maandag 18 april 2016

Actualisatie – Olifantenpaadjes (19)

Oude liefde roest niet. Toch is het wel zo netjes oude liefdes ook een beetje te onderhouden. En daarin schiet Horst-sweet-Horst herhaaldelijk tekort. Neem nu olifantenpaadjes. Ik ontdekte ze in 2009 (klik hier) en bericht er sindsdien regelmatig over. Regelmatig en tegelijkertijd veel te weinig. Het afgelopen jaar bijvoorbeeld slechts tweemaal. Wat de indruk zou kunnen wekken dat olifantenpaadjes op hun retour zijn, mijn liefde voor olifantenpaadjes is bekoeld of mijn antenne voor het ontdekken van olifantenpaadjes niet meer functioneert. Geen van drieën is het geval. En toch leggen olifantenpaadjes het vaak af tegen andere vermeldenswaardige zaken. Te vaak en ten onrechte. Ik beloof bij dezen beterschap. Rehabilitatie van het olifantenpaadje!
Eén criterium voor het beoordelen van de kwaliteit van olifantenpaadjes is het aantal overbodige meters dat wordt bespaard door gebruikmaking van het paadje. Deze zogeheten terreinwinstfactor leidde in 2011 al eens tot een Horst-sweet-Horst top 5 (klik hier). Op de eerste plaats eindigde een olifantenpaadje bij perron 1 van station Horst-Sevenum. Terreinwinstfactor (in dat geval ook treinwinstfactor): 188 meter.
Het slechte nieuws is dat dit olifantenpaadje inmiddels ten prooi is gevallen aan de almaar oprukkende verstening. Het goede nieuws is dat Horst aan de Maas een olifantenpaadje rijk blijkt te zijn dat de terreinwinst van 188 meter verre overtreft. Het bevindt zich aan de Stationsstraat in Horst en overbrugt de afstand meter tussen de parkeerplaats van Fitklub en het aanpalende fietspad.
Wie op dit punt voor de voorgeschreven route kiest, dient 643 meter af te leggen. Via het olifantenpaadje bedraagt de afstand 4,5 meter. Terreinwinstfactor: 638,5 meter.
Nu zou je kunnen denken dat juist fitnessers hun hand niet omdraaien voor 638,5 extra meters, maar de praktijk wijst anders uit, zo bewijst de mate van uitgesletenheid van het paadje. Daarnaast maakt het feit dat de vertakkingen van het paadje allebei even diep zijn uitgesleten duidelijk dat er geen verschil in gebruiksfrequentie is tussen komende en gaande fitnessers. Enigszins tot mijn verbazing, moet ik bekennen: je zou verwachten dat het paadje voor gaande – en dus vermoeide – fitnessers dieper is uitgesleten dan dat voor komende. Overigens zou nader onderzoek moeten uitwijzen in hoeverre de aftakking voor komende fitnessers ook wordt gebruikt door gaande fitnessers (en andersom).
Maar wat een plaatje van een paadje!

Top 5 – Bloembakken van Horster bedrijfsterreinisten die hun hakken in het zand hebben gezet

