’ handelt als Horst. Nog heel even dan, want bij afrit Venray-Noord is deze kolossale reclamemast in aanbouw, die naar mijn lekeninschatting vermoedelijk zo rond de opening van de Floriade operationeel zal zijn.
P.S. Zul je altijd zien: juist op het moment dat ik dit stukje wil publiceren, krijg ik een tip over een derde sensationele ontwikkeling op reclamebordengebied langs de A73. Hup, er naartoe en inderdaad:Alsof het niks is, is de Behoud De Parelkeet nu ineens ook nog voorzien van de tekst ‘Megastallen nee’. Eén ding is zeker: het Team Handhaving van de gemeente krijgt het druk de komende dagen.
Klein mysterie 330 – MIBO-magazijn (3)
In reactie op het tweede artikel over het (vermeende) MIBO-magazijn schreef Ton Bukkems: ‘Het raadsel rond dit gebouw wordt eigenlijk alleen maar groter.’ Zo is het maar net. Zelfs een bezoek aan het Horster gemeentearchief heeft de mist niet doen oplossen. Wel valt er intussen een slachtoffer te betreuren. Een prominent slachtoffer. Wat de pijn voor hem verzacht is dat hij z’n vader een niet onbelangrijke bijrol in het hele verhaal kan laten spelen.
Maar laten we beginnen bij het begin van het vervolg op de twee stukjes (klik hier en hier) van vorige week. Vrijdag toog ik naar het gemeentearchief in de hoop daar de bouwvergunning voor het MIBO-magazijn op te sporen. IJdele hoop, bleek al snel. Wat ik wel tevoorschijn wist te toveren? Een in oktober 1972 aan pluimveeslachterij Goossens uit Asten verstrekte vergunning voor ‘de verbouwing van een open veldschuur tot een gesloten opslagruimte voor landbouwwerktuigmachines’. Plus een bouwvergunning van een jaar later, voor hetzelfde perceel, ook voor Goossens en ook voor het vernieuwen van een veldschuur. En daar bleef het bij: geen spoor van een eventueel MIBO-magazijn.
De bevindingen in het gemeentearchief combinerend met voornoemde reactie van Ton Bukkems kom ik tot de volgende reconstructie: in de jaren vijftig bouwt de Maatschappij Van de Griendt op het betreffende perceel aan de Grauwveenweg een open veldschuur.
Die wordt in 1972 door de firma Goossens verbouwd tot een gesloten opslagruimte. Die vertoont weliswaar grote gelijkenis met het huidige gebouw, maar is beslist niet identiek.
Een brand leidt er in 1973 toe dat de firma Goossens de opslagloods (deels) opnieuw (ver)bouwt, waarna het gebouw ontstaat dat er een kleine veertig jaar later nog min of meer hetzelfde bijstaat.
Ik zou niet durven beweren dat deze reconstructie tot in detail klopt. Zo moet de bouw van de open veldschuur misschien een decennium eerder of later worden gedateerd en is het een gissing dat een brand er de oorzaak van was dat Goossens in 1973 met een nieuw bouwplan kwam. Maar van één ding ben ik intussen wel rotsvast overtuigd: het gebouw aan de Grauwveenweg is niet als MIBO-magazijn gebouwd. Waarmee we automatisch zijn aanbeland bij het eerste slachtoffer dat deze zaak heeft geëist. Dat is … eh … dat ben … eh … dat ben ik. Ik, ja. Ik en niemand anders heb vorige week de plank gruwelijk misgeslagen met mijn bewering dat de architectuur van MIBO-magazijnen elders in den lande grote overeenkomsten vertoont met het gebouw aan de Grauwveenweg en dat dat erop zou wijzen dat het gebouw aan de Grauwveenweg óók een MIBO-magazijn is geweest. Klotskop. Het gebouw kan best een MIBO-magazijn zijn geweest, maar uit de bouwvergunningen en –tekeningen valt niet anders te concluderen dan dat het nooit als MIBO-magazijn is gebouwd. Als het al op andere MIBO-magazijnen lijkt, berust die gelijkenis op toeval. Hierbij bied ik Jeroen van de Nieuwenhof m’n welgemeende excuses aan voor de gezaaide verwarring.