Een van de grotere misverstanden van deze tijd is dat bedrijfsterreinen netjes zouden moeten zijn. Bedrijfsterreinen als spiegel van de samenleving. ‘Zeg me hoe je bedrijfsterrein eruit ziet en ik vertel je hoe het gesteld is met jouw gemeente.’ Zoiets.
Bullshit. Werkelijk het allerlaatste wat een bedrijfsterrein moet zijn is netjes. Hoe rommeliger, onoverzichtelijker, onguurder en smeriger, hoe beter. Aangeharkt is het al op veel te veel plaatsen. Er moet toch ook ergens ruimte zijn voor schimmige zaakjes die het daglicht niet kunnen velen? Wat stelt een samenleving nou voor zonder plekken die je na zonsondergang beter kunt mijden? Wie wil nu leven in een maatschappij zonder rafelranden?
Model voor de hedendaagse bedrijfsterreinse netheid staat de bloembak. Op de bedrijfsterreinen van weleer waren bloembakken volstrekt uit den boze. ‘Een bloembak op een bedrijfsterrein’ was in die dagen het equivalent van ‘een vlag op een modderschuit’. Moest je niet willen. En terecht. Totdat op een dag de een of andere malloot op het onzalige idee moet zijn gekomen dat bedrijfsterreinen meer aaibaarheid behoefden. Waarna de bedrijfsterreinse bloembak zijn intrede deed. En aan een ongekende triomftocht begon. Want slechts een enkeling is niet gezwicht voor de dictatuur van de bedrijfsterreinse bloembak. Alle lof daarvoor. Daarnaast wil Horst-sweet-Horst graag eer betonen aan bedrijfsterreinisten die op een andere, minstens zo heldhaftige manier hun hakken in het zand hebben gezet. Namelijk door wél over te gaan tot de aanschaf van een bloembak, maar zich vervolgens niet of nauwelijks om de vulling ervan te bekommeren. Ook deze verzetsbeweging telt weinig leden. Zo heb ik er op het Sevenumse bedrijfsterrein tevergeefs naar gezocht. Daar barst het van zulke gruwelijke taferelen:
In Horst is het min of meer van hetzelfde laken een pak, met Limbraco
en Euroflor als meest pregnante voorbeelden.
Maar met veel pijn en moeite is het toch gelukt een Horst-sweet-Horst top 5 samen te stellen van bloembakken van Horster bedrijfsterreinisten die hun hakken in het zand hebben gezet. Komt-ie:

5. Fitklub, Stationsstraat
Bij gebrek aan beter, want die potten neigen wel heel erg naar netjes. Gelukkig ogen de struikjes enigszins troosteloos, al kan dat over enkele weken anders zijn.

4. VTI, Handelstraat
Komt meer in de richting. Wee degene die het waagt deze bloembak in originele staat te herstellen! Smetje zijn natuurlijk de vrij florissant ogende struikjes. 

3. Gebr. Janssen Staalbouw, Handelstraat
Vierkante bloembakken met een gewassengrindbekleding zijn van zichzelf al triest en doen het daarom goed op bedrijfsterreinen. En al helemaal als ze zijn gevuld met onbestemd groen.

2. Domiberia, Bedrijfsstraat
Robuuste jongen, al zouden kwaadwillenden er design in kunnen zien. Hoe het ook zij: de vulling maakt alles goed. Op de achtergrond z’n tweelingbroer.

1. Henk Bovee, Handelstraat
Ronde bloembakken met een gewassengrindbekleding zijn van zichzelf al triester dan vierkante en doen het daarom nog beter op bedrijfsterreinen. En al helemaal als ze zijn gevuld met onbestemd groen. En al helemaal in het kwadraat als ze aan de rand van een stenen vlakte staan. 

maandag 11 april 2016

Intermezzo – Krantenraam

Tientallen keren moet ik er de afgelopen weken aan voorbij zijn gefietst. Telkens dacht ik: ‘Komt nu even niet goed uit om er van dichtbij naar te gaan kijken. Komt op de terugweg / vanavond / morgen wel.’ Telkens kwam het er niet van. Tot gisteren. Toen viel er niet langer aan te ontkomen.
Ik heb het uiteraard over de aan de Jacob Merlostraat gelegen nummer 1 in de Horst-sweet-Horst top 5 van met kranten dichtgeplakte Horster ramen (klik hier). Enkele weken na publicatie van die top 5 viel me op dat een van de kranten achter het linkerraam had plaatsgemaakt voor iets dat van een afstandje wel op een vitrine leek. En dát vergat ik dus telkens van dichtbij te bekijken. Tot ik gisteren deze e-mail ontving van iemand die anoniem wenst te blijven: 
‘Hallo meneer, bij deze wil ik u een betrouwbare tip geven. Bij de krantenraam aan de jacob-merlostraat hebben ze een kijkdoos tussen de kranten gemaakt. Zeker de moeite waard om even te gaan bekijken.’
In een vloek en een zucht zat ik op m’n fiets. Was mijn dag al goed door dat ‘meneer’, hij werd nog beter door wat ik aan de Jacob Merlostraat aantrof: iets dat je met enige fantasie ‘vitrine’ zou kunnen noemen, maar dat met ‘kijkdoos’ inderdaad adequater is omschreven. In die met tape aan de ruit bevestigde doos bevindt zich een A4-tje. Daarop een foto van de twee met kranten dichtgeplakte ramen met daaronder de tekst van de Horst-sweet-Horst top 5 waarin de eerste plaats voor deze ramen wordt gemotiveerd:
‘De absolute klassieker onder de met kranten dichtgeplakte Horster ramen. Inmiddels kennen generaties Horstenaren dit pand niet anders dan met kranten dichtgeplakt. Valt niet ergens vast te leggen dat dit voor eeuwig zo blijft?’ 
Het A4-tje wordt geflankeerd door iets waarin ik een kampioensschaal meen te herkennen. En ter verhoging van de feestvreugde hangt de hele doos vol serpentines. Die eerste plaats wordt hier gekoesterd! Zo wordt het ego van Horst-sweet-Horst wel gestreeld!
Intussen maak ik me wel enige zorgen om de toekomst van de ramen. Meer in het bijzonder: om de toekomst van de kranten waarmee de ramen zijn dichtgeplakt. Aanleiding zijn enkele Facebookreacties (klik hier) op de top 5. Die wekken de indruk dat achter de kranten hard wordt gewerkt aan de herinrichting van het pand. Dat mag natuurlijk, maar daarmee ligt ook het gevaar op de loer dat de herinrichters op enig moment de resultaten van hun werkzaamheden aan een breed publiek willen tonen en de kranten verwijderen. Wat uiteraard volstrekt ontoelaatbaar zou zijn.

Intermezzo – Referendum

Waar ook veel lol aan te beleven valt, is de uitslag van het Oekraïne-referendum. Het lijkt zo klaar als een klontje: 9462 (30,15 procent) van de 32.118 stemgerechtigde inwoners van Horst aan de Maas gingen stemmen (of lieten stemmen). Van hen stemden 3367 (35,58 procent) vóór, 6095 (64,42 procent) tegen en 59 blanco. 162 stemmen werden achteraf ongeldig verklaard. Waarmee Horst aan de Maas niet significant afwijkt van de landelijke uitslag.
Interessant wordt het pas als je de uitslagen per stembureau met elkaar gaat vergelijken. Dan blijkt dat de opkomst in Broekhuizen zeven procent hoger was dan in het nauwelijks een kilometer verderop gelegen buurdorp Broekhuizenvorst (39 om 32 procent). Dan blijkt ook dat Broekhuizen de Horster kern is met de minste tegenstemmers (59 procent). Dan blijkt verder dat Swolgen en Tienray (óók buurdorpen) de kernen zijn met de meeste tegenstemmers (respectievelijk 70 en 74 procent).
Ook leuk: verklaringen proberen te bedenken. Drie voorbeelden:
1. Verzorgingshuis Sevenheym in Sevenum is het stembureau met het hoogste aantal ongeldig verklaarde stemmen (16). Is er misschien een verband tussen de gemiddelde leeftijd van de opgekomen kiezers en het aantal ongeldig verklaarde stemmen?
2. Swolgen en Tienray zijn de Horster kernen waar de PVV doorgaans het beste scoort. Zou het toeval zijn dat dit nu de kernen zijn met de meeste tegenstemmers?
3. Bij stembureau Berkele Heem in Horst is het percentage voorstemmers opmerkelijk groot (42 procent). Valt dit wellicht te verklaren uit een relatief massale opkomst van gezagsgetrouwe CDA-stemmende bewoners van Berkele Heem, Hof te Berkel en Kuiperpleinflat?
Mooie kluif voor de lokale verkiezingsuitslagduiders dunkt me. Op voorhand zou ik hun willen adviseren ook de meer triviale factoren in hun onderzoek te betrekken. Ik bedoel: misschien zouden in Broekhuizenvorst wel veel meer mensen zijn gaan stemmen als je niet in een paal hoefde te klimmen om het stembureau te kunnen bereiken.
En wellicht heeft de penetrante geur van de vette hap menig Swolgenaar weerhouden van de stembusgang. Of zouden zonder de combinatie cafetaria-stembureau juist nóg meer Swolgse stemgerechtigden zijn thuisgebleven?
En wat als het stembureaubordje plus rode pijl bij ’t Haeren in Grubbenvorst nu eens niet de indruk hadden gewekt dat de kiezer zich op een hellend vlak begaf?
Blijft de vraag wie die ene blancostemmer in Kronenberg is.