Afgaan als een gieter, noemen ze dat. Om jezelf voor het hoofd te slaan. Inderdaad, Ola Toivonen lässt grüβen.
Maar hoe zit het nu met het MIBO-magazijn? Sleur ik Twan van Els mee in mijn val? Wat heeft m’n vader met dit alles te maken? Klik hier voor een antwoord op deze prangende vragen.
Maar laten we beginnen bij het begin van het vervolg op de twee stukjes (klik hier en hier) van vorige week. Vrijdag toog ik naar het gemeentearchief in de hoop daar de bouwvergunning voor het MIBO-magazijn op te sporen. IJdele hoop, bleek al snel. Wat ik wel tevoorschijn wist te toveren? Een in oktober 1972 aan pluimveeslachterij Goossens uit Asten verstrekte vergunning voor ‘de verbouwing van een open veldschuur tot een gesloten opslagruimte voor landbouwwerktuigmachines’. Plus een bouwvergunning van een jaar later, voor hetzelfde perceel, ook voor Goossens en ook voor het vernieuwen van een veldschuur. En daar bleef het bij: geen spoor van een eventueel MIBO-magazijn.
De bevindingen in het gemeentearchief combinerend met voornoemde reactie van Ton Bukkems kom ik tot de volgende reconstructie: in de jaren vijftig bouwt de Maatschappij Van de Griendt op het betreffende perceel aan de Grauwveenweg een open veldschuur.
Die wordt in 1972 door de firma Goossens verbouwd tot een gesloten opslagruimte. Die vertoont weliswaar grote gelijkenis met het huidige gebouw, maar is beslist niet identiek.
Een brand leidt er in 1973 toe dat de firma Goossens de opslagloods (deels) opnieuw (ver)bouwt, waarna het gebouw ontstaat dat er een kleine veertig jaar later nog min of meer hetzelfde bijstaat.
Ik zou niet durven beweren dat deze reconstructie tot in detail klopt. Zo moet de bouw van de open veldschuur misschien een decennium eerder of later worden gedateerd en is het een gissing dat een brand er de oorzaak van was dat Goossens in 1973 met een nieuw bouwplan kwam. Maar van één ding ben ik intussen wel rotsvast overtuigd: het gebouw aan de Grauwveenweg is niet als MIBO-magazijn gebouwd. Waarmee we automatisch zijn aanbeland bij het eerste slachtoffer dat deze zaak heeft geëist. Dat is … eh … dat ben … eh … dat ben ik. Ik, ja. Ik en niemand anders heb vorige week de plank gruwelijk misgeslagen met mijn bewering dat de architectuur van MIBO-magazijnen elders in den lande grote overeenkomsten vertoont met het gebouw aan de Grauwveenweg en dat dat erop zou wijzen dat het gebouw aan de Grauwveenweg óók een MIBO-magazijn is geweest. Klotskop. Het gebouw kan best een MIBO-magazijn zijn geweest, maar uit de bouwvergunningen en –tekeningen valt niet anders te concluderen dan dat het nooit als MIBO-magazijn is gebouwd. Als het al op andere MIBO-magazijnen lijkt, berust die gelijkenis op toeval. Hierbij bied ik Jeroen van de Nieuwenhof m’n welgemeende excuses aan voor de gezaaide verwarring.
Afgaan als een gieter, noemen ze dat. Om jezelf voor het hoofd te slaan. Inderdaad, Ola Toivonen lässt grüβen.
Maar hoe zit het nu met het MIBO-magazijn? Sleur ik Twan van Els mee in mijn val? Wat heeft m’n vader met dit alles te maken? Klik hier voor een antwoord op deze prangende vragen.