Top 5 – Heerlijke begrippen uit de Integrale probleemanalyse Horst aan de Maas – Stationsstraat

Retourtjes Nederland van Simon Kuper. Bestiarium van J.J. Voskuil. Beschrijving van een stad van Dmitri Danilov. Pluche van Femke Halsema. Koets naar Wenen van Jan Procházka. Stuk voor stuk prachtige boeken die ik de afgelopen weken tot me heb genomen. Dit weekend las ik iets dat daar dicht bij in de buurt komt. Vreemd genoeg betreft het een rapport, en dan ook nog een rapport van een adviesbureau, Arcadis. Misschien nog wel vreemder is dat ik het rapport inhoudelijk ernstig tekort vind schieten.
Het gaat om WP 2A/B – Integrale probleemanalyse Horst aan de Maas – Stationsstraat (klik hier, klik op agendapunt 7 en klik op 07C). Dit rapport ligt ten grondslag ligt aan het voornemen een verbindingsweg aan te leggen tussen de Asdonckerweg en station Horst-Sevenum. Over dat voornemen (en dus indirect ook over het rapport) heb ik me vorige week behoorlijk negatief uitgelaten (klik hier). Ik had WP 2A/B toen nog niet gelezen. Zou ik het wel hebben gelezen dan had dat stukje van vorige week er precies hetzelfde uitgezien. Hoogstens zou ik eraan hebben toegevoegd dat mocht de weg onverhoopt werkelijkheid worden, de pijn dan ten minste nog wordt verzacht door het taalgebruik in het rapport.
Dat het een rapport betreft valt af te lezen aan zinnen als ‘Toekomstige ontwikkelingen vallen onder de beleidslijn van compenserende maatregelen en kennen dus een ander financieringstraject, waarbij de veroorzaker van de toegenomen onveiligheid de vereiste compensatie financiert.’ Inderdaad gruwelijk, maar het zou flauw zijn daar de nadruk op te leggen. Waar de nadruk dan wel op dient te liggen? Nou, bijvoorbeeld op het nagenoeg ontbreken van allerlei verhullende Engelse termen en op het overwegend heldere taalgebruik – een zeldzaamheid als het gaat om rapporten van adviesbureaus. 
Maar wat me vooral zo aanspreekt in WP 2A/B zijn de begrippen die bestaan uit twee of drie aan elkaar geplakte Nederlandse woorden. Begrippen waarvan WP 2A/B bol staat, waarvan ik nooit had gehoord, die de Van Dale niet kent en die in sommige gevallen op Google tot slechts enkele treffers leiden. Begrippen ook waarvan de betekenis me zelfs na lezing van het rapport niet altijd helemaal duidelijk is. Maar dat mag de pret niet drukken, want het zijn wél begrippen die over het algemeen lekker bekken. En begrippen die schreeuwen om een top 5. Voor het zover is eerst een selectie van wat buiten de top 5 is gevallen: voertuigverliesuren, roodlichtnegatie, aankondigingstijd, aankondigingsweg, baanvaksnelheid, onderbouwingsdocument, oversteeklengte, wachtrijlengte, opstellengte, oversteekbaarheid, overwegveiligheid en basisoplossingsrichting.
Maar ik houd u niet langer in spanning, hier komt-ie, de Horst-sweet-Horst top 5 van heerlijke begrippen uit WP 2A/B – Integrale probleemanalyse Horst aan de Maas – Stationsstraat:

5. overstaander
Komt slechts één keer in het hele rapport voor, in een tabel: ‘Gemiddeld aantal overstaanders.’

4. overwegaankondiging
‘De overwegbomen blijven gesloten nadat de intercity naar Venlo de overweg gepasseerd is, aangezien de intercity naar Eindhoven dan al in de overwegaankondiging zit.’
3. voorijling
‘De overweg in de Stationsstraat te Hegelsom (Horst aan de Maas) heeft een netto aankondigingstijd van 27 seconden en een voorijling van 8 seconden.’

2. wachttijdvermeerdering
‘De wachttijdvermeerdering is verwaarloosbaar omdat de wachttijd alleen langer wordt doordat er meer optrekkende voertuigen in de wachtrij staan.’
1. dichtligtijden
‘Deze combinatie van twee treinen in één sluiting veroorzaakt lange dichtligtijden en daarmee een lange wachttijd voor het wegverkeer.’

woensdag 6 april 2016

Intermezzo – Gemeenteraad (7)

‘Het open proces wat ik bedoel, is het feit dat we hier alles open op tafel willen leggen. En dát is verwarrend. Als je alles open wilt houden, dan wordt het verwarrend. Maar we willen evengoed een open proces. Daarom ligt hier ook misschien wel teveel op tafel, omdat we juist alles met u willen delen. (…) Dus er is eigenlijk helemaal niets vreemd aan de hand. Alleen doordat we een commissiestuk in de raad opiniërend bespreken, en dat heel open willen doen, ligt er zoveel op tafel dat het wellicht een discussie wordt die op dit moment helemaal niet aan de orde zou hoeven te zijn.’
Dit abracadabra (uitgesproken door wethouder Ger van Rensch) mag illustratief worden genoemd voor de 36 minuten en 34 seconden die de gemeenteraad van Horst aan de Maas gisteravond wijdde aan ‘het opiniërend behandelen van de raadsinformatiebrief (RIB.16.027.A) inzake stand van zaken uitwerking scenario’s toekomst zwembad’.
Ik ga er verder geen woorden aan vuil maken, wie geïnteresseerd is moet hier klikken en vervolgens op agendapunt 4. Maar maak u op voor een beschamende vertoning, de volle 36 minuten en 34 seconden lang.