Klein mysterie 329 – Ooievaar
Vorige week tijdens een stukje rennen in de Kasteelse Bossen alweer bijna aangerand door een roofvogel. Dat wordt dus tot na het broedseizoen rondjes draaien op de Kastiëlse Baan.
Gelukkig is het niet louter kommer en kwel met onze gevederde vrienden. De ciconia ciconia is namelijk neergestreken in onze dreven! Volgens Waarneming.nl vertoont hij ‘nestindicerend gedrag’. Niet in het Vogelparadijs in Griendtsveen, maar in een boom aan het Voor-Americaanse uiteinde van de Americaanseweg.
Graag wil ik van de gelegenheid gebruikmaken om pa en ma ooievaar te feliciteren met hun keuze voor deze locatie. Ik durf er veel om te verwedden dat het doorsnee ooievaarspaar zou hebben gekozen voor de makkelijke weg: een nest in de Peel, in het Schuitwater, in het Ham of in de Heesbeemden. Idyllische plekjes, maar in genen dele representatief voor Horst aan de Maas. Wie de eerste maanden van z’n leven doorbrengt in zo’n droomwereld, schrikt zich een rolberoerte op het moment dat hij wordt geconfronteerd met de harde realiteit van Horst aan de Maas. En daar schiet je ook als ooievaar niets mee op. Bezien vanuit pedagogisch oogpunt lijkt het me daarom zeer verantwoord dat het betreffende ooievaarspaar heeft geopteerd voor een nest dat vrij uitzicht biedt op de Voor-Americaanse muur. Opdat het aanstaande kroost meteen weet waar het hier in Horst aan de Maas aan toe is.Waarom u hier geen foto’s van het nest en de ooievaars aantreft? Omdat de zoomfunctie op mijn fototoestel niet meer functioneert. Dat leidt tot dit soort foto’s:Knappe jongen die hier een nestbouwende ooievaar op kan onderscheiden. Ter compensatie heb ik wel een foto van de ciconia nigra die zich vorig jaar plotseling in mijn tuin ophield:(Klik ook hier)
Gelukkig is het niet louter kommer en kwel met onze gevederde vrienden. De ciconia ciconia is namelijk neergestreken in onze dreven! Volgens Waarneming.nl vertoont hij ‘nestindicerend gedrag’. Niet in het Vogelparadijs in Griendtsveen, maar in een boom aan het Voor-Americaanse uiteinde van de Americaanseweg.
Graag wil ik van de gelegenheid gebruikmaken om pa en ma ooievaar te feliciteren met hun keuze voor deze locatie. Ik durf er veel om te verwedden dat het doorsnee ooievaarspaar zou hebben gekozen voor de makkelijke weg: een nest in de Peel, in het Schuitwater, in het Ham of in de Heesbeemden. Idyllische plekjes, maar in genen dele representatief voor Horst aan de Maas. Wie de eerste maanden van z’n leven doorbrengt in zo’n droomwereld, schrikt zich een rolberoerte op het moment dat hij wordt geconfronteerd met de harde realiteit van Horst aan de Maas. En daar schiet je ook als ooievaar niets mee op. Bezien vanuit pedagogisch oogpunt lijkt het me daarom zeer verantwoord dat het betreffende ooievaarspaar heeft geopteerd voor een nest dat vrij uitzicht biedt op de Voor-Americaanse muur. Opdat het aanstaande kroost meteen weet waar het hier in Horst aan de Maas aan toe is.Waarom u hier geen foto’s van het nest en de ooievaars aantreft? Omdat de zoomfunctie op mijn fototoestel niet meer functioneert. Dat leidt tot dit soort foto’s:Knappe jongen die hier een nestbouwende ooievaar op kan onderscheiden. Ter compensatie heb ik wel een foto van de ciconia nigra die zich vorig jaar plotseling in mijn tuin ophield:(Klik ook hier)
Labels:
dieren,
Griendtsveen,
hardlopen,
kassen,
ooievaar
Abonneren op:
Posts (Atom)