maandag 4 april 2016

Intermezzo – Uitburgering

Nee, je hoefde je gisteren niet te vervelen in Horst aan de Maas: Truckrun, Margriet Sjoerdsma in Cambrinus, afscheid pastoor Peeters in Grubbenvorst, rondleiding op de kasteelruïne, Kom in de Kas, Meterik 1-America 1, openstelling Zoemhukske en noem maar op. En dan was er ook nog een cursus uitburgering. Geen idee wat ik me daarbij voor moest stellen. Dus koos ik juist daarvoor. Een schot in de roos.
De uitburgeringscursus was onderdeel van het Mondiaal Evenement in ’t Gasthoês, een manifestatie om oude en nieuwe Horstenaren met elkaar kennis te laten maken. Cursusleider was Yasser, een nieuwe Horstenaar afkomstig uit Syrië. Pas anderhalf jaar in Nederland, desondanks de taal al machtiger dan menige oude Horstenaar. Druk bezig met zijn inburgering, alleen gisteren dus even niet, hoewel er ook veel voor valt te zeggen dat het geven van een cursus uitburgering juist als de ultieme vorm van inburgering moet worden gezien.
De opzet van de cursus uitburgering bleek even eenvoudig als geniaal: oude Horstenaren in een klein half uur de eerste beginselen van het Arabisch proberen bij te brengen. Ik weet niet hoe het de andere cursisten is vergaan – het betrof een één-op-één-cursus – maar ik kan u verklappen dat ik niet tot de geslaagden behoor. En dat lag niet aan de didactische kwaliteiten van Yasser, integendeel. Met engelengeduld bleef hij de diepste keelklanken uitstoten en de meest fantastische tekens van rechts naar links op papier zetten tot hij er respectievelijk een spontane keelontsteking en een lamme arm van moet hebben gekregen. Aan mij bleef het allemaal niet besteed.
Ach, het was natuurlijk niet meer dan een aardigheidje: zelfs de eerste beginselen van het Arabisch leer je niet in een vloek en een zucht, dat weet Yasser ook wel. Toch drukte hij me op speelse wijze met de neus op de feiten. Zoals ook het door de Horster studente Kirsten Schoeber ontworpen spel dat duidelijk maakt welke soms nauwelijks begaanbare wegen vluchtelingen moeten bewandelen om in Nederland asiel te krijgen (klik hier), je op speelse wijze met de neus op de feiten drukt.
Wie zijn ogen en oren goed de kost geeft, weet dat nog heel wat oude Horstenaren met de neus op de feiten moeten worden gedrukt. Ik kan hun de cursus van Yasser en het spel van Kirsten van harte aanbevelen. 

Intermezzo – Middle of nowhere

Onderweg. Verheug me nu al op station Horst-Sevenum, alwaar the middle of nowhere een geheel nieuw level bereikt.. #hardverwarmend
Aldus twitterde (klik hier) – zoals al eerder gememoreerd (klik hier) – cabaretier Dolf Jansen op 24 januari van dit jaar. Naar het zich laat aanzien een tweet van historische waarde: alle kans dat de middle of nowhere over enkele jaren is herschapen in een jungle of offices.
De lokale en regionale media berichtten deze week over plannen voor de aanleg van een verbindingsweg tussen de Asdonckerweg en station Horst-Sevenum. Dit om de bereikbaarheid van het station te verbeteren, de verkeersveiligheid op de Stationsstraat te bevorderen en de wachttijden voor de spoorwegovergang te verminderen.
Zou de aanleg van de verbindingsweg daadwerkelijk een substantiële bijdrage leveren aan de oplossing van de problemen? Ontmoediging van autogebruik en stimulering van openbaar vervoer- en fietsgebruik lijken me minstens zo effectief (‘en gezond’, hoor je er tegenwoordig bij te zeggen). Maar goed, wie ben ik om te twijfelen aan de inzichten van de verkeersdeskundigen van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu en de gemeente Horst aan de Maas?
Wat in elk geval óók op het spel staat is het laatste restje middle-of-nowhereheid van station Horst-Sevenum. Dolf Jansen mag er een beetje denigrerend over doen, voor mij is het middle-of-nowherekarakter juist de grote charme van station Horst-Sevenum. Het industrieterrein aan de Sevenumse zijde van het spoor en de kantoorgebouwen aan de Spoorweg hebben daar al ernstig afbreuk aan gedaan. Met de aanleg van een verbindingsweg tussen Asdonckerweg en station dreigt ook het enige stukje stationsomgeving dat tot dusverre verschoond is gebleven van bebouwing te verstenen. Kun je vergif op innemen.
Vanaf de perrons genieten van de blik op het Molenbeekdal met zijn aanpalende akkers en weiden is er dan niet meer bij. Geen geagiteerde roep meer van de scholekster die de aankomende en vertrekkende treinreiziger in het voorjaar begeleidt. Gedaan zal het zijn met het onbelemmerde uitzicht op de majestueuze eik aan de beekoever, honderden meters verderop. De door de weiden stuivende haas zal elders een goed heenkomen moeten zoeken.
Ik mag aannemen dat de gemeenteraad in zijn niet aflatende strijd tegen de verrommeling van Horst aan de Maas het plan voor de aanleg van de verbindingsweg naar de prullenbak verwijst. Opdat de middle-of-nowhereheid van het station behouden blijft. Opdat Dolf Jansen over die middle-of-nowhereheid kan blijven twitteren.

Intermezzo – Rimpelingen

Maandag 4 april 2016, 15.23 uur, Dijkerheideweg te Hegelsom (klik op pijltje):

Top 5 – Americaanse attentietegels

Qua Horster stoeptegels en stoeptegelteksten zal de op enkele plaatsen in Sevenum waar te nemen hond-in-de-goottegel (klik hier) voorlopig wel onovertroffen blijven.
Dit neemt niet weg dat elk initiatief om de Horster trottoirs wat op te leuken waardering en steun verdient. Zelf heb ik in het verleden wel eens geopperd om trottoirbanden op te sieren met Horster zegswijzen (klik hier) en om die vreselijke staande reclameborden in het Horster centrum te vervangen door geschilderde stoepreclame (klik hier). Paarlen voor de zwijnen uiteraard.
Enfin, sinds enkele weken telt Horst aan de Maas toch tien nieuwe stoeptegels die het aanzien beslist waard zijn. Ze heten attentietegels en liggen in America, vijf in de Nusseleinstraat en vijf in de Pastoor Jeukenstraat. Elke tegel bevat een historische zwart-wit foto, gemaakt ongeveer op de plaats waar nu de tegel ligt, met een verklarende tekst (klik op deze en de volgende afbeeldingen om ze te vergroten).   
De tegels zijn genummerd, maar de logica in die nummering ontgaat me. Of is er geen logica? Zo ja, waarom zijn ze dan genummerd?
Een ander heel klein puntje van kritiek betreft tegel nummer 10, gelegen aan het uiteinde van de Nusseleinstraat. Die bevat een gezicht op de Nusseleinstraat in 1951.
Mooie foto, daar niet van, maar op deze plek was wat mij betreft een historische foto van het Groene Kruisgebouw van Lei Martens (klik hier) toch echt meer op z’n plaats geweest.
Genoeg gezeurd, hier komt-ie, de Horst-sweet-Horst top 5 van Americaanse attentietegels:

5. Flauw, flauw, flauw, maar ik kon het niet laten: tegel nummer 9 (aan de Pastoor Jeukenstraat) ligt aan het uiteinde van een parkeervak. En dan krijg je dit:
Gelukkig kent America geen parkeerplaatsgebrek, zodat ik enkele dagen later toch de hele tegel kon bewonderen:

4.
De poserende mannen en vrouwen staan er als versteend bij. De in de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigde rechtertoren van de kerk werd na de bevrijding niet meer herbouwd.

3.
De Nusseleinstraat is vernoemd naar Martin Nusselein, het eerste hoofd van de openbare lagere school in America (1888-1905). Bij de school werd een onderwijzerswoning voor hem gebouwd, maar Martin bleef doodleuk zeventien jaar lang vanuit z’n woonplaats Horst op en neer naar America fietsen of lopen. 

2.
Waar nu café Boëms Jeu ligt, bevond zich eertijds het Stationskoffiehuis. Op het bord aan de muur staat als aanbeveling: ‘Hier waarschuwt men voor het vertrek der treinen’. Links het geboortehuis van Huub van Doorne, een van de grondleggers van de DAF.

1.
In het eerste pand links zetelde vijftig jaar lang herenkapper Teun van Heijster, blijkens het onderschrift ‘bekend om zijn altijd dampende sigaar en zijn zgn. Teunkapsels’. Teunkapsels. Kaal? Hanenkam? Bebop? Permanent?